18 augustus 2016

Cognitieve gedragstherapie afgevoerd voor ME/CVS

Slecht nieuws voor de voorstanders van cognitieve gedragstherapie. Om te beginnen worden de Londense Queen Mary University of London (QMUL) en King's College (KCL) door een Britse rechtbank verplicht de dataset van een fel omstreden medisch onderzoeksrapport, het zogenaamde PACE-report, vrij te geven. En als klap op de vuurpijl heeft de Amerikaanse toezichthouder op therapeutisch beleid Agency for Healthcare Research and Quality (AHRQ) cognitieve gedragstherapie en graded excercise afgewaardeerd als behandeling voor ME/CVS patiënten.

Het Britse PACE-onderzoek was een met publieke middelen gefinancierde Britse studie van vijf miljoen pond waarvan de auteurs claimden dat het aantoonde dat graded excercise (GET) en cognitieve gedragstherapie (CBT) een gunstige uitwerking hadden op patiënten met ME/CVS. De uitkomst van het onderzoek werd omwillle van de gevolgde methodologie en de manipulatie van data van meet af aan achtervolgd door controverse en de auteurs ervan hebben herhaaldelijk geweigerd onbewerkte data van de studie te verstrekken die een onafhankelijk onderzoek naar de bevindingen ervan mogelijk zouden maken. Het rapport werd gepubliceerd in The Lancet, Psychological Medicine, en Lancet Psychiatry.

James C. Coyne, professor gezondheidspsychologie aan het UMC Groningen en adviseur voor publiek gefinancierde onderzoeksprogramma's bij de Europese Commissie, verzocht in december vorig jaar al in het tijdschrift PLoS ONE om de voor de PACE-studie gebruikte dataset beschikbaar te maken. Maar QMUL en King's College wezen zijn verzoek af als ‘ergerlijk'. De universiteiten pleitten dat de onderzoekers zich geïntimideerd voelden en dat "zij zich terecht zorgen maakten dat ze zouden worden blootgesteld aan openbare kritiek en reputatieschade." Professor Ross Anderson, QMUL's woordvoerder, zei dat "jongelui, borderline sociopaten en psychopaten" een gevaar betekenden voor de wetenschappers en de patiënten die aan het onderzoek hadden deelgenomen. De rechtbank veegde al die argumenten van tafel. QMUL gaf meer dan £200.000 uit en ging in beroep, maar verloor dus.

Het werd een strijd van David tegen Goliath waarbij honderden wetenschappers, wetenschapsjournalisten en artsen betrokken werden. http://www.virology.ws/2016/02/10/open-letter-lancet-again/ .

Ook voor The Lancet die stug volhield betekent deze veroordeling een ernstige blaam. Eerder al had de British Medical Journal zijn kar gekeerd en geschreven dat cognitieve gedragstherapie nog niet de goede aanpak zou wezen. Trevor Butterworth, the Director of Sense About Science USA, zei in een reactie: "De PACE trial is een breuklijn tussen de geneeskunde zoals we ze toepasten: geheimzinnig, als het ware in clubverband; en de manier waarop we geneeskunde moeten doen: transparant, waarbij we onze kennis delen."

Dit betekent nu ook dat het UK's National Institute for Healthcare and Clinical Excellence (NICE) zijn guidelines voor de behandeling van ME/CVS moet herzien.

De tweede tegenslag voor voorstanders van CBT en GET is dat de Amerikaanse Agency for Healthcare Research and Quality (AHRQ) http://www.ahrq.gov/ een addendum komt te publiceren bij zijn 2014 ME/CFS Evidence Review. Dit Addendum downgrade de conclusies betreffende de effectiviteit van cognitieve gedragstherapie (CBT) en graded exercise therapy (GET) en komt tot de conclusie dat daaartoe geen deugdelijk bewijs geleverd wordt. http://occupyme.net/2016/08/16/ahrq-evidence-review-chang...

Ook het Riziv refereert naar de PACE-studie om zijn zorgtraject voor ME/CVS patiënten te onderbouwen. Het door Volksgezondheid gefinancierde proefproject dat loopt in de UGent onder leiding van professor Dirk Vogelaers en huisarts Stefan Heytens uit Sint-Amandsberg, is volledig op PACE gebaseerd, ook al had eerder onderzoek van het KCE en van het Riziv zelf uitgewezen dat cognitieve gedragstherapie en graded excercise nauwelijks resultaat opleveren.

"Het Riziv zal ook een nieuwe evaluatie doen en deze nieuwe studies mee nemen," zegt minister Maggie De Block.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

 

16:37 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (2)

04 februari 2016

Dreigt een fraudeonderzoek voor King's College Londen ?

28.01.16 - Londen


De Londense universiteit King's College heeft nog tot morgen de tijd om de dataset van een fel omstreden medisch onderzoeksrapport, het zogenaamde PACE-report, vrij te geven. Doet ze dat niet dan is de reputatieschade enorm. En dreigt een fraudeonderzoek opgestart te worden.

Het Britse PACE-onderzoek was een met publieke middelen gefinancierde Britse studie van vijf miljoen pond waarvan de auteurs claimden dat het aantoonde dat graded excercise en cognitieve gedragstherapie een gunstige uitwerking hadden op patiënten met ME/CVS. Het is van meet af aan achtervolgd door controverse en de auteurs ervan hebben herhaaldelijk geweigerd onbewerkte data van de studie te verstrekken die een onafhankelijk onderzoek naar de bevindingen ervan mogelijk zouden maken. Het rapport werd gepubliceerd in The Lancet, Psychological Medicine, en Lancet Psychiatry.

James C. Coyne, professor gezondheidspsychologie aan het UMC Groningen en adviseur voor publiek gefinancierde onderzoeksprogramma's bij de Europese Commissie, verzocht in het tijdschrift PLoS ONE om de voor de PACE-studie gebruikte dataset beschikbaar te maken (https://jcoynester.wordpress.com/2015/12/04/update-on-my-... ). Zijn verzoek werd echter afgewezen als ‘ergerlijk'. Namens de PACE-auteurs schreef het King's College London (KCL) dat het van oordeel is dat er ‘een gebrek aan waarde of serieuze bedoeling ten grondslag ligt aan zijn verzoek','dat zijn motief oneigenlijk was' en een ‘twistziek' doel betrof. Het KCL schreef ook dat ‘door het verzoek het personeel zich geïntimideerd voelt en lijdt en het nog meer leed kan veroorzaken', en dat een ‘actieve campagne om het project in diskrediet te brengen de onderzoekers van de universiteit ellende heeft bezorgd, en zij zich terecht zorgen maken dat ze zullen worden blootgesteld aan openbare kritiek en reputatieschade.'

Professor Coyne deed het verzoek op 13 november 2015, daarbij verwijzend naar het beleid van PLoS ONE om gegevens te delen, iets waar alle auteurs bij het indienen van papers voor het tijdschrift mee instemmen. Het KCL reageerde in plaats daarvan met zijn verzoek te rangschikken onder de FOI (freedom of information)-wet en beloofde binnen twintig dagen te reageren. De afwijzing werd in de avond van de twintigste werkdag na zijn verzoek verstuurd. Dat besluit viel ondanks de eerdere publicatie van een brief van professor Coyne aan PLoS One. Hij schreef daarin dat als de auteurs van de PACE-(vervolg)studie hem de data zouden weigeren te verstrekken, ze ‘de door PLoS in het eigen beleid op zich genomen verplichting op de proef zouden stellen en de wetenschappelijke wereld daarbij toeschouwer is. Dat in het geval dat ik hun data niet krijg, ik geloof dat er passende sancties voorhanden moeten zijn en direct toegepast moeten worden'.

De reactie van de academische wereld kwam vliegensvlug, was afkeurend en groeit nog steeds. Prominente bloggers zoals Retraction Watch schreven: ‘KCL wil James Coyne de data van een studie over ME/cvs niet vrijgeven. Kijk eens of de absurde redenen daarvoor je bloed net zo doen koken als het onze'. Academici die onbekend lijken te zijn met de PACE-controverse maar wel belangstellen in wetenschappelijke normen maken gebruik van twitter om hun afkeuring voor het optreden van het KCL uit te drukken. De vooraanstaande onderzoekspsycholoog Brian Nosek van de universiteit van Virginia, uitvoerend directeur van het Center for Open Science, twitterde:

‘De weigering van KCL om gegevens en grondgedachtes te delen, zijn in tegenspraak met de wetenschap'. David Tuller van de  University of California, Berkeley, is professor wetenschapsjournalistiek en stelde opnieuw de vraag om de dataset vrij te geven opnieuw op 4 januari. Kings College kreeg veertien dagen de tijd om zich te bedenken. Morgen vervalt dat respijt. Maar de professoren Peter White, Trudie Chalder en Michael Sharpe, die het PACE-onderzoek leidden, blijven elke medewerking weigeren.  In juni vorig jaar bleek nochtans uit een rapport van de National Institutes of Health dat de Oxford Criteria waarop de studie gebaseerd is niet deugen en zelfs schadelijk zijn voor de patiënten. Op 27 oktober 2015 had de Britse overheid via de Information Commissioner's Office (ICO) de Queen Mary University of London, die meewerkte aan de PACE-trial, bevolen de dataset openbaar te maken. De universiteit ging in beroep omdat de kosten hoger zouden uitkomen dan 450£.

Op de site van PLoS ONE schrijft professor Coyne: "Patiënten leggen in klinische onderzoeken hun gezondheid niet in de weegschaal om de auteurs van een studie de uitkomsten verkeerd te laten duiden en onafhankelijke researchers te beletten ze nader onder de loep te nemen".

Ook het Riziv refereert naar de PACE-studie om zijn zorgtraject voor ME/CVS patiënten te onderbouwen. Het door Volksgezodnheid gefinancierde proefproject dat loopt in de UGent onder leiding van professor Dirk Vogelaers en huisarts Stefan Heytens uit Sint-Amansberg, is volledig op PACE gebaseerd.

De brief van Kings College leest u hier: https://dl.dropboxusercontent.com/u/23608059/PACE%20F325-...

De open brief van professor David Tuller staat hier:

http://www.virology.ws/2016/01/04/trial-by-error-continue...


Marc van Impe

Bron: MediQuality

18:50 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)