28 oktober 2017

Kankertherapie met hyperthermie krijgt nieuwe kans


Thermotherapie wordt al langer gebruikt als behandelingsmethode bij kankerpatiënten, maar het is moeilijk om patiënten te behandelen zonder gezonde cellen te beschadigen. Tumorcellen kunnen pas verzwakt of gedood worden zonder dat het normale weefsel aangetast wordt, als de temperatuur nauwkeurig kan worden gecontroleerd binnen een bereik van 42°C tot 45°C.


Wetenschappers van het Advanced Technology Institute aan de Universiteit van Surrey hebben nu 'intelligente' nanodeeltjes uit Zn-Co-Cr ferriet ontwikkeld die opwarmen tot een temperatuur van 45°C, wat hoog genoeg is om kankercellen te doden, en die zich vervolgens zelf reguleren zodat ze niet te warm worden om gezond weefsel te beschadigen. Belangrijk is ook dat de nanodeeltjes ook weinig giftig zijn en waarschijnlijk geen blijvende schade aan het lichaam veroorzaken. De Engelsen werkten voor de ontwikkeling van de thermotherapiesessie samen met Dr. Wei Zhang, Associate Professor van de Dalian University of Technology in China.


Volgens een nieuwe studie van professor Ravi Silva, die in Nanoscale verscheen, zullen de zelfregulerende nanopartikels binnenkort kunnen gebruikt worden als onderdeel van hyperthermische thermotherapie bij kankerpatiënten. Magnetisch geïnduceerde hyperthermie is een niet nieuw maar bij de meeste magnetische materialen is de Curie-temperatuur veel hoger dan het menselijk lichaam kan verdragen. Pas door magnetische materialen te maken waarbij de Curie-temperatuur binnen het bereik van hyperthermietemperaturen daalt, kan de zelfregulering van therapieën worden bereikt. 

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

20:40 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

De advocaat die langer leefde dan hij gedacht had


Het is indian summer. Terwijl ik naar huis toe rijd, na de crematie van een vriend, schiet me het volgende te binnen. Mijn vriend de advocaat overleed na een gemene kanker. Toen we het nieuws een jaar of twee geleden vernamen was dit een donderslag bij heldere hemel. Hij die zijn hele volwassen leven zo gezond mogelijk geleid had, uitgerekend hij moest kanker krijgen.


Hij fietste, liep marathons, at bijna vegetarisch, had nooit gerookt, dronk enkel en zeer matig de beste wijnen en bieren, hij woonde op de buiten en had een goede vaste relatie. Hij kon er zich niet bij neerleggen, hij verzette zich uit alle macht. Hij reageerde zoals een advocaat reageert als hij voor een quasi verloren zaak staat: hij begon met uitstel te kopen. Hij vroeg bijkomende onderzoeksdaden, de aanstelling van een deskundige, hij schreef brieven bij de vleet, stelde procedures in vraag, dreigde met maatregelen, delfde casussen op die net als de meeste jurisprudentie eigenlijk niet ter zake deed maar de rechtsgang behoorlijk vertraagde, schreef zijn besluiten en wachtte tenslotte het vonnis af. Dat kwam nog voor het zomer werd en er was geen beroep mogelijk.


Toen veranderde hij in een hedonist. De asceet werd een bachant. Hij organiseerde feesten, ging voor het eerst opnieuw op café, dacht nog aan een wereldcruise. Hij ontdekte hoe mooi de wereld is. Toen kwam Maria Hemelvaart en hij werd filosoof. We hebben zo menige middag, pratend, soms voor ons uit starend doorgebracht. Zijn broer, de huisarts, noemde het zijn rouwperiode. De zomer liep op zijn einde en hij had nog altijd geen sluitende verklaring gevonden. Dat dit het lot was kon er bij hem niet in. Deze man was zo angstig dat er voor hem geen toeval kon bestaan. Er moest voor alles een reden gevonden worden.


Op het eind vertelde hij mij een grap. Komt een advocaat aan de hemelpoort. Dit is niet rechtvaardig, zegt hij tegen Sintepieter, ik ben amper 50 en statistisch gezien heb ik recht op nog minstens 25 levensjaren. De poortheilige haalt er de grote database bij. Het antwoord komt onmiddellijk: volgens onze gegevens en de door u aan klanten gedeclareerde uren bent u 104 jaren oud. Hij grimlachte. I rest my case, zei hij bij het afscheid.


Een paar dagen na de rouwdienst komt er een nota van zijn maatschap. Uit nazicht van de rekeningen blijkt dat ik hem nog een paar honderd euro schuldig ben voor een advies dat hij voor mij had opgesteld. Een vriendendienst, had hij gezegd. Zoals hij mijn geleerde vrouw altijd om raad vroeg. Ik was het vergeten: in de advocatenwereld gaat voor niets de zon op.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:10 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

27 oktober 2017

Gedoe met zomer- en wintertijd duurt al veel te lang


Ik denk dat ik me ga aansluiten bij het front tegen de zomer- en wintertijd. En ik ben gelukkig niet alleen. Een meerderheid van het Europees Parlement wil nog dit jaar de eerste stappen zetten om een einde te maken aan het halfjaarlijkse gerommel met de klok. Zomer- of wintertijd, dat maakt Europa niet uit, als er maar één vaste tijd heel het jaar door geldt.


Elk jaar is het hetzelfde gehannes: niet alleen moeten klokken worden bijgesteld, mijn hele bioritme gaat in overdrive en het duurt weken voor ik normaal wakker of moe wordt. Komend weekend gaat de klok weer een uur achteruit. In feite schakelen we terug naar ons normaal bioritme. Maar in de lente is het weer zover. Wat win ik erbij?


Uiteraard zijn het de christelijken onder ons die zich tegen deze menselijke arrogantie en aanmatiging verzetten. Pavel Svoboda, een Tsjechisch christendemocraat presenteerde woensdag in Straatsburg een studie waaruit opnieuw blijkt dat gerommel met de klok niks dan nadelen heeft. Het Parlement had vorig jaar al aangedrongen op een debat over de kwestie, maar de verantwoordelijke Europese Commissaris was er niet, en de inbreng van haar plaatsvervanger beperkte zich tot: ,,Ik breng uw opmerkingen over.''


Nu laten de parlementsleden zich echter niet meer met een kluitje in het riet sturen. Het initiatief van Svoboda heeft ondertussen de steun gekregen van 70 leden uit alle acht de parlementaire fracties. In Polen stemde een parlementscommissie stemde kort geleden voor afschaffing van de zomertijd, in Finland wil 70 procent een referendum. En in Nederland verzamelden de actievoerders al 40.000 handtekeningen. Er wordt nu aan een resolutie gewerkt die in december moet gestemd worden, waarna er een Europees wetsvoorstel in de steigers kan gezet worden.


De zomertijd brengt ons, net als na een vlucht naar een andere tijdzone, biologisch gezien in een andere tijdzone dan waar we in leven. Dit kan nogal wat problemen geven, vooral voor mensen die al wat meer moeite hebben met zich aan een ander tijdzone aan te passen, en die uiteraard aan slaapstoornissen gaan leiden. Voor wie moeite heeft om de stand van zijn ingebouwde lichaamsklok te verplaatsen, is de zomertijd een beetje alsof hij tegen de zon in reist. De jetlag die je daarvan krijgt, duurt ook veel langer dan de jetlag als je met de zon mee reist. Je gaat er niet dood van, maar door de lagere alertheid neemt het aantal dodelijke verkeersongelukken en bedrijfsongevallen (voornamelijk in de bouw) toe.


Dat heeft onderzoek in Zweden en Amerika uitgewezen: er gebeuren iets meer ongevallen op de maandag na de spring shift, zoals het ingaan van de zomertijd wereldwijd heet. Bovendien werden de beoogde energievoordelen nooit gehaald, het kost het bedrijfsleven onnodig veel geld, de koeien geven minder melk, kinderen vallen boven hun schoolboeken in slaap.


Ik heb ook politieke bezwaren tegen de spring shift. Duitsland was tijdens de Eerste Wereldoorlog op 30 april 1916 het eerste land om de zomertijd in te voeren, niet alleen als maatregel om kolen te besparen in oorlogstijd mar ook om soldaten langer te laten vechten. Het is een 'oorlogsuitvinding' van de Duitse bezetter die tot 1945 in voege was en waar Stalin, Hitler en Franco groot voorstander van waren. Vanaf 1977 werd de maatregel vanwege de oliecrisis opnieuw ingevoerd en zoals zoveel zogenaamde besparingsmaatregelen pakte dit helemaal verkeerd uit. Om te beginnen kwam de maatregel vier jaar te laat: de crisis begon in 1973.


‘s Zomers een uur eerder opstaan bespaart helemaal geen energie. Als de zomertijd niet ingesteld wordt, zou in juni om vier uur 's nachts de zon al schijnen, terwijl bijna iedereen dan nog slaapt. Verspilling riepen de voorstanders: we moeten in de zomer dus een uur eerder opstaan om beter gebruik te maken van de eerste uurtjes daglicht. Maar dit gebruik stamt nog uit een tijd waarin verlichting een belangrijker deel was van het energieverbruik dan tegenwoordig. Uit het onderzoek van Kotchen en Grant van de Universiteit van Californië in Santa Barbara bleek dat het energieverbruik omhoog ging in de deelstaten die vanaf 2006 de zomertijd instelden. De kosten hiervan liepen op tot 8,6 miljoen dollar! De conclusie was dat de energiebesparingen voor verlichting, enkele honderdsten van een procent, waarschijnlijk niet opwegen tegen het hogere energieverbruik door verwarming en airconditioning.


Nog een punt van kritiek op de invoer van een zomertijd: in het begin van de zomertijd gaat de klok een uur vooruit en staan mensen eerder op dan wanneer de wintertijd gehandhaafd zou blijven. Het moment van opstaan van de meeste mensen ligt hierdoor verder af van het warmste moment van de dag. Daardoor is het tijdens het moment van opstaan buiten en in het huis kouder dan wanneer de zomertijd niet zou worden gebruikt. Het gevolg is dat mensen hun huis meer moeten verwarmen als ze uit bed komen. De zon heeft immers het huis minder opgewarmd.


Wanneer mensen na het werk thuiskomen is de situatie precies omgekeerd: het moment van thuiskomen ligt dichter bij het warmste moment van de dag. Hierdoor is het in huis ook warmer. Het gevolg hiervan is dat de airconditioning op warme dagen langer moet werken om het weer koel te krijgen en te houden.


De overschakeling naar de wintertijd mag dan minder nadelen hebben dan de switch naar het zomeruur. Dan kunnen we gelukkig een uurtje langer slapen. Maar ik krijg dan telkens het gevoel dat ik me een uur verslapen heb.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

20:04 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)