14 juni 2016

Het verband tussen kip curry en de psychoanalyse

Ik ben onderweg naar Wallonië en rijd net het dal van Wellin in als de telefoon gaat. Hij belt naar aanleiding van mijn stukje over de pedante psychiater Erik Morsch, alias Rozing, die meende te moeten mengen in het Belgische euthanasiedebat. “Wat ik toch tegen psychiaters heb?” vraagt hij, “Daar moet toch een jeugdtrauma achter zitten?” Om te beginnen heb ik niets tegen maar iets mét psychiaters. Letterlijk dan nog wel. En dat bevalt me best. En dat jeugdtrauma? Ach, dat is een mooi verhaal.


Dat komt zo: Toen ik vijftien was, was ik al een fervent lezer. Ik verslond alles. De Rode Ridder, Pilote, Life, Salut les Copains, Der Stern, P.G. Woodhouse, San Antonio, maar ook Voltaire's Candide, Huizinga's Ondergang van het Avondland, Droomduiding van Freud, Kazantzákis, Kerouac, de Russen, het Pantheon van de Nobelprijswinnaars en Hugo Claus.


Ook mocht ik uit de schoolbibliotheek graag martelarenverhalen lezen –ik zat op een katholiek internaat- hoe gruwelijker, des te beter. Het was de enige manier om te ontsnappen aan het dagelijkse bestaan dat begon met een vroegmis en via rituele koude wasbeurt, rondjes lopen op het binnenplein, lauwe koffie, lessen Latijn en Grieks, gehaktballen in vloeipapiersaus, eindigde met vespers en handen boven de lakens in een chambrette van 1.5 op 2. Omwille van dit atypische leesgedrag maakten mijn cipiers van het Heilige Hart zich zorgen, ook omdat ik geen deel wou uitmaken van de clubjes die op een paterskamer sigaartjes rookten en andere onnoemelijke dagelijkse zonden begingen.


Ik leefde liever in mijn literaire, ingebeelde droomwereld. Op de duur werd het teveel. Toen ik de zoveelste verplichte boekbespreking over de Congolese avonturen van een missionaris weer eens niet gemaakt had en zei dat ik alleen nog wou schrijven als het iets opbracht, ontplofte het hoofd van pater Hecht. En zo belandde ik weer thuis, van school weg gezonden, wegens persistent recalcitrant gedrag. Mijn ouders werd een goede kinderpsychiater aangeraden.


Zo togen we voor verschillende avondlijke sessies naar de Antwerpse Markgravenlei. Terwijl mijn ouders in de antichambre een oude Paris Match uit het hoofd leerden, had ik gesprekken met een jonge veertiger met een Himmler-brilletje. Hij liet me een boerderij bouwen met plastic koeien en varkens. Ontlokte me de meest waanzinnige antwoorden op de Rorschach-test. Deed me associatief fantaseren. Ik vertelde hem over een meisje dat in een melkfles plast. Een verhaaltje dat ik leende van Claus. Dat vond hij bijzonder interessant. Ik herinner me dat we na de avondlijke sessies telkens bij een Chinees uit eten gingen. Het was onveranderlijk nr 6 loempia met zoetzure saus en nr 21 kip met curry – met frieten. Op een avond zette mijn vader een uitroepteken achter mijn eerste ervaringen met de psychiatrie. Dat was dus ook het einde van mijn culinair uitstapje.


Ik heb er niets kwalijks aan overgehouden denk ik. Behalve een sterk ontwikkelde zin voor humor en controverse en een afkeer van pedanterie en pose. En van kip in een groenig gele saus die naar ik later leerde dat ze niets maar dan ook niets met de Chinese keuken te maken heeft. Zoals zovele schijnwaarheden die ze ons ingelepeld hebben.


Ik leef en ik droom goed. Ik lees en herlees nog altijd Natuurgetrouw, de columns van Hugo Claus. Als ik schrijf, brengt het wat op. Ik hou me aan het adagio van de Griekse schrijver: In order to succeed, we must first believe that we can. Since we cannot change reality, let us change the eyes which see reality. A person needs a little madness, or else they never dare cut the rope and be free.


Voor de rest moet ik gewoon opletten dat ik niet teveel hoest in mijn slaap.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

 

11:16 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

13 juni 2012

Gerommel in het hoofd

Er gaat geen week voorbij of een of ander medisch waanidee valt aan gruzelementen.  Zo ook vorige week toen gepubliceerd werd dat het prikkelbare darmsyndroom geen psychosomatische achtergrond heeft . Een overmatige groei van bacteriën in de darm is definitief gekoppeld aan Prikkelbare darmsyndroom (IBS), zo blijkt uit de resultaten van een nieuwe studie van het Cedars-Sinai ziekenhuis (VS). De onderzoekers maakten gebruik van bacterieculturen uit de dunne darm. In ons land huldigden nogal wat artsen de gedachte dat “ wat gerommel in de buik” of spastisch colon het gevolg was van “fout” denken. Professor Benjamin Fischler ging zelfs zover om in bepaalde gevallen psychoanalyse voor te stellen als ideale behandelmethode voor deze “somatoforme aandoening”. Niet dus! IBS is het gevolg van een verstoring van de darmflora!

Dit is de eerste studie die gebruik maakt van de "gouden standaard" methode voor onderzoek naar de oorzaak van de ziekte die tot nu toe beschouwd werd als een psychisch probleem en die vaak voorkomt bij CVS/MEpatiënten. Eerdere studies hadden al aangegeven dat bacteriën een rol in deze ziekte spelen. De nieuwe definitieve studie verschijnt in Digestive Diseases and Sciences, en verwijst alle psychiatrische theorieën naar de prullenbak. De oorzaak is wel degelijk small intestinal bacterial overgrowth of SIBO. De studie omvatte 320 patiënten. Meer dan een derde van de patiënten bleek aan SIBO te lijden, terwijl dat percentage bij IBS-patiënten met diarree opliep tot 60%. "Terwijl wij in het verleden al overtuigend bewijs gevonden hadden dat bacteriële begroeiing een bijdragende oorzaak van IBS is, hebben we nu bewezen dat onderzoek van bacteriële culturen is de gouden standaard van de diagnose," zei dr. Mark Pimentel, directeur van het Cedars-Sinai GI Motility Program en een auteur van de studie. "Dit is duidelijk bewijs van de bacteriën rol spelen in de ziekte onderstrepingstekens onze klinische proef bevindingen, waaruit blijkt dat antibiotica een succesvolle behandeling voor IBS zijn." In ons land huldigt men de stelling dat IBS het best behandeld wordt met psychotherapie. Pimentel heeft nu aangetoond dat behandeling met rifaximin, een specifiek antibioticum dat enkel in de darm wordt opgenomen, de aangewezen behandeling is. Al de rest is geen gerommel in de darmen maar rommel in het hoofd. Quod erat demonstrandum.

 

Marc van Impe

11:30 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)

02 januari 2012

Leffe therapie

Wie CVS-patiënten in het wild bekijken raad ik een bezoek aan aan het bekende café Rembrandt aan de hoek van de Brusselse Steenweg en Stationstraat in Kortenberg. De KU Leuven zendt daar zo rond vijven zijn patiënten heen voor een vloeibare versnapering onder vorm van Leffe van het vat of een ander straf bier dat je snel in een euforische toestand brengt. Alles gebeurt onder medische controle. Rond zevenen gaat iedereen keurig naar  de Sint-Jozefkliniek, het universitair centrum dat een paar honderd meter verder gelegen is en waar de CVS/ME patiënten met psychoanalyse en cognitieve gedragstherapie behandeld worden. Leider van het programma is de bekende psychoanalyticus dr. Koen Demyttenaere. ‘CVS treft vaak mensen die voordien overactief waren en overpresteerden’, verklaart Demyttenaere. ‘En dat heeft vaak met de persoonlijkheid te maken. Waarom presteert iemand zo hard? Is het omdat hij er nood aan heeft zichzelf te bewijzen waardoor hij de druk van buitenaf niet voldoende afschermt? Zulke personen zijn immers kwetsbaarder voor een depressie.’ Vandaar waarschijnlijk dat dagelijkse porties donkere Leffe goed helpen.

 

Bij het meten van depressie wordt onder andere gebruik gemaakt van de Beck-depressieschaal. In Kortenberg onderwerpen ze de patiënten ook  aan de Rorschach test, een inktvlekkentest waarin men zaken diende te herkennen, en op basis waarvan de psycholoog of de psychiatrische verpleger (!) uitspraken doet over de persoonlijkheid.   Kortenberg geldt ook als Vlaams opleidingscentrum voor psychoanalytici  waar  opleidingsdagen gegegeven worden over “therapeutische denkmodellen in de kliniek: leertheorie, psychoanalyse en systeemtheorie”. In de Angelsaksische medische wereld wordt psychoanalyse niet meer serieus genomen en ook in Nederland is psychoanalyse als behandelkader geschrapt uit de terugbetaling door het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) sinds januari van dit jaar. Een patiënte die “uit Kortenberg ontsnapte” vertelt ons het volgende: van bij het begin kreeg ik te horen dat ik heel afhankelijk was (van mijn man) en dat ik te veel naar hem opkeek. Of hij niet   te dominant was in de relatie? Mijn huisarts was er als de kippen bij om te bevestigen dat “mijn man mijn behandeling stuurde”. Hij maakte inderdaad de afspraken, hij reed me naar het ziekenhuis, consultatie of kinesist. Ik moest dus wel heel passief zijn. en voilà de oorzaak van alle problemen was gevonden. Ik was waarschijnlijk ooit misbruikt, had dit verdrongen, had een laag zelfbeeld, wat zelfs nog versterkt was door op een dominante man te vallen. Ik kreeg zware doses Sypralexa en dat in combinatie met het groepsdrinken  verergerde alleen maar de situatie. Ik die vroeger altijd zo opgewekt en  sociaal was,  tal van bevriende collega’s had, werd herleid tot een somber wrak , iets waar mijn man niet meer tegen kon.  Nu lopen er in de KU Leuven wel meerdere believers in psychoanalyse rond zoals psychiater dr. Lili De Vooght en prof. dr. Koen Demyttenaere. De KULeuven herbergt bovendien ook het “Center for Psychoanalysis and Psychodynamic Psychology”. Moet nog gezegd dat de grondlegger van de psychoanalyse de fantasy schrijver Sigmund Freud (1856 – 1939) is, uitvinder van de droomverklaring , de penisnijd, het oedipuscomplex, verdringing en projectie.  Eén van de kernuitgangspunten van psychoanalyse is dat al onze psychische problemen als volwassene zijn terug te voeren op (traumatische) ervaringen tijdens onze (vroege) jeugd. Vandaag zouden Freud een seksueel geobsedeerde noemen. De manier waarop Freud en zijn (moderne) volgelingen op zoek gaan naar “bewijzen” is er een van suggestie en inplanten van valse herinneringen. De analytici worden er op getraind om via hun manier van vraagstellen  confirmatie te bekomen van hun veronderstellingen. Daarom deze wetenschappelijke test van professor Hans Crombach: denk niet aan een ijsbeer! Wedden dat u de hele dag aan een ijsbeer denkt. Tussen haakjes, Freud  geloofde ook in telepathie en astrologie en was zwaar verslaafd aan nicotine en cocaïne. Het zijn de volgelingen van deze charlatan, (het woord komt uit l’Observateur)die in 1881 promoveerde   op het thema Über das Rückenmark niederer Fischarten (over het ruggenmerg van lagere vissoorten) tot doctor in de geneeskunde,  die onze CVS-patiënten behandelen. Terugbetaald door het Riziv. De patiënten uit Kortenberg, die denken de hele dag aan een kelk donkere Leffe van het vat.

 

Marc van Impe

15:06 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (3)