20 oktober 2017

Onthullende ontdekking: contaminatie van cellijnen zorgt sinds jaren voor foute resultaten


Zo'n 33 duizend studies naar zaken als kanker en virale ziektes blijken gebaseerd op andere cellen dan men dacht. Maar dat maakt niet veel uit, zeggen betrokkenen. Van de zo'n 80 duizend soorten 'cellijnen' die er in omloop zijn, zijn naar schatting 20 tot 25 procent besmet met andere soorten cellen. De cellen zijn besmet, overwoekerd, of op eigen houtje doorgeëvolueerd tot iets anders. Dat heeft geleid tot 32.755 artikelen met verkeerde conclusies resulterend uit verkeerd onderzoek op verkeerde cellen, schrijven de Nijmeegse onderzoekers Serge Horbach en Willem Halffman in Plos One.


De twee namen een lijst van onechte cellijnen erbij, en doorzochten aan de hand daarvan de literatuur. Conclusie: nog altijd verschijnen er ieder jaar zo'n 1200 onderzoeksartikelen die zijn gebaseerd op verkeerd geclassificeerde cellen.


In Nederland alleen al gaat het om 586 artikelen, verspreid over de tijd. In een artikel dat vorig weekend in De Volkskrant verscheen wordt het onderzoek aangehaald van het team onder leiding van maag-, darm- en leverarts Jurjen Boonstra (Leiden UMC) dat slokdarmkankercellen controleerde. Drie populaire cellijnen bleken niet meer overeen te komen met het oorspronkelijke materiaal: ze waren door de tijd heen overgenomen door dikkedarm-, maag- en longkankercellen. 'Terwijl er wel allerlei publicaties en experimenten uit zijn voortgekomen', vertelt Boonstra. 'Maar als je door de microscoop kijkt, staat er bij die cellen geen bordje: dit is een dikkedarmcel, dit een slokdarmcel.'


Tot missers met patiënten heeft de affaire voor zover bekend niet geleid: nieuwe medicijnen worden nooit op basis van cellijnonderzoek alleen ontwikkeld. Of nog, een studie met onder meer strottenhoofdkankercellen, die in werkelijkheid baarmoederhalskankercellen zijn. 'Dat is al bijna veertig jaar bekend. Dus is het feitelijk geen contaminatie meer, maar een gestabiliseerde subcellijn van de HeLa-cellen van de beroemde Afro-Amerikaanse patiënt Henrietta Lacks.' Dat zijn heus niet allemaal oude gevallen, leert nadere inspectie. Vorige maand nog stonden de namen van de Groningse hoogleraar nucleaire geneeskunde Rudi Dierckx en gasthoogleraar Albert Signore boven een oncologische studie, met schildkliercellen die in werkelijkheid darmcellen zijn. 'We wisten dat de cellen mogelijk gecontamineerd waren', mailt Signore desgevraagd. Waarna het onderzoek gewoon doorging: 'Voor ons onderzoek hadden we een snel groeiende en agressieve cellijn nodig, zoals deze. Hun oorsprong was niet zo relevant.'


De schade valt in de praktijk mee. Dat is ook het beeld dat ontstaat bij nadere bestudering van zomaar tien recente, Nederlandse studies waarin de foute cellen voorkomen. 'Ik gebruik cellen voor laboratoriumdiagnostiek van autoimmuunziekten. Daarvoor maakt het celtype niet zo uit', zegt laboratoriumspecialist Jan Damoiseaux (UMC Maastricht), die werkt met zo'n verwisselde celcultuur. 'Voor mij zijn algemene eigenschappen van belang, zoals een grote celkern en goede celdeling.' De geïnterviewden gaan er licht over.


Maar bij het International Cell Line Authentication Committee (ICLAC), de organisatie die lijsten van 'valse' cellen opstelt, is voorzitter Amanda Capes-Davis kritischer. 'Mijn grootste zorg betreft de ontdekkingsfase van het onderzoek, als de controles nog niet zo strikt zijn. Stel dat je een spannend nieuw stofje hebt gevonden dat misschien werkt tegen borstkanker. Je eerste stap is dan om het op cellijnen te testen. Dan kan zo'n verkeerd geïdentificeerde cellijn je op een dwaalspoor brengen. Dat kost tijd en onderzoeksgeld', mailt ze. De schatting van Horbach en Halffman lijkt haar 'aan de conservatieve kant', zegt ze. 'En de belangrijkste boodschap is dat wetenschappers de verkeerd geïdentificeerde cellijnen nog steeds gebruiken, ondanks jarenlange waarschuwingen.' Dat kan alleen maar geharrewar geven, vindt ze.


Halffman pleit daarom voor een duidelijke waarschuwingstekst op onderzoeken die van de verkeerd gelabelde cellijnen gebruikmaken: pas op, de cellijn in dit onderzoek is niet wat u denkt. Onderzoekers verwijzen immers naar elkaars studies en inmiddels, zo ontdekten Horbach en Halffman, zijn er al zeker een half miljoen artikelen die op de een of andere manier voortborduren op een 'besmette' studie. 'Zo kan dit zich als een olievlek uitbreiden', zegt Halffman.


Tenslotte nog dit: het testen van cellen kost twee minuten, waarmee veel ellende kan voorkomen worden.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:15 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

19 oktober 2017

De val van de alfaman


Wat bezielt mannen als Dominique Strauss Kahn (DSK), Donald Trump (DT) en Harvey Weinstein? De drie alfamannetjes hebben een onmatig grote seksuele drift gemeen die ze op slachtoffers waar ze autoriteit over hebben, botvieren.


DSK hield het met callgirls, prostituees, kamermeisjes en journalistes. DT greep wie hij kon naar eigen zeggen "in het kruis" en naar blijkt uit recente getuigenissen aarzelde hij niet om doelwitten als prinses Diana en filmster Brooke Shields te stalken. Harvey Weinstein paste de aloude Hollywood sofatechniek toe. Er zijn een aantal opvallende overeenkomsten: het gaat om machtige, vermogende en fysiek niet bijzonder aantrekkelijke mannen.


Wat me opvalt is dat het ongeloof dat velen uitten toen in 2011 de zaak DSK uitbarstte, nu plaats gemaakt heeft voor een soort aha-erlebnis. Strauss-Kahn's goede vriend sinds 20 jaar, de Franse filosoof Bernard-Henry Lévy verdedigde hem door dik en dun: "De Strauss-Kahn die ik ken, die sinds 20 jaar mijn vriend is geweest en die mijn vriend zal blijven, lijkt niet op dit monster, deze holbewoner, dit onverzadigbare en kwaadwillende beest zoals nu in de kranten wordt beschreven. Charmant, verleidelijk, ja zeker, een liefhebber van vrouwen en in de eerste plaats van zijn eigen vrouw, natuurlijk, maar dit wrede en gewelddadige individu, dit wilde dier, deze primaat, natuurlijk niet." Deze invloedrijke man, mijn beste vriend, een eerbaar bankier, een monster? Nee dat kan gewoon niet. Dit is een schoolvoorbeeld van het sociaal-psychologische fenomeen van stereotypering. Verkrachters zien er heel anders uit, dat zijn ‘losers' die geen vrouw kunnen krijgen. Je hoort nu een totaal ander verhaal.


Ik hoor op de radio hoe een "forensisich specialist" met de sociaal-psychologische verklaringen komt aandraven voor het seksueel grensoverschrijdende gedrag van zo'n man. Mannen in hoge posities, zouden een ‘natuurlijke' neiging hebben om het slachtoffer te worden van hun overmatige testosteronproductie. En precies omdat ze op de top van de apenrots zitten, is er niemand die hen corrigeert. Ze worden dus vanzelf seksverslaafd.


Ik geloof dat niet. Bill Clinton, Arnold Schwarzenegger, JFK en andere mannen gaan de geschiedenis in als seksuele veelvraten. Maar dat is nog wat anders dan kamermeisjes en debuterende actrices aanranden. Hun partner in hun seksuele escapades was een toestemmende partij. Een stagemeester die een stagiaire de linnenkast in lult maakt daarentegen misbruik van zijn positie. De mate van dwang en psychologisch geweld maakt het verschil.


Er zijn naar aanleiding van de zaak Weinstein opvallend veel verhalen over het seksueel intimiderende en dwingende gedrag van de dader naar buiten gekomen. Net als DSK zei Weinstein iets in de aard van ‘Ik weet niet wat me bezielde, ik ging volledig door het lint'. De dader poseert als slachtoffer. Forensisch deskundigen moeten dit herkennen: de dader die heel goed weet dat hij zichzelf niet onder controle kan houden in aanwezigheid van vrouwen, die seksueel opgewonden raakt van het dwingen van een vrouw tot seksueel contact, die wil dat de vrouw zich verzet. Herkenbaar is ook het recidiverende patroon. Ik heb in mijn carrière nogal wat van dit soort mannen gekend: in de politieke cenakels, aan de academie, in de advocatuur, in de media, in het theater. Geen van hen zag er als een loser uit. Ieder van hen was keurig getrouwd. Ze hadden kinderen, een schitterende carrière, een bloeiende praktijk. Ze werden bewonderd, gevreesd, ze beslisten over de toekomst van anderen.


In de Amerikaanse media vreesde men na de zaak DSK dat de slachtoffers van verkrachting nog meer zouden gaan aarzelen om aangifte te doen. Dat is nu niet meer zo. Het is goed dat de pers de slachtoffers nu de ruimte geeft. Overal zijn er kleine en grote Weinsteins, DSK's en Trumps. Hun slachtoffers mogen nu uit de kast komen. Ze zijn niet langer alleen.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:08 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

18 oktober 2017

NHS wil seksualiteit van patiënten kennen


De NHS England wil dat artsen vanaf april 2019 elke patiënt van 16 jaar of ouder vraagt naar zijn seksuele geaardheid.


Iedereen zal dus moeten bekend maken of hij homo, lesbisch, biseksueel, transgender of hetero is. De NHS England maakte de maatregel maar zondagmiddag bekend weigerde details te geven over hoe de informatie zal worden verzameld.


Zoals de tekst zich nu laat lezen zullen patiënten niet alleen kunnen worden ondervraagd door huisartsen, maar ook door verpleegkundigen of zelfs receptionisten. De NHS zei dat niemand zou worden gedwongen om de vraag te beantwoorden, maar het vastleggen van de gegevens zou ervoor zorgen dat "geen patiënt gediscrimineerd wordt".


Volgens een woordvoerder zal de regel geen invloed hebben op de zorg die ze ontvangen. De nieuwe richtlijn komt er binnen het kader van de wet inzake gelijke kansen die overheidsinstanties verplicht " waar relevant consequent de persoonlijke gegevens van patiënten zoals ras, geslacht en seksuele geaardheid te verzamelen ".


Volgens de Family Doctor Association is de richtlijn "potentieel invasief en beledigend" voor huisartsen wanneer zij de seksualiteit van mensen dienen te controleren. FDA voorzitter Dr. Peter Swinyard zei dat huisartsen de seksualiteit van hun patiënten meestal kennen en dat de nieuwe verplichting weinig zin heeft.


Paul Martin, chief executive van Manchester's LGBT Foundation, die samen met NHS England aan de basis ligt van de betwiste richtlijn zei dat hij "zo trots" was op de nieuwe regel. "Als we niet geteld worden, tellen we niet mee," zei hij. Hij noemde de monitoring van de seksuele geaardheid een "enorm belangrijke stap in de goede richting" om de ongelijkheid tussen LGBT's in de gezondheidszorg en sociale zorg aan te pakken. Hij erkende wel dat "sommige mensen zich ongemakkelijk zullen voelen als ze de vraag gesteld krijgen" en dat "het niet gepast zou zijn om aan een drukke receptie iemands seksuele geaardheid hardop te vragen."


Als een patiënt zijn seksualiteit niet openbaar wil maken, wordt "niet vermeld" als antwoord geregistreerd. De keuzeopties zijn heteroseksueel, homo of lesbisch, biseksueel, transgender, andere seksuele geaardheid, niet zeker, niet duidelijk of niet bekend. Op de BBC noemde het conservatief parlementslid Jacob Rees-Mogg de maatregel "opdringerig en Orwelliaans".

Marc van Impe

Bron: MediQuality

20:35 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)