21 december 2017

Gemuteerd gen veroorzaakt chronisch slechte adem


Voor het eerst hebben onderzoekers ontdekt dat een slechte adem ook door een genetisch defect kan worden veroorzaakt. Bij mensen met een foutje in het gen SELENBP1 ontbreekt het eiwit dat de zwavelverbinding methaanthiol omzet. Dat schrijven onderzoekers van het Radboudumc en de Radboud Universiteit in Nature Genetics.

Een slechte adem (halitose) wordt meestal veroorzaakt door bacteriën in de mondholte die zwavelverbindingen vormen. Over andere oorzaken van een slechte adem is nog weinig bekend, maar er wordt al lang gedacht dat er ook een genetische oorzaak mogelijk is. Al in de jaren negentig volgde Dr Albert Tangerman (Radboudumc, interne geneeskunde) een Nederlandse familie waarvan meerdere mensen een slechte adem hadden. Samen met hoogleraar Erfelijke Stofwisselingsziekten Ron Wevers zocht hij naar de oorzaak, waarbij ze uiteindelijk bij deze mensen op enkele zwavelverbindingen stuitten, waaronder het sterk stinkende methaanthiol. Die stof verspreidt een sterke koolachtige lucht. 'Methaanthiol wordt in grote hoeveelheden in de darm geproduceerd en kan ook uit voeding afkomstig zijn. We dachten dat het eiwit dat deze stof moet opruimen bij deze mensen kapot was', zegt Wevers, 'maar konden daar geen aanknopingspunten in de stofwisseling voor vinden. Het proces waarmee het lichaam deze stof onschadelijk maakt was onbekend, dus zaten we op dat moment vast.'

Wevers presenteerde het probleem op congressen en kwam zo in contact met families uit Duitsland en Portugal met hetzelfde probleem. Daarnaast ontstond er een samenwerking met hoogleraar Microbiologie Huub Op den Camp, die onder andere gespecialiseerd is in zwavelomzettingen in bacteriën. Samen met onderzoekers van de Universiteit van Warwick vonden ze onlangs in de bacterie Hyphomicrobium een eiwit dat zorgt voor de omzetting van methaanthiol: het methaanthiol oxidase.

De bacterie gebruikt de verontreinigingen in het rioolwater, waaronder zwavelverbindingen zoals methaanthiol, als voedsel, waardoor deze uit het rioolwater worden verwijderd. Vervolgens werd gekeken of het gen dat codeert voor het methaanthiol oxidase eiwit van de bacterie, ook in de mens aanwezig was. Het menselijke gen dat de meest overeenkomsten vertoonde was het gen SELENBP1. Hoogleraar Microbiologie Huub Op den Camp: ‘De functie van het bijbehorende menselijk eiwit SELENBP1 was echter nog onbekend. Daarmee was ook onbekend in welke stoffen ons lichaam het methaanthiol omzet. Het SELENBP1 gen staat in de literatuur wel te boek als een tumorsuppressor gen. Maar we dachten meteen dat de afwezigheid van dit eiwit wel eens de oorzaak van de stinkende adem zou kunnen zijn bij deze mensen'.

Dus onderzochten Wevers en Op den Camp adem, bloed en urine van de patiënten en bleken ze inderdaad een verhoogde hoeveelheid van vooral methaanthiol en dimethylsulfide te hebben. Wevers: ‘Dat was een duidelijke aanwijzing dat er bij deze patiënten dus iets fout gaat in de stofwisseling waardoor een viertal zwavelverbindingen zich ophopen in het bloed waaronder het methaanthiol. Deze stof en het dimethylsulfide zijn zeer vluchtig en komen daardoor via de longen makkelijk in de uitademingslucht. Nu bekend was dat er een menselijke variant bestaat van het eiwit dat zwavelverbindingen omzet, namelijk SELENBP1, bekeken wij ook het DNA van deze patiënten. Ze bleken inderdaad allemaal mutaties in het SELENBP1 gen te hebben.'

Verder onderzoek leverde nog meer bewijs op voor hun nieuwe ontdekking. De huidcellen van de patiënten bleken bijvoorbeeld een sterk verminderde hoeveelheid van het eiwit en weinig tot geen enzymactiviteit te vertonen. Hetzelfde zagen ze bij een muis waarbij het gen uitgeschakeld werd. Dat leidde tot de conclusie dat SELENBP1 inderdaad een methaanthiol oxidase is en mutaties in dat gen een chronisch slechte adem kunnen veroorzaken. Iets wat waarschijnlijk veel vaker voorkomt dan gedacht. De onderzoekers hebben berekend dat ongeveer 1 op de 90.000 mensen de mutatie hebben. Voor deze patiënten is nog geen therapie beschikbaar. Voorlopig kunnen ze een stinkende adem eigenlijk alleen verminderen met dieetmaatregelen. Verder onderzoek zal zich richten op het ontwikkelen van een mogelijke therapie en op de rol van de stoffen die uit methaanthiol ontstaan bij een niet verstoorde stofwisseling.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

20:00 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

20 december 2017

Akoestische vingerafdruk moet rijpheid van longen foetus voorspellen


Onderzoekers van het Radboudumc Nijmegen hebben een Open Mind subsidie ontvangen voor de ontwikkeling van een akoestische test die de rijpheid van longen van ongeboren kinderen kan vaststellen. Die kennis maakt een betere afweging mogelijk van de risico’s van moeder en ongeboren kind bij het timen en de plaats van de geboorte.

Geluid bevat informatie. Met kloppen op de muur vind je bijvoorbeeld snel het holle gedeelte erachter en je hoort ook onmiddellijk of een auto op je afkomt of juist van je wegrijdt. Gynaecoloog Freke Wilmink en fysicus Gert Weijers van het Radboudumc gaan nu met ultrageluid de rijpheid van longen in ongeboren kinderen proberen te voorspellen.

 

Uniek geluid

"Elk weefsel heeft een eigen, uniek geluidspatroon", zegt Weijers. "Van die eigenschap hebben we bij de afdeling Radiologie al eerder gebruik gemaakt om de vervetting van de lever te meten. Een gezonde lever klinkt anders dan een vervette lever. Op die manier krijg je informatie over het binnenste van het lichaam zonder het te openen."

De techniek gaat hij met Wilmink nu ook gebruiken om de longrijpheid bij ongeboren baby's in de baarmoeder te voorspellen. De longen van te vroeg geboren baby's zijn vaak onvoldoende rijp, waardoor ze niet zelfstandig kunnen ademen. Zo'n situatie leidt - ook met beademing - vaak tot (blijvende) schade, waardoor artsen deze meest voorkomende complicatie bij te vroeg geboren baby's graag willen voorkomen.

 

Betrouwbaar en niet invasief

"Het is daarom van groot belang dat we de longrijpheid kunnen vaststellen voordat een baby wordt geboren", zegt Wilmink. "Daardoor kunnen we een betere afweging maken tussen de risico's van de moeder bij een gecompliceerde zwangerschap en de risico's voor het kind bij een vroeggeboorte. Zo nodig kunnen we de baby behandelen via de moeder met corticosteroïden die de longrijping bevorderen. Daarnaast kunnen zwangere vrouwen tijdig worden doorverwezen naar een ziekenhuis met een Neonatale Intensive Care Unit waar extra zorg aanwezig is."

Op dit moment kan er meestal geen test worden verricht voor de longrijpheid. Als het wel kan, moet dit via een vruchtwaterpunctie. Wilmink: "Dit is een invasieve test, die niet overal beschikbaar is en bovendien niet altijd betrouwbaar is. Het zou een enorme stap vooruit zijn als we de rijpheid met een betrouwbare, niet-invasieve test kunnen vaststellen."

 

Akoestische vingerafdruk

Voor de ontwikkeling van zo'n test hebben de onderzoekers een Open Mind subsidie ontvangen van NWO-STW. Weijers: "Met deze subsidie gaan we de longen van foetussen in beeld brengen met echografie en de textuur hiervan analyseren met Non-Invasive Quantitative Ultrasound image analysis, kortweg met NIQU. Zo kunnen we een soort akoestische vingerafdruk opstellen van de verschillende ontwikkelfases van de foetale longen, langzaam oplopend van onrijp naar rijp. Die akoestische vingerafdrukken toetsen we aan de feitelijke longrijpheid bij de geboorte, zodat we echt weten wat we meten."

Zo'n test biedt volgens Wilmink grote voordelen: "Er is een betere selectie mogelijk van baby's die al geboren kunnen worden en baby's die sterk kunnen profiteren van een verlenging van de zwangerschap, onnodige toediening van corticosteroïden kan vaker worden voorkomen en we verwachten dat er minder vaak noodsituaties ontstaan waardoor vervoer naar een ziekenhuis met een NICU noodzakelijk is. De zorg voor te vroeg geboren kinderen kunnen we zo op diverse punten verder verbeteren."

07:55 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

17 december 2017

Met muziek minder pijn


Patiënten die herstellen van een operatie ervaren minder pijn wanneer ze hebben geluisterd naar live muziek. Een onderzoek op drie chirurgische verpleegafdelingen van het UMCGroningen in samenwerking met het Prins Claus Conservatorium van de Hanzehogeschool Groningen toont dit aan. Ook drie uur na het luisteren naar de muziek is de pijn nog altijd minder.

Juist bij kwetsbare patiënten, die herstellen van een vaak heel ingrijpende operatie, is dat belangrijk. Een operatie is heel ingrijpend voor het lichaam. Het roept een ontstekingsreactie op die nodig is om te genezen, maar die ook voor nare bijwerkingen kan zorgen, zoals verwardheid, longontsteking of gewichtsverlies. En hoe ouder iemand is, hoe groter de gevolgen van complicaties.

Het project ‘Muziek voor kwetsbare patiënten in het ziekenhuis' is een samenwerking van de afdeling Chirurgie van het UMCG en het lectoraat Lifelong Learning in Music van het kenniscentrum Kunst & Samenleving van de Hanzehogeschool Groningen. Tijdens het symposium Meaningful Music in Health Care, dat vrijdag 8 december plaatsvond, werden de eerste resultaten van het onderzoek gepresenteerd en werd de documentaire ‘Resonans' getoond, die tijdens het onderzoek in het UMCG gemaakt is.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

18:51 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)