24 november 2011

Een Aha-erlebnis

Dat is het wat de bekende professor dokter emeritus psychiater en cabaretier Boudewijn Van Houdenhove in Hasselt overkwam toen hij –op wat een gezellig beurtje macrameeën voor beginners moest worden- vanuit de zaal geïnterpelleerd werd over het feit dat Het Rode Kruis bloeddonatie van CVS/ME patiënten weigert omwille van mogelijk besmettingsgevaar. Waarmee de CVS/ME patiënt in hetzelfde speelvak geplaatst wordt als HIV-patiënten, SOA-, hepatitis en andere via sanguine weg besmettelijke patiënten. De cabaretier was nochtans opgewekt gesticulerend begonnen aan de try-out van wat een triomfantelijke ronde langs de Vlaamse CM-zaaltjes-achter-het-gildenhuis moest worden. Tussen een cursus doorgestoken tomatensoep koken voor beginnende allochtone huisvrouwen en een vervolgcursus sparen en beleggen bij de coöperatie voor teleurgestelde BACOB’ers, zou hij een causerie brengen over ingebeelde en verbeelde ziekten, geïllustreerd met voorbeelden uit zijn lange academische carrière en ervaring in diverse expertisecentra zoals de bankdirecteur die van het verschot chronisch moe werd, het in haar jeugd door haar opa misbruikte moeke dat niet meer uit de luie stoel geraakt en het meisje dat er geen gat meer in zag tout court omdat je deze dagen soms al geen hand voor je ogen ziet, laat staan een hol. Dat alles gevolgd door een paar nummertjes zakdoek-uit-het-oor-trekken, iets waar deze raskomiek altijd mee scoort.
Hij had zich goed gewassen en geparfumeerd met Eau Sauvage, een cadeautje van een promovenda die een uitstekend werkje geschreven had over het effect van cognitieve gedragstherapie op mensen die op hun trein wachten, -een negen waard, bedacht hij- , had speciaal schoon ondergoed aangetrokken dat niet tussen de bilspleet schoof en een mooi wit hemd uit de C&A met manchetten. Kortom hij zag er goed uit. Niet te chique voor een publiek dat net van zijn laatste spaarcentjes beroofd was en nu extra op de kleintjes moest letten. Maar ook niet te pover, wat zijn academische status de nodige luister moest geven. Wie schetst dan ook zijn verbazing toen een jongeman –waar had hij dat gezicht nog gezien- opstond en hem de vraag over Het Rode Kruis onder de neus wreef. Misschien moest hij zelf wel eens aan de cognitieve gedragstherapie, dacht hij, want hij kende het gezicht en de stem maar kon er geen naam meer op plakken.
De zaal werd stil. Dit nummertje was niet gerepeteerd. Dat begreep iedereen. Boudewijn Van Houdenhove voelde het aan alsof iemand hem een dweil uit zijn oor trok. Ineens zag ook hij er geen hol meer in.

 
Marc van Impe

17:49 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (5)