15 maart 2018

Fitness voorkomt dementie


Vrouwen van middelbare leeftijd die aan fitness doen hebben tientallen jaren later 90% minder kans op dementie. Dat blijkt uit een Zweedse studie die gisteren in Neurology verscheen.

De onderzoekers volgden de vrouwen 44 jaar lang. Beide groepen leefden even zo lang, maar degenen wie in de eerste test 6 minuten lang op een hometrainer kon rijden, had een veel lager risico op dementie dan degenen die de training niet konden voltooien. De studie, die woensdag in het tijdschrift Neurology werd gepubliceerd, bewijst niet dat oefening dementie kan voorkomen, en het is al lang bekend dat er een correlatie bestaat tussen beweging en verminderde dementierisico , maar de resultaten waren nu wel bijzonder dramatisch.

Ongeveer 5% van de vrouwen met de hoogste piekbelasting - zij die het moeilijkst konden fietsen gedurende 6 minuten - ontwikkelde dementie, vergeleken met 25% van degenen met een middelmatige conditie en 45% die niet geschikt genoeg waren om de test af te ronden. Over het algemeen verminderen vrouwen die zeer fit zijn hun risico op dementie met 88% in vergelijking met vrouwen die matig fit zijn. De weinige zeer fitte vrouwen die wel dementie ontwikkelden, werden gemiddeld op 90-jarige leeftijd symptomatisch, 11 jaar later dan hun matig fitte seksegenoten.

"Ik ben zeer verbaasd dat de uitkomst zo sterk was," zegt Ingmar Skoog, professor in de psychiatrie aan de Universiteit van Göteborg in Zweden. "Het toont echt het belang van lichaamsbeweging aan."

Op te merken valt dat de studie vrij klein was, - slechts 191 vrouwen namen aan de studie deel-, en alle vrouwen in de studie waren Zweeds, wat het moeilijk maakt om de conclusies te veralgemenen naar de hele bevolking. Maar wie rond de vijftig is en niet dement wil worden op zijn tachtigste doet er goed aan om nu op de hometrainer te klimmen.

Marc van Impe

http://n.neurology.org/content/early/2018/03/14/WNL.00000...


Bron: MediQuality

12:26 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Meta-Analyses zijn vaak Medical Fake News


Ik krijg een bericht binnen : uit wetenschappelijk onderzoek zou blijken dat twee glazen wijn beter zijn dan een rondje lopen. Een niet onbelangrijke boodschap voor een jonge man als uw schrijver. Een en ander zou gebaseerd zijn op omvangrijk wetenschappelijk onderzoek. Het bericht is afkomstig van een e-mail adres ergens in Estland. Ik weet genoeg. Het doet me denken aan twee filosofen uit de 17de eeuw.

Aan de Amsterdamse Westermarkt 6 hangt een plaquette: ‘Quel autre pays où l'on puisse jouir d'une liberté si entière'. (In welk ander land kan men genieten van een zo totale vrijheid). De uitspraak is van René Descartes en hij hangt aan de gevel van het huis waar de Franse filosoof de zomer van 1634 doorbracht. De Portugese Joodse Amsterdammer Spinoza was toen 2. De oude en de jonge filosoof waren het over meerdere dingen oneens, zoals over de dualiteit van lichaam en geest, maar ook over fake nieuws. Zo debatteerden de twee filosofen over de vraag of mensen in staat zijn om vals nieuws gemakkelijk te identificeren.

Descartes geloofde optimistisch dat we over voldoende vermogen beschikten om valse informatie te herkennen. Spinoza zei dat we informatie in bulk opslaan en onze hersenen pas achteraf merken of iets vals of waar is. Dat systeem werkt prima, maar het zet de deur open voor verstrooidheid, voor vermoeidheid, voor andere dingen die ons misschien in de weg zitten.

Net zoals in het eerste geval, de dualiteit, verloor ook hier Spinoza het dispuut. Maar de afgelopen decennia hebben de Spinoza-adepten empirische ondersteuning gegeven.

Dagelijks wordt ik overstelpt met die vreselijke werkstukken die luisteren naar de naam meta-analyse. Ze testeren de redacties van alle media, de dagbladen en de tijdschriften. De doorsnee journalist weet het niet, maar veel gepubliceerde meta-analyses maken geen gebruik van wetenschappelijke methoden en leveren geen zinvolle bijdrage aan het medisch denken of de gezondheidszorg. Sommige wetenschappelijke tijdschriften weigeren alle meta-analyses, terwijl anderen er trots op zijn dat ze alleen het beste publiceren, terwijl nog andere blij zijn dat ze überhaupt wat te drukken hebben in een tijdperk waarin het aantal mogelijkheden om te publiceren het aantal valide wetenschappelijke observaties ver overtreft.

Wie de methodiek van de meta-analyse kritisch onderzoekt en de juiste normen en standaarden hanteert komt al snel tot de vaststelling dat er veel kaf onder het koren zit. Ondanks dergelijke kritische houding blijven de meta-analyses groeien, en moeten we ons afvragen wat hun werkelijke waarde is. Leveren ze echt een bijdrage? Officiële organisaties beschouwen de conclusies van een goed uitgevoerde meta-analyse van een beter bewijsniveau dan een goed uitgevoerde klinische proef. Dit kan onmogelijk waar zijn.

Veel artsen geloven onterecht dat er iets magisch is aan een meta-analyse. Een meta-analyse is niet meer dan een waarnemingsstudie, met dat belangrijk verschil dat de auteur geen origineel werk verricht. Iemand merkt gewoon op dat verschillende artikelen data bevatten die betrekking hebben op een gemeenschappelijk onderwerp en dat ze vergelijkbare patronen kunnen vertonen. Hoe kunnen die patronen worden beschreven? In het verleden werd de voorkeur gegeven aan een redactioneel verhaal, maar deze taak vergde inzicht in de details van elk proces en bereidheid. En inzicht kost tijd. Nu springt men naar conclusies. Dat leidt tot fake news. Ook in de wetenschap en geneeskunde.

Het kwalijke is, dat beleidsmakers eerder en liever fake news geloven dan de moeite doen om achter de ware feiten te komen.

Een glas wijn of twee 's avonds zal prima zijn, met een Tractatus van Benedictus de Spinoza erbij beloof ik u een goede nachtrust. Honderdmaal beter dan de zoveelste meta-analyse van een kwiet die het heeft over me, myself and I.

Marc van Impe


Bron: MediQuality

08:47 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

14 maart 2018

Ongeboren kind blijken gevoelig voor fijnstof: MRI-scans tonen dunnere hersenschors


De invloed van luchtverontreiniging, met name fijnstof, begint in de baarmoeder en kan gevolgen hebben voor de ontwikkeling van de hersenen op latere leeftijd, concludeert een internationaal onderzoeksteam dat zijn bevindingen publiceert in Biological Psychiatry. Hersenen van embryo's zijn kwetsbaar omdat die nog geen mechanismen hebben om schadelijke stoffen uit de omgeving te weren.

De kinderen hebben later een verhoogde kans op psychische stoornissen als ADHD of verslavingsgevoeligheid. De uitkomst van dit onderzoek dat dit ook geldt zelfs als het niveau van de fijne deeltjes in de lucht onder de huidige, veilig geachte Europese norm van 25 microgram per kubieke meter blijft, is een verrassing. Het onderzoek liep in het kader van het Generation R-project van het Rotterdamse Erasmus MC, een grootschalig onderzoek naar de groei, ontwikkeling en gezondheid van opgroeiende kinderen in Rotterdam dat sinds 201 loopt. Deze kinderen worden vanaf de vroege zwangerschap gevolgd tot hun jong volwassenheid. De onderzoekers hebben bij zwangere vrouwen thuis het niveau van luchtvervuiling gemeten en later bij 783 kinderen tussen de 6 en 10 jaar een MRI afgenomen. Dit bracht verschillen in dikte van de hersenschors aan het licht, die de onderzoekers in verband brengen met het gemeten fijnstofniveau.

" De verschillen zijn vooral zichtbaar in het frontale gebied van de hersenen. Dat is het gebied dat betrokken is bij impulscontrole, planning en andere complexe vaardigheden", zegt mede-auteur Hanan El Marroun, als onderzoeker verbonden aan het Erasmus MC, in De Volkskrant. De onderzoekers vonden tevens dat blootstelling aan fijnstof tijdens de zwangerschap gerelateerd is aan impulscontrole bij kinderen. Volgens El Marroun kunnen de hersenverschillen bijdragen aan problemen met het vermogen om verleidingen te weerstaan en impulsief gedrag te reguleren. Dit kan leiden tot psychische problemen als verslavingsgedrag en ADHD. Het kan ook invloed hebben op het vermogen om zich te concentreren, de aandacht vast te houden, en daarmee mogelijk op de leerprestaties.

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven wil met de plannen voor verbetering van de luchtkwaliteit verder gaan dan de Europese verplichtingen. 'Zo werken we toe naar de streefwaarden van de WHO van 10 microgram per kubieke meter ', aldus het ministerie.

Marc van Impe

Meer info:

https://www.eurekalert.org/pub_releases/2018-03/e-apl0308...

https://doi.org/10.1016/j.biopsych.2018.01.016


Bron: MediQuality

19:31 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende