21 maart 2017

Psychiaters over Trump beledigen hun patiënten



Het begon met Trump. De 45ste president heeft een ernstige psychische stoornis en daarom is hij ongeschikt voor het ambt van president. De petities zijn inmiddels door honderden psychiaters en psychologen ondertekend. Wat dat over hen zegt? Niet veel goeds, zegt Harald Merckelbach, die hoogleraar rechtspsychologie is aan de universiteit van Maastricht en blogt. Hij schrijft een maandelijkse column voor de wetenschapsbijlage van NRC Handelsblad.


Het is verleidelijk. Ben je psychiater, heb je zo'n mooie publieke casus, dan kan je moeilijk zwijgen. Binnenkort krijgen we hetzelfde fenomeen in ons continent. Boris Johnson, Marine Le Pen, Geert Wilders, om geen usual suspects uit eigen land te noemen. Maar wat allereerst opvalt, is dat de shrinks het maar niet eens kunnen worden over het ziektebeeld. Trump lijdt aan een kwaadaardige vorm van narcisme.  Nee, hij heeft last van paranoia. Maar nee toch, betoogt het derde smaldeel, hij is een pathologische leugenaar. Hij vertoont een demente aftakeling, meent weer een vierde groep. De meest excentrieke diagnose kwam van ene dr. Steven Beutler, een infectioloog ditmaal, en „al meer dan dertig jaar in het vak" . Trump is besmet met Treponema pallidum en zou dus neurosyfilis hebben. De verklaring: Trump hield er in de jaren 80 een promiscue levenswandel op na, liep toen de besmetting op en nu is het zover.


Wij hebben hier de eerste publieke diagnose gepubliceerd. Daar houden we het bij. Op het internet kun je tientallen uren diagnoses en de discussie daarover lezen. Om ze vervolgens bij gelegenheid van een of andere LOK zelf te citeren en het verlichte brein uit te hangen. Het doet de psychiatrie eens te meer geen goed. Het lijkt wel of de zielenknijpers net zo wetenschappelijk verantwoord bezig zijn als de zeventiende-eeuwse piskijkers.


"Tenzij natuurlijk die hele psychiatrische diagnostiek geen ene moer voorstelt. Als ik leek was, zou ik dat denken," dixit Merckelbach. "De hulpverleners die Trump een enge ziekte proberen aan te wrijven, mogen best een toontje lager zingen. De geschiedenis van hun vak is bezaaid met collega's die zich ernstig vergaloppeerden. Freud is een pijnlijk voorbeeld. Het was de Weense wonderdokter in hoogsteigen persoon die samen met een Amerikaans diplomaat een boek schreef over Woodrow Wilson, Amerikaans president van 1913 tot 1921. De diplomaat was door Wilson aan de kant gezet en had dus nog een appeltje met hem te schillen.


En zo regende het mentale afwijkingen in de analyse die Freud en deze diplomaat van president Wilson ten beste gaven. Het was diepe neurose hier en infantiel conflict daar. Want zie toch hoe gek Wilson zich gedroeg: hij instrueerde mensen die hij ontmoette om in zijn rechter blikveld te gaan staan. Wat Freud niet besefte, was dat Wilson een hersenbloeding had gehad, daardoor blind raakte voor zijn linker visuele veld en zodoende die merkwaardige gewoonte had ontwikkeld.


Nog belangrijker: in de eerste jaren van zijn presidentschap deed Wilson het volgens vriend en vijand heel behoorlijk. Freuds analyse van Wilson was niet alleen overhaast, maar ook totaal overbodig." Ik ben het met Merckelbach eens: van Trump een patiënt maken, is verdwalen in politieke retoriek. Het is ook beledigend voor mensen met psychische problemen. De meesten van hen zijn bescheiden, stil en ongevaarlijk; velen leveren een waardevolle bijdrage aan de samenleving.

Daarom laat politici over aan de cabaretiers die hen belachelijk maken, aan de journalisten die hun alternatieve feiten checken en aan de juristen die hen "met het hoofd tegen het beton van de rechtstaat laten lopen". Shrinks doen er wijs aan hun mond te houden. Trump is te groot voor de divan, aldus Merckelbach.


Marc van Impe


https://newrepublic.com/article/140702/medical-theory-don...

 

Bron: MediQuality

 

08:40 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

28 februari 2017

God is een psychiater en rijdt in Beernem


In het West-Vlaamse Beernem rijdt God rond in een Porsche Carrera. De varkens en de burger kijken er lang niet meer van op. Die hebben al waanzinniger dingen zien passeren. De koers bijvoorbeeld. Of een colonne van “het gesticht” op weg naar een van de droeve baancafés waar ze naast een schreeuwende papegeaai verkoolde bitterballen serveren.


Tom Herregodts vond inspiratie voor zijn gepersonaliseerde nummerplaat in zijn familienaam, maar ook zijn achtergrond als psychiater bracht hem tot de opvallende keuze.


Ik heb het altijd bijzonder absurd gevonden: mensen met een luxewagen met humor. Meestal zijn het pipos die je op de provinciale baan Aalter-Knokke van de weg proberen te drukken om daarna met een fleece trui over de schouders over de Lippenslaan te flaneren terwijl mevrouw over de GSM een afspraak met haar minnaar maakt en tussendoor naar de solden kijkt. De nummerplaten zeggen genoeg: SEX42, FUCK1, HAHAHA, HIHIHI, XXXXXX, 2x69 en voor de minder geïnspireerde nouveau riche is er BATMAN en LOEKE.


Meestal aan overdreven snelheid op de derde rijstrook, soms aan een kruispunt in dispuut met een lid van de rijkspolitie, die er niet mee kan lachen. Ik weet dat het not done is, maar ik verdenk ze ervan stuk voor stuk een klein piemeltje in hun rode broek te verbergen. En de dames met LOEKE op het gat van hun wagen,- ik weet het, het zijn mannelijke chauvinistische zwijnengedachten - hebben een bijgesneden vagijn. Ik ken een professor die letterlijk nogal kort van stuk is. Hij kreeg van zijn vrouw LANGE cadeau. Daar moet de liefde onder de deur door stromen.
Maar de zogenaamde elite wil zich niet van het plebs onderscheiden door de aanwezigheid van cultuur of goede manieren. Dat zie je ook op weg naar Plopsaland of Walibi, maar dan rijden ze in getuned blik. Zij vallen onder de categorie 'ergerlijk maar onschuldig '. Tot je vlakbij parkeert en je wel eens kras zou kunnen trekken in de carrosserie van DEN DIKKE. Dan is de boot aan en komt er een heerschap in zweethemdje je de regels van het verkeer uitleggen.


Natuurlijk brengt één en ander de Staat, die nooit vies is van een extraatje, veel geld op. Ik heb een idee: dreig populaire gasten als deurwaarders, incassobedienden, meteropnemers, landmeters, parkeerwachters, kredietbeheerders, studiemeesters en conciërges een aangepaste nummerplaat te geven. Alleen als ze betalen krijgen ze een normale EZ-1-DYG-35 of zoiets. Anders wordt het GRIJP, KNIJP, STRAF, ZEUR of nog erger GRAUW. Wedden dat ze bereid zijn veel geld te betalen om van dat epitoom af te raken. Maak van echte platen een écht statussymbool, met een jaarlijkse taks van 100.000 euro.


De belastingontvanger is de Robin Hood van deze tijd: de ijdelen bestelen om er de burger beter van te laten worden. En een regisseur van een The-sky-is-the-limit-achtig allooi kan er een nieuw programma rond verzinnen.


Tenslotte nog dit: ik dacht dat psychiaters zo onderbetaald waren, maar dokter Herregodts heeft duidelijk duizend euro teveel. Voor die prijs ga je lekker eten in het restaurant "Si Versailles", waar je met je God nog opvalt op voorwaarde dat het duister niet is ingevallen. Maar tegen zoiets hebben ze van die LED-lampjes uitgevonden.


Geld heeft geen slechte smaak, het maakt zelfs gelukkig en je kan er voortdurend van bij verdienen of het door deuren en ramen gooien. Maar gezond verstand dat heb je in beperkte mate en daar moet je het voor de rest van je dagen mee doen.


"Dit betekent dat je van jezelf moet leren houden als de meest liefdevolle vader en moeder die je je maar kunt voorstellen," zegt Herregodts. Bij de god van Beernem heeft het alvast een positief effect. "Ik rijd vlotter en attent als ik me god waan." Nomen est omen –och here god, zou oma gezegd hebben. Ik zou zeggen: rijp voor de separatiecel. Een etmaal tenminste.

 

Marc van Impe

Bron : MediQuality

21:12 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

29 augustus 2016

Te gek, te echt

Het thema van de nieuwe jaarcampagne Te Gek!? is 'Psychose Ontwikkeld'. Niet minder dan 3 procent van de Belgen krijgt in zijn leven te maken met een psychose. Toch zijn de vooroordelen hieromtrent vaak hardnekkig en de kennis beperkt. Het doorbreken van de taboes die hardnekkig rond psychische problemen blijven hangen, is hard nodig. Niet alleen in Vlaanderen maar ook in het zuiden van het land. Maar ook binnen de medische wereld moet er één en ander veranderen. eHealth biedt daartoe een unieke gelegenheid.

Daarom eerst dit: Ik geloof graag dat big data nodig zijn om zinvol onderzoek te doen. In naam van de wetenschap moeten we werk maken van de informatisering van onze gezondheidsdata. Maar dat mag niet ten koste gaan van de privacy van de patiënt, van zijn rechtszekerheid en van zijn waardigheid. Ik geloof ook dat er weinig of geen artsen zijn die bewust foute data gaan opslaan in het medisch dossier dat zij voor hun patiënt samenstellen en bewaren. Artsen zijn ervoor opgeleid om alleen juiste, exacte en gemeten gegevens te interpreteren en te noteren. De klinische labo's van dit land leveren wat dat betreft uitstekend werk en kunnen tot de beste ter wereld gerekend worden.

Waar ik echter geen vertrouwen in heb, is in dat stuk van de geneeskunde dat die wetenschappelijk noch empirisch onderbouwd is, waar de onderzoeken zelden of nooit voor herhaling vatbaar zijn, waar veel zo niet alles afhankelijk is van de persoonlijke interpretatie en kwalijker nog, de "school" waartoe de practicus zich bekent. Ik heb het over de psychiatrie. Ik heb in mijn carrière tal van interessante gesprekken mogen voeren met psychiaters, over gastronomie, literatuur, filosofie, religie, meditatie, tot zen en de kunst van het motoronderhoud toe.

Maar zelden heb ik een eenduidig antwoord gekregen op de meest elementaire vragen. Ik ken psychiaters die er prat op gaan dat ze aan hun haartooi herkend worden, aan de vorm van hun schedel, aan hun dialect dat ze koesteren, maar ik ken er geen enkele aan wie ik mijn identiteit zou toevertrouwen. Nochtans maken ook zij deel uit van het geneeskundig korps en krijgen ze als dusdanig, indien ze een therapeutische relatie hebben met een patiënt, toegang tot diens medisch dossier.

Ik heb het van nabij mogen meemaken hoe een professor psychiatrie, forensisch expert par excellence, in een dossier van een patiënte een miskraam en een daarop volgende depressie had ingeschreven. Er was nooit een miskraam geweest. Het heeft vier jaar geduurd voor hij zijn fout toegaf.

Ik schreef een jaar of twee geleden, rond deze tijd, hoe Tony King uit Lilydale, Victoria in Australië, in The New Scientist waarschuwde voor de gevaren van een onwrikbaar geloof in geïntegreerde databases. Kings vrouw kreeg vier jaar geleden de diagnose van een endogene depressie in haar dossier geschreven. Maar de voorgestelde psychotherapie bracht de patiënte geen meter vooruit en King vermoedde dat er iets heel ernstigs aan de hand was.

Maar op basis van de data in het medisch dossier kreeg hij nergens een second opion. Zijn echtgenote had een somatoforme aandoening, ze wou niet beter worden, dus dat was het. In het dossier verscheen zelfs de waarschuwing dat patiënte en haar echtgenoot op ziektewinst uit waren. Het heeft drie jaar geduurd voor mevrouw King terecht kon bij een arts die los van de centrale database zijn eigen diagnose wou stellen. Die werd door onderzoek bevestigd. Mevrouw King leed aan een zeer ernstige ziekte, ze werd tenslotte wel echt behandeld en raakte aan de beterhand.

Een goede collega van mij overkwam hetzelfde in een Brussels universitair ziekenhuis. Toen ze inzage vroeg in haar dossier, werd haar dat botweg geweigerd. Een en ander kwam aan het licht toen de assistent melding maakte dat ze ook psychiatrisch in behandeling was geweest. Natuurlijk was ze daarom zo lastig.

Patiënten hebben niet alleen het recht om te weten wat er in hun medisch dossier staat, maar ook om te weten wie en wanneer het dossier consulteert. En ja, er is een probleem met de psychiatrie. De vraag is gesteld. Er moet antwoord komen.

Ik herhaal wat ik telkens opnieuw schrijf: bij Google kan je nu eisen dat foute of achterhaalde berichten verwijderd worden. Daar moet je goede redenen voor hebben. Maar het kan. Wie garandeert mij dat de beheerder van de centrale patiëntendatabase zijn fouten zal willen rechtzetten? En wie zal hij het eerst geneigd zijn te geloven: de arts of de patiënt? Is dat niet te gek?

Marc van Impe

Bron: MediQuality

17:17 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)