27 maart 2017

Prof. Elke Van Hoof (VUB) over hoogsensitiviteit: ‘Ik weet wat het is om je anders te voelen’


Hoogsensitiviteit, sommige artsen hebben het er moeilijk mee. Ik las in een verslag van een verzekeringsarts, die de vloer aanveegde met zowat alle argumenten die de behandelende geneesheer aandroeg: “En natuurlijk lijdt patiënte ook aan de nieuwste modeziekte, de zogenaamde hoogsensitiviteit.”


Hoogsensitiviteit bestaat wel degelijk, zegt klinisch psychologe Elke van Hoof in het boek ‘Hoogsensitief'. Van Hoof (40) is professor klinische psychologie aan de VUB gespecialiseerd in psychodiagnostiek, trauma, stress en burn-out. En is zelf ook hoogsensitief. En hoogsensiviteit is geen ziekte, haast ze zich toe te voegen.


Ze stelde haar boek voor in de Faculty club van de KUL, want wetenschappers van die universiteit hebben een behoorlijk aandeel gehad in de research. Het begon drie jaar geleden. Van Hoof die zich voordien al gebogen had over de CVS-problematiek en burn-out bij journalisten, voor dit een huis-, tuin- en keukenterm geworden was, zei toen nog: ‘Quatsch!' ‘Het leek wel een modeverschijnsel', zegt Elke Van Hoof, ‘met veel esoterie en bijna gekaapt door de zogenaamde experts van de damesbladen, en dan krijg je al snel iets met Bach bloesems, aura's en chakra's. Nonsens dus.'


Dit geleuter zet de nekharen van sommige wetenschappers rechtop. Je krijgt dus believers en non-believers. Iets wat Van Hoof ook al zag in haar onderzoek naar het chronisch vermoeidheidssyndroom. ‘En burn-out tien werd tien jaar geleden ook fel gecontesteerd. Er zijn nog altijd dokters die ontkennen dat die ziekte bestaat, al is er inmiddels een ruime wetenschappelijke consensus over.'


Van Hoof steekt met dit boek dus haar nek ver uit want een consensus over hoogsensitiviteit is er nog lang niet. Nochtans is zij niet de eerste die het fenomeen beschrijft. In de jaren dertig al schreef de Zwitser Fritz Schweingruber over ‘sensible Menschen'. Maar het was de Amerikaanse psychologe Elaine Aron die in de jaren negentig de term HSP bedacht. Samen met haar man Arthur Aron schreef ze er in 1997 een artikel over in het gerespecteerde Journal of Personality and Social Psychology. Het onderzoek kreeg weinig bijval in wetenschappelijke kringen, maar het bracht wel de verkoop op gang van Elaine Arons zelfhulpboeken. De teller staat intussen op ruim 1 miljoen.


Van Hoof ontdekte de ernst van hoogsensitiviteit door de literatuur. Ze overwon de eigenwaan die zoveel psy's eigen is, ging verder dan het inpalmen van een zogezegd onbezet therapieterrein, ook waar die zachte sector specialist in is, maar stapte over naar een wetenschappelijke analyse. Dan vielen de puzzelstukken in elkaar.


‘Toen ik kind was, zwom ik in clubverband. Na wedstrijden kon ik totaal uitgeput zijn van het lawaai en de opwinding. Soms moest ik er een week van bekomen. Ook veel dingen die misliepen op mijn werk, kon ik eraan koppelen. Het gebeurde zo vaak dat ik voelde: ‘Dit klopt niet.' Dan onderbrak ik iemand tijdens een presentatie om kritische vragen te stellen. Collega's apprecieerden dat niet altijd. Vooral omdat ik niet altijd met feiten kon staven wat ik voelde.' Voelen wat er is, beter voelen dan wat anderen met hun papillen niet tasten, kortom: een eigenschap die heel wat niet vreemd is.


‘Het is geen ziekte, maar een aangeboren eigenschap die evenveel bij mannen als vrouwen voorkomt', zegt Van Hoof. Die schat dat 15 tot 20 procent van de bevolking hoogsensitief is. 1 miljoen Vlamingen dus. Plus 600.000 Walen. Je zou het niet zeggen. Maar ze zijn er wel. Geen kleine groep mensen die prikkels diepgaander verwerkt in de hersenen. En die daar niets aan kunnen doen. ‘HSP is niet iets wat je kan krijgen, je bent het'. Hersenwetenschapster Jadzia Jagiellowicz ontdekte in 2011 een neurale basis voor hoogsensitiviteit. Haar proefpersonen kregen onder een MRI-scan plaatjes te zien. Bij HSP's gingen merkbaar meer gebieden in de hersenen oplichten dan bij niet-HSP's. ‘Zij verwerken zintuiglijke informatie dieper', zegt Van Hoof.


‘Daardoor merken ze meer dingen op: een schilderijtje dat op een andere plek hangt of een vriend die stiller is dan gewoonlijk. Maar ook smaken, geluiden, kleuren, vormen, de veranderende sfeer in een groep: het komt allemaal veel sterker binnen. Dat is geen zogenaamd zesde zintuig, integendeel. Met hun vijf zintuigen hebben zij hun handen al meer dan vol.' HSP is een voor- én nadeel: hoogsensitieven hebben een lagere responstijd en maken minder fouten. Maar ze hebben ook meer stressgerelateerde krachten.

Twee jaar geleden ontdekten onderzoekers dat de hersengebieden die verband houden met empathie bij HSP's extra actief zijn. Hoogsensitieven zouden meer spiegelneuronen hebben. Hoogsensitieven zijn niet altijd de gemakkelijkste collega's, net omdat ze zoveel opmerken. Ze geraken ook snel overprikkeld. Door de diepe verwerking hebben hun hersenen meer hersteltijd nodig. Nemen ze onvoldoende rust, dan zijn ze erg vatbaar voor stressgerelateerde klachten, zoals burn-out. Hoogsensitieven scoren opmerkelijk goed in contextonafhankelijk denken.


Ze zijn goed in out of the box denken, iets wat de medische wetenschap meer dan ooit goed kan gebruiken. Hoogsensitieven zijn extra kwetsbaar voor stressgerelateerde problemen, maar alleen in een negatieve context. Ze zijn de eersten die lijden onder een verstoorde werksfeer. Omgekeerd bloeien ze in een goede omgeving meer open dan wie ook. Ze worden creatief en nemen extra taken op zonder er iets voor terug te verwachten. In tijden waarin veel werkgevers op zoek zijn naar werknemers die de ‘extra mile' willen afleggen, is dat een interessant gegeven.


Van Hoof organiseerde vorig jaar een eerste internationaal congres over hoogsensitiviteit aan de Vrije Universiteit Brussel en ontwikkelde een verbeterde test om hoogsensitiviteit te detecteren. Ze is op zoek naar collega's, artsen die mee willen gaan in dit onderzoek. Maar ze heeft een hekel aan bevlogen alterneuten. ‘Ik ben een wetenschapper, zij het een hoogsensitieve. Ik ben alleen geïnteresseerd in feiten, niet in interpretaties.'


Ik hoorde deze week dat de betrokken verzekeringsarts de gracht in reed. God is rechtvaardig en straft de ruwen van geest.


Marc van ImpeMeer info:
Hoogsensitief, wat je moet weten door Elke Van Hoof , Lannoo Campus, € 24,99

 

Bron: MediQuality

08:05 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

06 maart 2017

Verband tussen overmatig alcoholgebruik, stress en burn-out?

Ik heb meegedaan aan de Tournée Minérale, die vandaag afloopt. En het is goed gegaan, dank u. Dat komt zo: een vriend van mij, een hoge ambtenaar houdt er abrupt mee op wegens stress. Hij was altijd goed van innemen maar hij was duidelijk over een grens gegaan. Ik verleg graag mijn grenzen.


Ik lees dat ruim 14% van de Belgische werknemers te veel drinkt en dat dit hand in hand gaat met stress. Vooral ambtenaren drinken teveel. Is het toeval dat diezelfde ambtenaren gemiddeld 16.3 dagen per jaar met ziekenverlof thuis zitten?

Merkwaardig is dat het telkens over dezelfde bevolkingsgroepen gaat: het onderzoek van Wolters Kluwer liep bij kaderleden en ambtenaren die gemiddeld meer dan 2 of 3 consumpties per dag verbruiken.


Het aantal werknemers met problematisch alcoholgebruik volgens de nieuwe en strengere norm (10 consumpties per week), recent ingevoerd door de Vereniging voor Alcohol- en andere Drugproblemen, ligt dus nog hoger. De cijfers zijn al 6 jaar lang zo hoog, met uitzondering van de periode 2009-2010 (alcoholgebruik daalde toen tot 10%) vermoedelijk door de invoering van het rookverbod.


Zelfs de parlementairen kunnen niet zonder hun dagelijks aantal neuten. Maar het probleem is het hoogste bij ambtenaren en onderwijzend personeel die zich minder goed in hun vel voelen: slechts 72 procent noemde zich tevreden. Ik zie ze wel eens staan aan de buvette van een der Brusselse kopstations: bij het begin en het eind van de werkdag gaan de dagschotels tegen een noodtempo door het strot.


Dubbel zoveel mannen als vrouwen geven aan overmatig te drinken (18% vs. 9%). Daarnaast drinken werknemers in de overheidssector vaker problematisch dan werknemers in de privésector (17% vs 12%). Roken en drinken gaat samen: rokers vertonen meer dan twee keer zoveel overmatig alcoholgebruik als niet-rokers (23% vs 10%).


Overmatig alcoholgebruik en stress gaan hand in hand; gestresseerde werknemers verzeilen vaker in problematisch drinkgedrag (17% vs 11%) en problematische drinkers voelen zich meer gestrest (59% vs 47%). Het gaat zowel om meer werkgerelateerde stress (68% vs 61%) als meer stress in hun privéleven (50% vs. 34%). Werknemers die overmatig drinken, zeggen vaker te veel werk te hebben (60% vs. 49%), doen meer overuren (49% vs. 32%) en vinden hun woon-werk verkeer vaker belastend (48% vs. 29%). Ze vinden hun werk ook emotioneel zwaarder (51% vs. 40%) en zijn meer onzeker over hun job (39% vs 22%).


Werknemers die overmatig drinken, voelen zich minder goed in hun vel (53% vs 38%) en zijn vaker kortaf tegen mensen in hun omgeving (45% vs 27%). 59% van de overmatige drinkers geeft aan dat hun job invloed heeft op hun lichamelijke klachten, tegenover 47% van zij die minder drinken. 55% van wie overmatig drinkt, stelt vast dat zijn werk lijdt onder hoe hij zich voelt, in tegenstelling tot 44% van wie minder drinkt.


Wie een slok teveel opheeft in het verkeer wordt hard aangepakt. En terecht. Maar in de openbare dienst worden de fluwelen handschoenen aangetrokken. De zogenaamde Wet Mahoux van 28.01.03 bepaalt dat alcoholtesten niet zomaar mogen afgenomen worden. Ik citeer: "het peilen naar een bepaald gehalte, zoals bloedtesten, ademanalysetesten, speekseltesten, urinetesten,… mag alleen onder zeer strikte voorwaarden gebeuren door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer wanneer hij medische onderzoeken uitvoert zoals vastgesteld in het kader van het gezondheidstoezicht en enkel voor deze risicofuncties waarvan vastgesteld wordt dat het veilig en correct uitvoeren ervan elk alcohol -of druggebruik onmogelijk maakt wegens het gevaar voor collega-werknemers. Het betreft hier in feite een biologisch onderzoek met het oog op het vaststellen van de gezondheidstoestand (stellen van een diagnose)."


Niet-biologische testen zoals niet-geijkte blaastesten, psychomotorische testen, vaardigheidsproeven en eenvoudige reactietesten houden in dat het resultaat enkel een positieve of negatieve indicatie geeft, maar geen zekerheid over de intoxicatie.
Men kent het probleem. Maar wordt er opgetreden? Ho maar! Terwijl een chauffeur gewoon aan de kant van de weg gezet wordt en maar zelf kan zorgen dat hij thuis geraakt, moeten de alcoholtests bij ambtenaren "met de nodige omzichtigheid worden gebruikt".


Deze testen betreffen immers een inmenging in de persoonlijke levenssfeer van de werknemer, zoals vastgelegd in het artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, artikel 17 van het Internationaal Verdrag inzake Burgerlijke en Politieke rechten en artikel 22 van de Grondwet. Het privéleven van de ambtenaar is immers een fundamenteel sociaal recht. En volgens het legaliteitsbeginsel is geen inmenging in het privéleven gewettigd, behalve indien deze inmenging voorzien is bij wet. Het inschakelen door de werkgever van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer voor het verrichten van alcohol- of drugstesten is uit den boze. De preventieadviseur-arbeidsgeneesheer dient zich immers steeds in een onafhankelijke positie ten opzichte van zowel werkgever als werknemer te bevinden.


Meer dan 126.000 mensen hebben meegedaan aan de uitdaging van Tournée Minérale, om één maand niet te drinken. Ik vraag me af hoeveel openbare dienstverleners meedoen?

Marc van Impe

Bron: MediQuality

07:56 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

11 december 2016

Burn-out patiënten slachtoffer van gaslighting

 

Ik heb het stilaan gehad met gehandicapten die om de haverklap in de krant komen omdat ze stoer zijn. Ze doen een triatlon uit. Ze racen sneller dan hun gehandicapte concurrenten. Ze verrekken van de rugpijn maar rijden een jumping uit. Rijden blind de Mont Ventoux op.
En zwemmen het Kanaal over. De inspirerende geïnvalideerde persoon is een terreur voor wie chronisch ziek is en niet meer kan wat hij vroeger kon. En altijd is er wel een psy die klaar staat om te vertellen dat als je wil, je ook kan. Het is een kwestie van karakter. En wie niet mee wil, is ergens gestoord. Van kwade wil. Lijdt aan renteneurose misschien. Of erger nog: is depressief. Je moest maar eens echt depressief zijn.
Ik vind het choquerend dat een paralympische atlete na een zoveelste gereden rit in de krant mag aankondigen dat ze haar euthanasie nog even uitstelt. Dit soort 'inspiratieporno' wordt graag breed uitgesmeerd door de media . Ik zal wel aangevallen worden maar in deze wil ik de lezer graag tegen de haren in strijken.
Vanwaar deze uitval? De Olympische Spelen zijn al een zomer voorbij. Het is de tijd van veldrijden, crossen en zesdaagse. Aanleiding is de zoveelste keer dat een zelf uitgeroepen goeroe zich in het debat moest mengen over burn-out. Ik vrees dat het begrip burn-out van een legitieme medische aandoening aan het verworden is tot een pseudo psychiatrisch label zoals 'hysterie'.
Ik lees dat militairen na hun 56ste onvermijdelijk naar een burn-out toe gaan. Idem dito voor onderwijzers, politieagenten, treinbestuurders, lijnpiloten, brandweerlui, verplegers, facteurs en onderwaterlassers. Als ze het niet al hebben, dan zullen ze het krijgen. Burn-out.
Het doet me denken aan 'gaslighting' of mindfucking naar de film Gaslight uit 1944 waarin Ingrid Bergman de hoofdrol speelt. Het verhaal is niet simpel: een man doet er alles aan om zijn vrouw ervan te overtuigen dat ze psychologisch niet in orde is. De brave vrouw gaat twijfelen aan haar eigen inzichten, ze verliest de greep op haar eigen realiteit. De manipulatie is subtiel, haar hele omgeving wordt gecontroleerd.
De parallel met chronisch zieken is snel getrokken. De patiënt is het slachtoffer van een narcistische zorgverstrekker, die hem het gevoel wil geven dat hij psychologisch in de war raakt , zijn eigen geheugen niet meer kan vertrouwen, door dingen te doen en te zeggen die hem laten twijfelen aan zijn herinneringen, zijn kennis en zijn eigen grenzen, normen en waarden en overtuigingen.
Een chronisch zieke persoon zit in een bijzonder kwetsbare positie. Dokters hebben buitensporig veel macht over iemand met een chronische ziekte, en er is niet veel voor nodig om dat evenwicht nog meer in hun richting te doen kantelen.
Vertel iemand zo lang dat hij een burn-out heeft en hij zal er een krijgen.
Patiënten die aan myalgische encefalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/CVS) lijden hebben aan den lijve ervaren wat gaslighting betekent. Hen werd jarenlang, ook door het Riziv, aangepraat dat ze aan een psychosomatische aandoening lijden en hen werd een combinatie van graduele oefentherapie (GET) en cognitieve gedragstherapie (CGT) voorgeschreven.
De therapieën werden populair door de PACE-studie, een uitgebreide, door de Britse overheid gesubsidieerde studie die GET en CGT als behandelingen voor ME/CVS bestudeerde. De PACE-studie bevestigde wat zo vele dokters al geloofden: dat ME/CVS niks meer was dan een psychische stoornis, een combinatie van geestelijke en fysieke deconditionering die eenvoudigweg opgelost kon worden met een beetje sporten en anders gaan denken.
De idee van ME/CVS als psychosomatische aandoening was zo ingebakken, dat het vijf jaar heeft geduurd vooraleer hun onderzoeksmethoden in vraag werden gesteld. Intussen heeft dit onderzoek werkelijke gevolgen gehad voor ME/CVS-patiënten. Nu blijkt dat de hele PACE-studie een stuk wetenschappelijke fraude was.
Maar dat behandelingen zoals GET werkelijke schade aanricht bij mensen met ME/CVS, ontkent onze overheid nog altijd. het Riziv gaat de proefopstelling die ze met de KU-Leuven heeft opgezet tot het einde doorvoeren.
Ondertussen worden talloze zeer ernstig zieke ME/CVS-patiënten een diagnose of echte behandeling geweigerd. Hun eigen perceptie wordt bovendien zo verdraaid dat ze beginnen te twijfelen aan hun eigen geestelijke gezondheid. Ze zijn gaan geloven in therapieën die gericht zijn op het overtuigen van de zieke dat ze helemaal niet ziek zijn, en dat ze de ziekte kunnen overwinnen door anders te gaan denken. Door gaslighting dus.
Dertig jaar al houdt men ME/CVS patiënten voor de gek. Nu dreigt men hetzelfde met burn-out patiënten te doen. Het is een kwestie van willen.


Marc van Impe


Bron: MediQuality

 

10:42 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)