03 november 2011

optimisme

Te somber, schrijft een lezer. Hij verwacht een column die hem opvrolijkt. Nu blijkt dat hij het hele weekend heeft lopen somberen over zijn eigen lot. Ach, daarom iets vrolijks. Alles is veel voor wie niet teveel verwacht, schreef de dichter J. C. Bloem. Dus volgt dit.

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat wij mensen geboren optimisten zijn. Als het gaat om het inschatten van risico’s reageren onze hersenen sterker op positieve dan negatieve informatie. Dat blijkt uit een recent artikel in het boek The Optimism Bias. Uit experimenten blijkt dat de meesten onder ons geboren worden  met een roze bril die voorop onze hersenen gemonteerd staat. Onze frontale cortex reageert alleen adequaat op positieve boodschap. Tali Sharot gaf negentien vrijwilligers twee opeen volgende boodschappen: een slechte prognose en vervolgens de echte statistische kans dat de ellende hen echt zou overkomen. Wie zijn risico op persoonlijke ellende te hoog inschatte stelde zijn verwachtingen keurig bij, maar wie de kans op miserie te laag had ingeschat bleef blind voor de realiteit. Ze stelden hun verwachtingen wel bij maar bleven volhouden dat ze minder gevaar liepen dan werkelijk het geval was. De geleerde vrouw in mijn leven weet dit al lang.  Iedereen die al eens naar een LOK-meeting geweest is kan dit experiment zelf doen, zegt ze. Iedereen heeft een paar glaasjes op maar toch gaat iedereen rijden want hen gebeurt er niets. Zij is verstandig en laat zich door mij afhalen. Optimist die ik ben, ben ik beter bestand tegen stress en angst, maar breng ik mezelf ook in problemen. Want hetzelfde geldt voor wie van de journalistenclub huiswaarts keert. Maar nu ik al 25 jaar gestopt ben met roken, onveilig vrijen en sinds deze zomer met onmatig eten, waan ik me nog meer immuun voor nare gevolgen. En fietsen doe ik al lang niet meer. Want dat blijkt zowat de gevaarlijkste manier van voortbewegen te zijn. Nu nog ophouden met beleggen want “een onrealistische inschatting van financieel risico wordt algemeen gezien als de belangrijkste bijdrage aan de economische crisis van 2008,” aldus de auteurs.

Marc van Impe

http://www.randomhouse.com/book/165087/the-optimism-bias-by-tali-sharot

22:09 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

02 november 2011

Een merkwaardig vonnis

Er doen allerlei geruchten de ronde over het arrest Uyttersprot vs Riziv dat diende voor de Kamer van Beroep van het Riziv. Daarom deze verduidelijking.

Op 25 oktober zond de Kamer van Beroep haar vonnis in de zaak van Dr. Anne Marie Uyttersprot vs het Riziv. Het vonnis heeft verstrekkende gevolgen want de verantwoordelijkheid van voorschrijvende artsen blijkt een stuk groter dan gedacht.

Het vonnis in eerste aanleg werd nietig verklaard: de samenstelling van de kamer in Eerste aanleg, waarin een arts van de CM zetelde die betrokken en aanleggende partij is in deze zaak, was niet volgens de regels en de arts moest inderdaad gewraakt worden. De Kamer van Beroep heeft dit bevestigd. Daarmee werd ook het eerste vonnis nietig verklaard. Dokter Uyttersprot haalt in deze dus gelijk: de CM wil de zaak manipuleren en het proces was opgezet spel.

Wat de sanctie betreft geeft de Kamer van Beroep dokter Uyttersprot ook gelijk en oordeelt dat deze aanvankelijk te hoog was. Daarom wordt de boete van 100% gelicht en blijft enkel het netto terug te betalen bedrag van ongeveer 98.000 € over. Of hoe je gelijk kunt krijgen en toch verliezen.

Belangrijkste is echter dat de rechtbank de advocaat van het RIZIV in zijn hoogst eigenaardige interpretatie van de functie van de adviserende geneesheer. De rol van de adviserende geneesheer zou beperkt zijn tot een administratieve functie die geenszins beslissende bevoegdheid heeft bij het al dan niet toekennen van een toestemming voor de terugbetaling van gereglementeerde medicatie. Daar kan je een aantal vragen bij stellen. Betekent dit echt dat de verzekeringsartsen er voor Piet snot bijzitten? Wil men hiermee hun onkunde en gebrek aan kennis maskeren? Of manipuleert het Riziv zijn eigen jobdescription voor verzekeringsartsen?

Overigens blijkt het arrest Uyttersprot een letterlijk doorslagje te zijn van het arrest Coucke dat op heel andere gronden gevoerd werd. Zo wordt dokter Uyttersprot ervan beschuldigd onvolledige dossiers te hebben gemaakt in het Waasland ziekenhuis, een plek waar ze nog nooit een voet gezet heeft.

De artsenorganisaties en de raadslieden van dokter Uyttersprot beraden zich na dit merkwaardige vonnis over de te volgen procedure. Wordt zeker vervolgd.

 

Marc van Impe

12:23 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (14)

31 oktober 2011

Hersenziek iemand?

‘Wij zijn ons brein’, schreef hersenonderzoeker Dick Swaab. Uiteraard. Maar nu zou uit internationaal onderzoek blijken dat een derde van de Europese bevolking  of maar liefst 165 miljoen mensen lijdt aan een of meer hersenziekten! Ook blijkt dat van hen slechts een kwart hulp krijgt. Koren op de molen van de psychiaters en marchands in mindfulness, gezondheidscoaches en it’s all in the mind-adepten.

Is hier sprake van een nieuwe epidemie à la H1N4? Of waren we al behoorlijk hersenziek, en wisten we het niet? Is dit nu pas wetenschappelijk vastgesteld? Waarom heeft men ons dit zo lang verzwegen? ‘Slapeloosheid’  is ook een hersenziekte, schrijft het  European College of Neuro-psychopharmacology (ECNP) – zij zijn de uitvoerders van het onderzoek –, zeg ik tegen de geleerde vrouw.  Als ziekenhuisarts die ’s nachts wel eens wakker ligt omdat formulier 74bisMKG.a ontbrak, weet ze er alles van.  En wie van al de mensen die ik wel eens ontmoet zou hersenziek zijn. Mijn vriend Nano de apotheker ? De professor met zijn slecht gebit. De misogyne huisarts met alterneute neigingen? Mijn collega de commentator met zijn eeuwige drang naar nog een Orval meer? Ik ontmoet zo’n 20 mensen per dag, bereken ik. Zeven zijn dus hersenziek. En ze weten het niet.

Gelukkig berust dit bericht op een volmaakt syllogisme: eerst is er gedrag dat bestempeld wordt als een geestesstoornis, geestesstoornissen zijn hersenziekten en hersenziekten moeten – net als andere ziekten – worden behandeld.  In onze westerse samenleving wordt ervan uitgegaan dat sommige mensen inderdaad lijden aan een of andere vorm van een geestesstoornis. Over welk gedrag precies als geestesstoornis mag worden aangemerkt is binnen en buiten de psychiatrie echter het laatste woord nog niet gesproken. Dat zal ook niet gebeuren omdat dit afhangt van de afspraken die we daarover met elkaar maken. Neem nu de DSM V. De redactie van de Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders weet daar alles over.  Geestesstoornissen zijn modeverschijnselen: hysterie, neurasthenie en homoseksualiteit zijn niet langer stoornissen, sociale fobie en posttraumatische stressstoornis zijn nieuw.  In het uitstekende blad Skepp, niet te verwarren met de vereniging die hetzelfde doel nastreeft, wordt aardig de draak gestoken met de herziening van deze bijbel van de moderne westerse psychiatrie. De redactie ging zo ver dat ze het encyclopedisch werk herleidt tot een democratisch proces waarin de leek zelfs op de website voorstellen kan doen voor nieuwe psychische stoornissen. Zo wordt door de herzieners als nieuwe stoornis de ‘premenstruele dysfore stoornis’ voorgesteld. 

OK, Freud is out. Het brein is in. Probleem is dat slechts weinig artsen en onderzoekers zich tot dusver gespecialiseerd hebben in de laagbetaalde wetenschap van de neurologie. Wie gaat stoornissen als  ziekten kwalificeren?  Geestesstoornissen hangen samen met biologische, psychologische en sociale factoren die in onderlinge verwevenheid hun bijdrage leveren. Maar het reduceren van zoiets complex als gedrag en gedragsstoornissen tot uitsluitend een gevolg van breinprocessen doet de werkelijkheid van mensen met uiteenlopende psychische problemen geen recht. Dat sluit overigens geenszins uit dat er soms wel degelijk een grote, en misschien wel overheersende, bijdrage is van hersenprocessen bij het veroorzaken van gedragsproblemen, zoals in het geval van de ziekte van Alzheimer. Maar om dat zo blunt te stellen als zou een derde van ons hersenziek zijn, daar moet je meer dan een stoornis voor onder de leden hebben. Waar moet dit alles toe leiden? Uiteraard tot behandeling. Uit het onderzoek blijkt dat driekwart van alle gesignaleerde ‘hersenzieken’ geen behandeling krijgt. Dat moet volgens de onderzoekers beter, want ziekten behoeven immers behandeling. En dan liefst ‘vroege opsporing en snelle behandeling’ … ‘om te voorkomen dat beginnende hersenziekten zich verder ontwikkelen en chronisch worden’.

Zou die ECNP banden hebben met de farmaceutische industrie? 

 

Marc van Impe

http://www.ecnp.eu/en/publications/reports/~/media/Files/...

21:29 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)