10 februari 2017

Ziekenfondsen reageren commercieel en beperken reisbijstand


Als CM-lid heb je een streepje voor. Maar dat streepje is korter geworden nu de CM niet langer reisbijstand biedt voor als je een reis naar Zuid-Afrika, de Verenigde Staten of Canada plant.
Tot nu gold een wereldwijde dekking bij de CM. De CM geeft een lijst van de 72 landen en regio's waar de reisbijstand nog wel geldt: https://www.cm.be/binaries/Geografische-dekking-CM-reisbijstand_tcm375-181019.pdf . De CM maakt wel een uitzondering voor kinderen en jongeren die recht hebben op kinderbijslag.


Maar ook wie een van de EU-landen aandoet moet rekening houden met een beperking. Zo worden doorgaans 75 procent van de kosten terugbetaald vanuit de verplichte ziekteverzekering wanneer het totale bedrag van de medische uitgaven 200 euro of minder is. Dezelfde regeling geldt voor Zwitserland, Noorwegen, IJsland, Liechtenstein, Albanië, Bosnië-Herzegovina, Macedonië, Montenegro en Servië. Wanneer kosten hoger oplopen, worden alle dringende kosten door terugbetaald indien vakantiebestemming gedekt is door de CM-reisbijstand. Per dossier en per rechthebbende geldt wel een franchise van 60 euro.


Het merendeel van ziekenfondsen doet voor de praktische organisatie een beroep op de alarmcentrale Mutas, die 24/7 open is. De onafhankelijke fondsen zijn aangesloten bij Mediphone Assist. Ondanks die overkoepelende samenwerking hanteren de ziekenfondsen verschillende voorwaarden en beperkingen voor leden die op reis zijn.


De CM is overigens niet de enige die zijn reisbijstand terugschroeft. Ze volgt daarmee het voorbeeld van de onafhankelijke ziekenfondsen die de geografische beperking al invoerden in 2010. De vijf aangesloten ziekenfondsen (Partena, PartenaMut, Omnimut, Freie en Onafhankelijk Ziekenfonds) bieden enkel reisbijstand aan in Europa en landen in Middellandse Zeegebied, zoals Turkije of Tunesië.


Christian Horemans, expert bij de onafhankelijke ziekenfondsen, zegt het onomwonden: "In de uitgesloten landen is medische bijstand te duur. Bovendien kiest 95 procent van onze leden voor een klassieke vakantie. De verre bestemmingen waren dus een kleine minderheid van de verblijven, maar wel met zeer belangrijke kosten."


De Liberale Mutualiteit biedt evenmin reisbijstand in landen zoals de Verenigde Staten, Canada en Zuid-Afrika. "De reisbijstand geldt enkel in uitgebreid Europa en Middellands Zeegebied ", zegt Geert Messiaen, secretaris-generaal bij de Liberale Mutualiteit. "Het financieren van geneeskundige zorgen voor de andere bestemmingen sluit niet aan bij onze sociale opdracht aangezien de grootste groep van leden die niet op reis kunnen gaan naar dergelijke verre bestemmingen een grote bijdrage zou moeten betalen voor een selecte groep van mensen die financieel dergelijke reizen kunnen veroorloven."


De LM betaalt in de "gedekte landen" alle medische kosten boven 50 euro terug. Een ziekenhuisopname daarentegen wordt op een francise na van 50 euro volledig geregeld door de Liberale Mutualiteit.


Bij de vier Vlaamse socialistische ziekenfondsen: Bond Moyson West-Vlaanderen, Bond Moyson Oost-Vlaanderen, De Voorzorg Limburg en De Voorzorg Antwerpen, leden van de Socialistische Mutualiteit is er geen geografische beperking.


Net zoals bij de Christelijke Mutualiteit regelt de alarmcentrale Mutas de betaling van de medische kosten vanaf 200 euro. Bij de Vlaamse Socialistische Mutualiteit wordt ook een ziekenhuisopname volledig terugbetaald. Het ziekenfonds rekent een franchise aan van 25 euro per persoon per dossier.


De Franstalige Solidaris biedt enkel reisbijstand in de EU en geaccrediteerde landen en de landen rond de Middellandse Zee.


Marc van Impe

Bron: MediQuality

10:18 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

25 oktober 2016

Crisis: problemen oplossen als ze zich stellen

De crisis die de gezondheidszorg op dit ogenblik meemaakt is het resultaat van een attitude die sinds 1963, het jaar van le grand chef blanc Edmond Leburton, de politiek van het kabinet Volksgezondheid bepaalde: je moet de problemen pas oplossen als ze zich stellen. Leburton was sinds 1954 minister van Volksgezondheid en van het Gezin, en van 1961 minister van Sociale Voorzorg. Hij lag aan de basis van de Grote Artsenstaking die geleid heeft tot een overlegmodel, beter gekend als de medicomut. Het is dit model dat nu zijn eindfase bereikt heeft.

Bewust of onbewust, maar minister Maggie De Block houdt zich niet aan dat mantra dat Jean-Luc Dehaene in de politieke geschiedenisboeken geschreven heeft, en dat moest onvermijdelijk leiden tot dat voorbije week gebeurd is. Het gezondheidsbeleid was tot voor een paar jaren gebaseerd op een allesomvattend perverteren van de realiteit waarbij men ervan uit ging dat belangen belangrijker waren dan waarden, waarbij men over het hoofd zag dat binnen die overtuiging belangen geen plaats voor waarden hebben. Het medicomut systeem is uitgeleefd. En het zijn niet de drie artsensyndicaten of de apothekersbond die het mene, mene, tekel ufarsin (*) op de wand geschreven hebben, maar de auteur van de NIC visienota 2030 (bijlage), Jean Hermesse, de algemeen secretaris van de Landsbond der Christelijke Mutualiteiten.

Niet toevallig lekte deze nota die zogezegd vertrouwelijk was een tiental dagen geleden uit in nr 18, jaargang 33, van de nieuwsbrief Gezondheidszorg (bijlage) van de uitgeverij J Wolters Kluwer. Daarin maken de ziekenfondsen hun toekomstvisie bekend op het gezondheidsbeleid in 2030. Die visie is viel bij de artsensyndicaten op een koude steen. Want het betekent niet meer noch minder dan de terugkeer naar het beginsel van Leburton: een staatsgeneeskunde, uitbesteed aan de ziekenfondsen die het Riziv in regie nemen.

De mutualiteiten willen volgend jaar, uiteraard samen met alle betrokken partijen een zogenaamd interfederaal platform voor de ontwikkeling van een lange termijnvisie en strategie voor de gezondheidszorg opzetten. Dat moet er komen na een "Health impact assessment' of "stresstest voor de gezondheid" waaraan elke nieuwe beleidsmaatregel die invloed kan hebben op de politiek van de gezondheidszorg getoetst wordt.

De ziekenfondsen willen zogenaamde gezondheidsindicatoren hanteren rond thema's als antibioticagebruik, gebruik van antidepressiva, polymedicatie bij ouderen, stralingsbelasting, EBM-screening, vaccinatie, burn-out, en multidisciplinaire opvolging van chronische patiënten. Dit zijn eerzame streefdoelen waar niemand tegen kan zijn ware het niet dat de ziekenfondsen dat willen koppelen aan profielen voor artsen en de koppeling van deze profielen aan het verkrijgen van een accreditatie. Artsen zouden ook onderworpen worden aan minimale en maximale activiteitsdrempels. Tegelijkertijd moet het systeem worden herzien op basis van de huidige discussies tussen Medicomut en de Nationale Raad voor Kwaliteitspromotie (NRKP).

Het gedeeld elektronisch dossier en het gedeeld farmaceutisch dossier en het medicatieschema voor elke patiënt zou beheerd worden door de ziekenfondsen. Voor specifieke doelgroepen zouden zorgtrajecten opgezet worden. Andere voorstellen zijn de verbreding van de maximumfactuur voor chronisch zieken en de start van een debat in 2017 over de transparantie van de vergoedingen van zorgverstrekkers en de kwestie van wat de ziekenfondsen als een correcte vergoeding beschouwen.

Dit alles kan niet zonder draconische controlemaatregelen op de naleving van de tarieven door de geconventioneerde artsen; het van de voordelen en terugbetalingen tussen geconventioneerde en niet-geconventioneerde artsen; en een plafond voor honorariumsupplementen in het ziekenhuis. Voor een opname of interventie in een ziekenhuis moet de patiënt een voor arts en ziekenhuis bindende kostenraming ontvangen. De financiële transparantie moet verhoogd worden via een correcte prijszetting in alle medische en paramedische sectoren, aan de herijking van de nomenclatuur van medische honoraria.

Andere denkpistes zijn de creatie van een nieuw en globaal financieringsmodel voor de ziekenhuizen, met pilootziekenhuizen, de vervanging van de klassieke ziekenhuisopname door een dagopname en de uitvoering van een "medicationreview" door de apotheker. Ook de pharmasector wordt in de visienota niet gespaard: er komt een sluismodel van openbare aanbesteding of een referentieterugbetaling voor specifieke geneesmiddelen, het prijsbeleid voor weesgeneesmiddelen wordt bepaald door een nieuwe beoordeling van de rentabiliteit door economische zaken, zodra er een uitbreiding van de indicatie of de patiënten is, waarbij op dat ogenblik een nieuwe maximumprijs bepaald moet worden. Bovendien moet de berekening van de incrementele kost (ICER) verplicht gemaakt worden voor weesgeneesmiddelendossiers die aan de CTG worden voorgelegd.

De klap op de vuurpijl is echter dat de ziekenfondsen willen beschikken over alle diagnostische gegevens. Met andere woorden het ziekenfonds is de baas. Het zijn dus de ziekenfondsen die het vuur aan de lont gestoken hebben. De ziekenfondsen hebben als verzekeraar maar ook als aandeelhouder en bestuurder van de ziekenhuizen gedurende decennia Volksgezondheid én de artsen in hun eigen voordeel gemanipuleerd en gebruikt. Telkens er aan de alarmbel getrokken werd hebben ze gedaan of ze niets hoorden. Marc Justaert, die altijd op de eerste rij zat, had de gewoonte nadat hij gesproken had om zich om te draaien om te zien of de andere leden van de fanfare hem volgden. Hij dirigeerde, de anderen moesten in de maat spelen. Jean Hermesse schreef de partituur. Ze ligt nu op tafel. Een nieuw ritme, een oude melodie naar een Engelse wijs 1948 van Aneurin Bevan. Maggie De Block weet wat ze moet doen.

(*) Aramees; vrij vertaald: geteld, geteld, gewogen en gebroken.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

11:45 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

16 november 2011

De andere schoen

The shoe is now on the other foot, zeggen de Engelsen, maar dat geeft je nog niet het recht als een egopatser door het leven te gaan. Ik las dus nog even een niet gepubliceerde lezersbrief van dokter Marc Moens aan De Standaard naar aanleiding van het feit dat de ziekenfondsen op initiatief van hun grootste lid, de patiëntenbewegingen drooglegden. Wat toevallig ook het onderwerp van het congres was: patiënten inspraak dus en niet drooglegging. “De patiëntenorganisaties worden door de ziekenfondsen als gevaarlijke concurrenten beschouwd  en daarom verdacht gemaakt met het verwijt dat ze zich teveel door de farmaceutische industrie zouden laten beïnvloeden. Het is onbegrijpelijk dat patiëntenorganisaties, die hun degelijkheid al jarenlang bewijzen plots van elke overheidssteun worden uitgesloten. Wij zijn overtuigd dat hun inbreng in de mantelzorg essentieel is,” schreef Moens op 28 augustus aan De Standaard, die zijn brief in de ongewenste mailbox stootte. Moens wijst er Prof. em. Yvo Nuyens en de lezers van De Standaard op het feit dat de artsensyndicaten bijna een halve eeuw zonder enige overheidssteun hebben gewerkt. “Vanaf 2006 krijgen zij samen (te verdelen volgens het resultaat van de vierjaarlijkse artsenverkiezingen)  1 miljoen euro die moet worden aangewend voor de financiële ondersteuning voor de vele activiteiten waaraan ze in het systeem van Ziekte- en Invaliditeitsverzekering meewerken. Sinds 2008 wordt dat bedrag geïndexeerd. De mutualiteiten daarentegen krijgen sinds altijd sommen voor hun medewerking aan het systeem die ruim 1000 maal hoger zijn, in 2010 een bedrag van 1.012 miljoen euro.” Ik wist gelijk hoe ik aan mijn referaat over de Belgische situatie moest  beginnen.

En, by the way, zoals de Engelsen zeggen, hebt u ook zo’n lezersbrieven die geweigerd worden dan vindt u hier een luisterend en publicerend oor.

Marc van Impe

19:52 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)