08 augustus 2012

En avant la musique

Het probleem  is dat nogal wat mensen zich gedragen als vissen. Ze zwemmen in het water van hun miserie, slikken en spugen maar zien niet dat er een universum buiten hun ecosysteem bestaat. Zo gaat dat. Alles onder water.  En dat leidt tot heel wat frustratie. Want de vis ziet wel de andere vissen, het wier en de toevallige fuik maar weet niet hoe daar aan te ontsnappen. De rest is onderwatermuziek. Er is slechts één soort vis die aan deze beklemmende werkelijkheid ontsnapt en dat is de vliegende vis. Die realiseert zich dat er buiten het natte universum nog een andere droge wereld bestaat. De wereld van de lucht boven het water. Eens je dat weet en je buiten je eigen denkraam hebt leren denken, kan je doordenken. Maar het probleem van de vliegende vis is dat hij hoe dan ook altijd weer onder water moet landen.

Op een bepaald moment moet je een beslissing nemen en door gaan. Ik geloof dat de geleerde vrouw dit nu gedaan heeft. Alle elementen werden tegen het licht gehouden. De collega’s, de kliniek, de verpleging, de patiënten. De analyse was ontnuchterend. De consequenties des te duidelijker. De conclusie lag voor de hand. We zijn nu tien jaar verder. We zijn het stadium voorbij van het gratuit engagement. We maken de borst nat en stappen in het nieuwe diep. Zwemmen is altijd op weg naar de rand van het bereiken. Zwemmen doe je alleen. Wie wil kan volgen. Wie wil mag achter de fanfare aanlopen. No hard feelings, no regrets. En avant la musique.

Marc van Impe

21:13 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (6)

14 juli 2012

Geluk gewenst

Ik moest voorbidden op het familiefeest. Schoonzus werd zestig. Ik nam een slok en zei: ”Heer zegen die schoonzus voor al haar talenten, die Gij haar gegeven hebt, en vervul haar met uw weldaden.”  Wist u dat er een gebed voor schoonzussen bestaat? Ik in elk geval niet. Ik kwam dit gebed(je) tegen toen ik op zoek was naar literatuur over grote gevoelens zoals hoogmoed, jaloersheid en geluk.  Niet dat mijn schoonzus die eigenschappen koestert. Wat me wel bij de vraag brengt hoe slecht je moet zijn om iedereen gelukkig te willen maken? Het is historisch en sociologisch bewezen dat heilsprofeten, of beter heilsdictators die opkomen voor ’t nut van ’t algemeen, meestal de kortste weg naar langdurige en grondige ellende aanleggen. Verwondert het me dan dat de gelukscampagnes meestal op een sisser uitlopen? Kan iemand me –het mag op een pseudowetenschappelijke wijze- uitleggen hoe succesvol dat gelukplukken ooit geweest is.
Kunnen we niet beter groots opgezette feesten organiseren waar de nonkels Van Grauwel zich aan hun ijdele lusten mogen te buiten gaan? Eén keer per jaar en dan weer aandacht voor echte zaken. Zou dat niet juist zijn? Overigens is het zo dat wie zich gelukkig wil voelen, moet eerst eens ongelukkig geweest zijn. By the way: een gebed voor schoonbroers bestaat er niet. Maar die kunnen altijd een cursus mindfulness volgen. Wij besloten de avond in de tuin onder de lampions. Je kan, zei ze, als je wil, ook aardig zijn. De geleerde vrouw liet me naar huis rijden. De vakantie komt er aan.

Marc van Impe

18:09 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

12 juli 2012

RQ

Hoe komt het dat de ene arts de juiste diagnose stelt die zijn collega over het hoofd gezien heeft? Beschikt die arts over meer kennis, een wonderbaarlijk inzicht of is hij gewoon geniaal? In elk geval is het zo dat hij niet zelden de irritatie, zo niet de woede van zijn collega’s op de hals haalt. Wie boven het maaiveld uitsteekt moet ook in de medische wereld, de kop af. De nieuwste trend in de geneeskunde is het uitzetten van zorgtrajecten. Die beginnen bij een diagnose. Een vaak foute diagnose dus. Daarom zijn ijzeren zorgtrajecten een gevaar voor patiënten. De patiënt kan worden doodbehandeld. Professor Dylan Evans, auteur van het boek Risk Intelligence: How to live with uncertainty zegt de oplossing gevonden te hebben: mensen zijn nu eenmaal slecht in het inschatten van propabiliteiten. Ze lijden of aan een gebrek aan zelfvertrouwen of aan een teveel ervan. Slechts een minderheid van de mensen slaagt er in een intuïtieve kansberekening te maken. Evans, die een doctoraat in de filosofie haalde aan de London School of Economics specialiseert zich in risico intelligentie. Zeer goede dokters zijn als beroepsspelers, zegt hij: niet alleen beschikken ze over een  meticuleuze kennis van de regels van het spel maar kennen ze vooral zichzelf. Wie die twee eigenschappen niet kan combineren heeft een laag risico coëfficiënt (RQ). In een onderzoek stelde hij vast dat 90 percent van de artsen pneumonie diagnosticeerden, waar in werkelijkheid slechts 15 percent van de patiënten aan die aandoening leed. Die artsen die een foute diagnose stelden bleken stuk voor stuk aan een teveel aan zelfvertrouwen te lijden en dachten dat ze het allemaal wel wisten. “Mensen komen bij mij omdat ze ziek zijn,” zegt een van mijn kennissen in de medische stand en hij voegt er cynisch aan toe: “Als ze gezond willen zijn gaan ze maar elders.” Evans zegt dat artsen zoveel beslissingen op zo’n korte termijn moeten maken dat ze niet eens de kans krijgen een goed diagnosemodel op te stellen. “Nochtans gingen die dwalende artsen risico’s niet uit de weg. Ze hadden er zelfs zin in, een bepaald soort appetijt dus. Maar dat betekent niet dat ze over een grote risico intelligentie beschikten. Appetijt is emotie, intelligentie is cognitie. De gevaarlijke combinatie is een grote appetijt voor risico en een lage risico intelligentie. Combineer dat met de need for closure en je bent op weg naar de mislukking.” Dat is de behoefte om ergens definitief van te weten en niet in onzekerheid voort te leven. Heel wat mensen willen absoluut een antwoord, om het even welk antwoord, ook als er geen eenduidig antwoord is. Mensen die veel behoefte aan afsluiting hebben scoren hoog, anderen laag. Wie hoog scoort heeft behoefte aan orde en voorspelbaarheid en heeft hekel aan twijfel, wie laag scoort is flexibeler en is vaak veel creatiever. Mijn behoefte aan duidelijkheid en afronding is nogal willekeurig. Ik hou niet van ijzeren trajecten. Of toch?  ’s Ochtends schrijf ik columns, ’s avonds gedichten. Nooit andersom.
Marc van Impe  

19:08 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)