09 december 2017

Zenuwstimulatie in arm zorgt voor beter aanleren complexe bewegingen


De juiste stimulering met elektronische prikkels van de zenuwen in de arm zorgt er voor dat mensen een complexe bewegingstaak beter kunnen aanleren. Hun hersenen blijken tijdens het leren van de beweging bovendien actiever te zijn, waardoor mensen ook weer beter presteren op deze taak. Dit is van groot belang bij het opnieuw aanleren van bewegingen na neurologische aandoeningen. Dit blijkt uit onderzoek van bewegingswetenschapper Menno Veldman van het Universitair Medisch Centrum Groningen. Hij promoveert op 13 december aan de Rijksuniversiteit Groningen.


Voor zijn onderzoek ontwikkelde Menno Veldman een model dat voorspelde welke hersengebieden en hersenconnecties betrokken zijn bij de effecten van zenuwstimulatie. Hij ging na of 20 minuten zenuwstimulatie de prestatie op een complexe bewegingstaak verbetert en hoe lang deze effecten aanhouden na de stimulatie. Hij deed dit bij 100 gezonde jonge volwassenen. Daarnaast bekeek Veldman of er een verband is tussen het leren van de complexe bewegingstaak en de hoeveelheid activiteit en connectiviteit in de hersenen.


Uit de resultaten van zijn onderzoek blijkt dat deze vorm van zenuwstimulatie inderdaad leidt tot het beter leren van een complexe bewegingstaak. Zijn onderzoek liet zien dat zenuwstimulatie leidt tot verhoogde hersenactiviteit en hersenconnectiviteit. Met name in drie hersengebieden waren extra prikkels waar te nemen: primaire motor context, sensorische- en pariëtale cortex. Deze extra hersenactiviteit hangt samen met de verhoogde prestatie op de complexe taak. Bovendien bleek dat dit effect tot zeven dagen na de stimulatie kan aanhouden. Het effect van de zenuwstimulatie trad niet alleen in de geprikkelde arm op, maar verbeterde ook de bewegingsprestatie in de niet-gestimuleerde hand.


Volgens Menno Veldman laat zijn onderzoek zien dat zenuwstimulatie een manier is om bewegingen beter aan te leren. ‘Dit kan de negatieve gevolgen van veroudering en van neurologische aandoeningen tegengaan. Met zenuwstimulatie kunnen we de kwaliteit van bewegingen van mensen vergroten. Dit draagt zeker bij aan hun kwaliteit van leven en aan gezond ouder worden.'


Drs. M.P. Veldman (1990, Heerenveen) verrichtte zijn onderzoek bij het Centrum voor Bewegingswetenschappen en het onderzoeksinstituut SHARE van het UMCG in Groningen. De titel van zijn proefschrift is: ‘Somatosensory electrical stimulation produces motor learning and synaptic plasticity'. Na zijn promotie gaat hij als postdoc-onderzoeker werken aan de Katholieke Universiteit Leuven.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

07:59 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

07 december 2017

Twaalf Belgische professoren lanceren ImmunoScience Academy


Twaalf gerenommeerde professoren uit België en Luxemburg lanceren vandaag met de steun van Bristol-Myers Squibb België de ImmunoScience Academy (ISA), een uniek en multidisciplinair educatief programma voor artsen.


Het programma moet zowel de wetenschappelijke als medische aspecten van immunologie en immunotherapie binnen verschillende therapeutische disciplines aanbieden, met als doel patiënten optimaal te behandelen en op te volgen. Aanleiding voor dit initiatief is de hoge nood aan doorlopende vorming; immunotherapieën evolueren immers snel. Bovendien vergen ze een multidisciplinaire aanpak, aangezien ze worden voorgeschreven door specialisten binnen verschillende expertisedomeinen en een effect kunnen vertonen op het volledige lichaam. Multidisciplinaire educatie en het delen van kennis en informatie dragen dan ook bij tot een optimale behandeling van de patiënt. De ImmunoScience Academy biedt informatie en educationele materialen via het online platform www.immunoscienceacademy.be .


De ImmunoScience Academy spitst zich toe op het voorzien van educatie en vorming omtrent immunologie en immunotherapie. Immunologie mag dan immers wel aan bod komen tijdens de opleiding geneeskunde, artsen blijven door de snelle opkomst van nieuwe innoverende geneesmiddelen en behandelingsmethodes toch genoodzaakt om een grondige kennis op te bouwen over de basisprincipes van immunologie, en dan met name de werkingsmechanismen en gerelateerde effecten.


"De nood aan kennis is groot, én de vraag ernaar is dat ook," zegt Prof. Dr. Pierre Coulie, voorzitter van de ImmunoScience Academy en hoogleraar immunologie aan het de Duve Instituut (UCL): "Dagelijks ontmoet ik collega's die meer informatie willen over de werking, de voordelen en bijwerkingen van deze nieuwe geneesmiddelen, zodat ze een optimale behandeling en opvolging voor hun patiënten kunnen garanderen."


Waar men voorheen meestal immunosuppressoren gebruikte, stimuleren de huidige therapieën nu het immuunsysteem. Ze kunnen dus inwerken op het volledige lichaam wat een behoefte aan een nieuwe vorm van multidisciplinaire aanpak met zich meebrengt.


De ImmunoScience Academy wordt geleid door twaalf gerenommeerde medische professoren uit acht verschillende therapeutische disciplines. Neurologie en endocrinologie ontbreken nog in het panel maar zodra de geschikte specialist gevonden is, zal dit kleine manco worden ingevuld. De ISA krijgt daarbij de steun van Bristol-Myers Squibb, pionier op het vlak van immuno-oncologie.


"Samen met de twaalf professoren van de ImmunoScience Academy is Bristol-Meyers Squibb vastbesloten om mee te werken aan een sterke educatieve structuur binnen de medische wereld, om zo de behandeling en opvolging van patiënten verder te optimaliseren" vertelt Scott Cooke, General Manager van Bristol-Myers Squibb Benelux.


Via het online platform stellen de professoren informatie en educatieve materialen over immunologie en immunotherapieën ter beschikking van artsen. Zo biedt de website nu onder meer een module over een aantal belangrijke immunologische concepten, die relevant zijn voor de klinische praktijk, een patiëntencasus, en opiniestukken over recente literatuur aan. In februari 2018 worden er onder andere nieuwe modules over immunotherapieën op het online platform geplaatst.


Dat immunotherapieën kunnen inwerken op het volledige lichaam, verklaart mee de nood aan een multidisciplinaire aanpak. Artsen zijn vragende partij wat betreft het delen van kennis over immunotherapieën die worden gebruikt door collega-specialisten. Zo is bijvoorbeeld een reumatoloog idealiter volledig op de hoogte van de mogelijke bijwerkingen van een immunotherapie voorgeschreven door een oncoloog, en vice versa. Via het online platform kunnen specialisten informatie vergaren over de werking van verschillende immunotherapieën, die worden voorgeschreven in de verschillende domeinen.


"Dat twaalf specialisten uit acht verschillende therapeutische disciplines zich op deze manier engageren binnen eenzelfde domein, ImmunoScience, is uniek. Ik ben bijzonder verheugd dat we samen onze schouders onder dit multidisciplinaire programma zetten. Door kennis te delen zullen patiënten sneller de best passende en meest geavanceerde behandeling krijgen en beter opgevolgd en geïnformeerd worden," besluit Prof. Dr. Pierre Coulie. "Het initiatief zal spoedig worden uitgebreid naar Nederland," zegt dr. Paul Lacante, medical director Benelux BMS. Hij sluit niet uit dat daarna andere landen in het netwerk worden opgenomen.

 


Leden van het Steering Committee van de ImmunoScience Academy:

Voorzitter: Prof. dr. Pierre Coulie (Immunologie, UCL)
Prof. dr. Veronique del Marmol (Dermatologie, Erasme)
Prof. dr. Eric Van Cutsem (Gastro-enterologie - Digestieve Oncologie, UZ KU Leuven)
Prof. dr. Rik Schots (Hematologie, VUB & UZ Brussel)
Prof. dr. Tessa Kerre (Hematologie, UZ Gent)
Prof. dr. Ahmad Awada (Medische Oncologie, Bordet)
Prof. dr. Guy Jerusalem (Medische Oncologie, CHU Liège)
Prof. dr. Karim Vermaelen (Pneumologie-Thoracale oncologie, UZ Gent)
Prof. dr. Johan Vansteenkiste (Pneumologie-Thoracale Oncologie, UZ KU Leuven)
Prof. dr. Bernard Lauwerys (Reumatologie, UCL)
Dr. Stefan Rauh (Medische Oncologie, CHEM Luxembourg)
Prof. dr. Patrick Pauwels (Moleculaire Oncopathologie, UZA)


Marc van Impe


Bron: MediQuality

20:48 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

04 december 2017

Undercover in de Duitse Lyme-kliniek


Medisch toerisme draagt grote risico’s in zich. Wie in eigen land met gezondheidsklachten kampt en niet au serieux genomen wordt, wijkt al snel uit naar peperdure klinieken in het buitenland voor een second opinion. Duitsland is wat dat betreft een magneet voor zowel radeloze patiënten als alterneuterige artsen.


Ketil Alstrup en Michael Bech, journalisten van TV2 Denemarken maakten een onthullende reportage over drie Duitse Lyme-klinieken, waar ook Belgische patiënten naar toe komen. De kerngezonde Deense journalisten besloten zich voor te doen als patiënt en lieten hun bloed onderzoeken in de Duitse BCA-clinic, Arminlabs en Privatpraxis für Integrative Medizin.


Met de geheime camera legden ze vast dat behandelaren Lyme constateren bij de gezonde proefpersonen, ook bij Deense patiënten met ALS en Parkinson. Zo kreeg de Deense ALS-patiënte Tabitha Nielsen bij de Duitse BCA-clinic een diagnose en behandelplan voor de ziekte van Lyme: "Ik heb ze laatst gebeld omdat ik volledig overstuur was. Ik zei dat ik bang was dat ik doodging. Ze zeiden dat ze hadden gevonden waar ze naar hadden gezocht. Ze zeiden: 'Rustig maar. U blijft leven.'"


De buitenlandse privéklinieken trekken duizenden klanten uit heel Europa. Zoals mensen met ernstige klachten zoals gewrichtspijnen en vermoeidheid, die vermoeden dat ze dat ze de ziekte van Lyme hebben opgelopen na een tekenbeet. Vaak voelen ze zich in de steek gelaten door hun eigen dokters. De diagnose en behandeling van Lyme is niet altijd eenvoudig. Dat speelt een rol bij de vlucht van patiënten naar deze klinieken.


Volgens de buitenlandse klinieken hebben ze betere testen en behandelingen ontwikkeld voor de ziekte van Lyme. Maar volgens medisch specialisten ontbreekt het wetenschappelijk bewijs voor deze claims bij de gebruikte bloedtesten.


De kliniek Privatpraxis für Integrative Medizin gebruikt, nadat ze een positieve bloedtest hebben van een patiënt, ook nog een donkerveld microscoop om Borrelia-bacteriën op te sporen in het bloed. Uit de reportage blijkt dat behandelaar Yusuf Günes zowel bij een 3-jarig meisje als bij één van de gezonde Deense presentatoren de ziekte van Lyme hiermee definitief vaststelt.


Nadat hij een druppel bloed afneemt en die onder deze microscoop legt, wijst in de reportage hij de Borrelia-bacteriën aan. Terwijl een Noorse studie uit 2016 aantoont dat deze methode zeer onbetrouwbaar is. Tijdens het onderzoek levert het bij 85% van de gezonde proefpersonen ten onrechte de diagnose Lyme of Babesia, een andere vorm van tekenbesmetting op.


De reactie van BCA-clinic vindt u hier: http://www.bca-clinic.de/statement-of-the-bca-clinic-on-t...

marc van Impe


Bron: MediQuality

16:39 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)