06 augustus 2017

‘Ziekenhuizen hebben belang bij zo veel mogelijk zieke mensen'


‘We kunnen écht niet verder zo. De manier waarop onze ziekenhuizen werken, is financieel onhoudbaar.’ Marc Noppen, de topman van het UZ Brussel, trok dit weekend in De Tijd aan de alarmbel. ‘Van ziekenhuizen wordt verwacht dat ze zo veel mogelijk zieke mensen zo goed mogelijk behandelen. Op zich is dat een nobel doel, maar het werkt niet. Het betekent ook dat alle honderd ziekenhuizen in ons land er alle belang bij hebben dat er zo veel mogelijk zieke mensen zijn.’


De uitspraak van de gedelegeerd bestuurder van het UZ Brussel zal in de sector niet overal op applaus worden onthaald. Noppen neemt in De Tijd geen blad voor de mond en schuwt harde uitspraken niet: ‘Het zou al veel helpen mocht eindelijk eens een visie worden ontwikkeld over hoe onze zorg er over vijftig jaar zou moeten uitzien. Nederland, Duitsland en de Scandinavische landen zijn daarmee bezig en dat is nodig, want het huidige model is financieel onhoudbaar. In ons land reikt de horizon evenwel niet verder dan de volgende verkiezingen, met alle gevolgen van dien.'


Noppen wil dat ziekenhuizen meer voor de geleverde kwaliteit worden vergoed en niet langer vooral voor een prestatie. Het zal er volgens hem toe leiden dat het aantal ziekenhuisbedden kan worden verminderd.


Daarmee zit hij op dezelfde lijn als CM-voorzitter Luc van Gorp die zei dat een op de vier ziekenhuizen zonder problemen dicht kan en het KCE, dat onlangs berekende dat het met 7.000 ziekenhuisbedden minder kan.


‘Ik weet dat het in de ziekenhuiswereld als vloeken in de kerk is, maar we moeten echt die richting uitgaan.' Hij bevestigt de stelling die we al eerder op MediQuality verkondigd hebben: ‘De focus ligt op sick care en niet op health care. We proberen te herstellen wat kapot is en we worden daar steeds beter in. Het wordt evenwel steeds duurder om almaar kleinere gezondheidswinsten te boeken. Mensen sterven veelal niet meer onmiddellijk door kanker of hartinfarcten, maar ze blijven leven met zo'n chronische en dus dure ziekte. Om hen in leven te houden zijn evenwel vaker geïndividualiseerde en dus peperdure behandelingen nodig.


Door de vergrijzing, waardoor er meer ouderen en dus meer zieken zijn, zullen we nog frequenter zulke behandelingen moeten uitvoeren. Nu al gaat 80 procent van de uitgaven in de gezondheidszorg naar 20 procent van de bevolking. 50 procent gaat zelfs naar slechts 5 procent van de bevolking. Zo kan het echt niet verder. We kunnen beter mensen redden door ziektes te voorspellen en te voorkomen in plaats van ze te genezen. Pas dan spreken we over health care, waarbij we proberen te voorkomen dat mensen ziek worden, zodat we de kosten kunnen drukken. In Nederland, Duitsland en enkele andere landen denken beleidsmakers daarover na. Ze zoeken uit hoe ze in tien jaar tijd 500 ziekenhuisbedden kunnen schrappen in een bepaalde regio.'


‘Nederland heeft op een bepaald moment zelfs beslist het aantal ziekenhuizen op termijn te halveren. Dat is niet onlogisch. Een gemiddelde nacht in mijn ziekenhuis kost 600 euro. Daarvoor kan je een suite nemen in het betere Brusselse hotel. Elke nacht die we kunnen vermijden, is winst voor de gemeenschap. Dan moeten er natuurlijk wel alternatieven voorhanden zijn, zoals zorghotels waar de kostprijs beperkt blijft tot 100 euro per nacht.'


Noppen verwijt de ziekenhuizen vast te houden aan hun bedden ‘omdat die geld opleveren. Volume draaien - en dus meer mensen behandelen - is financieel interessant. Dat heeft voordelen, want het maakt onze gezondheidszorg heel toegankelijk. Maar er zijn nog meer nadelen. Veel te kort door de bocht gesteld worden ziekenhuizen zelfs beloond als ze slechte kwaliteit afleveren. Dan moeten mensen vaker terugkomen, waardoor het ziekenhuis nog eens langs de kassa passeert. In denk niet dat het beleid dat als doelstelling heeft.' Noppen maakt dan ook komaf met de mythe dat ons land de best mogelijke gezondheidszorg biedt.


Wie een snelle service wil, moet in België zijn. Maar voor een betere service kan je beter in Nederland terecht. Noppen: ‘De Nederlanders komen naar hier voor de snelle service. Als een Nederlander een nieuwe heup wil, kan hij hier dezelfde avond nog terecht in eender welk ziekenhuis en kan hij de week nadien onder het mes. In Nederland komt de patiënt op een wachtlijst te staan, maar kan na zijn operatie al na een dag naar huis in plaats van na een week bij ons. Het aantal complicaties ligt er de helft lager, net zoals het aantal vervangingen binnen tien jaar. En ze doen dat tegen de helft van de prijs. We moeten evolueren naar een systeem waarbij een ziekenhuis meer beloond wordt als het kwaliteit aflevert. ‘


Noppen is opgetogen over het ziekenhuisplan van minister De Block: ‘ Maggie wil ziekenhuizen laten samenwerken in netwerken en ze heeft daarvoor een pico bello plan afgeleverd. In plaats van 100 ziekenhuizen willen we evolueren naar 25 ziekenhuisnetwerken. Patiënten zullen daardoor niet altijd meer in hun ziekenhuis terechtkunnen voor een ingewikkelde ingreep en ze zullen iets verder moeten rijden. Maar ze krijgen wel betere zorg.' Maar hij waarschuwt voor tegenwerking, vooral in het zuiden van het land.


‘De minister heeft een heel goede eerste stap gezet, maar haar hervorming dreigt op de grenzen van de Belgische besluitvorming te botsen. In het zuiden van het land houden ze er een andere visie op na, waardoor het moeilijk is de netwerken van de grond te krijgen.'


Maar er zijn nog hindernissen. ‘Er moeten financiële afspraken worden gemaakt. Als een ziekenhuis inzicht krijgt in de financiën van een ander, kan het goed zijn dat de zin om samen te werken drastisch afneemt Hoe ga je ziekenhuizen vergoeden voor de gemiste inkomsten als ze hun spoed sluiten? Maggie De Block zou daarvoor een oplossing moeten uitwerken, maar door de verdeeldheid tussen de deelstaten komt die er maar niet. De ziekenhuizen gaan dan maar zelf wat bricoleren. Op zich is dat niet slecht, maar we verliezen hierdoor alweer tijd.


Probeer in ons land maar eens tot één visie te komen met één federale overheid en drie deelstaten. Dat is vrijwel onmogelijk. Omdat dat niet lukt, handelen de politici au fur et à mesure. Ik hoop dat de politiek op termijn een oplossing vindt, maar ik vrees dat het heel moeilijk wordt.'


Noppen: ‘Het almaar verder schotten opbouwen in de gezondheidszorg, zoals we dat de voorbije decennia hebben gedaan, is inderdaad niet de oplossing. Alle andere landen gaan net voor meer integratie. De thuiszorg, de eerste lijn zoals huisdokters en de rust- en ziekenhuizen slaan er de handen in elkaar. Het zou me verbazen dat wij, die altijd voor een verdere opsplitsing zijn gegaan, het als enigen bij het rechte eind hebben. Het gaat ook in tegen de medische logica. Het opsplitsen van bevoegdheden gaat volledig in tegen die filosofie van samenwerking en is echt niet de weg die we moeten uitgaan.'

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

21:28 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

19 mei 2017

Wallonië dreigt netwerking ziekenhuiswereld te missen


De krant De Tijd geeft vandaag inzage in de wijze waarop minister Maggie De Block de ziekenhuizen wil laten samenwerken. Gisteren legde de minister haar federale coalitiepartners een hervormingsnota voor met haar analyse en conclusie.


De hervorming komt er op een zachte manier want De Block geeft de ziekenhuizen veel vrijheid. De Vlaamse ziekenhuizen reageren positief en hebben 13 netwerken in de stijgers staan. De Waalse ziekenhuizen daarentegen dreigen de kans te missen. Dat kan betekenen dat de minister de netwerken daar op het kabinet laat uittekenen en vervolgens oplegt. Door de vijandschap tussen de openbare ziekenhuizen die vooral door de PS worden bestuurd en de privé instellingen is daar nog niet duidelijk wie met wie in zee gaat. Voor de PS betekent dit ook een manier om oppositie te voeren tegen de federale regering.


Het verschil in aanpak en dynamiek tussen de twee regio's maakt nog maar eens duidelijk hoe diep de kloof in de gezondheidswereld wel is. In Vlaanderen hebben de algemene ziekenhuizen en de universitaire instellingen de boodschap begrepen. Bijna alle Vlaamse ziekenhuizen weten met wie ze in zee gaan. Enkel de ziekenhuizen van Oudenaarde, Ronse en Zottegem en de instellingen in Halle-Vilvoorde zijn er nog niet uit met wie ze gaan samenwerken.

Alleen samenwerken kan de financieel zieke ziekenhuizen redden. Daarmee komt een einde aan een kwart eeuw van opbod en concurrentiestrijd. De ziekenhuisdirecties gunden elkaar het licht in de ogen niet. Elk ziekenhuis moest de nieuwste en dus ook duurste apparatuur hebben en de daarbij horende duurst betaalde specialisten. Want alleen op die manier zouden ze de meeste patiënten halen. Dat leidde in het verleden tot draconische overheidsmaatregelen om die wildgroei tegen te gaan. Niet alleen ging daardoor veel geld verloren, maar kwam ook de kwaliteit van de zorg in het gedrang want veel specialisten deden onvoldoende ervaring op om ingewikkelde ingrepen goed uit te voeren. Zo bleek uit onderzoek van het KCE dat de sterftekans bij een behandeling tegen longkanker is dubbel zo groot in een ziekenhuis dat weinig ervaring heeft. En omdat drie op de tien ziekenhuizen met verlies draait was het gevaar reëel dat de directies gingen beknibbelen op het personeel waardoor de kwaliteit van de zorg nog meer in het gedrang komt. De ziekenhuissector zit in een negatieve spiraal.


De oplossing van De Block bestaat erin ziekenhuizen te laten samenwerken in regionale netwerken. Voor basiszorg kan de patiënt overal terecht. Voor risicovolle ingrepen, zoals een bevalling, wordt de patiënt doorverwezen naar één specifiek ziekenhuis in dezelfde regio. Voor zeer complexe zorg, zoals ingewikkelde hartoperaties, moet hij naar een referentieziekenhuis. Dat betekent dus ook dat sommige ziekenhuizen bepaalde ingrepen niet meer mogen uitvoeren. De financiering van die geschrapte afdelingen wordt binnen de drie jaar stilgelegd.


De Block wil geen schoonmoeder spelen, zegt ze: de ziekenhuizen moeten zelf een soort koepelorganisatie in het leven roepen, maar kunnen zelf bepalen hoeveel macht ze daaraan geven. 'Elk ziekenhuis behoudt zijn identiteit en beleid, ook in ethisch gevoelige materies.' De ziekenhuizen mogen ook zelf bepalen hoe de geldstromen binnen hun netwerk lopen. Voor dure apparatuur, zoals scanners, zal het geld naar het netwerk vloeien. Voor eenvoudige ingrepen gaat het naar het ziekenhuis dat de ingreep uitvoert. Het geld dat door de sluiting van een afdeling wordt bespaard kan wel worden herverdeeld, blijkt uit de nota. Hoe, dat moeten de ziekenhuizen in het netwerk zelf uitmaken.


De federale regering moet de nota nu goedkeuren, waarop de nieuwe regels in dit najaar nog van kracht kunnen worden.


'We kunnen evenwel niet blijven wachten. We kunnen enkel de kwaliteit van onze zorg behouden als we ingrijpen', stelt De Block in De Tijd. 'Het klopt dat mensen voor sommige ingrepen soms wat verder moeten rijden, maar ze zullen beter worden geholpen. De patiënt zal er beter van worden, en dat is het enige wat telt.' 'De nota biedt een antwoord op heel wat vragen waar wij al maanden mee zitten', zegt Peter Degadt van de Vlaamse ziekenhuiskoepel Zorgnet-Icuro. 'Het goede is dat ziekenhuizen heel wat speelruimte krijgen. Ze zullen hun verantwoordelijkheid ook opnemen.' In Wallonië houdt men het been stijf. De liberale minister houdt echter een stok achter de deur. ‘Als er netwerken worden gevormd die geen steek houden of als een ziekenhuis uit de boot dreigt te vallen, grijpen we in.' Wordt ongetwijfeld vervolgd.


Marc van Impe

https://images.tijd.be/view?iid=ipaper:106169805&cont...

 


Bron: MediQuality

08:02 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

26 juli 2016

Topchirurg beledigt minister De Block

“Ons slechte imago is ons grootste probleem,” zegt borstchirurg Philip Blondeel in een interview in De Tijd van het voorbije weekend. En hij doet er gelijk alles aan om dat negatieve imago nog te versterken, als op de vraag hoe belangrijk fysieke schoonheid is in onze maatschappij, zich de volgende dialoog ontspint.

Blondeel: 'Je kan dat moeilijk onderschatten. Voldoende studies hebben al uitgewezen dat er goed uitzien je kansen verhoogt bij sollicitatiegesprekken of promoties. Maar het gaat niet alleen om schoonheid of wat wij als schoonheid beschouwen. Mensen onderschatten enorm de risico's van overgewicht en obesitas. En het spijt me zeer, maar een obese minister van Volksgezondheid is geen goed voorbeeld.'

Moeten ministers slank zijn?

Blondeel: 'Nee, maar ik denk dat een minister van Volksgezondheid geloofwaardiger overkomt als die niet obees is. Stel dat ik als chirurg zou zeggen, met een sigaret in de hand: 'Meneer, u moet stoppen met roken.' Dat gaat toch niet?'

Heeft Maggie De Block niet een zekere geloofwaardigheid bij de bevolking vanwege haar authenticiteit?

Blondeel: 'Laten we duidelijk zijn: ze is uiteraard meer dan haar lichaam. Ze is intelligent en doet haar werk erg goed. Ik heb daar veel respect voor. Maar persoonlijk zou ik toch meer inspanningen doen om te vermageren. Obesitas is een gigantisch probleem. Het is echt een zeer complexe aandoening, waardoor je allerlei ziektes opdoet. Borstkanker is multifactorieel, maar obesitas is een van de zeer weinige factoren waarvan bewezen is dat ze het risico op borstkanker sterk verhogen. Obesitas verhoogt ook je kans op diabetes en op hart-, vaat- en gewrichtsaandoeningen.'

In medische kringen wordt er wel eens lacherig gedaan over chirurgen en hun gebrek aan empathie en psychologisch inzicht. Dokter Blondeel heeft dat cliché helaas nog maar eens bevestigd. Zonder enige kennis van zaken spreekt hij zich in en interview in een kwaliteitskrant uit over het uiterlijk van een publiek figuur en knoopt daar een aantal conclusies aan vast die kant nog wal raken. Kent dokter Blondeel het medisch dossier van minister Maggie De Block? Dan overtreedt hij hier de wet op de privacy want op geen enkele manier mag hij hierover in de media gewag maken. Of hij kent het dossier niet en dan kletst hij zomaar wat uit zijn nek. Het geeft geen pas om commentaar te geven op iemands uiterlijk, laat staan om daar nog een aantal medische conclusies aan vast te knopen. Je kan net zo goed de vraag stellen hoe volwassen iemand is die met een drie-dagenbaardje door het leven gaat. Beide bedenkingen zijn zinloos. Wat echter het meest verontrustend is, is dat dokter Blondeel blijkbaar niet op de hoogte is van de laatste stand van zaken inzake de kennis van obesitas. Indien hij dat wel was zou hij zich voorzichtiger, wetenschappelijker opgesteld hebben.Nu lijkt het wel of zijn kennis van het menselijk lichaam niet dieper gaat dan de huid waarin hij zo graag mag snijden. Dat een journalist idiote vragen over schoonheid stelt, tot daar aan toe. Maar dat een arts, een hoogleraar dan nog wel, daarop een ronduit idioot antwoord geeft, vind ik niet gepermitteerd. Blondeel is dus niet beter dan de zovele artsen die geen begrip hebben voor patiënten die lijden aan vermoeidheid, depressie, chronische pijn of obesitas. Iemand die aan obesitas lijdt vergelijken met een nicotineverslaafde is bovendien echt beneden alle peil. Phillip Blondeel (53) is nochtans niet de minste. Hij is gespecialiseerd in de reconstructie van borsten met lichaamseigen weefsel , hij is hoogleraar, en vicevoorzitter van de afdeling plastische en reconstructieve heelkunde aan het UZ Gent. Daarnaast werkt hij als plastisch chirurg in Laclinic in Montreux. In 2011 voerde zijn team de eerste gezichtstransplantatie uit in ons land.

Blondeel kijkt vol onbegrip naar de politiek, zegt hij . "Ik ben een clinicus. Eerlijkheid, bezorgdheid en betrokkenheid zijn belangrijk in mijn vak. Bij politici zie ik soms het tegenovergestelde: het gaat meer over wat ze voor zichzelf doen dan voor een ander… Dat constante laveren van politici maakt me nerveus. Ik zou nooit in zo'n milieu kunnen functioneren, daarvoor ben ik te recht voor de raap." Maar gevraagd naar de grootte van zijn ego zegt hij ook van zichzelf: "Ik heb absoluut geen lage eigendunk." Quod erat demonstrandum.

Marc van Impe

Bronnen: Interview in de "De Tijd" en MediQuality

 

 

15:53 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)