08 september 2017

Studie: hoge HDL-waarden zijn nefast


HDL blijkt net zo slecht of zo goed te zijn als LDL, zo blijkt uit een Deense studie van de University of Copenhagen. De onderzoekers hebben aangetoond dat de groep mensen met extreem hoge goede cholesterolwaarden een hoger sterftecijfer vertonen dan mensen met een normale waarden.


Bij mannen met extreem hoge HDL-waarden lag het sterftecijfer 106 procent hoger dan voor de normale groep. Bij vrouwen met extreem hoge HDL-waarden lag het sterftecijfer 68 procent hoger. "Deze resultaten veranderen op een drastische wijze de manier waarop we tegen 'goede' cholesterol aankijken. Artsen zoals ikzelf waren gewoon om onze patiënten te feliciteren als die zeer hoge HDL-waarden in hun bloed hadden. Maar dit dramatisch hogere sterftecijfer toont aan dat we totaal fout zitten," zegt Børge Nordestgaard, professor klinische geneeskunde en één van de auteurs van de studie.


De onderzoekers analyseerden de gegevens van 116.000 patiënten uit Kopenhagen die deelnamen aan de hartstudie, in combinatie met sterftecijfers van het Deense bevolkingsregister. Ze volgden de patiënten gemiddeld 6 jaar, en constateerden op basis van de studie iets meer dan 10.500 sterfgevallen.


De resultaten toonden aan dat mannen met extreem hoge HDL-waarden een 106 procent hoger sterftecijfer vertoonden dan mannen met normale HDL-waarden. Bij vrouwen met extreem hoge HDL-waarden stelde men een 68 procent hoger sterftecijfer vast dan bij de normale groep. Mannen met zeer hoge HDL, vertoonden ook een hoger sterftecijfer van 36 procent. 0,4 procent van de mannen en 0.3 procent van de vrouwen die aan de studie deelnamen had een zeer hoog HDL, en 1,9 procent van de mannen had een hoog HDL.


De studie stelde ook buitensporige sterfte vast bij mensen met extreem lage HDL-waarden. De mensen met middelmatige HDL hadden de laagste sterfte. Voor mannen was dit niveau 1.9 mmol/L. Voor vrouwen was het 2.4 mmol/L.


Eerdere Amerikaanse studies toonden vergelijkbare correlaties tussen goede cholesterol en buitensporige sterfte onder specifieke bevolkingsgroepen aan, maar dit is de eerste keer dat buitensporige sterfte is aangetoond in de algemene bevolking.


Bron: http://healthsciences.ku.dk/

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:50 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

08 juli 2017

Zelfde gen, meerdere ziektes


Een genetische mutatie kan leiden tot volledig verschillende ziektes, afhankelijk van het moment en de plek waarop de mutatie ontstaat. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van Rocio Acuña-Hidalgo van het Radboudumc.


Zo leidt een mutatie in het SETBP1-gen vroeg in de ontwikkeling tot het Schinzel-Giedion syndroom, maar later in het leven tot myeloïde leukemie. "Het vaststellen van het moment van een mutatie is cruciaal voor de interpretatie ervan en zorgvuldig genetisch advies."


Dr. Rocio Acuña-Hidalgo, van de Radboud Unisversiteit Nijmegen, onderzocht de timing van de novo mutaties en het effect hiervan op ziekte en gezondheid. Ze deed dit aan de hand van patiënten met het zeldzame Schinzel-Giedion syndroom. Deze ontwikkelingsstoornis, die gepaard gaat met verstandelijke beperkingen, is het gevolg van een mutatie in het SETBP1-gen tijdens de ontwikkeling van zaad- of eicellen. Door de mutatie ontstaat er een overschot aan SETBP-1 eiwitten wat de neurologische ontwikkeling verstoort. Maar deze eiwitophoping wordt ook gezien bij patiënten met leukemie die niet lijden aan dit syndroom. Bij hen is de mutatie later in het leven ontstaan.


Acuña-Hidalgo: "We zien dat kwaadaardige tumoren ontstaan door zeer verstorende mutaties in SETBP1, terwijl kinderen met het Schinzel-Giedion syndroom mildere mutaties in dit gen hebben en slechts in enkele gevallen kanker ontwikkelen. Maar er zijn ook voorbeelden bekend van andere syndromen die ook een verhoogde kans op kanker geven. Een mutatie vanaf de geboorte kan later in het leven meerdere gevolgen hebben. Verstoorde functies van een gen komen in verschillende organen en op verschillende momenten in de ontwikkeling naar voren."


Acuña Hidalgo keek ook naar mutaties in bloedvormende stamcellen. Doordat deze stamcellen de mutatie doorgeven aan de bloedcellen die zij vormen, neemt de hoeveelheid gemuteerd bloed langzaam toe met de leeftijd: "Voorheen konden we mutaties opsporen als deze in minstens vier procent van het bloed voorkwamen. Met behulp van Next Generation Sequencing kunnen we nu mutaties aanwijzen als die bij een half procent van de bloedcellen voorkomen." In een onderzoek geleid door Alexander Hoischen, en dat op 29 juni verscheen in American Journal of Human Genetics, schat Acuña-Hidalgo in dat ongeveer twee op de tien mensen tussen de 60 en 70 jaar bloed van een gemengde genetische samenstelling heeft. Bij oudere mensen is dat nog meer. Dat is twee keer zoveel als eerder werd aangenomen: "Dit is een universeel verschijnsel te noemen. Het idee dat iedere cel in ons lichaam genetisch hetzelfde is, is gewoon niet waar."


"We zien dat onze lichaamscellen gedurende het leven mutaties vergaren. Dit is een belangrijke stap in de ontwikkeling van ouderdomsziekten en kanker. Het is wel belangrijk om te bedenken dat de ontwikkeling van bijvoorbeeld leukemie uit deze mutaties lang duurt. Als je goed zoekt in het bloed, kun je potentiële voorstadia van kanker vinden. Maar er zijn zoveel stappen tussen deze voorstadia en de daadwerkelijke kanker, dat maar weinig mensen dat hele proces doorlopen. Slechts een half tot één procent van de mensen met deze mutaties ontwikkelt daadwerkelijk kanker."

Marc van Impe

 

 

Bron: MediQuality

09:55 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

07 juli 2017

Tekenbeet kan vleesallergie veroorzaken



Artsen van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG) hebben ontdekt dat de beet van een bepaald type teek, de Ixodes Ricinus-teek, in zeldzame gevallen kan leiden tot een anafylactische shock bij het eten van vlees.


De allergie voor vlees ontstaat wanneer men via het bloed van het gebeten dier het zogenoemde alpha-gal binnenkrijgt. Deze soort suikerverbinding komt voor bij alle zoogdieren, behalve bij mensen en apen.


Wanneer deze teek vervolgens een mens bijt, kan dit alpha-gal ook het lichaam binnendringen. Het lichaam ziet dit als binnendringen en begint antistoffen aan te maken. Wanneer vlees gegeten wordt dat ook dit alpha-gal bevat, ziet het lichaam dit als gevaar en ontstaat een allergische reactie.


De artsen van het UMCG hebben over hun onderzoek gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor de Geneeskunde. Zij hopen zowel het publiek als artsen te waarschuwen voor deze gevaarlijke allergische reactie. Het kan enige uren duren voordat de reactie op het gegeten vlees zich manifesteert, waardoor het lastig kan zijn om de allergie met de tekenbeet in verband te brengen.

Marc van Impe


Bron: MediQuality

07:44 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)