14 februari 2017

Liefdesstofje maakt darmen verdraagzaam voor bacteriën

 

Van het Prikkelbare Darmsyndroom wordt wel eens gedacht dat het syndroom vooral tussen de oren zit, maar met deze ontdekking lijkt het bewijs geleverd dat het wel degelijk in de darmen zit.
Onderzoekers van de afdeling Maag-, Lever- en Darmziekten van het Rotterdamse Erasmus MC hebben ontdekt dat het afweersysteem in de darmen een stofje aanmaakt dat ervoor zorgt dat de miljarden bacteriën die in de darmen leven daar ‘liefdevol' worden gekoesterd. Zij publiceren over dit biochemische proces in de nieuwste editie van Immunity dat vandaag, op Valentijnsdag, verschijnt.


Maikel Peppelenbosch, hoofd van het MDL-laboratorium, beschrijft in het artikel dat bij de afbraak van het aminozuur tryptofaan een stof vrijkomt die het afweersysteem vertelt dat het verdraagzaam moet reageren op de darmbacteriën. ,,Een van de afbraakproducten van tryptofaan, kynurenine, blijkt als een liefdesdrankje te werken voor de dendritische cellen van het afweersysteem. Die geven onder invloed van kynurenine de boodschap af dat het afweersysteem de darmcellen met rust mag laten.''


In de hersenen zorgt de afbraak van tryptofaan voor de aanmaak van serotonine. Serotonine staat al lang bekend als ‘love hormone'. De ontdekking van het effect van het ‘liefdesstofje' in de darmen kan een stap vooruit zijn voor de behandeling van mensen met darmaandoeningen zoals de ziekte van Crohn en colitis ulcerosa. Maar ook voor de talloze patiënten met het vaak onbegrepen Prikkelbare Darmsyndroom. Bij deze patiëntencategorieën reageert het afweersysteem juist veel te fanatiek op de darmflora.


Het Prikkelbare Darmsyndroom is een omvangrijk maar miskend probleem. Schattingen lopen uiteen, maar gedacht wordt dat vijf tot twintig procent van de bevolking er in min of meerdere mate last van heeft. ,,Bij mensen met het Prikkelbare Darmsyndroom viel het al op dat ze relatief vaak producten als gedroogde worstjes eten,'' vertelt Peppelenbosch.


,,Wellicht blijkt daaruit dat deze patiënten een soort natuurlijke behoefte hebben aan veel tryptofaan omdat bij de afbraak ervan kynurenine vrij komt.'' De oorzaak van het Prikkelbare Darmsyndroom blijft bij het merendeel van de patiënten onbegrepen. ,,Er werd wel eens gedacht dat het syndroom vooral tussen de oren zit. De darmen lijken nu eenmaal zeer gevoelig voor stress. Maar met deze ontdekking lijkt het bewijs geleverd dat het wel degelijk in de darmen zit.''
Vervolgonderzoek zal meer duidelijkheid moeten geven over de behoefte aan tryptofaanrijk voedsel die patiënten met Prikkelbare Darmsyndroom vaak aan den dag leggen. Ook zal moeten worden onderzocht hoe de ontrafeling van dit biochemische proces kan helpen bij het vinden van nieuwe geneesmiddelen voor darmziekten.


Peppelenbosch voerde de studie uit in nauwe samenwerking met zijn Italiaanse collega Ursula Grohmann van de Universiteit van Perugia. Het artikel is te vinden op de website van Immunity. Bekijk ook het filmpje waarin Maikel Peppelenbosch zijn bevinding toelicht: https://youtu.be/gfD6iYoxQ6A

Marc van Impe

 

Bron : MediQuality

10:25 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

26 september 2016

Harvard pleegde fraude in opdracht van suikerindustrie

Dacht u dat vet de hoofdschuldige is voor vaat-en hartziekten, vergeet dan maar wat u geleerd hebt. En wuif die argumenten van uw dieetdeskundige maar weg. U bent bedrogen.

Want uit documenten van Harvard, de University of Illinois en andere universiteiten die ontdekt werden door Cristin E. Kearns, een postdoctoraal student aan de University of California, San Francisco, en die gepubliceerd recent gepubliceerd werden in de JAMA Internal Medicine blijkt dat de suikerindustrie in de loop van de jaren zestig wetenschappers van Harvard University cash betaald heeft voor rapporten waaruit moest afgeleid worden dat er geen link bestaat tussen suikerconsumptie en hartziekten en die verzadigde vetzuren de schuld gaven voor wat toen een epidemie van hart- en vaatziekten werd.

De affaire werd in 1964 opgestart door John Hickson, een topman van de suikerindustrie, die kennis had gekregen van een onderzoek van Ancel Keys, een prominente fysioloog van Minnesota die stelde dat vetten en cholesterol de belangrijkste oorzaak voor hartziekten waren. Hickson engageerde de Harvard wetenschappers en controleerde elke paper die ze wilden publiceren. Harvard's Dr. Hegsted schreef letterlijk: "We are well aware of your particular interest and will cover this as well as we can."

Uit de geheim gehouden documenten blijkt dat de consument en de wetenschap gedurende meer dan vijf decennia om de tuin werden geleid in verband met de rol van voeding bij hart-en vaatziekten, Volgens professor Stanton Glantz van de U.C.S.F. werden de hedendaagse voedingsaanbevelingen grotendeels gevormd door de suikerindustrie. Uit de documenten blijkt dat de toenmalige Sugar Research Foundation, vandaag de Sugar Association, in 1967 drie Harvard wetenschappers het equivalent van $50.000 betaalde voor een overzichtsartikel http://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/5339699 waarin op zijn zachtst zeer zorgvuldig onderzoek over suiker, vetten en hartziekten gemanipuleerd werden.

De studies verschenen in het prestigieuze New England Journal of Medicine, en minimaliseerden de link tussen suiker en hart- en vaatziekten en overdreven de rol van verzadigde vetzuren. Hoewel van bij publicatie contestatie ontstond slaagde een bedrijf als Coca-Cola er in om gedurende meer dan 50 jaar de waarheid naar haar hand te zetten. Vorig jaar reeds schreef de The New York Times dat Coca-Cola miljoenen dollars geïnvesteerd had in research die het verband tussen gesuikerde dranken en obesitas moest weerleggen. En recent nog, in juni, onthulde The Associated Press dat snoepfabrikanten studies sponsorden waaruit moest blijken dat snoepende kinderen minder wogen dan kinderen die fruit en groentensnacks gebruikten.

De Harvard wetenschappers worden met naam en toenaam genoemd, zoals dr. D. Mark Hegsted, die hoofd werd van het voedingsdepartement van het United States Department of Agriculture, en die in 1977 de auteur was van de basisguidelines voor een gezond dieet die ook door het Belgisch ministerie gevolgd werden en waarop de voedingsgpiramide gebaseerd is. Een andere was Dr. Fredrick J. Stare, voorzitter van het Harvard Nutrition Department.

Continue reading the main story

In een antwoord aan de JAMA zegt de Sugar Association dat ze in 1967 geen enkele wet heeft overtreden en dat medische vakbladen niet verplicht waren om sponsors te vermelden. The New England Journal of Medicine doet dit overigens pas sinds 1984. Maar "grotere transparantie zou wenselijk geweest zijn" Aldus een cynisch commentaar van The Sugar Association. "Suiker is overigens niet de enige schuldige wat betreft hart- en vaatziekten."

Maar Dr. Glantz hamert erop dat miljoenen Amerikanen en wereldwijd miljarden mensen een total fout voedingsadvies volgden, sterker nog, dat ze geculpabiliseerd werden en soms gesanctioneerd. Zo werden patiënten door hun ziekteverzekering in de kou gezet omdat ze " te vet aten". De American Heart Association en de World Health Organization moeten nu hun standpunt herzien en hebben daar moeite mee. Volgens Marion Nestle, professor aan de New York University, in een editoriaal bij het artikel in de Jama maak je zelden zo'n gigantisch bedrog mee. Dr. Walter Willett, voorzitter van de Harvard T. H. Chan School of Public Health, erkent de academische conflict-of-interest en zegt dat de regels aan zijn universiteit sinds eind van de Jaren zestig drastisch veranderd zijn. Volgens hem bewijst dit voorval dat research beter gefinancierd kan worden door de overheid dan door de industrie.

Deze publiceerde de FDA de criteria waaraan nieuw onderzoek moet voldoen. http://www.nejm.org/doi/pdf/10.1056/NEJMsr1611785

Marc van Impe

Bron: MediQuality

 

08:41 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

24 september 2016

Helpt 'jong bloed' tegen Alzheimer?

Volgens Stanford-onderzoeker Tony Wyss-Coray zou bloed van jonge donoren wel eens de oplossing kunnen bieden voor de ziekte van Alzheimer. In de JAMA Neurology publiceerde hij een artikel waarin hij meldt dat muizen met Alzheimer lijken op te knappen van het bloed van jonge soortgenoten. Hun herseneiwitten waren weer op een gezonder niveau, het geheugen van de muizen verbeterde.

De muizen in de studie hadden een genetische vorm van Alzheimer, veroorzaakt door mutaties die ook voorkomen bij de erfelijke vorm van de ziekte. Door die mutaties hoopt het eiwit amyloïd op in de hersenen, waardoor typische Alzheimer-klachten als vergeetachtigheid en ontremd gedrag kunnen ontstaan. Een menselijke studie bij 18 proefpersonen loopt, al waarschuwt hij ook voor vroegtijdig optimisme. Het lijkt wel een verhaal uit Transsylvanië: dien een oudere bloed toe van een jonge donor, en de ontvanger knapt niet alleen zienderogen op, maar wordt ook aantoonbaar gezonder.

De onderzoekers van Stanford University schrijven in JAMA Neurology dat hun methode gebaseerd is op het idee dat bloed van jonge mensen allerlei eiwitten bevat die schade in ouder weefsel kan herstellen, terwijl die eiwitten in oud bloed door diezelfde veroudering lang niet zo goed meer werken. Het verhaal begint grafische vormen aan te nemen als je leest dat de onderzoekers in het eerste experiment de bloedsomloop van Alzheimer-muizen verbonden met die van jonge, gezonde muizen. Hierdoor kregen de oude muizen langdurig en voortdurend vers bloed.

Omdat het niet mogelijk is om de bloedsomloop van mensen aan elkaar te koppelen, dienden de onderzoekers in het tweede experiment herhaaldelijk bloedplasma - bloedvloeistof zonder rode en witte bloedcellen - van jonge gezonde muizen aan oude Alzheimer-muizen toe. Zo'n behandeling met menselijk plasma is bij Alzheimer-patiënten wel haalbaar. In beide situaties knapten de muizen op. Verschillende herseneiwitten waren weer op een gezonder niveau. Ook verbeterde hun werkgeheugen en ruimtelijk geheugen: ze waren in staat om zich een omgeving te herinneren waar ze een onprettige ervaring hadden gehad - in dit geval een klein schokje.

Opvallend genoeg ruimde het jonge bloed het opgehoopte amyloïd-eiwit zelf niet op. Bij deze genetische vorm van Alzheimer is het amyloïd-eiwit de enige oorzaak. De andere oorzaak van Alzheimer-symptomen, de vorming van eiwitkluwen in de hersenen, treedt bij deze muizen niet op, en kan dus ook niet hersteld worden. De onderzoekers hebben geen controle met oude donormuizen uitgevoerd. Dus misschien werkt oud bloed ook wel, of treedt het effect op doordat de doorbloeding van de hersenen wordt verbeterd.

De hoofdonderzoeker, Tony Wyss-Coray, is geen onbeschreven blad. Eerder al had hij eens aangekondigd een bloedtest te hebben uitgevonden om Alzheimer aan te tonen. Geen enkele groep bleek in staat die resultaten te reproduceren. Die studie is een stille dood gestorven. Wyss-Coray gaf later toe dat die studie inderdaad te mooi was om waar te zijn. In het jonge bloed heeft hij wel alle vertrouwen: hij richtte een bedrijf op dat een studie uitvoert met achttien Alzheimer-patiënten. Uit die studie zal moeten blijken of zijn optimisme terecht is.

Meer info:

http://archneur.jamanetwork.com/article.aspx?articleid=25...

http://archneur.jamanetwork.com/article.aspx?articleid=79...

 

Marc van Impe

Bron: MediQuality

 

08:20 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)