05 oktober 2017

Gelukkig leven is een placebo effect


Leven is bedriegen en bedrogen worden. Ik denk hieraan onderweg naar de Laboratoires Boiron in Lyon waar men mij van mijn aversie –laat ik zeggen: ongeloof in de homeopathie gaat afbrengen. Aan homeopathie twijfel ik omdat het geen ‘meetbaar effect’ heeft.


Niet dat ik van de absolute meetbaarheid ben, wel integendeel, ik hou van het onvoorspelbare en de uitkomst die ik niet verwachtte en valt die nog mee ook dan is dat meegenomen. Het is zoals sommige pijnstillers. Sommige werken absoluut niet. Andere op sommige ogenblikken wel. De mens is geen algoritme schreef ik al, en dat bewijst deze ervaring, volgens mij.


Ik moest vaak lachen met artsen die zweren bij het evidens beest medecin. Ze geloven om te beginnen niet echt in de zogenaamd bewezen behandelingen maar denken wel dat diverse behandelingen in de gezondheidszorg niet deugen omdat ze te bang zijn om buiten de betreden paden te treden, omdat ze het meetbare effect in twijfel trekken.


Misschien is dat terecht, maar uit diverse onderzoeken is gebleken dat de placebo, oftewel de illusie, een meetbaar effect heeft - allicht wordt het meetbare positieve effect van de placebo nog groter als de patiënt te horen krijgt dat het 'medicijn' duur is. Alleen al daarom mogen sommige illusies best vergoed worden door de ziektekostenverzekeraar, geloof ik. "Leven is bedrogen worden en bedriegen. De placebo leert ons dat de effecten van bedrog niet altijd negatief zijn," schrijft de auteur Arnon Grunberg. Ik ben het daarmee eens. "Waar het rationele denken dogmatisch wordt, neemt het religieuze onverdraagzame kanten aan," zegt Grunberg.


Ik ken zo'n aantal onverdraagzamen rond mij. Ze zijn fervent aanhanger van Skepp, de website en vereniging voor de rechten in de leer, zeg maar de Jihad van de geneeskunde met de grote mollah Wilhelm Betz, een corpulente zelfingenomenheid op de kansel. Ik denk in het vliegtuig richting Lyon, dat als de patiënt zich beter voelt door een onschuldige placebo, wie ik dan wel mag zijn om hem die placebo te ontnemen in naam van de waarheid?


Mijn grootmoeder gebruikte spuug tegen insectenbeten. Bij de scouts raadde de leider aan ons "eigen warm water " te smeren als we in de netels gevallen waren en onder de bulten zaten.  Zoethout was een wondermedicijn. En tegen de wormpjes kregen we een glas lauwe melk met daarin een teentje look. Ik heb het spuug lang bij mijn eigen kinderen gebruikt. Ik vond zelf het klontje suiker met de druppel citroen uit tegen de buikpijn. Voor mezelf schrijf ik nog altijd een Orval rond de klok van vijven voor.


Mijn collega de columnist, annex drummer en groot Skepp-aanhanger geloofde daar allemaal niets van. Hij viel dan ook in januari 2013 steendood. PdW pretendeerde compromisloos te zijn, maar nooit zonder humor. In een zaak was ik het met hem eens: "Alle onzin op de wereld spruit voort uit de werkelijk bespottelijke gedachte dat de mens het centrum van alles is en dat iedere mens apart ook nog eens volstrekt uniek en speciaal is. Die groteske dwaling, want dat is het, heeft ons een geweldige hoop nonsens opgeleverd. Een waaier aan godsdiensten bijvoorbeeld … alsook een ware zondvloed van zweverige alterneuterij (we zijn zo speciaal dat het niet anders kan of het wetenschappelijk volstrekt niet aan te tonen effect van homeopathische middelen treedt wel degelijk op als wij ze innemen), we mogen zeker dat aanhoudend gedaas over het, ahum, paranormale niet vergeten (we zijn zo speciaal dat het niet anders kan of na onze dood zullen we van gene zijde nog contact met de levenden hebben, zelfs al moet dat in de gedaante van een kikker) enzovoort, enzovoort. Telkens weer is de onzin terug te voeren op de illusie als zouden we allemaal heel erg bijzonder zijn en niet, zoals Michel Houellebecq het zo treffend en naar waarheid formuleerde, slechts een tijdelijke rangschikking van moleculen."


Ik ben niet voor noch tegen homeopathie. Ik vind wel dat enkel gecompenseerd mag worden als ze resultaat boekt. Wat overigens ook bij heel wat allopathische geneesmiddelen mag. Ik ga voor de no benefit no pay regel. En wat Houellebecq betreft, die ,heb ik gemerkt toen ik ooit tegenover hem in de Thalys zat, stinkt uit verschrikkelijk uit zijn bek. Hij zou beter eens theeboomolie of desnoods een mondschraper gebruiken.


Ondertussen ben ik in Lyon aangekomen. Mij wacht een Jésus de Lyon en brioche met pistachenoten en gekookte aardappeltjes. En een flinke kledder mosterd. Niks homeopathisch maar uitstekend voor het humeur. Van zo'n christelijk gerecht groeit mijn geloof in de toekomst.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

07:11 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

04 oktober 2017

"Psychiater moet weer zenuwarts van vroeger worden"


Sinds de neuropsychiatrie zich opsplitste in neurologie en psychiatrie is het gezondheidsrisico voor psychiatrische patiënten alleen maar toegenomen. Psychiaters hebben vaak de neiging om weinig aandacht te besteden aan de lichamelijke ziekten van hun patiënten. Terwijl toch blijkt dat zestig tot zeventig procent van de psychiatrische patiënten ook een lichamelijke aandoening heeft, zegt dokter Wiepke Cahn, (1961), die haar opleiding tot psychiater deed in de Guy's and St Thomas' Hospitals in Londen en in het UMC Utrecht.


Daar is ze nu hoogleraar lichamelijke gezondheid bij psychiatrische aandoeningen bij het Hersencentrum. De psychiatrie heeft volgens Wiepke Cahn te weinig aandacht gehad voor de mens als geheel.


"De levensverwachting van mensen met een chronische psychiatrische aandoening is met 15-20 jaar is afgenomen. De belangrijkste doodsoorzaken zijn hart- en vaatziekten, maar ook andere lichamelijke aandoeningen zoals diabetes en kanker komen vaker voor bij mensen met een psychiatrische aandoening. Je kunt eigenlijk wel zeggen dat de psychiatrie de lichamelijke gezondheid van patiënten schromelijk heeft verwaarloosd." Zij hield op 12 september haar oratie Focus op lijf en Leden, en neemt daarin de opdracht aan het roer om te gooien.


Zo haalde ze in haar oratie de casus aan van een anorexiapatiënt die ook coeliakie bleek te hebben, glutenintolerantie, maar die acht boterhammen per dag moest eten. Dokter Cahn zocht dit uit en stelde vast dat vrouwen met een glutenintolerantie vaak ook eetstoornissen hebben. Een andere vaststelling was dat veertig procent van de mensen met schizofrenie van al jong een verstoorde stofwisseling hebben waardoor ze diabetes en hart- en vaatziekten kunnen ontwikkelen. Dat komt door overgewicht en gebrek aan beweging, wat dan weer een bijwerking van de medicijnen kan zijn.


Er is dus een samenhang tussen bepaalde psychiatrische en bepaalde lichamelijke aandoeningen, maar die puzzel is nog lang niet opgelost. Dr. Cahn in NRC: "Waarom gaan psychosen vaak samen met diabetes? Schildklierproblemen met manische depressiviteit? Anorexia met glutenintolerantie? Je vraagt je af welk onderliggend systeem is aangedaan, welke genen en omgevingsfactoren daarop van invloed zijn. We denken dat het met het immuunsysteem te maken heeft. Bij bipolaire stoornissen zie je veel eczeem, astma, allergie. Als hier iemand binnenkomt met van die rode vlekken in het gezicht en rond de ogen, dan denk ik: o ja. Bij depressie is dit verband minder duidelijk.


Bij mildere depressies hangen de oorzaken vaker samen met de omgeving, meer dan bij psychosen of bipolaire stoornis. Maar bij ernstige depressies zie je veel hart- en vaatziekten, overgewicht en diabetes. Kijk je omgekeerd naar patiënten die met een somatische aandoening in het ziekenhuis zijn opgenomen, dan zie je het vaakst depressie en angststoornis. En posttraumatisch stresssyndroom, als gevolg van de behandeling."


Omgekeerd heeft dertig procent van de somatisch zieken in het ziekenhuis ook een psychiatrische stoornis die in de DSM-5 is opgenomen, stelt dr. Cahn. " Neem de ziekte van Addison, waarbij de bijnierschors te weinig cortisol aanmaakt, het stresshormoon. Endocrinologen en hun patiënten zeiden tegen mij: wij zien veel depressie en ook wel cognitieve problemen, moeten we niet gaan samenwerken? Zelf had ik een patiënt met bijnierschorsproblemen, en diabetes en depressie. Opeens werd hij suïcidaal, ik begreep er niets van. Later dacht ik: de cortisol!


Nu weet hij dat hij bij psychische stress meer hydrocortison moet innemen. Hij heeft dan ook geen last meer van depressie." Het heeft echter geen zin om alle somatische patiënten te screenen op psychiatrische aandoeningen. "Lang niet alle somatische patiënten hebben een psychiater nodig, maar het zou goed zijn als er breder gekeken werd. Je zou eenvoudig kunnen beginnen door bij somatische patiënten te vragen of er psychiatrische aandoeningen in de familie of in hun voorgeschiedenis zijn.


En je kunt wel kijken naar groepen met een hoog risico, bijvoorbeeld op de intensive care." In UMC Utrecht heeft men daarvoor recent een hoogleraar benoemd. Op MediQuality werd in de bijdragen van dr Annemie Uyttersprot meer dan eens gewezen op de noodzaak van een ‘klachtenkliniek': "Darmen, inflammatie, hormonen, hersenen spelen allemaal een rol en dat is wat ik doe bij CVS/ME patiënten." Maar in de periferie noch de universitaire ziekenhuizen heeft men daar oren naar.


Cahn pleit voor een terugkeer naar de neuropsychiatrie. "De psychiater zou weer de zenuwarts van vroeger moeten worden," zegt ze terwijl ze ook pleit om de kwaliteit van de psychiaters op te trekken. "Ik zou de affiniteit met de psychiatrie willen toetsen bij de toelating tot de verschillende opleidingen, te beginnen met de geneeskunde."


Meer info: http://www.umcutrecht.nl/nl/Ziekenhuis/Zorgverleners/Cahn-W

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:59 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

03 oktober 2017

Mythen en taboes rond antidepressiva ontmaskerd


Als het gesprek aan tafel dreigt stil te vallen, wil ik wel eens het woord antidepressivum gebruiken. Iedereen heeft er een mening over. Vooral medici laten zich opdelen in pro en contra. Koppel daaraan een van de meest ijdel gebruikte begrippen in de media, “epidemie”, en je bent voor de rest van de avond vertrokken.


Hoe antidepressiva werken in nog altijd niet helemaal duidelijk. Maar dat veel mensen er baat bij hebben, staat wel vast, schrijven psychiater Christiaan Vinkers en ziekenhuisapotheker Roeland Vis in het pas verschenen Even Slikken. Daarin rekenen ze af met alle misverstanden.


Antidepressiva hebben bij heel van voorschrijvers en patiënten een slechte naam. Dat komt door een lawine aan zogenaamd kritische wetenschappelijke artikelen, waarin de auteurs elkaar vooral nabouwen wat dan weer leidt tot evidence based stellingname tegen antidepressiva, door de honderden antifarma-boeken en door de tientallen schandalen over sterren die zich van het leven benamen na een hardnekkige verslaving aan pillen, wat door collega's die niet gehinderd worden door enige kennis van zaken, uitvoerig belicht wordt in de media. Antidepressiva zouden nauwelijks helpen, veel nare bijwerkingen hebben en veel te makkelijk worden voorgeschreven. Zo kan het al weer.


Ik las een paar weken een interview met de Vlaamse zanger Guido Belcanto. Van hem is bekend dat hij van 1994 tot '98 in een zware depressie was beland. Hoe ben je er uitgekomen, vroeg de journalist. Geen psychoanalyse, geen gesprekken, geen vrouwen, geen drank, maar goede pillen, luidde het eerlijke antwoord.


De negatieve reputatie van antidepressiva is onterecht, vinden psychiater Christiaan Vinkers en ziekenhuisapotheker Roeland Vis. Daarom schreven ze hun boek Even slikken: om alle misverstanden, mythen en taboes rond antidepressiva te slechten. En dat op een nuchtere, feitelijke en doorgaans overtuigende wijze.


Een voorbeeld daarvan is hun deconstructie van de zogeheten depressie-epidemie. Hun cijfers gaan uiteraard over Nederland, maar zijn net zo goed op België van toepassing. Het pillengebruik is al jaren stabiel, na een forse toename van het gebruik in de jaren negentig van de vorige eeuw, toen een nieuwe generatie serotonine-heropname-remmers (ssri's) op de markt kwam.


Net als in ons land leeft het idee dat er sprake is van een epidemie wat gevoed wordt door het feit dat bij het miljoen Nederlanders antidepressiva slikken. Maar wat de predikers tegen antidepressiva daar niet bij vertellen is dat de helft van die pillen niet wordt voorgeschreven tegen depressies, maar bijvoorbeeld tegen slapeloosheid of tegen pijn. En van de half miljoen mensen met een depressie, gebruikt de meerderheid die tijdelijk. Zo pellen Vinkers en Vis het aantal mensen dat langdurig pillen slikt voor een depressie af tot 150.000. Niet niks, maar ook niet epidemisch. Dezelfde oefening zou men in dit land kunnen maken.


Vinkers en Vis stellen ook dat er geen aanwijzingen zijn dat antidepressiva bovengemiddeld gevaarlijk zijn voor de gebruiker, of leiden tot verhoogde agressie en moord. Maar hoe antidepressiva werken weten we niet, erkennen de auteurs die en passant afrekenen met de mythe dat bij depressie sprake is van een serotonine-tekort in de hersenen.


Dát pillen voor veel patiënten werken, staat wel vast, maar hoe goed is een punt van discussie. In 2008 en 2010 verschenen in de Verenigde Staten omvangrijke meta-analyses van klinische onderzoeken waaruit bleek dat antidepressiva vooral effectief zijn bij ernstige depressies. Europees onderzoek wees in 2008 uit dat antidepressiva ook bij lichte depressies helpen. De verschillen in uitkomsten zijn voor een deel terug te voeren op verschillen in criteria (wanneer wordt een lichte depressie zwaar?), verklaren de auteurs. Ze concluderen dat de pillen voor een flink deel van de mensen goed zijn bij zware depressies en zeer waarschijnlijk ook bij matige depressies.


Daarmee gaan ze in tegen de Savonarola van de antidepressiva-bestrijders, de Deense hoogleraar Peter Gøtzsche, die vorig jaar nog in The BMJ een grondige analyse publiceerde waaruit bleek dat bij de goedkeuring van paroxetine voor jongeren de effecten stelselmatig werden overdreven en de bijwerkingen weggepoetst. De auteurs behandelen dit onderwerp wel, net als andere schandalen, maar zeggen over andere aantijgingen van Gøtzsche dat die de feiten naar zijn hand zet. Dat lichten ze verder niet toe, en dat is een smet op een verder onberispelijk en noodzakelijk betoog. Noodzakelijk, omdat nog altijd veel mensen niet beseffen dat depressie een verschrikkelijke ziekte is. En dat antidepressiva daarbij voor veel patiënten uiteindelijk meer goed dan kwaad doen.

Marc van Impe


Christiaan Vinkers, Even slikken De zin en onzin van antidepressiva, Prometheus, 240 blz. €19,99

 

Bron: MediQuality

08:25 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)