17 juni 2015

Debat over levenswinst brengt niets op ?

Timeo Danaos et dona ferentes. Met zijn dossier over dure medicatie heeft dokter Chris Van Hul van het Onafhankelijke Ziekenfondsen het nieuws gehaald. Ik heb daar mijn bedenkingen bij. Om te beginnen was er de wijze waarop het nieuws de media werd ingesluisd. Een paar weken geleden werd een groot debat aangekondigd in het prestigieuze kader van het Brussels Diamantcenter. Alleen al het feit dat professor Lieven Annemans er in discussie zou gaan met geachte opponenten als Brieuc Vandamme, adjunct-kabinetchef van minister De Block, en Catherine Rutten, CEO van pharma.be, stond garant voor een grote opkomst. Wat werd het in de werkelijkheid?

Samen met de aankondiging van de grote namen werd simultaan met de kranten De Standaard en Le Soir gewerkt aan een bijna congruent persbericht dat gegarandeerd de voorpagina en dus de journaals van de omroepen zou halen: medicijn kost 500.000euro. Tot zover operatie profilering geslaagd. Maar voor de rest was het een hoogmis met veel wierook, kaarsen, gezang en verder geen mirakel. Want de belangrijkste vraag werd handig uit de weg gegaan. En die luidt niet: zijn wij bereid gelijk welke prijs te betalen voor onze gezondheid? Maar wel: zijn wij bereid om het even welk bedrag te betalen voor een schamele gezondheidswinst?

Op die vraag probeerde professor Prof. Dr. Ignaas Devisch enige tijd terug al een antwoord te formuleren. Devisch is professor in ethiek, filosofie en medische filosofie aan de Universiteit Gent en de Arteveldehogeschool en lanceerde voorzichtig de gedachte of we niet moeten leren omgaan met pech in het leven.

Ik ga hier kort door de bocht, maar daar komt het op neer. Het leven heeft geen ingebouwde garantie op gezondheid. De moderne mens kan zich daar maar moeilijk bij neerleggen en een deel van de medische wereld en de farmaceutische industrie speelt daar op in. Dat leidt tot een marktgerichte gezondheidszorg waar de patiënt een consument wordt  die als het moet naar zijn zogenaamde belangenverdedigers stapt als hij zijn vermeende gelijk niet haalt.  Als een ziekteverzekeraar dit thema aansnijdt weet ik dat er wat loos is. Uiteraard willen de Onafhankelijke ziekenfondsen hun patiënten niet de nodige zorg ontzeggen. Die beslissing laten ze liever aan de overheid over. Maar laten ze dat dan ook zo formuleren.

Die vraag dus werd niet gesteld. Op het laatste ASCO in Chicago werd die kwestie wel op de agenda gezet. De artsen zelf hebben daar een programma Value for Cancer opgestart dat aan de hand van een aantal parameters een logaritme gaat opstellen dat zo precies als mogelijk aangeeft of een behandeling, hoe duur ze ook is, zinvol is.

Men moet de vraag durven stellen of een paar maanden levenswinst werkelijk de prijs en de moeite waard is, of een verlenging van een leven –hoe waardevol ook- zinvol is als dat leven betekent dat men continu in een staat van quasi totale afhankelijkheid verkeert en of het hier niet gaat om een invullen van frustratie, hybris of naïviteit.

Ik zeg niet dat dit de regel moet zijn. Ik poneer alleen dat men die vraag zo concreet mogelijk moet durven stellen. Als men dat niet doet, dan gooit men een steen in de kikkerpoel en wacht men tot de kringen uitgedijd zijn. Er zullen nog wat steentjes gegooid worden. Daarna is men dat spelletje moe en gaat men naar huis. Zoals die donderdagmiddag, na het debat allen op weg naar het buffet waar de sushi en de warme vleesballetjes wachten en iedereen elkaar identificatieplaatjes probeert te ontcijferen. Een social event, heet zoiets. Geen studie.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

17:01 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)