21 juni 2011

Asfaltlessen*

In tijden van crisis floreren de goeroes, wondertherapeuten en heilsgenezers als nooit tevoren. Helderzienden, boodschappers, engelen, witte heksen en ander etherisch afval vervuilen onze televisiezenders met oeverloos  gezwam dat nog hoge kijkcijfers haalt ook. In het gewone dagelijkse leven zouden ze hoogstens een storende functie hebben als mijn zingende melkboer die voor dag en dauw eieren op de drempel voor de deur legt, om vervolgens even aan te bellen. Nu drijven ze me naar mijn werkkamer want mijn geleerde vrouw wil die nonsens niet missen. Ze wil begrijpen wat de mensen drijft, zegt ze. Ik hoop het wel maar geloof het niet. Maar ik heb me er al lang bij neergelegd.

Er is echter slechter weer op komst. Na de paarden-, honden-, kippen- en kattenfluisteraar voert VTM nu een babyfluisteraar op. De man goochelt met verdrongen trauma’s, vorige levenservaringen, en ander te induceren onheil. Is je baby bang van water? Dan is hij in een vorig leven verdronken of toch bijna. Lust hij geen witlof? Dan is hij waarschijnlijk ooit peeënsteker geweest. Het ongeluk dat op ons afkomt heet Derek Ogilvie en is Schot van afkomst, telepaat van roeping. Deze onnozelaar pretendeert een opvoedende taak in te vullen.

Wellicht klinkt de laatste paragraaf u bekend in de oren. Ogilvie is niet de enige die van gene naar deze zijde pendelt. Dankzij het non-beleid van onze ontslagnemende excellentie lopen in België nog altijd honderden zelfbenoemde peuten vrij rond die pretenderen dat ze ons zieleheil kunnen bijsturen. Iedereen die zich een bordje aan zijn gevel kan permitteren kan zich therapeut noemen. Het weze zo.

Veel kwalijker is dat nogal wat artsen graag meegaan in dit verhaal. Sterker nog, zij zijn het die dit soort nonsens gaan officialiseren. Dat Freud een fantast en fraudeur was is afdoende bewezen. Dat elke tijd zijn psychologische waan heeft, weten we sinds Lacan en Foudraine. Maar dat in deze tijden van Wikileaks en zoekmachines, mystiek gezwam als meer  aandacht voor jezelf en het “plaats geven” echte geneeskunde en hulp vervangt is godgeklaagd. Een vriend van mij, psychiater van beroep, was een zelfverklaard specialist in het duiden en plaats geven van wat hij life events noemde. Vooral CVS –patiënten kunnen op zijn kritische aandacht rekenen. Hun chronische pijn is immers psychosomatisch en dus ingebeeld. Tot hij deze zomer in een bochtje met iets teveel grind onder invloed van de zwaartekracht onzacht in aanraking kwam met  de geasfalteerde realiteit. Hij brak een en ander. Hij heeft sindsdien chronisch pijn. Waarvoor hij nog geen plaats gevonden heeft. God is soms gruwelijk rechtvaardig en spaart de trotsen niet. Ik heb hem al gesugereerd dokterfluisteraar te worden.

Marc van Impe   

Eerder verschenen als editoriaal op Mediplanet, een vakwebsite voor artsen

16:18 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

03 juni 2011

Het geslacht der engelen

 

Een patiënt is een klant. Een bijzondere klant misschien, maar hij blijft een afnemer van goederen en diensten.  Daarom zou het niet meer dan normaal zijn in een goed werkende markt dat de aanbieders en hulpverleners  hun producten en hun service in overeenstemming zouden brengen met de wensen van die klant. Die klant heeft er alle belang bij om zich te organiseren want pas op die manier kan hij samen met een sterke patiëntenvereniging en met zorgverzekeraars voldoende tegenwicht bieden aan de aanbodmacht. Een beetje parallel met wat Testaankoop doet  voor een sterke consumentenbeweging. Niet  iedereen is er lid van, maar iedere consument profiteert mee.

 

Je zou denken dat in deze eeuw van de communicatie de kracht van de patiëntenvereniging  zou zijn toegenomen, maar het tegendeel is waar. Over het algemeen genomen leiden de patiëntenverenigingen een wat teruggetrokken bestaan. De uitzonderingen zijn organisaties van kankerpatiënten, diabetespatiënten, hartpatiënten en astmapatiënten. Teleurstellend want alleen  een stevige patiëntenvereniging is als enige in staat  om de focus echt bij de patiënt te leggen.

Een reden hiervoor is dat veel patiëntenverenigingen te weinig middelen hebben en dat ze de weinige middelen waarover ze zouden kunnen beschikken zelf naar de verdommenis helpen. Dat maakt de  patiëntenverenigingen kwetsbaar: mogelijk krijgen fabrikanten, farmaceuten en zorgverzekeraars te veel invloed op patiëntenverenigingen in ruil voor financiële gunsten. Een andere reden waarom patiëntenverenigingen het lastig hebben, is dat het moeilijk voor ze is om voldoende kennis binnen te halen om inhoudelijk tegenspel te kunnen bieden. De grote patiëntenverenigingen investeren in wetenschappelijk onderzoek en onderhouden contacten met specialisten, dus daar is voldoende kennis aanwezig. Zij krijgen ook de nodige weerklank in de pers.  De rest verliest zich in gevloek in achterkamertjes. In de ideale situatie zouden patiëntenverenigingen hun stem meer moeten laten horen, bijvoorbeeld in de discussie over dure geneesmiddelen en de wijze waarop de minister zijn beleid voert, in de wijze waarop verzekeringsartsen met hun patiënten omspringen en de arrogantie van het ambtenarenapparaat. De kans dat dat negatieve gevolgen krijgt voor chronisch zieke patiënten is reëel aanwezig.  De zorgverzekeraars, zijnde de ziekenfondsen,  zijn in deze discussie niet de juiste vertegenwoordigers voor chronische patiënten, omdat zij naast de chronisch zieken ook de belangen van de gezonde, niet zieke verzekerden ruimschoots behartigen. De tijd is niet veraf dat ze die twee segmenten tegen elkaar uit gaan spelen. Nu al gaan er stemmen op tegen de gezondheidsconsumptie van de babyboomers –lees: chronische patiënten te weeg-  en het feit dat de jongere generaties daar hard moeten voor werken en  dus bijdragen. Verzekeraars noemen dat dan premiebeheersing. Dat is hun goed recht, maar de vraag is of (chronische) patiënten daar wel bij gebaat zijn. Ik herinner me de argumentatie van Marc Justaert in de Gazet van Antwerpen, naar aanleiding van de zaak Coucke/Uyttersprot  dat beide artsen  “vooral dure medicatie voorschreven, ten koste van al die ‘gewone patiënten’ “.  Justaert weet dat de belangen van een gezonde verzekerde en die van een chronische patiënt niet parallel lopen. De chronisch zieke is gewaarschuwd.

 

Ik vind dat patiëntenverenigingen hun verantwoordelijkheid  moeten oppakken en meer in de bres moeten springen voor de chronisch zieken en niet voor zichzelf. De belangenbehartiging van patiënten kan niet uitsluitend toevertrouwd worden aan zorgverzekeraars. Daarvoor hebben ze toch te veel divergerende belangen. Een sterke rol van de patiëntenvereniging is meer dan ooit gewenst, niet alleen als tegenwicht tegen de zorgaanbieders maar minstens zo zeer als tegenwicht tegen de langzamerhand ongecontroleerde macht van de zorgverzekeraars. Ik pleit daarom hier met nadruk voor een sterkere rol voor patiëntenverenigingen, maar daar moeten ze dan  wel hun meningsverschillen voor opzij zetten. Bij de val Byzantium discussieerden de Grieken aan het hof van de basileus over het geslacht der engelen. Ondertussen kropen de Turken over de stadsmuur.

 

Marc van Impe

 

09:16 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)