05 mei 2012

Een open brief van de geleerde vrouw

Brief aan Dr Van Houdenhove dd30/3/12

-------------------------------------------------------  

 

Ik heb uw opiniestuk in de Artsenkrant van 30/3/2012 met veel interesse gelezen. Tot op zekere hoogte ben ik het met u eens. In een aantal opzichten verschillen we van mening.

Ik denk dat het chronisch vermoeidheidssyndroom naast andere chronische aandoeningen gebaseerd  op symptomen een meer uitgebreidere benadering eisen dan alleen  het oprichten van referentiecentra en het betrekken van de huisarts an sich.

 

Een belangrijk gebrek is het gebrek aan opleiding van studenten in deze problematiek waardoor de latere huisarts zich onwennig voelt eens geconfronteerd met deze problematiek. Los van het gebrek aan opleiding is er de tijd die men aan deze patiënten moet besteden. Men moet een uitgebreide anamnese doen,  men moet een behandelplan opstellen voor de langere termijn en de patiënt moet dan opgevolgd worden.

Welke arts heeft daar de tijd en de middelen voor en het geduld?

Een ander probleem blijft de overspecialisatie in de derdelijns gezondheidszorg  waarbij weinig professoren zich aangesproken voelen om zich te verdiepen in deze complexe problematiek die moeilijk af te bakenen is. Wat daarbij belangrijk is dat van uit deze derdelijns zorg een onderzoeksprogramma moet opgezet worden om de kern van de pathologie te helpen ontrafelen. Tot nog toe zijn daar te weinig gegadigden voor.

Men blijft zich enten op de draagkracht en de belasting van de patiënt, wat inderdaad belangrijk  is maar er zijn veel meer aspecten die een rol spelen in deze pathologie, waar tot op zekere hoogte wel iets kan aan gedaan worden zonder in de alternativiteit te verzeilen. Overigens is de huidige aanpak van de ‘referentiecentra’ evenmin evidence based. Ik durf dan ook te zeggen dat ze niet uit de hoogte moeten doen om  een andere aanpak af te breken. Wanneer ik naar (internationale), congressen over CVS ga,  waar o.a. over de nieuwe criteria die u aanhaalt gediscussieerd wordt, zie ik daar  overigens op een paar na  weinig Belgische vertegenwoordigers van de referentiecentra.

Laat me toe een commentaar te geven op de huidige aanpak met  cognitieve gedragstherapie en revalidatie. Voor mij is dit een onderdeel van een meer algemene aanpak maar geen hoofddoel op zich. Wanneer men dan die patiënten een cursus cognitieve gedragstherapie gegeven heeft en gewezen heeft dat men zijn grenzen in het oog moet houden, dan  worden diezelfde patiënten  kort nadien geconfronteerd met het feit dat hun mutualiteitsuitkering gestopt wordt en dat ze maar weer aan het werk moeten gaan. Veel mensen hebben het financieel al niet breed, dit zorgt dus wel  voor veel stress en waar blijft dan ‘het rekening houden met belastbaarheid’?

Hierbij kom ik dan aan mijn vierde punt. Veel patiënten recupereren wel maar halen nooit meer het niveau van daarvoor. Ze krijgen te horen wanneer ze hun uitkering verliezen: ga maar aan het werk, zoek ander werk enz.Net of dit voor de hand ligt. In hun conditie kunnen ze vaak niet voldoen aan de eisen die men stelt aan werknemers, zodat ze vaak niet meer aan het werk geraken en in de armoe verzeilen. Een trajectbegeleiding naar werk toe zou hier een grote hulp zijn, waarbij patiënten progressief meer aan het werk gaan  tot een plafond dat haalbaar is d.w.z. dat ze niet opnieuw decompenseren. Dit kost veel geld en inspanning.

Wanneer men van overheidswege deze verschillende facetten niet gaat bekijken gaat er niets veranderen aan de situatie ook niet door het oprichten van ‘aangepaste referentiecentra’.

Nu dat we op een soort knooppunt gekomen zijn is het moment gekomen om met de verschillende disciplines rond de tafel te zitten en om te bepalen wat echt noodzakelijk is en hoe dit kan bereikt worden. Dit hoeft niet specifiek op CVS gericht te zijn maar op de aanpak van chronische ziekten in het algemeen. Een goed voorbeeld is het model van het Maria Middelaresziekenhuis in Gent waar men een klachtengerichte consultatie opzette met daarachter een multidisciplinair team. Deze aanpak verdient navolging.

 

Dr Anne Marie Uyttersprot

10:41 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (7)

30 maart 2012

Eggs Benedict

Ik werd opgeroepen. Ze willen me op het juiste spoor krijgen. Een traject heet dat. Dat brengt me bij diëten. Sinds ik vorige zomer onder het mes ging en verplicht een paar weken quasi sprakeloos was en dus ook geen vast voedsel tot mij kon nemen, verloor ik meer dan tien kilo aan bodymass. Mijn index ging er dus op vooruit. Mijn humeur leed er niet onder. De gewrichten van mijn onderste ledematen plooien makkelijker. Ik probeer het nu op hetzelfde niveau te houden. De oude Berckel wijst tussen de 85 en 88 aan, al naargelang de aard van het weekend dat we doorgebracht hebben. Twee dagen Wallonië betekent twee kilo extra die er weer af moet. Ik vermoed dat de trappisten van de abdij van Orval daar wat mee te maken hebben.
Kom ik langs bij de diabetesconventie en word ik streng toegesproken: ik moet geresponsabiliseerd worden en als ik dat niet op mijn eentje kan dan zullen ze me wel helpen. Want speciaal voor mijn type patiënten hebben ze een gezondheidsprogramma samengesteld. En dat kost maar 300 euro. Niet terugbetaald. Ik veins interesse en krijg te horen dat een en ander bestaat uit psychologische begeleiding en lichte lichamelijke oefening.  Zoiets als in de referentiecentra, zeg ik. Inderdaad, cognitieve gedragstherapie en graded excercise. Maar die combinatie werkt toch niet, zeg ik en ik verwijs naar de twee rapporten van het Riziv en van het KCE. En u krijgt er gratis dieetadvies bij, zegt ze. Nee, zeg ik. U bent bedankt maar mijn geloof verbiedt me te diëten en ik citeer mijn vriend de  apotheker  die op een zondagochtend, toen we aan de brunch gingen resoluut de eggs benedict weigerde. “Ik eet geen dingen die uit het achterste van een ander komen,” zei  mijn vriend. Het was me nooit opgevallen. Maar zijn vrouw bevestigt het. De apotheker lust geen eieren. Ik geloof niet in diëten. Ik loop terug buiten en hoor haar aan haar collega vragen wat voor man ik ben. “Ik denk dat hij een man is die van niemand is,” luidt het antwoord.

Marc van Impe

20:16 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

12 maart 2012

Een bijgedachte bij de sluiting van de referentiecentra

Met een niets ontziend cynisme heeft de ministre de hakbijl gezet in de betoelaging van de CVS Centra. De details zijn genoegzaam bekend. 1,7 miljoen ging jaarlijks door het afvoerputje van vijf zogenaamde referentiecentra die nota bene door overheid- Riziv én KCE- en door de huisartsenverenigingen nooit au sérieux genomen werden wegens amateuristisch, niet- wetenschappelijk en autoritair. De CVS-patiënten treuren niet om het feit dat de centra dicht gaan. Het is echter ongepast om de loftrompet te steken of zich stoer op de borst te slaan. Wie dat doet vergeet dat niet alleen de centra van eind van dit jaar dichtgaan - een universiteit investeert geen cent in een project dat niet op zijn minst een evenwichtige kosten-batenstructuur kan voorleggen- maar dat dit meteen ook betekent dat er geen geld meer geïnvesteerd wordt in het onderzoek naar CVS.  De 1,7 miljoen zijn weg en blijven weg. De regering heeft dit op voordracht van de ministre niet beslist omdat de centra niet deugden maar omdat ze wou besparen. De achterliggende gedachte is dus niet politiek-wetenschappelijk maar politiek-economisch en ingegeven door het inzicht dat er van de kant van de patiënten weinig protest of weerstand te verwachten valt.

Daar zorgt de onderlinge verdeeldheid, de lethargie en de moedeloosheid wel voor. En dat weet men zeer goed op de Tervurenlaan en in de Handelsstraat. Voor de patiënten is de sluiting van de CVS-centra dus een Pyrrhus-overwinning. Wie beweert dat het allemaal aan hem te danken is kan net zo goed beweren dat dankzij hem de zon elke dag in het Oosten opkomt.

Voor de twee grote ziekenfondsen CM en SM betekent dit wat men in Brussel “un bon débarras” noemt.  Ze zijn nu zogenaamd buiten hun wil om af van een project dat als een molensteen rond hun nek begon te hangen en waaraan geen eer meer viel te halen. Voor de CM betekent dit dat er nu volop kan gewerkt worden aan de variétéshow van Ziekenzorg met de grote goochelaar emeritus en truc van het zakdoekje uit uw oor. Voor de SM wordt het hoofdstuk definitief  afgesloten. De opvolger van Guy Peeters heeft wel andere katten te geselen.  De andere ziekenfondsen zijn in deze verwaarloosbaar. Voor hen is CVS nu herleid tot een “gewone” ziekte. Niks geen speciale aanpak meer. Men kan dat betreuren maar liever dat dan de aandacht van iemand die CVS-patiënten eigenlijk nooit geacht heeft. Ik herinner me de quote van een bekende hoogleraar revalidatiearts uit het Leuvense bij de eerste werkvergadering rond de oprichting van de referentiecentra, in de tijd dat de heilige Vandenbroucke nog de plak zwaaide: “ Tenslotte  lijden ze toch maar aan renteneurose.” Het staat zo achteraan in de notulen.

En de universitaire wereld verkiest te zwijgen. Behalve dan professor Dirk Vogelaers van de UGent die al een oude krokodil tranen laat omdat de kudde een andere rivierovergang zal moeten kiezen. Bleek er toch net geen plan op tafel te liggen voor samenwerking met de eerstelijns. Allemaal werk voor niets. Voor de kinesisten is dit de ergste tegenslag. De patiënten moeten zelf betalen en blijven dus weg. Ook het water van hun warmwaterzwembad voelt plots koud aan.

Marc van Impe

13:22 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)