06 februari 2018

Methyleenblauw blijkt malariamedicijn


De blauwe kleurstof methyleenblauw blijkt een veilig malariamiddel dat met ongekende snelheid malariaparasieten doodt. Binnen twee dagen zijn patiënten genezen en kunnen ze de parasiet niet meer doorgeven als ze opnieuw door een mug gestoken worden. Dat ontdekten wetenschappers van het Radboudumc met internationale collega’s tijdens een onderzoek in Mali. De resultaten verschijnen 6 februari in The Lancet Infectious Diseases.

Malariamedicijnen staan onder druk. De opkomst van malariaparasieten die resistent zijn tegen de huidige combinatietherapie met artemisinine vormt een groot probleem. Daarnaast gaat die behandeling de verspreiding van malaria nauwelijks tegen, omdat de parasieten nog lang in het bloed blijven en nieuwe muggen zo besmet kunnen worden als ze een patiënt steken. De parasieten delen zich in de rode bloedcellen van de patiënt. Hierbij ontstaan gametocyten van de parasiet. Als een nieuwe mug de patiënt steekt, zuigt hij de geslachtscellen op en in de muggenmaag vindt bevruchting plaats. De nakomelingen vinden hun weg naar de speekselklieren van de mug waarna de cyclus opnieuw begint.

De gametocyten kunnen na een malariabehandeling nog weken aanwezig blijven. In de nieuwe studie in Mali voegden de onderzoekers van het Radboudumc methyleenblauw toe aan artemisinine combinatietherapie. Methyleenblauw is een blauwe kleurstof die in het laboratorium gebruikt wordt om dode van levende cellen te onderscheiden. De toevoeging van de kleurstof aan malariamedicatie zorgde ervoor dat patiënten al binnen 48 uur niet meer besmettelijk waren voor muggen. Patiënten die geen methyleenblauw ontvingen bleven minimaal een week besmettelijk voor muggen. Wetenschapper Teun Bousema van het Radboudumc coördineerde het onderzoek dat samen met de University of California (UCSF) and het Malaria Research and Training Center (MRTC) werd uitgevoerd. Bousema: "Opvallend was dat de mannelijke parasieten nog sneller uit de bloedbaan verdwenen dan de vrouwelijke parasieten."

Gestimuleerd door veelbelovende resultaten in laboratoriumexperimenten onderzocht het team van Bousema nu voor het eerst het effect van methyleenblauw op malariaverspreiding in mensen. Bousema: "Methyleenblauw heeft veel potentie omdat het de malariaverspreiding al kort na behandeling kan voorkomen. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat methyleenblauw ook goed werkt tegen malariastammen die resistent zijn tegen bestaande middelen." De kleurstof bleek veilig en goed te verdragen voor patiënten. Het heeft alleen één onhandige bijwerking. "Ik heb het zelf ook weleens geslikt en je urine wordt er echt blauw van. Dat zouden we op langere termijn moeten oplossen, want het zou kunnen dat dit mensen tegenhoudt het te gebruiken."

Malaria veroorzaakt jaarlijks 430.000 doden. Iemand wordt geïnfecteerd door een beet van een malariamug. Negentig procent van alle sterfgevallen vinden plaats in Afrika, meestal gaat het om kinderen. Malariabestrijding richt zich vooral op het gebruik van klamboes, insecticiden en geneesmiddelen. Hierdoor is het aantal malariadoden in de afgelopen tien jaar bijna gehalveerd. https://eurekalert.org/pub_releases/2018-02/run-dkm020218...

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

08:31 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

05 februari 2018

Draagmoederbank heeft zin


Dit weekend een bericht via LinkedIn: een hoogopgeleide vrouw, manager in een IT-bedrijf, alleenstaande, zoekt een draagmoeder. Vergoeding contractueel vastgelegd.

Enkele weken geleden zoekt een vriendin op facebook die aan een genetische afwijking blijkt te lijden en nooit zwanger kan worden, een draagmoeder. Ze is gehuwd en werkt in de media. Vergoeding af te spreken

Vroeger werd je er wel eens op aangesproken in je eigen kring. Nu gaat het op de sociale media en de boodschappen krijgen heel wat likes. België laat de praktijk van draagmoederschap toe als er niet betaald wordt. Maar die regel wordt meestal omzeild, zegt ons een specialist die aan het Brusselse UZ verbonden is. Er bestaat in ons land geen wettelijke regeling voor draagmoeders en wensouders. Çavaria, de Vlaamse belangenbehartiger van holebi's en transgenders, dringt er bij de federale regering wel op aan om een wettelijke regeling uit te werken die voldoende aandacht heeft voor de rechten van het kind. In oktober wou professor dr. En Europees Parlementslid Petra De Sutter (Groen) een rapport over draagmoederschap te laten goedkeuren in de plenaire zitting van de Raad van Europa. Maar dat mislukte. Er komt dus geen internationaal verbod op commercieel draagmoederschap, maar evenmin een totaalverbod op (commercieel en niet-commercieel) draagmoederschap. Alle Belgische vertegenwoordigers in de Raad van Europa stemden voor de aanbevelingen van het rapport.

Momenteel is in de meeste Europese landen commercieel draagmoederschap niet toegelaten. In Rusland, Oekraïne en Georgië is commercieel draagmoederschap wel toegelaten, maar enkel indien de wensouders hetero zijn. Oekraïne is de soepelste regelgever in deze. Nederlandse specialisten en de stichting FIOM pleiten nu voor de oprichting van een draagmoederbank, die wensouders koppelt aan vrouwen die bereid zijn een kind voor een ander te dragen.

Gynaecoloog Roel Schats van het VU medisch centrum in Amsterdam, het enige ziekenhuis in Nederland waar wensouders terechtkunnen voor zogenoemd 'hoogtechnologisch draagmoederschap' is pleitbezorger van dit project. Ook het FIOM, kenniscentrum voor vraagstukken rond zwangerschap en afstamming, ziet een groeiende belangstelling voor draagmoederschap, zowel bij heterostellen van wie de vrouw om medische redenen geen kind kan dragen als bij mannenkoppels. Het FIOM en Schats pleiten voor het 'Engelse model': een bemiddelingsorganisatie zonder winstoogmerk, waar wensouders en draagmoeders kunnen worden gescreend, begeleid en aan elkaar gekoppeld.

Er zijn ook in Groot-Brittannië nog te weinig draagmoeders. Toch blijken daar jaarlijks tientallen vrouwen uit altruïsme bereid een kind te dragen voor ouderkoppels die zij van tevoren niet kenden. De NVOG, de Nederlandse beroepsvereniging van gynaecologen, heeft evenmin principiële bezwaren. Wel bepleit zij terughoudendheid met draagmoederschap 'zolang de juridische aspecten niet voldoende zijn afgedekt'.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

10:36 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

31 januari 2018

Zorgprofessionals schrappen onnodige regels


Een idee uit Nederland dat de minister, de bestuurders van het Riziv en de artsenverenigingen gerust mogen overnemen: Met steun van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) gaan zorgprofessionals uit zeven verschillende beroepsgroepen samen met verzekeraars, beroepsverenigingen en toezichthouders, vaststellen welke regels binnen hun vakgebied kunnen worden geschrapt en wat er nodig is om dit te realiseren.

De kersverse minister Hugo de Jonge van VWS geeft op 30 januari het officiële startsein voor het vervolgtraject van (Ont)regel de Zorg. Vervolgens gaan zorgprofessionals in drie bijeenkomsten verspreid over twee maanden aan de slag met het schrappen van regels.

De schrap- en verbetersessies komen voort uit het initiatief (Ont)regel de zorg, van huisarts Peter de Groof en huisartsenactiegroep Het Roer Moet Om (HRMO)en de VvAA, de Nederlandse vereniging die medici, paramedici en studenten voor die beroepen bijstaat met onder andere financieel, bedrijfskundig en juridisch advies, verzekeringen en opleidingen. Uit onderzoek is naar voren gekomen dat artsen gemiddeld 40 procent van hun tijd kwijt zijn aan administratie. Wijkverpleegkundigen besteden zelfs bijna de helft van hun tijd aan het invullen van formulieren. Artsen vinden ruim de helft van de administratieve handelingen onzinnig. Bovendien gaat de tijd die ze eraan besteden ten koste van de patiëntenzorg.

Gesteund door het ministerie van VWS steken specialisten, huisartsen, verpleegkundigen, fysiotherapeuten, apothekers, psychiaters en wijkverpleegkundigen de koppen bij elkaar in ruim twintig schrap – en verbetersessies om concrete schrapsuggesties te formuleren, met de bijbehorende verbeterplannen. Het gaat om "realiseerbare plannen die direct verschil maken voor de patiënt en de zorgverlener". Tijdens een eerste schrapconferentie in november 2017 zijn vijf schrapvoornemens geformuleerd. Alle ziekenhuisbrede kwaliteitsindicatoren staan ter discussie en worden getoetst op doelmatigheid; de terugkerende machtigingen voor hulpmiddelen voor chronische aandoeningen moeten worden afgeschaft; de richtlijnen, veldnormen en kwaliteitsindicatoren moeten worden vereenvoudigd; artsen gaan voortaan niet meer jaarlijks maar meerjaarlijks verantwoording afleggen; en ze ontregelen hun richtlijnen, veldnormen en protocollen en voorkomen dat ze automatisch verworden tot controlesystemen.

Minder regels en minder bureaucratie in de zorg is het doel van zorgverleners en van kabinet-Rutte III. Lang was het de vraag hoe, na jaren van noodkreten uit het veld, een einde te maken aan de volgens de VvAA onzinnige bureaucratie in de zorg. Sinds nog niet zo lang geleden wordt naar oplossingen gezocht, naar aanleiding van de inzet van het actiecomité ‘Het Roer Moet Om', dat in maart 2015 de noodklok luidde over de administratie- en regeldruk in de huisartsenzorg. "De schrapactie binnen deze beroepsgroep leverde resultaat op, maar versnelling en verbreding waren nodig en zijn inmiddels in gang gezet", zo stelt, een van de initiatiefnemers van Het Roer Moet Om.

Het is dus menens: in Nederland gaan de artsen zelf in het verweer tegen de administratieve terreur. Wie neemt in ons land het initiatief?

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:43 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)