26 september 2016

Harvard pleegde fraude in opdracht van suikerindustrie

Dacht u dat vet de hoofdschuldige is voor vaat-en hartziekten, vergeet dan maar wat u geleerd hebt. En wuif die argumenten van uw dieetdeskundige maar weg. U bent bedrogen.

Want uit documenten van Harvard, de University of Illinois en andere universiteiten die ontdekt werden door Cristin E. Kearns, een postdoctoraal student aan de University of California, San Francisco, en die gepubliceerd recent gepubliceerd werden in de JAMA Internal Medicine blijkt dat de suikerindustrie in de loop van de jaren zestig wetenschappers van Harvard University cash betaald heeft voor rapporten waaruit moest afgeleid worden dat er geen link bestaat tussen suikerconsumptie en hartziekten en die verzadigde vetzuren de schuld gaven voor wat toen een epidemie van hart- en vaatziekten werd.

De affaire werd in 1964 opgestart door John Hickson, een topman van de suikerindustrie, die kennis had gekregen van een onderzoek van Ancel Keys, een prominente fysioloog van Minnesota die stelde dat vetten en cholesterol de belangrijkste oorzaak voor hartziekten waren. Hickson engageerde de Harvard wetenschappers en controleerde elke paper die ze wilden publiceren. Harvard's Dr. Hegsted schreef letterlijk: "We are well aware of your particular interest and will cover this as well as we can."

Uit de geheim gehouden documenten blijkt dat de consument en de wetenschap gedurende meer dan vijf decennia om de tuin werden geleid in verband met de rol van voeding bij hart-en vaatziekten, Volgens professor Stanton Glantz van de U.C.S.F. werden de hedendaagse voedingsaanbevelingen grotendeels gevormd door de suikerindustrie. Uit de documenten blijkt dat de toenmalige Sugar Research Foundation, vandaag de Sugar Association, in 1967 drie Harvard wetenschappers het equivalent van $50.000 betaalde voor een overzichtsartikel http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/5339699 waarin op zijn zachtst zeer zorgvuldig onderzoek over suiker, vetten en hartziekten gemanipuleerd werden.

De studies verschenen in het prestigieuze New England Journal of Medicine, en minimaliseerden de link tussen suiker en hart- en vaatziekten en overdreven de rol van verzadigde vetzuren. Hoewel van bij publicatie contestatie ontstond slaagde een bedrijf als Coca-Cola er in om gedurende meer dan 50 jaar de waarheid naar haar hand te zetten. Vorig jaar reeds schreef de The New York Times dat Coca-Cola miljoenen dollars geïnvesteerd had in research die het verband tussen gesuikerde dranken en obesitas moest weerleggen. En recent nog, in juni, onthulde The Associated Press dat snoepfabrikanten studies sponsorden waaruit moest blijken dat snoepende kinderen minder wogen dan kinderen die fruit en groentensnacks gebruikten.

De Harvard wetenschappers worden met naam en toenaam genoemd, zoals dr. D. Mark Hegsted, die hoofd werd van het voedingsdepartement van het United States Department of Agriculture, en die in 1977 de auteur was van de basisguidelines voor een gezond dieet die ook door het Belgisch ministerie gevolgd werden en waarop de voedingsgpiramide gebaseerd is. Een andere was Dr. Fredrick J. Stare, voorzitter van het Harvard Nutrition Department.

Continue reading the main story

In een antwoord aan de JAMA zegt de Sugar Association dat ze in 1967 geen enkele wet heeft overtreden en dat medische vakbladen niet verplicht waren om sponsors te vermelden. The New England Journal of Medicine doet dit overigens pas sinds 1984. Maar "grotere transparantie zou wenselijk geweest zijn" Aldus een cynisch commentaar van The Sugar Association. "Suiker is overigens niet de enige schuldige wat betreft hart- en vaatziekten."

Maar Dr. Glantz hamert erop dat miljoenen Amerikanen en wereldwijd miljarden mensen een total fout voedingsadvies volgden, sterker nog, dat ze geculpabiliseerd werden en soms gesanctioneerd. Zo werden patiënten door hun ziekteverzekering in de kou gezet omdat ze " te vet aten". De American Heart Association en de World Health Organization moeten nu hun standpunt herzien en hebben daar moeite mee. Volgens Marion Nestle, professor aan de New York University, in een editoriaal bij het artikel in de Jama maak je zelden zo'n gigantisch bedrog mee. Dr. Walter Willett, voorzitter van de Harvard T. H. Chan School of Public Health, erkent de academische conflict-of-interest en zegt dat de regels aan zijn universiteit sinds eind van de Jaren zestig drastisch veranderd zijn. Volgens hem bewijst dit voorval dat research beter gefinancierd kan worden door de overheid dan door de industrie.

Deze publiceerde de FDA de criteria waaraan nieuw onderzoek moet voldoen. http://www.nejm.org/doi/pdf/10.1056/NEJMsr1611785

Marc van Impe

Bron: MediQuality

 

08:41 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

14 februari 2016

Met zestien moet je kunnen roken

Met haar oneliner dat als je op zestien oud genoeg bent voor seks, je ook oud genoeg bent om sigaretten te kopen, heeft minister Maggie De Block heel wat kwaad bloed gezet bij de politiek correct denkende kerkgangers. Ik denk dat de minister gelijk heeft. Wie van bil kan gaan, zal daarna al snel een sigaretje smoren. Zo gaat in de film, dus dat aap je na.

Je prefrontale cortex is nu eenmaal nog niet voldoende ontwikkeld, dus ga je voor instant gratification en leg je vaak extreem dom gedrag aan de dag. Tot u spreekt een ervaringsdeskundige, die zelf op zijn veertiende in de toiletten van de Koninklijke Academie van Schone Kunsten, tijdens de pauze van de les tekenen, kennis maakte met het merk Prince de Monaco en leerde inhaleren van een jongen die later priester werd en weer uittrad. Er zijn nog meer dingen die ik op dezelfde locatie van deze voorlijke knaap geleerd heb. Het heeft me menige oorvijg van vaders hand bezorgd. In het college stond op roken de doodstraf. De leraars droegen nog een soutane en rookten zelf als een schoorsteen. Het heeft niet mogen helpen. Ik ging stug door. Tenslotte was ik een puber.

Ik rook ondertussen al lang niet meer. Op mijn zesendertigste gestopt. Na een weekje griep. Van de ene dag op de andere. En dat had niets met gezondheid of financiën te maken. Geen groot inzicht. Alleen maar de vaststelling dat een glas wijn, na een week gedwongen rookonthouding, ineens echt smaakte zoals het hoorde, met alle nuances die zo lyrisch beschreven worden.

Een verbod helpt niet, dat weet elke vader met opvoedkundige ervaring. Verbod maakt dingen aantrekkelijk, creëert een behoefte, een drang om het toch één keer uit te proberen. Ik heb mijn kinderen nooit verboden te roken. Geen van hen is roker geworden. Net zo min als ik hen verbood een pilsje te drinken of de Playboy in te kijken. Ik heb hen wel aan de kop gezeurd met verhalen hoe en waarom ik het toen deed en waarom en hoe ik het nu anders deed. Roken, drinken, vrijen, auto rijden, het zijn rituele passages in het leven van nogal wat een opgroeiende mensen. Het moet niet, maar het moet kunnen.

Daarom heeft Maggie De Block gelijk. Je moet de verkoop aan zestienjarigen niet verbieden. Zij die geloven dat dit de zaligmakende maatregel is zijn hypocriet. Ik ben ervan overtuigd dat ze er dan vanuit gaan dat ze daarmee in alle goed fatsoen hun burgerplicht ingevuld hebben. Veel schijnheiliger kan je niet. Een puber met redelijke argumenten ervan overtuigen dat hij beter anders handelt, is een stuk moeilijker. En je kan het roken op specifieke plaatsen uitstekend verbieden. Achter het stuur, op de fiets, op het plein, in de winkelstraat, op festivals. Dat werkt. Weten we.

Een andere zaak is het toelaten van de e-sigaret. Ik weet niet of de minister het daar bij het rechte eind heeft. Want dit ogenschijnlijk onschuldig genotsmiddel is veel gevaarlijker dan het er uit ziet. Zo blijkt uit een studie van de Centers for Disease Control and Prevention (CDC) dat het aantal oproepen tot het antigifcentrum gerelateerd aan de e-sigaret gestegen zijn van 1 per maand in 2010 tot 215 per maand in 2014.

Dr. Tom Frieden, directeur van de CDC, haalde de rode vlag boven en zei onomwonden dat de vloeibare nicotine gevaarlijk kan zijn.  E-sigaretten bevatten naast nicotine (tot 24-36 mg/ml) heel wat andere gevaarlijke en kankerverwekkende producten zoals formaldehyde en acetaldehyde, en in de rook zitten toxische metalen zoals nikkel en chroom. En dat in veel grotere hoeveelheden dan in gewone sigaretten. De fabrikanten zijn er echter in geslaagd om hun e-sigaret door de FDA te laten erkennen als een therapeutisch middel om van het klassieke roken af te kikken. Precies de argumentatie die hier ook België gebruikt wordt als excuus om dit nieuwe gif vrij te geven.

Ik herinner me de tijd dat artsen in reclame voor Camel, de sigaret aanprezen als goed voor de gezondheid. Het was 1949 toen. Verbaas u op https://www.youtube.com/watch?v=gCMzjJjuxQI.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

08:40 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)