17 april 2014

Arbeidsvreugde

 
VILVOORDE 17/04 - Het is Palmzondag en we kijken uit over het marktpleintje met in de verte de Semois die er mager bij ligt. Hier lopen de locals nog met de buxus in de hand naar de kerk. Deftig aangekleed. Nog net niet op hun paasbest, da’s voor volgende zondag. Iedereen is goedgezind.
De baas van het kroegje heeft een nieuwe dienster, een française unilingue in een maatje 34. Er is feestbier van Chimay dat in het Noorden niet te krijgen valt. Er staat een grote schaal frites met pickles. En ze zijn er allemaal, de huisarts, de neuropsy, de chirurg en zelfs de apotheker die met zijn nieuwe derailleur tot hier gesukkeld is. Het is rokjesweer.
Deze middag gaan we hoppescheuten eten, meegebracht uit de Vlaanders, met gepocheerde eitjes en  morieljes. Voor een keer gaat het niet over de politiek maar over de hamvraag van de 21ste eeuw: wat zou je doen als je de Lotto won?  En de achterliggende vraag: zou je ophouden met werken of doe je dat te graag?
Ik heb het daar moeilijk mee. Uiteraard doe ik graag mijn job. Schrijven, filosoferen, praten, het is mijn lang leven. Maar het blijft wel een economische activiteit. Dus moet er voor betaald. Daar is de huisarts het mee eens en hij voegt er aan toe dat als hij goed nadenkt echt te weinig betaald wordt. Routine maakt hem niet gelukkig, hij zou graag intellectueler werk verrichten. Maar dat brengt niet genoeg op. "Ik kan beter zes buikgriepjes doen dan één chronisch pijnpatiënt." De psychiater is het daar weer mee eens. Voor een goede consultatie moet je je tijd nemen, maar de honorering is mager. De chirurg mompelt iets van roeping. Hij staat om zeven uur 's ochtends al aan de snijtafel. Dire Straits op de achtergrond, een god in het groen op Crocks. De apotheker zwijgt en maakt in gedachten zijn inventaris. Hij haat zijn werk, verbergt  dat niet en wil het liefst van al zijn officina van de hand doen en zijn uurrecord per fiets verbeteren.
Vroeger was men een bepaald uren van de dag aan het werk en dat was het dan. Nu zitten we met het idee dat we vooral moeten doen waar we van houden, wat maakt dat we de hele dag bezig zijn. Het werk is onze identiteit geworden, we leven om te werken, niet omgekeerd en dat  is goed fout. Komt daar bij dat de meeste mensen ervan uitgaan dat we onze job zo graag doen, zodat geld er niet meer toe doet. Omdat ik doe waar ik van hou moet ik er niet zoveel voor betaald worden,  is de redenering. Niet alleen bij uitgevers, maar vooral in het lezingencircuit pleegt die gedachte opgang te maken. Sta je een hele avond voor een publiek in een zaaltje aan de andere kant van het land en krijg je na afloop een fles wijn van de Lidl in je handen gedouwd.
"Ik werk om mijn boekhouder, mijn energieleverancier en mijn hypotheek te betalen," zeg ik," de overschot gaat naar de belastingen en de verzekeringen. En met het zakgeld zit ik hier. Maar als ik de Lotto win, zal er niet veel veranderen. Ik zal hier wat vaker zitten en wat meer boeken kopen."
"Dat had je gedacht", zegt de geleerde vrouw. "Het terras moet nog geschuurd en in de olie gezet." Gelukkig is het zondag Pasen, een verplichte feestdag.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

17:40 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)