23 mei 2017

Hospitalisatieverzekeraars leven in andere realiteit



De kleine lettertjes in de hospitalisatiepolissen en langere wachttijden in de ziekenhuizen maken dat er steeds meer patiënten in geschil gaan met hun verzekeringsmaatschappij. Uit het jaarverslag van de ombudsdienst van de Verzekeringssector blijkt dat er vorig jaar 598 klachten ingediend werden tegen hospitalisatieverzekeraars.


Meer dan de helft van die klachten hield verband met de de zogenaamde vooraf bestaande ziektes en dan vooral bij mensen die op latere leeftijd nog van verzekeraar veranderen. Dat is niet zo'n goed idee. De verzekeraar aarzelt vaak niet om jarenlange procedures met expertise en tegenexpertise in te spannen om toch maar te bewijzen dat de ziekte al effectief was vastgesteld bij de onderschrijving van het nieuwe contract, of toch minstens of er al symptomen van aanwezig waren.


Maar er duikt een nieuw probleem op. De meeste polissen voorzien de terugbetaling van de medische kosten tijdens de periode van 30 dagen voor de ziekenhuisopname en 90 dagen erna. In de praktijk betekent dat echter dat door de langere wachttijden in de ziekenhuizen steeds meer voorafgaandelijke onderzoeken maar ook nabehandelingen buiten de gewaarborgde periode vallen. Ombudsvrouw Josette Van Elderen zegt dat het voor de consument moeilijk te begrijpen valt dat hier geen uitzonderingen op toegestaan worden, ook al staan de kosten in verband met de verzekerde ziekenhuisopname. "Als ombudsman pleit ik ervoor dat de algemene voorwaarden meer op de realiteit worden afgestemd."


Meer info: http://www.ombudsman.as/nl/service/commission.asp

Marc van Impe

Bron: MediQuality

12:12 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

19 mei 2017

Wallonië dreigt netwerking ziekenhuiswereld te missen


De krant De Tijd geeft vandaag inzage in de wijze waarop minister Maggie De Block de ziekenhuizen wil laten samenwerken. Gisteren legde de minister haar federale coalitiepartners een hervormingsnota voor met haar analyse en conclusie.


De hervorming komt er op een zachte manier want De Block geeft de ziekenhuizen veel vrijheid. De Vlaamse ziekenhuizen reageren positief en hebben 13 netwerken in de stijgers staan. De Waalse ziekenhuizen daarentegen dreigen de kans te missen. Dat kan betekenen dat de minister de netwerken daar op het kabinet laat uittekenen en vervolgens oplegt. Door de vijandschap tussen de openbare ziekenhuizen die vooral door de PS worden bestuurd en de privé instellingen is daar nog niet duidelijk wie met wie in zee gaat. Voor de PS betekent dit ook een manier om oppositie te voeren tegen de federale regering.


Het verschil in aanpak en dynamiek tussen de twee regio's maakt nog maar eens duidelijk hoe diep de kloof in de gezondheidswereld wel is. In Vlaanderen hebben de algemene ziekenhuizen en de universitaire instellingen de boodschap begrepen. Bijna alle Vlaamse ziekenhuizen weten met wie ze in zee gaan. Enkel de ziekenhuizen van Oudenaarde, Ronse en Zottegem en de instellingen in Halle-Vilvoorde zijn er nog niet uit met wie ze gaan samenwerken.

Alleen samenwerken kan de financieel zieke ziekenhuizen redden. Daarmee komt een einde aan een kwart eeuw van opbod en concurrentiestrijd. De ziekenhuisdirecties gunden elkaar het licht in de ogen niet. Elk ziekenhuis moest de nieuwste en dus ook duurste apparatuur hebben en de daarbij horende duurst betaalde specialisten. Want alleen op die manier zouden ze de meeste patiënten halen. Dat leidde in het verleden tot draconische overheidsmaatregelen om die wildgroei tegen te gaan. Niet alleen ging daardoor veel geld verloren, maar kwam ook de kwaliteit van de zorg in het gedrang want veel specialisten deden onvoldoende ervaring op om ingewikkelde ingrepen goed uit te voeren. Zo bleek uit onderzoek van het KCE dat de sterftekans bij een behandeling tegen longkanker is dubbel zo groot in een ziekenhuis dat weinig ervaring heeft. En omdat drie op de tien ziekenhuizen met verlies draait was het gevaar reëel dat de directies gingen beknibbelen op het personeel waardoor de kwaliteit van de zorg nog meer in het gedrang komt. De ziekenhuissector zit in een negatieve spiraal.


De oplossing van De Block bestaat erin ziekenhuizen te laten samenwerken in regionale netwerken. Voor basiszorg kan de patiënt overal terecht. Voor risicovolle ingrepen, zoals een bevalling, wordt de patiënt doorverwezen naar één specifiek ziekenhuis in dezelfde regio. Voor zeer complexe zorg, zoals ingewikkelde hartoperaties, moet hij naar een referentieziekenhuis. Dat betekent dus ook dat sommige ziekenhuizen bepaalde ingrepen niet meer mogen uitvoeren. De financiering van die geschrapte afdelingen wordt binnen de drie jaar stilgelegd.


De Block wil geen schoonmoeder spelen, zegt ze: de ziekenhuizen moeten zelf een soort koepelorganisatie in het leven roepen, maar kunnen zelf bepalen hoeveel macht ze daaraan geven. 'Elk ziekenhuis behoudt zijn identiteit en beleid, ook in ethisch gevoelige materies.' De ziekenhuizen mogen ook zelf bepalen hoe de geldstromen binnen hun netwerk lopen. Voor dure apparatuur, zoals scanners, zal het geld naar het netwerk vloeien. Voor eenvoudige ingrepen gaat het naar het ziekenhuis dat de ingreep uitvoert. Het geld dat door de sluiting van een afdeling wordt bespaard kan wel worden herverdeeld, blijkt uit de nota. Hoe, dat moeten de ziekenhuizen in het netwerk zelf uitmaken.


De federale regering moet de nota nu goedkeuren, waarop de nieuwe regels in dit najaar nog van kracht kunnen worden.


'We kunnen evenwel niet blijven wachten. We kunnen enkel de kwaliteit van onze zorg behouden als we ingrijpen', stelt De Block in De Tijd. 'Het klopt dat mensen voor sommige ingrepen soms wat verder moeten rijden, maar ze zullen beter worden geholpen. De patiënt zal er beter van worden, en dat is het enige wat telt.' 'De nota biedt een antwoord op heel wat vragen waar wij al maanden mee zitten', zegt Peter Degadt van de Vlaamse ziekenhuiskoepel Zorgnet-Icuro. 'Het goede is dat ziekenhuizen heel wat speelruimte krijgen. Ze zullen hun verantwoordelijkheid ook opnemen.' In Wallonië houdt men het been stijf. De liberale minister houdt echter een stok achter de deur. ‘Als er netwerken worden gevormd die geen steek houden of als een ziekenhuis uit de boot dreigt te vallen, grijpen we in.' Wordt ongetwijfeld vervolgd.


Marc van Impe

https://images.tijd.be/view?iid=ipaper:106169805&cont...

 


Bron: MediQuality

08:02 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

18 mei 2017

Ereloon naar talent en ervaring, wel voor advocaten niet voor artsen

 
Advocaten willen dat ze vrij en ongeremd zelf hun honorarium kunnen bepalen. Ook als er een vorm van algemene rechtsbijstandsverzekering wordt opgezet. Uiteraard zal die verzekeraar de vinger op de knip houden. Artsen hebben daar ervaring mee. Een arts is in principe vrij in het bepalen van zijn honorarium.


Maar het recht op een betaalbare gezondheidszorg en het feit dat de overheid via de verzekeringsinstellingen het grootste deel van dit honorarium financiert maken dat er remmende mechanismen bestaan die de omvang van het artsenhonorarium moeten kanaliseren. Ook de Orde stelt dat de arts ‘gematigd en bescheiden moet zijn bij het bepalen van zijn ereloon( code: art: 71). Advocaten willen daar niet van weten.

Stelt u zich het volgende verhaal voor: een patiënt meldt zich met een acute klacht. Hij maakt zich ernstig zorgen. En liever dan beroep te doen op een kwakzalver wendt hij zich tot een afgestudeerde professional. De arts in kwestie luistert aandachtig, hij heeft ervaring met dit soort klachten, en is bereid de patiënt in behandeling te nemen. Maar eerst moet er een provisiefactuur betaald worden. Neem zo'n 2000 €. Dat is gebaseerd op een ereloon van zo'n 170 € per uur, verplaatsingskosten à 0.50 € per kilometer en 3% administratieve kosten.


Daarbij komt 21% BTW. De arts stelt de patiënt echter gerust: dit voorschot zal in mindering worden gebracht van de eindfactuur. Absurd, zegt u? Niet voor een advocaat. Het is eerder de regel dan de uitzondering. Wie naar de dokter gaat, weet –ook in een privé kliniek- perfect hoeveel dat gaat kosten.


Maar bij een rechtszaak weet je wel waar je vertrekt maar niet waar je uitkomt. Een arts vraagt een vast bedrag. Een advocaat bepaalt zelf zijn ereloon, volgens de regel: hoe meer talent en ervaring, hoe hoger het ereloon. Dat maakt dat heel wat rechtszaken stranden, nog voor er een uitspraak komt, omdat het financieel onhaalbaar wordt. Vooral in medische zaken –waar de aansprakelijkheidsverzekering bepaalde limieten op legt- maar ook in geschillen met bijvoorbeeld Riziv of ziekenhuisdirectie, is dat het geval. Ik ken meer dan een arts die zich in de financiële ruïne heeft geprocedeerd. Ook al hebt u het gelijk aan uw kant, vaak is het de raadsman die als enige winnaar overblijft.


Maar er is verandering op komst. Minister van Justitie Koen Geens legt nu een vast eenheidstarief voor advocaten op tafel. Op de bijzondere ministerraad van vorige zondag werd besloten om een 'nomenclatuur voor advocaten' in te voeren. De overheid gaat dus wettelijke tarieven vastleggen, waarna advocaten zelf mogen kiezen of ze zich aan die tarieven houden. Vervolgens wordt een lijst van die advocaten gepubliceerd. Zo krijgt de burger meer transparantie. Als een advocaat zich houdt aan dat vastgelegde ereloon zou de verzekering moeten volstaan om alle kosten te dekken.


In eerste instantie gaat het om echtscheidingen, bouwgeschillen, erfeniskwesties en bepaalde strafzaken. Maar in de coulissen vernemen we dat er ook gedacht wordt aan geschillen binnen het kader van het gezondheidsrecht.


Vorig jaar kreeg de ombudsvrouw van de verzekeringen 598 klachten binnen betreffende verzekeringen voor medische zorg, de hospitalisatieverzekeringen, en dat is slechts het topje van de ijsberg. Er zijn nogal wat klachten in verband met de afhandeling van medische schadegevallen. Volgens het regeringsvoorstel zullen advocaten zelf mogen kiezen of ze zich aan die conventie houden.


En daar zijn ze niet gelukkig mee want , aldus Hasseltse advocaat en opiniemaker Hugo Lamon. Hij maakt de vergelijking met de voetbalcompetitie: "Het is alsof je de lonen van topvoetballers gelijktrekt met de lonen in vierde provinciale." Lamon vreest dat de tarieven een referentie zullen worden voor wat ‘een normale prijs' is. "Daardoor zal de rest van de markt de tarieven automatisch overnemen. Dit plaatst ons allemaal onder druk."


En de Orde van Vlaamse Balies zegt dat er geen prijsafspraken over rechtszaken kunnen worden gemaakt, want zou in strijd zijn met de Europese mededingingsregels. "Door mensen richting een verzekering te duwen, wordt de toegang tot de rechter geprivatiseerd" , zegt meester Philippe Declercq, van de Orde van Vlaamse Balies.


De advocaten zeggen ook dat de ene zaak de andere niet is. Aan de ene zaak heeft een advocaat bijvoorbeeld veel meer werk dan aan een andere. Waarbij ik me de vraag durf te stellen of dat bij dan bij artsen anders is? Draaien die dan voortdurend op routine? Het protest doet me denken aan discussies uit 1964. Misschien stevenen we af op een nationale advocatenstaking.

Tenslotte nog dit: de forfaitaire kilometervergoeding wordt jaarlijks aangepast op 1 juli. Voor 2016 werden ze gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 29 juni 2016. Van 1 juli 2016 tot en met 30 juni 2017 is het nieuwe bedrag 0,3363 € per kilometer. Dus geen 0,50 € per kilometer.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:54 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)