10 december 2015

Slechts vijf procent van de wereldbevolking is gezond, en u ?

Naar aanleiding van mijn vorige column(*), wijst de geleerde vrouw me op een niet onbelangrijk artikel in The Lancet van 22 augustus waaruit blijkt dat in 2013 meer dan 95% van de wereldbevolking last heeft van minstens één ziekte. Slechts 4,3% van de totale wereldbevolking voelt zich kiplekker. Dit blijkt uit een grootschalige analyse door wetenschappers van het onderzoeksprogramma Global Burden of Disease Study 2013. Zouden de verzekeringsmannetjes dat weten? Ik zou met die gedachte in mijn achterhoofd geen polis meer durven uitschrijven. Want stel dat al die mensen niet zo dapper en flink zijn en de tussenkomst van hun verzekering zouden vragen, dan is de financiële schade niet te overzien.


Global, regional, and national incidence, prevalence, and years lived with disability for 301 acute and chronic diseases and injuries in 188 countries, 1990–2013: a systematic analysis for the Global Burden of Disease Study 2013 is gebaseerd op de analyse van 35.620 gegevensbronnen uit 188 landen over de periode 1990-2013. De onderzoekers definieerden 301 ziekten en kwetsuren, en 2337 sequellen. Uit die analyse blijkt dat 2,3 miljard individuen meer dan vijf kwalen heeft. Hé, ik ben niet meer alleen.


Ook leven zieken of personen met handicaps langer, waardoor het aantal ongezonde levensjaren (years lived with disability  of YLDs) toeneemt. Nu komt het goede nieuws dat niet zo leuk is:  de wetenschappers verwachten dat de komende decennia steeds meer mensen in suboptimale gezondheid gaan leven, wat vooral komt door toenemende vergrijzing. Zo heeft 1.6 miljard mensen last van spanningshoofdpijn. Bij de tien belangrijkste oorzaken van de toename van YLDs horen lage-rugpijn en een majeure depressie.


En cijfers zijn ook maar relatief. Zo is de afgelopen 23 jaar is het aantal mensen met diabetes met 43% gestegen, maar het aantal doden door diabetes is met ‘slechts' 9% toegenomen. En dat betekent dat meer mensen chronisch lijden. De afgelopen 23 jaar zijn gezondheidsklachten nauwelijks veranderd.


De helft van de kwalen valt onder aandoeningen aan het bewegingsapparaat (denk aan: rugpijn, nekpijn en artritis) of mentale problemen (depressie, angst, drugsverslaving, alcoholverslaving). Toenemende ziekten zijn diabetes (+136%), Alzheimer (+92%), hoofdpijn door overmatig medicijngebruik (+120%) en artrose (+75%). En  heeft 36% van de kinderen in de leeftijd van 0 tot 4 jaar in eerstewereldlanden geen gezondheidsproblemen, terwijl dit onder welvarende tachtigplussers slechts 0,03% is. En een van de plaatsen waar het lijden het meest toeneemt in het sub-Sahara Afrika.


Zou hier geen mooie opdracht liggen voor al de believers in mindfulness en cognitieve gedragstherapie die de mensen kunnen leren leven in het nu en leren omgaan met hun gebreken? Laat hen hun goede boodschap wereldwijd uitdragen. De zwarte wereldbevolking in het zuiden zit er op te wachten.


Het onderzoek werd gesponsord door de Bill & Melinda Gates Foundation.


Marc van Impe

(*) Aan welke ziekten gaat u in 2030 dood?

 

Bron: MediQuality

15:15 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

17 december 2014

Wat als de dokter echt ziek is?

Er is een ramp op komst. De wereld staat stil. Mijn vriend de dokter is ziek. Niet zomaar een griepje, een norovirusje dat op een verkeerde deurklink zat. Maar iets serieus, zegt hij somber. Dat dit mogelijk was, hadden we nooit gedacht. Maar ook een dokter kan ziek worden.

Het klinkt logisch, maar mijn vriend realiseert zich nu pas dat echt zover is en zelfs nu heeft hij er moeite mee.

Uit ervaring weet ik dat dokters net gewone mensen zijn. Behalve als ze ziek zijn. Dan gaat er bij sommige artsen een chipje aan. We kenden allebei een arts die al jaren met de angst liep dat er iets engs in hem zat maar hij had deskundig alle duidelijke signalen dat er iets mis was, genegeerd. Pas toen de ziekte zich niet meer liet ontkennen, gaf hij toe. Het was te laat.

Jij bent nog niet zover, zeg ik, en zet een flesje Gouden Carolus Single Malt op zijn tafeltje. De Nederlandse psychiater Andries van Dantzig zegt het als volgt: 'Hij rookt een pakje per dag, en die bloedige fluim is het begin van een griezelfilm. Hij leest zijn doodvonnis in zijn zakdoek, en zou kunnen gillen. Maar hij is gewend anders met deze situaties om te gaan, to keep his cool.' Zijn keus is afstandelijk blijven of voor zijn angst en wanhoop uitkomen. De behandelaar heeft vervolgens tot taak om middels een uitgekiende bejegening 'onder de kalmte de angst te zien'. Zieke en behandelende dokter zijn veroordeeld tot een, in de woorden van Van Dantzig, 'ingewikkelde pas de deux, waarin veel mis kan gaan, maar waar ook grote erkentelijkheid teweeggebracht kan worden door het zetten van de juiste passen'.

Artsen die ziek zijn, bevinden zich dus in een dubbelzinnige situatie. Ze zijn patiënt én afhankelijk van derden. Terwijl ze weten wat het ergste kan zijn dat hen kan overkomen. En dan komen de vragen. Laat de arts emoties toe. Een ernstig zieke patiënt maakt onrust mee, angst, verdriet, ontwijken, negeren, hoop? Wil hij daarover praten?  Met zijn geliefde? En wat met de collega's? En dan zijn er al die praktische dingen waar hij nooit over had nagedacht. De trap in huis, het alleen zijn overdag, de hulp bij het douchen, naar het toilet gaan. Wat hem het ergste tegenvalt, zegt hij, is de ontdekking dat in sommige situaties 'opvattingen van de professional prevaleren boven het inzicht of de wensen van de patiënt'.

Hij heeft moeite om te kunnen vertrouwen op de geboden zorg, zegt hij. Ik denk dat hij depressief is. Maar precies daarover wil hij niet praten. Onrust, angst, tot en met het ontkennen van de waarheid, dat gevoel van afstandelijkheid. Alsof hij zichzelf niet wil zien, zichzelf geen emoties toestaat, of zich daarvoor schaamt, ook binnenskamers.

Als hij het moeilijk krijgt, begint hij met zijn jargon, dat maakt het  veel onpersoonlijker. Zo is hij minder kwetsbaar. Dat gelooft hij, althans. Hij raast ook door over de bureaucratie die hem het schrale leven moeilijk maakt, de attesten die op zich laten wachten, de inkomensverzekering die hem uitnodigt voor een medisch onderzoek bij een huisarts die aan de andere kant van de stad woont. En dan komt het gesprek op de zin en onzin van doorbehandelen. Je hebt nog geen uitzichtloze prognose, zeg ik, maar hij raast door over zelfbeschikking en afhankelijkheid.

Hij, die als baken in de duisternis was voor zijn patiënten, die waakte over hun gezondheid, ligt hier nu aan een infuus terwijl hij toch „alles" weet over ziekten en wat er van een patiënt verwacht wordt. Hij sluit vermoeid de ogen.

Dat dokters inderdaad ziek kunnen worden, was me al duidelijk. Daar zijn ze mensen voor. Maar hun  ziektegedrag is anders dan bij ,,normale" mensen. Ik surf naar een buitenlands onderzoek, naar voornamelijk verslaafde zieke artsen, waaruit blijkt dat een arts in het algemeen moeite heeft de rol van zieke op zich te nemen. Hij ontkent ziekte en het zoeken van hulp, stelt hij zolang mogelijk uit. En als hij al hulp zoekt, dan gebeurt dat meestal bij een bevriende collega, die op zijn beurt veel te veel diagnostisch onderzoek laat doen om vooral maar geen risico's te lopen of die te weinig doet in de veronderstelling dat de zieke collega zelf wel weet wat goed voor hem is. Opvallend is dat een zieke arts zich vaak aan die behandeling onttrekt. Dat komt ook omdat de arts geen vertrouwensrelatie heeft met een eigen huisarts, hij stelt het zoeken van hulp uit en doktert lange tijd zelf, consulteert zelden een collega huisarts en gaat meestal direct naar een specialist.

Trouwens: een niet gering percentage onderbreekt de behandeling. Zieke huisartsen worden overigens niet als normale patiënten behandeld, maar ontvangen vaak privileges. Tenslotte blijken ze meer medicijnen te gebruiken dan ,,normale" patiënten. Dit heeft ook te maken met een verschil in vertrouwen in de mogelijkheden van de geneeskunde. ,,Gewone" patiënten hebben meer vertrouwen in de medische macht dan artsen. Hoe groter dit vertrouwen, des te frequenter wordt medische hulp ingeroepen. Bij minder vertrouwen wordt vaak spontane genezing afgewacht. Artsen en dan vooral huisartsen rekenen het tot hun taak patiënten te adviseren over een gezonde leefwijze. Maar zelf leven ze eigenlijk niet zo gezond.

Daarover verschijnt het ene onderzoek na het andere. Slechts de helft leeft gezond, de andere helft rookt te veel, drinkt te veel, heeft te weinig lichaamsbeweging en is te zwaar! De stress en angst om te falen zouden vaak een oorzaak zijn van alcoholisme en druggebruik in deze beroepsgroep.

Mijn vriend wordt weer wakker. Kom je nog eens terug, vraagt hij. Dan zegt hij: Neem die single malt maar terug mee en drink er eentje op mij. Hij is echt ziek.

Marc van Impe

 

Bron : MediQuality

14:07 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

15 januari 2013

Obsessie

 

Uit alle statistieken blijkt dat we nog nooit in het menselijk bestaan zo gezond en zo lang leefden als tegenwoordig.  Op reis in het vliegtuig las ik een al lang vergeten boekje over de geschiedenis van onze gezondheidszorg. Ik ben de hele vlucht – en het was een lange afstandsvlucht-  wakker gebleven. Zelfs in de zogenaamd gezonde oertijden leefden we ellendiger dan we ons kunnen voorstellen. Het heeft tot enkele tientallen jaren geleden geduurd voor ik statistisch leerde dat ik de kans maak 75 te worden. En toch krijgen steeds meer mensen het label ongezond opgeplakt. In ons land leven volgens diezelfde statistieken 11 miljoen mensen  met een ziekte of aandoening. En dat zijn niet enkel oudere chronische zieken. Onze kinderen worden ongezond geboren.  Ik geloof dus echt dat onze obsessie met gezondheid op een epidemie begint te lijken. De gezondheidsrisico’s beloeren ons en we vinden dat iemand die moet uitsluiten. In de eerste plaats is dat een taak voor de overheid. Er zijn genoeg politici die graag meesurfen op de golf van de idiotie van de dag en die daarover een vraag willen stellen. De overheid die leeft bij de gratie van de angst en het gebrek aan kennis van de gewone man doet daar graag aan mee. In plaats van echte beleidsmaatregelen te nemen is het makkelijker om sancties en regeltjes uit te vaardigen. Wat dan het perverse effect heeft dat we wel alles willen doen voor onze gezondheid, maar ook de betutteling door diezelfde overheid overheid. Want onze leefstijl is privé. Een interessant boek in dat verband is De gezondheidsepidemie dat pleit voor een omslag in ons denken over ziekte en gezondheid en daarbij de rol van burger en overheid onder de loep neemt. Harde onderzoeksresultaten zijn daarbij het uitgangspunt. De auteurs schetsen op die manier een verrassend en helder perspectief op het begrip gezondheid.  De gezondheidsepidemie is geschreven door onderzoekers van het Nederlandse Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Iets voor Valentijn.
Marc van Impe
De gezondheidsepidemie, Auteur: J. Polder, S. Kooiker, F. van der Lucht, ISBN: 9789035233355

10:03 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)