30 april 2012

De waarheid

Een keer per jaar moet ik te horen krijgen dat wat ik doe eigenlijk niet werken is. Want je schrijft toch graag, hoor ik dan.  Ach, ik reageer al lang niet meer. Journalistiek moet zowat het enige vak zijn waar iedereen van denkt dat hij het ook kan. Ik wil ze geen eten geven, de amateurs die zichzelf  aanpraten dat ze ook journalist zijn. Daarentegen ken ik geen enkele journalist die er aan denkt zichzelf arts of apotheker te noemen. Maar goed, het gaat over dit leuk vak. Ik vind het nog altijd leuk, maar daarom betekent dat nog niet dat het vanzelf gaat. Leuk is niet altijd gemakkelijk, bedacht ik, toen ik op zoek was naar de achtergrond van een politieke beslissing die eerst wit en daarna zwart werd. De politicus van dienst liep in 48 uur de cirkel rond. Waarom?  Ik liep zoals zo vaak telkens vast in hardnekkige leugens of stilzwijgen. Voor een journalist begint pas dan de uitdaging. Je gaat het probleem tegemoet in de wetenschap dat je net zo goed kunt stuklopen als slagen. Frustraties vergroten het plezier  en het vertrouwen dat als je doorzet je uiteindelijk bij de oplossing komt. Of niet. Zo moet idealiter ook een arts zich voelen die geconfronteerd wordt met een zieke patiënt die zich niet zo maar laat labelen. De journalist die angst heeft te mislukken  is net als de dokter die vreest zich belachelijk te maken, bezig in het verkeerde vak. Zowel laffe journalisten als angstige dokters doen zichzelf en de maatschappij tekort. Amateurs hebben al lang afgehaakt. Die leggen liever uit waarom koud water nat is. Minder risico, zie je. Bedenk dan dat ze waarschijnlijk zelf een zitje hebben in een comiteetje van de watermaatschappij.  Op de duur kom je bij Orwell terecht: big brother bepaalt wat je leest en wat je voorgeschreven krijgt. De gedachte alleen al dat de waarheid op stofnaam verstrekt wordt! Poetin zou het niet beter hebben kunnen bedenken. Dank je, maar nee,  bedankt!  Ik kleur liever eens buiten de lijntjes. Wedden dat u dat liever leest. Leuk toch?

Marc van Impe

20:04 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

21 november 2011

Mattheüs

Een parlementair die één dag gezeteld heeft krijgt een ontslagvergoeding van één jaar. Wie langer zetelde krijgt maximaal vier jaar. Daar hebben de parlementairen zelf voor gezorgd. Een arts die chronisch ziek wordt krijgt in het beste geval een aalmoes, minder dan het bestaansminimum. In de praktijk komt dit er op neer dat hij gedwongen wordt verder te werken, ook al is hij daar fysiek noch mentaal langer toe in staat. De ontslagnemende politicus wachten mandaten en consultancies. De zieke arts het faillissement. Een voorbeeld: een bekend Limburgs politicus, gewezen secretaris-generaal van de Navo, kreeg als troost, na zijn gedwongen ontslag wegens fraude, het bestuursmandaat over de immobiliënmaatschappij van het Kempisch kanalenstelsel. Een habbekrats, zegt u? Het gaat om tientallen keurig gerestaureerde sasmeesterhuizen die nu als weekendverblijf voor tweemaal niets gehuurd worden door leden van de republiek der kameraden.

Daarom geef ik graag deze overweging mee. Ik heb de voorbije 40 jaar keer op keer als bevoorrechte getuige de sociale onderhandelingen van dichtbij mogen meemaken. Ik heb telkens opnieuw gezien hoe de fiscale en parafiscale druk steeg, hoe lonen ingeperkt , afgetopt en extra belast werden. Ik heb gezien hoe ondernemers geteisterd werden met bruteringen, solidariteitsbijdragen op omzet, vermogen en bestuursmandaten in hun eigen micro bedrijfjes. En ik zal binnen afzienbare tijd mogen ervaren hoeveel er van mijn beloofde pensioen nog overblijft en hoe laag dit onder de limbo-lat van het fatsoenlijk en leefbaar inkomen zal liggen. Ik heb keer op keer mogen meemaken hoe politici die zelf niet te beroerd zijn om rijkelijk betaalde bestuursmandaten te verzamelen bij multinationale energie-, kabel-, water- en andere nutsbedrijven, er in slagen om daarnaast hun eigen parlementair pensioen op te pompen tot ze elk volume van fatsoen overschreden hadden. En hoe diezelfde politici na hun politieke carrière nog eens mee gingen graaien in de vetpotten van verzekeringsmaatschappijen, banken en andere multinationals. Ik heb geen enkele ambtenaar gekend, die ook maar één dag heeft moeten inleveren op zijn wedde of pensioen. Geen enkele ambtenaar die ook maar één uur vrijwillig, gratis voor niets overwerkte. Geen enkele ambtenaar die de hem aangeboden glazen weigerde.

Maar ik heb wel vastgesteld dat honderden politici dag in dag uit fraude pleegden met hun mandaat door niet aanwezig te zijn op de vergaderingen en door geen kritische vragen te stellen. Als de burgemeester van de grootste Vlaamse stad vorige week voor het eerst in zeven jaar een vraag stelde in zijn parlement waar hij deel van uitmaakt dan pleegt hij fraude.  Als een ambtenaar een dienst of document weigert, dan pleegt hij fraude.  Als artsen overladen worden met - vaak zinloze - administratie  en ook nog eens de gegevens voor opmaak van hun 281.50  fiches zelf moeten controleren en aanpassen, dan plegen de ambtenaren die betaald worden met hun belastinggeld, fraude. Als diezelfde ambtenaren de kampioenen zijn van het absenteïsme, dan is dat fraude.  De Waalse ambtenaren hebben zich in 2010 in totaal 170.631 dagen ziek gemeld. Dat kostte 19,3 miljoen euro. Voor 2010 betekent dat een gemiddelde van 17 ziektedagen per Waalse ambtenaar. In Vlaanderen bereikt het absenteïsme gemiddeld 5 procent. Hoeveel dit ons kost kon men mij niet berichten. Ook dit is fraude.

Een gewezen belastingambtenaar, bekeerd blogger schreef het al bijna tweeduizend jaar geleden, "Waarom kijkt u naar de splinter in het oog van een ander, en merkt u de balk niet op in uw eigen oog? Hoe durft u tegen een ander te zeggen: Laat mij die splinter eens uit uw oog halen, terwijl u zelf een balk in uw oog hebt? Huichelaar, haal eerst die balk uit uw eigen oog, dan ziet u pas scherp genoeg om die splinter uit het oog van de ander te halen” (Mattheüs 7:3-5)

Marc van Impe

09:35 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)