09 oktober 2014

Patiënten hebben hebben recht op wijn

Over mijn grootvader gaat het verhaal dat toen hij net geopereerd was, hij mijn vader er met een briefje van honderd op uitstuurde om bij de kruidenier aan de overkant van de straat een paar flessen champagne te kopen. Wij schrijven begin van de jaren vijftig. Opa had maagkanker, hij wist dat hij aan het laatste hoofdstuk van zijn verhaal gekomen was.
Daarom lees ik met genoegen dat de hoofdgeneesheer van dienst palliatieve zorg van het CHU in Clermont-Ferrand een wijnbar heeft geopend op haar afdeling. Dr. Virginie Guastella: «C'est une autre façon de prendre soin de l'autre. Je défends, pour mes patients, le droit de se faire plaisir et de faire plaisir. Même en fin de vie. Surtout en fin de vie. »
Omdat we in een ziekenhuis zijn wordt het hele initiatief medisch uiteraard begeleid. Het personeel van het palliatieve zorgcentrum van het universitair centrum van de Auvergne werd de eerste week van september in deze nieuwe praktijk opgeleid door de sociaal-antropologe Catherine Le Grand-Sébille, een specialist in de ziekenhuisvoeding. Volgens Le Grand-Sébille kan wijn drinken de patiënt alleen maar ten goede komen, zeker bij het eind van zijn leven. Dr. Guastella herinnert ons er ook aan dat de Fransen een hedonistische relatie hebben met voedsel en wijn, en dat het delen van voedsel en wijn bevoorrechte momenten zijn. Waarom palliatieve patiënten dus het recht op enig organoleptisch plezier weigeren?
Familieleden en vrienden zullen volgens dokter Guastella kunnen delen in het plezier: « Les proches pourront offrir dans l'enceinte hospitalière des cadeaux de bouche dans un environnement propice à la détente et aux échanges… ». En dankzij partnerships en verschillende sponsorformules zullen de patiënten niet enkel over zo'n tweehonderd flessen wijn kunnen beschikken, maar ook over champagne, de betere biersoorten, whisky en andere spiritualiën. « Les dons arrivent à plein ballon », onderstreept dr. Guastella. Ook grands crus zullen ter beschikking staan. En dus niet enkel van de vermogende patiënten.
Ik sluit me graag aan bij de redenering van dokter Guastella en wil hierbij dringend de vraag stellen waarom ziekenhuisvoer over het algemeen zo smakeloos, fantasieloos en vaak tot overmaat van ramp zo onappetijtelijk gepresenteerd moet worden? Wil onze nieuwe federale minister van Volksgezondheid dat alstublieft bovenaan haar agenda plaatsen?
Het idee is overigens niet nieuw. In nogal wat Amerikaanse ziekenhuizen kunnen patiënten, mits akkoord van hun arts, wijn bestellen bij het eten. In Australië staan alcoholhoudende dranken zelfs op het menu, wat tot enige contestatie leidt. En in het Britse Swindon worden de artsen gevraagd te bepalen welke wijn ze aan hun patiënten willen voorschrijven.
Tenslotte nog dit: enkele weken na zijn operatie stierf mijn opa, thuis, na een laatste feestmaal. Zijn apocriefe laatste woorden waren: gek toch dat als je witte met rode wijn mengt, je geen rosé krijgt. Mijn grootvader was een harde werker en een grote genieter. Ik heb er nog een vage herinnering aan. Ik ben nu bijna zo oud als hij was toen hij stierf en ik heb het van geen vreemden.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

21:14 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

18 september 2014

Ziekteverzekering:binnenkort "eigen schuld, dikke bult"?

Een mensenleven mag in Nederland per jaar 80.000 euro kosten. In Nederland is er een belangrijke mentale stap gezet. Verzekeraars, patiënten en artsen zijn het erover eens dat medische hulp voor problemen die mensen wellicht hadden kunnen voorkomen, niet langer in het basispakket van de ziekteverzekering thuishoort.
Dat blijkt uit een enquête die het onderzoeksinstituut Nivel uitvoerde onder bijna drieduizend verzekerden en uit een eerder geformuleerd standpunt van de Nederlandse vereniging van specialisten.
Het begrip eigen schuld wordt heel ruim genomen. Complicaties na een onnodige ingreep –lees esthetische chirurgie- is er één van. Maar ook risicosporten, onvoorzichtigheid op buitenlandse reizen, niet stoppen met roken, geen dieetadvies volgen, vallen daaronder. Nog geen 10 procent van de ondervraagden vindt dat de kosten die daarmee gepaard gaan, verzekerd moeten worden. Ook kinesitherapie moet begrensd worden. Tot 21 fysiotherapeutische behandelingen vallen nog in het basispakket, maar daarna is een behandeling voor eigen rekening. Een vergelijkbaar percentage vindt dat dit zo het geval is voor kostbare geneesmiddelen.
De patiënt kiest eerder voor dit soort maatregelen dan voor een versobering van het basispakket. De verzekerden realiseren zich dat bezuinigingsmaatregelen nodig zijn en willen liever overbehandeling vermijden, prijzen beter in de hand houden en streven naar een concentratie van de ziekenhuiszorg. Meer zelf betalen is het minst populair: minder dan één op tien vindt een hogere premie, een eigen bijdrage of een eigen risico acceptabel.
Uit een onderzoek van de Orde van Medisch Specialisten (OMS) onder ruim tweeduizend medisch specialisten blijkt dan weer dat ruim 70 procent voor de invoering van een prijsplafond van behandelingen opteert en dat bijna 60 procent vindt dat er een maximale prijs voor een gewonnen levensjaar moet worden vastgesteld. De artsen vinden dat de onbegrensde groei van de uitgaven de toegankelijkheid van zorg voor iedereen bedreigt.Over de hoogte van het prijsplafond willen de meeste (62%) specialisten zich niet uitspreken. Driekwart (73%) vindt dat de hoogte bepaald moet worden door een ‘commissie van wijzen', bestaande uit medici, ethici, patiëntenverenigingen en financieel specialisten. ‘Medisch specialisten hebben de maatschappelijke verantwoordelijkheid om zoveel mogelijk patiënten zo goed mogelijk te helpen. Dat kan alleen als de zorg betaalbaar blijft', aldus cardioloog Marcel Daniëls van de OMS.
Ook volgens de Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) moeten zorgvoorzieningen die weinig toevoegen aan de gezondheid of erg duur zijn, uit het basispakket verdwijnen. Het redden van een mensenleven mag in Nederland per jaar 80.000 euro kosten.
Naar we vernemen, zit het rapport ook in de binnenzak van een aantal onderhandelaars aan de federale tafel.


Marc van Impe

Bron: MediQuality

09:00 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

16 september 2014

Morgen zal de Apple rijp zijn...

Ik weet niet of ik wel zo gelukkig ben met de introductie van Apple’s Health, een iPhone app dat zijn gebruiker toelaat om zijn biometrische informatie zoals hartslag, bloeddruk, en in de toekomst glycemie, door te seinen naar een aangeduide dokter of een hospitaal. Data die doorgeseind worden, worden ergens bewaard en daar heeft ook Apple aan gedacht. In de VS heeft het daarom al een partnership aangegaan met Epic Systems, een gigantisch datawarehouse voor medische gegevens, de natte droom van beleidsmakers en verzekeraars. In ons land zou dat het geheime bedrijfje Smals moeten worden dat aan eHealth knutselt.
Denk niet dat ik tegen de vooruitgang ben. Ondergetekende was in zijn vak een van de eerste professionele gebruikers van de informaticatechnologie en mobiele communicatie. Maar een vakantiejob bij de toenmalige bank, en een leven met een vader statisticus heeft nogal wat argwaan in deze jongen ingebouwd.
In principe is het een prachtige zaak dat ik mijn eigen informatie met mijn behandelende arts kan delen. Maar niet elke arts is daar echter voor opgeleid, beheerst die etiquette, noch is daar toe bereid.
Ten tweede heb ik niets tegen Apple. Twee derde van de familie Van Impe is fervent aanhanger van iPhone, iPad, iTunes en heel wat andere Apples. Maar ik geloof niet dat alle verandering de mens zomaar ten goede komt. En ik geloof ook niet in alles wat de techniek ons belooft en probeert wijs te maken. 
Ik schreef eerder al dat databases niet praten met mensen, laat staan met elkaar. Bovendien weten wij niet waarover ze praten en kunnen we eventuele fouten niet zomaar bijsturen of corrigeren. Wat dat betreft ben ik een aanhanger van het  "fundamental theorem of biomedical informatics" –ik laat het even onvertaald- dat Charles Friedman in 2009 postuleerde. Dat stelt dat iemand die werkt met IT beter werkt dan iemand die solo aan de gang is, zolang de mens belangrijker is dan het IT-systeem. Dat is het sleutelmoment. Echte veranderingen beginnen niet met de introductie van een nieuw IT-systeem maar op het ogenblik dat mensen hun gedrag gaan veranderen. En dat zie ik niet zomaar gebeuren. Niet elke patiënt wil zomaar dus data delen, zeker niet met een willekeurige arts.
Nog wat, wie een beetje diabeet is weet dat de therapietrouw bij diabeten notoir laag is. Niet omdat het insulineprikje zo pijnlijk zou zijn, maar omdat we ons onbewust verzetten tegen de dwang om op tijd insuline te spuiten. Het is dezelfde reflex die er ons toe aanzet om waar je 50 mag toch 60 te gaan rijden. Je schiet er geen meter mee op maar doet toch je eigen zin. Lekker.
En dan is er mijn zin voor relativering en realisme. Wie gaat die informatie gebruiken? Als ik oud, ziek en behoeftig zal zijn en dus het meest behoefte zal hebben aan Apple apps zal ik ze met mijn rijkelijk zelfstandigenpensioen niet meer kunnen betalen. Net zoals de oude, behoeftige, seniele lotgenoten ingeriemd in de stoel naast mij.
Maar de belangrijkste hinderpaal is de dokter zelf. Ik ken er nogal wat persoonlijk, en ik ken er geen enkele die 24/24, 7/7 wil weten wat de hartslag van een van zijn honderden patiënten is. Laat staan de glycemie, de bloeddruk, de temperatuur, de CRP, de witte en rode bloedcellen, de electrolieten en al die andere data die binnenkort kunnen gemeten worden. Meestal zijn die waarden onbelangrijk en geen enkele arts heeft de tijd om die allemaal continu bij te houden en te analyseren. Natuurlijk kan men een algoritme schrijven die dat allemaal automatisch doet, maar wie verzekert me dat dit alles niet gekoppeld wordt aan mijn verzekerbaarheid, mijn fiscale toestand, mijn gezinssituatie en mijn gewestelijke nationaliteit? En een arts die dat wel kan en doet, vertrouw ik niet, want die heeft geen tijd om te luisteren naar zijn patiënt.
En dan nog een uiterst persoonlijke gedachte: ik wil, dat zal ondertussen wel duidelijk zijn, niet dat mijn activiteiten loepzuiver geregistreerd worden. Ik doe niet mee. Voor je het weet staan ze daar met een app voor je slapengaan. Een sensortje dat je niet eens merkt, maar dat wel nauwkeurig meet of jij wel op jouw helft van je bed blijft liggen. Die minpuntjes wil je niet halen, want die halen je slaapscore naar beneden. Dus knuffel je op de gang voor je je slaapsensor aangespt. Romantisch.
Met andere woorden ik eis niet alleen het recht op privacy, maar ook op de mogelijkheid –let op de nuance– te frauderen.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

09:04 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)