13 november 2015

Liever een zak geld dan een dure behandeling?


Ik luisterde op Freakonomics - een weblog die u echt eens zou moeten bezoeken als u van een controversieel debat houdt - naar de volgende interessante vraag van een economist: Waarom zouden zorgverzekeraars geen bonussen aanbieden aan patiënten die willen afzien van standaard terminale medische zorg?
Er zijn vast actuarissen en voldoende data beschikbaar die toelaten te berekenen wat bij een terminale diagnose de komende 6-24 maanden aan medische zorg uitgegeven zou moeten worden ? Voor patiënten dit type van zorg willen overslaan becijferde de economist Timothy Price, de auteur van de vraag,  de volgende formule om tot een eerlijke bonusberekening te komen: directe bonus = 50% van de actuariële berekening van de kostprijs van de standaard medische zorg.
De patiënt behoudt de controle over de optionaliteitsclausule, maar  heeft een perspectief op een onmiddellijke opportuniteit zoals een  laatste wereldreis, een extra erfenis voor de volgende generatie, enz.
De zorgverzekeraar krijgt een actuariële winst en stuuurt een incentive uit tegen de overmatige consumptie van gezondheidszorg tijdens de laatste levensmaanden.  "Voor mij is dit een volkomen no-brainer," zegt Rice, "maar ik ben dan ook een economist. Voor mijn vrouw die socioloog is, betekent dit dat ik volkomen koudbloedig ben."
Je moet naar Freakonomics http://www.wnyc.org/story/are-you-ready-glorious-sunset/ surfen om de verhitte discussie te volgen die deze vraag heeft uitgelokt. Terminale zorg is duur. Ik denk aan de column die ik begin dit jaar schreef naar aanleiding van het overlijden van mijn jongste broer. Geneeskunde is een nooit te winnen gevecht met het leven. De vraag is waar je als arts én als patiënt primair belang aan hecht: aan gezondheid, aan veiligheid en overleven, of aan het welzijn van de patiënt.
Ik las toen in Being Mortal: Illness, medicine and what matters in the end van dr Atul Gawande dat men in naam van de gezondheid de patiënt vaak de voor hem belangrijkste dingen ontzegt. Mijn broer zijn droom was nog één keer met de motor de wegen op. Hij heeft het zo vaak uitgesteld dat het er niet meer van gekomen is. Hij koos dan maar voor een palliatief einde. Geen mooie laatste wereldreis, ook al ging die maar tot het cafeetje in het dorp, of naar die taverne op de dijk van Duinbergen. Hij overleed niet, hij verstierf.
Roeien naar de dood gaat traag, schreef ik toen. Ik denk nu liever niet na over wat me te wachten staat. De dag komt dat de gebreken het ritme van de tijd bepalen. Als het dan toch die richting moet uitgaan denk ik dat ik voor een laatste cruise zou kiezen. Als de geleerde vrouw dat maar goed vindt.
En wat zou er gebeuren als het dan toch nog langer duurt dan verwacht? Conclusie: de situatie die geschetst wordt is zo abstract en hypothetisch dat het zinloos is de vraag te stellen. Hoewel…

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

18:19 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)