09 december 2015

Tekort aan huisartsen: "Groeten uit de medische woestijn"

In mijn dorp aan de rivier heeft mijn buurman een bijzonder bijstandsverzekering genomen. Zijn vrouw is zwanger en het belooft geen simpele bevalling te worden. Omdat ze geen enkel risico willen lopen hebben ze de garantie gekocht dat in geval van nood een helikopter hen komt ophalen en naar een Brussels ziekenhuis brengt. In de lokale huisarts heeft mijn buurman geen vertrouwen. Die woont meer dan tien kilometer uit de buurt, is een hartstochtelijk jager en spendeert graag een paar uren aan de toog van de lokale kroeg. Mijn dorp is niet het enige dorp dat een tekort heeft aan huisartsen.
Wie zich hier wil vestigen als jonge Waalse arts heeft het niet zo maar voor elkaar. Niet alleen ontbreekt elke ondersteunende infrastructuur, er is geen thuisverpleging in deze buurt, geen apotheek, geen kinesist maar eigenaardig genoeg wel een podoloog. Dat laatste kan verklaard worden door de massale aanwezigheid van de wandelaars die hier, in het weekend, de evers en reeën de stuipen op het lijf komen jagen.
Al geeft de overheid 20.000 euro premie om een jonge arts ertoe te overhalen zich hier te vestigen, het is allemaal boter aan de galg. Nochtans  is het aantal huisartsen dat zich wil vestigen in een gebied met een tekort aan huisartsen sinds de premie ingevoerd werd, van 86 naar 195 gestegen. Maar dan niet hier.
Officieel is er echter niets aan de hand. Tik op de website van de SSMG de zoekterm désert médical in, en je krijgt één artikel uit Le Figaro over patiëntbewaking op afstand. Dan is Domus Medica een stuk directer: van de 589 Belgische gemeenten kampen 300 gemeenten effectief met een tekort aan huisartsen, luidt het daar.
De meest voor de hand liggende reden is dat de oude huisartsen ermee ophouden. En dat aantal uittreders dreigt het komende jaar flink toe te nemen. De oudste generatie huisartsen is de regelneverij van het Riziv en de ziekenfondsen meer dan zat. Omdat een oudere huisarts meestal ook oudere patiënten heeft waarvoor bijzondere medicatie moet voorgeschreven worden, moeten er ook meer aanvragen ingediend worden, vaak opnieuw ingediend,  omdat er een woordje ontbreekt of … omdat men niet een pen met de juiste kleur gebruikt heeft.
Komt daar de ergernis bij rond de verplichte derde betaler regeling, de talloze certificaten die afgeleverd moeten worden en de toenemende problemen met veeleisende patiënten die hun beter weten van het Internet halen, niet aarzelen in discussie te gaan, vaak radicale eisen stellen en het gebrek aan respect voor de dorpsarts. En als klap op de vuurpijl neemt de intrusie in hun familieleven jaar na jaar toe. Een dokter in de stad leeft redelijk anoniem en afgeschermd. Een ziekenhuisarts is voor de patiënt onbereikbaar als hij zijn consultatie gesloten heeft.
Maar een dorpsarts woont in een gemeenschap waar hij van uur tot uur kan gevolgd worden, waar de sociale controle groot is en waar zieken of hun familieleden niet aarzelen om 's avonds laat aan te bellen of de dokter vragen langs te komen. 
Een paar jaar terug vestigde een jonge arts uit Luik zich in deze prachtige uithoek van België. Hij en zijn vriendin zouden het hier maken. De plannen waren groots. De verwachtingen gespannen. Dat is nu allemaal verleden tijd. De lokale bevolking dronk liever een glas met de oude huisarts die ware consultaties aan de toog gaf, de patiënten in het weekend waren extreem veeleisend en de pathologie was stereotiep en banaal.
En hier in de bocht van de rivier moet je minstens vier talen machtig zijn, wil je je patiënten begrijpen. En dan heb ik het niet over de West-Vlaamse en Waaslandse dialecten. Hij is gillend weggelopen. Zijn huis staat te koop. De verwoestijning neemt dus gestaag toe. Gelukkig heb ik mijn lijfarts altijd bij mij.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

18:12 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)

08 december 2015

Waarom ik geen 18 mag worden

Ik voer mijn kleindochter naar de balletles. Louise is een kind dat minuten lang kan nadenken. Zonder een woord te zeggen. Wat lang is voor een vijfjarige op de achterbank van een auto in de regen. Dan vraagt ze: “Opa, hoe oud wil jij worden?” De weg is glad en verraderlijk, de kinderkopjes blinken in de waterzon. Interessante vraag en ik heb een uur de tijd om een antwoord te verzinnen.
Gemiddeld bedroeg de levensverwachting in 2013 80,47 jaar. Na een lichte terugval in 2012 is de levensverwachting dus opnieuw lichtjes gestegen met 80 dagen. Waarom dat zo is weet geen enkele wetenschapper.  Misschien wel omdat we massaal van de voedselpiramide afgestapt zijn en nu weer vrolijk vet vlees mogen eten met een goed glas wijn erbij.
Belangrijker vind ik dat de kloof tussen vrouwen en mannen verder verkleint. Vrouwen kijken nu aan tegen een gemiddelde levensverwachting van 82,93 jaar tegenover 77,94 jaar voor mannen. Mannen die nu geboren worden, kunnen rekenen op 119 dagen langer leven dan in 2012 en voor vrouwen bedraagt die stijging 36 dagen.
Lang leven is in ons land uiteraard ook een communautaire kwestie. Ik weet dat het niet rechtvaardig is, maar net zoals de vorige jaren hebben Vlamingen de beste vooruitzichten met een gemiddelde levensduur van 81,30 jaar. Op een jaar tijd is dat een toename van 73 dagen meer dan in 2012.
De Brusselaars halen gemiddeld 80,42 jaar, wat een bijna een half jaar extra betekent. In Wallonië bedraagt die levensverwachting gemiddeld 78,97 jaar, maar ook daar is er een stijging met 64 dagen tegenover 2012.
Op het provinciale niveau leven mensen in Vlaams-Brabant (81,63 jaar) gemiddeld langer dan die in Limburg (81,44 jaar) en Waals-Brabant (81,19 jaar). Luxemburg (78,76 jaar), Namen (78,65 jaar) en Henegouwen (78,05 jaar) scoren onder het nationale gemiddelde.
Hoe zuidelijker men gaat in West-Europa,  des te korter de levensduur. In Nederland leven vrouwen 83, 29 jaar en mannen halen 79,87.
Terwijl de pianiste een polka inzet, zit ik in een lege bar van het cultureel centrum te bedenken wat dat dan wel mag betekenen. Want al die extra tijd komt ook met zijn gebreken en ongemakken. Uiteraard zijn er nu meer hulpmiddelen, zoals een kunstheup op maat en op kosten van het ziekenfonds maar echt zoals vroeger wordt het nooit meer.
Van de bijna 7 levensjaren die mannen de voorbije decennia gewonnen hebben voelen ze zich maar 4 jaar fysiek fit. Dat betekent dus 3 jaar sukkelen. Bij vrouwen zijn de vooruitzichten nog slechter. Van de 4 jaren die ze wonnen,  voelen ze zich maar 1 jaar echt gezond. En het aantal slechte jaren is bij mannen opgelopen tot 15 en bij vrouwen tot 20. Ouder worden is één zaak, niet kwakkelen is de kwestie!
De medische zorg kan dan wel mijn leven verlengen, maar dat garandeert geen ziekte- of klachtenvrije jaren.
In termen die economisten graag gebruiken betekent dit dat we voor een explosie van zorgkosten staan. Goed nieuws voor de huisartsen, de ziekenhuisbeheerders en de apothekers, maar slecht nieuws voor de minister van begroting. Want uit cijfers uit de VS blijkt dat de landen met de hoogste uitgaven voor de zorg er het slechtst in slagen om de kwaliteit van het leven navenant op te rekken.
Het best scoren ontwikkelingslanden waar betere zorg altijd betere levenskwaliteit betekent. Zij hebben nu eenmaal malaria, bilharziose en andere enge ziektes uit te roeien. Wij hebben hoogstens aids.
Ik weet het, het zijn geen bedenkingen voor een woensdagnamiddag tussen twee en drie.
"Ik wil 18 worden," antwoord ik mijn kleindochter. 18 is voor haar een magisch getal. Want dan wordt ze prinses. "Maar opa," zegt ze, "dat mag je niet meer. Daarvoor ben je te oud." Ook logisch nagedacht.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

18:03 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

03 december 2015

Vezelrijke voeding kan metabool syndroom veroorzaken

Een overmaat van bacteriën in de darm kan de manier waarop de lever vet verwerkt dusdanig veranderen dat dit leidt tot de ontwikkeling van een metabool syndroom, aldus research van Penn State University. Een vezelrijke voeding kan tot dat negatieve process bijdragen.
"het is een algemene misvatting dat vezels geen calorie energie bevatten," zegt Matam Vijay-Kumar, assistent in de voedingswetenschappen en geneeskunde aan Penn State. Het is inderdaad zo dat mensen plantenvezels niet kunnen verteren, maar de bacteriën in de darm kunnen deze vezels zeer makkelijk fermenteren en daarbij komen energierijke korte keten vetzuren vrij, zoals azijnzuur. Als dit de lever bereikt, converteren die stoffen in lipiden en dragen ze bij tot de vetopslag in het lichaam, wat vooral bij mensen die de toll-like receptor 5 (TLR5) missen, kan leiden tot een metabool syndroom.
TLR5 is een receptor voor bacteriële flagellin en maakt deel uit van het aangeboren immuunsysteem dat de homeostase van de darmbacteriën en hun overproliferatie tegengaat.  Ongeveer 10 percent van de bevolking heeft een genetische mutatie in TLR5, heeft dus een verzwakt immuunsysteem en ze lopen het risico een metabool syndroom te ontwikkelen.
In de studie die gepubliceerd werd in Cell Metabolism, leggen de onderzoekers een link tussen ongecontroleerde bacteriële fermentatie, korte keten vetzuren en toegenomen leverlipiden, wat tot niet-alcoholische leververvetting leidt en permanente leverschade. Bij studies op muizen stelden ze vast dat de consumptie van voedingsvezels daartoe bijdraagt. Ze pleitten dan ook voor voorzichtigheid en voorafgaand onderzoek bij het voorschrijven van een vezelrijk dieet.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

10:17 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)