14 oktober 2016

Het plan reactivering chronische zieken werkt niet, aldus topman VDAB

Het plan om langdurig zieken opnieuw aan het werk te zetten, slaat niet aan zegt Fons Leroy, de gedelegeerd bestuurder van de VDAB. We spreken de topman van het Vlaamse Tewerkstellingsagentschap na de voorstelling van een boek van burn-out specialiste professor Elke Van Hoof. Het idee van minister van Volksgezondheid Maggie De Block is zeker niet slecht, zegt hij, maar de wijze waarop het in de praktijk wordt gebracht deugt niet.

"De artsen van het Riziv die samen met hun collega's van de ziekenfondsen de chronisch zieke patiënt op weg naar re-integratie moeten helpen, gaan veel te formalistisch te werk en hebben absoluut geen zicht op wat de arbeidsmarkt echt wil. Er is werk, maar er is geen werk voor deze mensen binnen het kader van de huidige regelgeving. Chronisch zieke patiënten zet je niet zomaar in op een halftijdse baan of een driekwart job. Daar moet je soepel en voorzichtig mee omspringen. Je moet niet in zwart-wit denken, maar in grijstinten. Sommige mensen kunnen en willen een baan van twee uur per dag, een middag per week misschien. Anderen kunnen meer aan. Je hebt ervaren medewerkers nodig die de kandidaten op al hun valeurs kunnen screenen. Het is dus meer dan een hokje aankruisen op een formulier. Bovendien moet je het verdienmodel aanpassen. Patiënten hun uitkering zomaar afpakken en ze aan het werk dwingen geeft een omgekeerd resultaat."

Wie nu door ziekte niet kan gaan werken, wordt arbeidsongeschikt verklaard en krijgt een uitkering. Dat kost de sociale zekerheid veel geld en de regering wil voor de langdurig zieken de redenering gewoon omdraaien. In plaats van deze mensen 100 procent arbeidsongeschikt te verklaren, wil ze bekijken of ze toch nog iets kunnen betekenen binnen hun bedrijf of werkplek. Vanaf drie maanden ziekte moet er gekeken worden hoe en wat de patiënt terug op de werkvloer kan betekenen. Volgens Leroy kunnen de arbeidsgeneesheer en de arts van het ziekenfonds onmogelijk nagaan in hoeverre mensen wél nog bekwaam zijn bepaalde taken uit te voeren.

"Ik weet uit ervaring dat wie zélf contact neemt met de VDAB en dus gemotiveerd opnieuw wil ingeschakeld worden in het arbeidsproces, viermaal meer kans heeft op succes dan wie met harde hand gedwongen wordt. Het bestaande plan moet dus worden bijgeschaafd."

Leroy sloot in februari 2011 al een overeenkomst met het Riziv waarbij binnen het kader van een proefproject VDAB en RIZIV samen met de ziekenfondsen arbeidsongeschikten ging herscholen. De resultaten van dit actief "terug-naar-het-werk-beleid" waarbij honderd arbeidsongeschikte erkende gerechtigden, zowel werknemers als zelfstandigen, actief begeleid werden, raakten nooit bekend. Het ging toen om vrijwilligers die niet meer hun oorspronkelijke job konden uitoefenen en die opgeleid zouden worden naar een nieuw referentieberoep. Voor de betrokken verzekeringsartsen betekende dit niet minder dan een complete paradigma shift, zei toen professor Peter Donceel van het GRI, die de derde betrokken partij was. Als de cijfers die Leroy nu hanteert kloppen, dan zouden zo'n veertig vrijwilligers terug aan het werk moeten zijn.

Maar een huisarts uit de Brusselse rand die zich toen enthousiast in dit project engageerde, zegt ons nu ronduit teleurgesteld te zijn. Hij relativeert: "Het enige wat we bereikt hebben was frustratie bij de huisartsen, bij de patiënten en bij de mensen van de VDAB. De enige die content waren, waren de collega's van het ziekenfonds en het Riziv die hun quota behaald hadden."

Marc van Impe

Bron: MediQuality

19:28 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

20 september 2016

Waarom controleartsen geen dokter kunnen zijn

Maggie De Block wil langdurig zieken dwingen om aangepast werk te zoeken met mogelijkheid tot sancties als ze daar niet op ingaan. Een deel van de aanpak zijn 7.500 steekproeven die een speciale equipe van Riziv-artsen moeten uitvoeren. De minister heeft gelijk. De explosie van het aantal chronisch zieken loopt parallel met het aantal bruggepensioneerden en andere gecamoufleerde werklozen. Toch enige bedenkingen daarbij. Wie gaat die controles uitvoeren?

Ons land telde vorig jaar 370.400 langdurig zieken. Het aantal langdurig zieken - mensen die langer dan een jaar ziek zijn - is in tien jaar tijd met 64 procent toegenomen. Alleen al vorig jaar is er volgens Securex een toename van 14 procent. Dat kost de overheid bijna 5 miljard euro aan uitkeringen. Volgens Securex gaat het vooral om oudere werknemers. Rugklachten, chronische stress en burn-out zijn de belangrijkste oorzaken.

Minister van Gezondheid Maggie De Block wil langdurig zieken dwingen om aangepast werk te zoeken met mogelijkheid tot sancties als ze daar niet op ingaan. Een deel van de aanpak zijn 7.500 steekproeven die een speciale equipe van Riziv-artsen moeten uitvoeren. De minister heeft gelijk. De explosie van het aantal chronisch zieken loopt parallel met het aantal bruggepensioneerden en andere gecamoufleerde werklozen die de voorbije jaren weggesaneerd worden in privé en overheidsbedrijven. Toch enige bedenkingen daarbij. Wie gaat die controles uitvoeren?

Een voormalige voorzitter van het Riziv zei me ooit, al monkelend, dat zijn inspecteurs-geneesheren de beste van het land waren want door de band genomen hadden ze het langst gestudeerd. Ik klasseer die opmerking onder de rubriek academische humor. Maar het zet me wel aan het denken. Een artsenpraktijk voeren of patiënten controleren zijn twee totaal verschillende zaken. Een vergelijking: voor mijn belastingaangifte doe ik een beroep op een accountant. De aangifte zelf wordt desgevallend gecontroleerd door een belastingcontroleur. De eerste is een vrij beroeper, de andere een ambtenaar. Beiden hebben waarschijnlijk dezelfde financiële opleiding gevolgd. Beiden worden door mij betaald. De eerste via een nota, de tweede via de belastingen. Mijn accountant kan ik bij wanprestatie sanctioneren, mijn controleur niet.

Of neem mijn advocaat en de magistraat. Beiden zijn jurist van opleiding, maar de rechter is geen lid van de balie en mijn advocaat legde geen magistratenexamen af. Kijk ik nu naar de artsen en controleartsen. Beiden zijn medicus van opleiding. Maar de huisarts heeft een eed van Hippocrates afgelegd: nole nocere. De controlearts legt als ambtenaar een eed af tegenover de staat. De inhoud daarvan is totaal anders. Waarom zou de controlearts dan nog een dokter zijn? Of lid van de Orde? Waarom zou hij een Riziv-nummer moeten hebben? Hij is een medicus qua opleiding maar niet in de praktijk. En dat maakt een belangrijk verschil.

Een arts functioneert in een wereld van intellectuele twijfel, wat spanning en onzekerheid oplevert. Bij geneeskunde spelen speculatie, emotie en soms spirituele en psychologische vormen van kenniservaring en waarneming een belangrijke rol. Geneeskunde is altijd voorlopig, onzuiver, onzeker en onaf. Tussen geneeskunde en geneeskunst liggen slechts twee letters verschil. De controleur daarentegen handelt vanuit een absolute administratieve zekerheid. Hij streeft naar het halen van wettelijk vastgelegde eindtermen en niet naar op empirie gebaseerde diagnose.

De controleur functioneert binnen een algebraïsch universum en komt zo tot soms verbijsterende maar ogenschijnlijk logische besluiten. Hij wordt niet gehinderd door kennis van vele zaken, daar heeft hij de specialistische opleiding niet voor, maar hij velt streng en hopelijk rechtvaardig zijn vonnis. De patiënt kan daartegen in beroep gaan. Niet bij een andere arts maar bij de arbeidsrechtbank. Dat zegt genoeg. Noem de controleur dus medicus, maar geen dokter. Een dokter heelt. De arts is een metafysicus, de controleur de dogmaticus. Voor hem geldt Roma locuta causa finita. Een echte arts is nooit zo vast in de leer.

Tenslotte nog dit: De minister wil 25 miljoen besparen? Ze zal behaald worden, daar twijfel ik niet aan. De vraag is hoe en bij wie. Bij de ambtenaar die de laatste drie jaar van zijn carrière zijn gespaarde ziektedagen opmaakt? Bij de vloerder die met een zere rug een paar vierkante meter tegels in je keuken komt leggen? Of bij de juf die met een burn-out thuis zit en toch liever voor de klas had gestaan?

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

08:55 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)

08 juli 2016

De dag van de waarheid voor de chronische patiënt

Ze zijn niet geliefd door de ziekenfondsen, laat staan dat de privé-verzekeraars hen graag als klant hebben. Zelfs artsen en psychologen hebben niet zelden een hekel aan hen. Want ze willen niet beter worden, heet het. Ik hoorde een Lacaniaanse psychiater in een perifeer ziekenhuis tegen een patiënte - die zich ten einde raad op de PAAZ-afdeling liet opnemen teneinde enigszins te kunnen recupereren: “Hier is het kiezen: psychisch of fysisch, jij moet weten waar je ziek aan bent.” De chronisch zieke was tot voor kort een outcast. Vandaag kan daar verandering in komen, als de 20 pilootprojecten voor geïntegreerde zorg bekend gemaakt worden.

Vier op de tien Belgische gezinnen hebben chronische gezondheidsproblemen. Voor één op de drie van die gezinnen leidt dat tot financiële problemen. Dat komt overeen met één op de acht gezinnen die in financiële moeilijkheden terechtkomen door het chronisch ziek zijn van een gezinslid. Vooral alleenstaanden en koppels zonder inwonende kinderen raken in financiële problemen door die chronische gezondheidsproblemen. Chronisch ziek zijn betekent echter ook sociale uitsluiting. Als 14% van de Belgen tussen 18 en 80 jaar zichzelf tot sterk eenzaam voelt, dan loopt dit bij de groep langdurig zieke mensen op tot 34%!

Het gaat vooral om chronische gewrichtsaandoeningen, zoals artrose en reuma, een hoge bloeddruk, ernstige rugklachten zoals hernia en chronische pijn. Maar er is meer: ook patiënten die lijden aan afasie en CVA, CVS, diabetes, MS, Parkinson en depressie vallen door de gaten van het vangnet van de sociale zekerheid. En dat betekent in de meeste gevallen armoede, een verslechterende gezondheid, uitsluiting, eenzaamheid met als gevolg verbittering en niet zelden de keuze om uit het leven te stappen.

Het meeste geld geven deze patiënten uit aan consultaties van huisartsen en specialisten, geneesmiddelen, vervoerskosten, hulp aan huis en ziekenhuisopnames. Vaak stellen de getroffen gezinnen dan ook noodzakelijke medische verzorging uit.

Op 2 februari 2016 stelden de ministers van Volksgezondheid van de deelstaten en de federale overheid hun visie op Geïntegreerde Zorg voor chronisch zieken voor, die zich nu concretiseert in pilootprojecten voor geïntegreerde zorg.

Het Gemeenschappelijk Plan 'Geïntegreerde zorg voor een betere gezondheid' beoogt om hoog kwalitatieve zorg en ondersteuning te bieden aan alle patiënten, voor de beste kost, en de gezondheidstoestand van de bevolking te verbeteren. Om dit doel te bereiken, is een hervorming van het huidige zorgsysteem voor chronisch zieken naar een systeem van meer geïntegreerde, persoonsgerichte zorg en ondersteuning noodzakelijk. Vandaag 20 juni worden de 20 geselecteerde cases bekend gemaakt.

De belangrijkste doelstelling moet zijn dat het voor verzekeraars, ziekenfondsen en privé-verzekeraars aantrekkelijker wordt om chronisch zieke patiënten dezelfde steun te geven als ze aan de occasioneel zieke patiënt geven. Nu nog worden al te veel chronisch zieke patiënten vanuit het ziekenfonds "gereactiveerd" door ze naar de VDAB te sturen. Daar worden ze in de meeste gevallen als ongeschikt voor de arbeidsmarkt ingeschaald. Waarna ze afgestoten worden naar het OCMW, dat hen niet zelden dwingt het weinige vermogen waarover ze nog beschikken, op te maken zodat ze tot het einde van hun dagen in de genadige afhankelijkheid mogen "overleven".

Wij stellen ons de vraag hoe de medische professionals op deze call gereageerd hebben. Vooral de huisartsenkringen kunnen een belangrijke partner zijn in die pilootprojecten. Maar ook combinaties vanuit de periferie en de transmurale zorg liggen voor de hand. En de coördinerende rol van de ziekenfondsen en verzekeraars vraagt meer dan een adviserend geneesheer die nakijkt of het verwijsbriefje met de juiste kleur van inkt geschreven is.

De belangrijkste vraag is hoe het beschikbare geld verdeeld zal worden. De chronisch zieken zelf en hun familieleden hebben het geld via hun premiebijdragen langs de voordeur binnengedragen. De vraag is nu hoe het aan de achterdeur gaat verdeeld worden en hoeveel geld er aan de administratie blijft plakken. Het is op die manier dat de solidariteit overeind moet gehouden worden.

Gaat men voor een efficiënte ketenzorg waar huisartsen, kinesisten, eerstelijns geestelijke gezondheidswerkers, sociale assistenten, diëtisten én mantelzorgers samenwerken zodat de doorstroom naar dure ziekenhuiszorg en opvangcentra vermeden kan worden? Of gaat men het laadje van de caritas weer eens opentrekken en wordt het brood bij de achterdeur op gezette tijden uitgedeeld? Vandaag is de dag van de waarheid.

Marc van Impe

 

 

Bron: MediQuality

07:45 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)