21 februari 2018

Helft Nederlanders niet zeker over privacy medische gegevens


De Nederlander gaat massaal gebruikmaken van nieuwe privacyrechten die op 25 mei van kracht worden. De Europese GDPR (General Data Protection Regulation) verstrengt de privacybescherming van EU-burgers.

Maar uit het rapport ‘Weten is willen', een nieuw opinieonderzoek van KPMG naar privacy en veiligheid, blijkt dat minder dan 20% van de Nederlanders op de hoogte is van de nieuwe Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). 80% eist herkenbaarheid van bedrijven die persoonsgegevens verwerken. 46% ruilt privacy voor veiligheid; 25% verruilt veiligheid voor privacy. En 70% zet vraagtekens bij bescherming van het Electronisch Patientendossier.

Nederlanders gaan massaal gebruikmaken van de rechten die de nieuwe privacywet hen biedt. De AVG die eind mei 2018 van kracht wordt, krijgen burgers onder meer het recht om al hun persoonlijke gegevens in te zien, te verwijderen, en om onjuiste persoonlijke gegevens te corrigeren.

"Gewezen op hun nieuwe rechten, wil meer dan 80% in actie komen. Dat betekent dat bedrijven en instanties hun borst kunnen natmaken", aldus Koos Wolters, privacy expert van KPMG. In het licht van het aanstaande referendum over de vernieuwde Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten is het ook opvallend dat bijna de helft van de Nederlanders privacy inlevert voor veiligheid.

Uit dit opinieonderzoek blijkt dat minder dan 20% van de Nederlanders op dit moment op de hoogte is van de nieuwe wetgeving die in mei van kracht wordt.

Wolters: "Als straks het besef doorklinkt welke rechten burgers krijgen, zullen organisaties alle zeilen bij moeten zetten om aan alle eisen te voldoen. Immers, organisaties die hun maatregelen op orde hebben, genieten meer vertrouwen bij consumenten waardoor zij sneller toegang krijgen tot persoonsgegevens."

Nederlanders willen vooral weten wie wat verzamelt. Meer dan 80% vindt dat bedrijven en instanties die beschikken over bijzondere persoonsgegevens dit duidelijk moeten vermelden en moeten garanderen dat dit volledig privacy-proof gebeurt.

 

Veiligheid belangrijker dan privacy

Nederlanders vinden hun veiligheid belangrijker dan hun privacy. Bijna de helft (46%) van de Nederlanders is van mening dat de overheid meer bevoegdheden zou moeten krijgen om de criminaliteit terug te dringen, ook als dit ten koste zou gaan van de privacy.

Wolters: "Andersom is slechts 25% bereid om veiligheid in te leveren voor privacy. Overigens vindt een meerderheid van de Nederlanders dat de overheid er goed in geslaagd is de juiste balans te vinden in het borgen van veiligheid en privacy."

Zorgen om bescherming medische gegevens

Uit het onderzoek van KPMG blijkt dat Nederlanders zich met name zorgen maken om de wijze waarop wordt omgegaan met hun medische gegevens. 70% heeft twijfels over het gebruik van dit soort persoonlijke informatie, vooral in het elektronisch patiëntendossier (EPD).

Wolters: "90% heeft nog nooit het eigen EPD ingezien. Veel mensen zetten bovendien vraagtekens bij de veiligheid van hun gegevens bij de huisarts. Minder dan de helft van de Nederlanders denkt dat medische gegevens die worden bewaard door de huisarts of dokter goed beschermd zijn."

Marc van Impe

Bron: MediQuality

09:06 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

20 februari 2018

‘Ngo's willen geen geld te verliezen en kijken weg van misbruik'


De eerste maal in mijn leven dat ik blini’s met kaviaar at was in het gezelschap van een arts van een Vlaamse NGO in het Intercontinental aan Pahlavi Avenue in Teheran. De arts eet nu rijstpap met een gouden lepeltje. Pahlavi Avenue heet nu Valiasr straat. Het waren gouden tijden.

We waren op reportage naar de concentratiekampen van de Koerden in West-Iran, in de buurt van Naqadeh in West Azerbeidzjan. Het werk beperkte zich tot een paar interviews, het schieten van wat smartelijke beelden en een paar stand-ups. 's Avonds was het feest, we maakten kennis met de Belgische vertegenwoordigers van het Rode Kruis die naast een handeltje in ijskasten, er een heel partycircuit op na hielden. Terug op de Brusselse redactie dacht ik daarover een reportage te kunnen maken. Dit was pas nieuws. De waarheid was hard bij les. Er volgde een schorsing, een collega hermonteerde de reportage tot een eetbaar stuk koek, ik kreeg vanaf toen reportages dichtbij huis toegewezen.

Ik schrok dan ook niet toen ik in de krant las dat een Belg het Haïtiaanse partycircuit van Oxfam organiseerde. Roland van Hauwermeiren, organiseerde in 2011 seksfeesten in het door een aardbeving getroffen Haïti. Mogelijk waren er minderjarige meisjes aanwezig. De man deed in 2004 hetzelfde voor een organisatie in Liberia en kon na zijn ontslag bij Oxfam aan de slag bij een Franse ngo in Bangladesh. Het seksschandaal bij het Britse Oxfam stuurt een schokgolf door de ngo-wereld. Zij zijn niet de enigen. Oxfam is een koepelorganisatie van 17 zelfstandige ngo's. ‘Oxfam België heeft hier formeel niets mee te maken', zegt directeur Stefaan Declercq. Van Hauwermeiren heeft, voor zover bekend, geen linken met Oxfam België.

Ook Artsen zonder Grenzen die wereldwijd 40.000 medewerkers telt, meldt nu 146 klachten over seksueel ongewenst gedrag. Deze hulporganisatie heeft de problematiek van seksueel grensoverschrijdend gedrag door hulpverleners zelf aangekaart.

#meToo heeft de ngo-wereld bereikt Professor Dyan Mazurana van het Feinstein International Center aan Tuft University, publiceerde meer dan 70 boeken en artikels over deze problematiek. Haar recentste boek is A View from Below: Conducting Research in Conflict Zones, met co-auteurs Karen Jacobsen en Lacey Gale (Cambridge University Press, 2013). Volgens haar gaat het om meer dan een paar rotte appels. 'Dit is een sectorbreed probleem. Werken in gevaarlijke omstandigheden trekt een bepaald type cowboy aan. Je kan ze vergelijken met de nonkel paters die gehuld in wit habijt de zwarte medemens gingen bekeren en waarvan menigeen 's avonds ook aan de innerlijke mens niets tekort deed. Hun kinderen werden opgenomen in gesloten internaten kwamen pas de voorbije decennia in de wereld.

Door de grote financiële afhankelijkheid weten de tophelpers al veel langer dat er stront aan de knikker hangt. Maar ze kiezen ervoor om hun schandalen liever intern af te handelen. Nadia Molenaers, expert ontwikkelingsbeleid (UAntwerpen) zegt het in De Tijd als volgt: ‘Stakeholders worden meestal wel ingelicht, het grote publiek niet. Hun reputatie is veel geld waard. Schade betekent onmiddellijk verlies. Maar de hele sector zal de prijs voor dit schandaal betalen." Oxfam België was wel bekend met de problemen in Haïti.

Journalisten die naar de Oxfam-projecten reisden wisten dat het om seksueel randgedrag ging. Oxfam drong erop aan hier niet teveel aandacht aan te besteden. Zelf deed Oxfam niets aan de situatie. Volgens Declercq ‘draait dit probleem volgens ons om enkele rotte appels.' Maar onderzoekster Dyan Mazurana zegt in Boston wijst met de vinger naar de NGO's. 

Zij schreef een onthutsend rapport over wijdverspreid seksueel wangedrag onder hulpverleners. De daders zijn meestal mannelijke collega's. Een machocultuur, alcohol- en drugmisbruik en een gevoel van wetteloosheid werken misbruik in de hand. ‘Werken in gevaarlijke omstandigheden trekt een bepaald type cowboy aan. De omstandigheden faciliteren grensoverschrijdend gedrag.' Een intern meldingssysteem kan maar werken als het hoger management ook ingrijpt, zegt Mazurana. ‘Dat heeft Oxfam nagelaten. Maar dit is een sectorbreed probleem.'

Niet alleen cowboys worden aangetrokken tot hulporganisaties. Net zoals bij sportclubs, jeugdbewegingen en wees- en kindertehuizen, kortom die plaatsen waar de zwaksten onder ons in grote getale aanwezig zijn, worden de pedofielen en seksuele roofdieren naar die organisaties toegezogen. Het werk dat ze daar doen is vaak nuttig, de schade die ze toebrengen is onmetelijk. Reality TV wordt er dagelijks mee gevuld.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

18:04 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

150% in de Academische Club


We waren vorige zaterdag bij een gelegenheid uitgenodigd die voor het grootste deel bevolkt werd door topdokters en hier en daar een aangetrouwde advocaat of ingenieur. De gemiddelde leeftijd had ruim de tweede pensioenpijler bereikt, ware het niet dat het niet dat het meestal academici waren, die al dan niet de emeritaatleeftijd bereikt hadden en zeg maar genoten van een stevig aangevuld pensioen, waar de doorsnee zelfstandige zorgkundige enkel maar kan van dromen.

Wat me opviel was de academische uniformiteit, om niet te zeggen de saaiheid die de kledij van het mannelijke gezelschap kenmerkte. Veel zwart en grijs, het zou net zo goed een glas na een begrafenis kunnen geweest zijn, ware er niet één vrolijke zwarte medemens die in ultramarijn blauw jasje het centrum van een stukje academisch dispuut was en de happening opfleurde. De dresscode voor de dames viel al even hard tegen. Maar wat bij hen opviel was dat ze stuk voor stuk hun massieve handtas zichtbaar voor zich uit droegen. De geleerde vrouw citeerde de namen als een mantra: Delvaux, Longchamps, Dior, Vuitton, Prada en dat ging maar door. Er was ook een Nederlandse dame met een mauve hoedje die door de menigte en de gesprekken heen banjerde op die zelfverzekerde wijze die boven de Moerdijk reeds in de lagere school –groep 1 heet dat daar- aangeleerd wordt.

Ik bleek haar port off call te zijn. Toevallig droeg ik die middag ook een hoed. Vandaar dus. Helaas zal ook dit gesprek de academische analen niet halen. Het merendeel van de conversaties bleek over de honorering van de artsen te gaan. Iedereen was het erover eens dat die moest opgetrokken worden. Maar niet noodzakelijk tot op academisch niveau. Het is leuk dat er bij zo'n gelegenheid geen meningsverschillen ontstaan die onder invloed van enige Cava al snel ontaarden tot luide twistgesprekken. Niets van dat alles. Het bleef uitermate beschaafd.

De middag trok zich verder en het personeel van de Academische Club begon discrete signalen te geven dat de receptie tegen zijn einde liep. Er werd met stoelen gesleurd, tafels werden afgeruimd. We namen een laatste glas wijn. De gastheer, een gewaardeerde vriend die professioneel geleerd heeft door alle schone schijn heen te kijken en enkel de ware essentie der dingen te onderscheiden, stelde ons in de gauwte nog voor aan een ietwat jonger ogende academicus. Hij bleek de voorzitter van de medische raad te zijn.

Hij had het stukje gelezen. Het woord simonie had hij moeten opzoeken. Maar de term klopte. Hij gaf ons groot gelijk. 150% dat kan niet zomaar! Volgt er een vrije tribune? Ik kijk er naar uit. De mauve gecoiffeerde dame werd met een traan in het oog zachtjes buiten geleid. Er zijn nog zekerheden.

Het is toch erg, zeg ik tegen de geleerde vrouw, dat een professor van de oudste katholieke alma mater van het land, zo'n oud kerkelijke term moest opzoeken? Kijk uit, zegt ze, die man voor jou wijkt uit.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

08:44 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)