12 mei 2017

Slaap met open denkraam



De nachten zijn koud maar toch doet een mens er goed aan met open raam te slapen. Dat blijkt uit onderzoek van een Bulgaarse hobbyist Vladimir Savchenko, die zelfgebouwde kooldioxidemeters verkoopt, en dat gebaseerd is op eerder Pools en Gents onderzoek waarin steevast de koolstofdioxideconcentratie als maatstaf werd gebruikt.


Slapen met het raam open blijkt garant te staan voor een betere nachtrust. Zonder ventilatie wordt het al gauw bedompt in een slaapkamer, zeker als die klein is en als er meer mensen slapen. Door de ademhaling van de slapers neemt de concentratie kooldioxide in de lucht gestaag toe. En ook lichaamsgeuren hopen zich op. Savchenko laat een indrukwekkende grafiek zien hoe een nacht in zijn eigen slaapkamer verloopt.

De kooldioxideconcentratie gaat al iets omhoog als aan het begin van de avond zijn baby in de kamer van 16 vierkante meter te slapen wordt gelegd. Maar vanaf het moment dat hij en zijn vrouw erbij gaan slapen, stijgt de grafiek als de contouren van de Mount Everest. De concentratie bereikt een piek van bijna 3.500 ppm. Op het moment dat Savchenko wakker wordt en de deur van de slaapkamer openzet, zakt de concentratie pijlsnel weer naar onder de 1.500 ppm. En als hij later even het raam opent, gaat het rap naar 500 ppm. Volgens de normen moet de langdurige blootstelling onder de 1.200 ppm blijven.


Ingenieur-architect Jelle Laverge van de vakgroep architectuur van de Universiteit van Gent deed vergelijkende proeven met studenten. „Slapen met het raam open gaf aanleiding tot kortere maar diepere slaap met een beter uitgerust gevoel de dag erna", zegt Laverge die in 2013 een doctoraat behaalde met een proefschrift getiteld ‘Ontwerp strategieën voor residentiële ventilatie'. Uit de analyse van de prestaties van residentiële ventilatie in dit proefschrift blijkt duidelijk dat de ontwerpregels die momenteel van kracht zijn aanleiding geven tot suboptimale prestaties.


Een recent Deens onderzoek – ook met studenten – komt tot dezelfde conclusie (Indoor Air, 26 oktober 2016). Deelnemers die sliepen bij lagere koolstofdioxideconcentraties rapporteerden de volgende morgen een minder slaperig gevoel en een beter concentratievermogen. Het was niet alleen een gevoel: ze presteerden echt beter in logisch denken tests.


Maar dat open raam heeft ook nadelen. Behalve warmteverlies vergroot dat de kans op inbraak en geluidsoverlast, waardoor mensen alsnog slecht slapen. Critici wijzen erop dat met open raam slapen een overblijfsel is van de cultus die aan de natuur en het buitenleven een gunstig gezondheidseffect toeschrijft: „Een geloof van hygiënisten." Bovendien komt zo fijn stof de kamer binnen.


Het kan een gezondheidsillusie zijn, bevestigt Laverge: „In placebo-onderzoek bleken veel effecten eerder toe te schrijven aan het openen van het raam op zich en niet zozeer aan de verhoogde luchtstroom." Met open deur slapen, zo blijkt uit het Bulgaars onderzoekje, levert al een hele winst aan frisse lucht op.


http://ac.els-cdn.com/S1877705813007558/1-s2.0-S187770581...

http://vair-monitor.com/2016/09/29/sleeping-closed-room-i...

Marc van Impe

Bron: MediQuality

09:26 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

11 mei 2017

Geneeskunde is een godsgeschenk


Waarom schrijf ik überhaupt een column? De vraag werd me deze middag nog eens gesteld. Waarom wijzen, de vinger op de wonde leggen, de eigenwijze uithangen? Het heeft niets met ijdelheid te maken noch met een drang naar bevestiging. Het heeft ook niets te maken met werk.

Ik citeer in deze graag Nico Dijkshoorn: " Zij die geloven dat schrijven een vak is. Een godsgeschenk. Zij geloven dat schrijven hard werken is en dat die arbeid kreunend aan een bureau moet worden verricht. Echt schrijven, denken zij, kan nooit snel. Het moet langzaam en moet daarna worden uitgelegd dat het in afzondering heeft plaatsgevonden. Dan knikken de mensen. Schrijven is mijden. Schrijven is eenzaam zijn, al ben je met anderen." Alleen dat laatste klopt. Ik zit hier aan de bar van een Ierse pub en heb een vergadering met een aantal gezondheidsactoren achter de rug. Zij zijn onderweg naar hun lobbykantoren, ik drink een Orval. Ik heb altijd een hekel gehad aan schrijvende onderdeuren die persberichten en getelefoneerde boodschappen van de zogenaamde achterban doorschreven.


Ik schrijf deze columns uit reactie tegen de gabardine-mentaliteit van mijn achtbare collega's van de reguliere pers die niet beter weten dan de druppels van het ongenoegen van hun schouders te schudden. Daarom ga ik ook in tegen de gedachte van mijn vrienden bij de artsensyndicaten. Te lang hebben ze vanuit hun stilaan afbrokkelende plaasteren torens kusten verdedigd die al lang afbrokkelden. We moeten de situatie vanuit een breder perspectief bekijken, niet vanuit de holte van een linkerbinnenzak maar evenmin vanuit de gleuf van de brievenbus waar de overheidscheque binnenvalt.


Schrijven is niet de waarheid verkondigen, wie schrijft heeft geen recht op een podium. Ik denk dat het ook geen vak is. Gewoon een gave, een talent, zoals de zin voor geneeskunde. Dat je een echte dokter echt direct herkent. De ander met een diploma is gewoon knudde. Als die het moet uitleggen waarom hij "geneeskunde gedaan heeft" is hij goed fout. Geneeskunde , zoals ik Dijkshoorn mag parafraseren, is geen vak maar een godsgeschenk.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

09:49 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

10 mei 2017

1 op 3 afgestane organen is niet geschikt voor transplantatie

 

Iets meer dan een derde van de gedoneerde harten en longen in België wordt niet gebruikt. Het gaat over organen die artsen niet geschikt vinden voor transplantatie. Daarnaast weigeren 1 op de 10 families organen van hun geliefde af te staan na overlijden, ondanks een vooruitstrevende wetgeving, schrijft Katrien Verbeke op Apache.


Momenteel wachten 1.217 mensen op een geschikt orgaan. De grootste groep wacht op een nieuwe nier. Maar omwille van medische en/of technische redenen worden organen in België geregeld afgekeurd. "In 33% van de gevallen krijgt een hart uiteindelijk geen ontvanger. En ook 34% van de longen, 21% van de levers en 13% van de nieren, wordt niet gebruikt. Uitschieter is de pancreas, een erg gevoelig orgaan. Daarvan kunnen artsen slechts 17% gebruiken en gaat 83% verloren", zegt Luc Colenbie, transplantatiecoördinator van het universitair ziekenhuis in Gent en expert bij de FOD Volksgezondheid.


De reden daarvoor is vooral medisch van aard. Het orgaan voldoet dan niet aan de kwaliteitsvoorwaarden. Ook de urgentie is een belangrijke factor. Er is ook een maatschappelijke verklaring. De inspanningen van de overheid om het aantal verkeersslachtoffers te doen dalen, werkt. Daardoor zijn er minder jonge donoren, waardoor de gemiddelde leeftijd van een orgaandonor stijgt naar 56 jaar, veelal na een hartstilstand of hersenbloeding. Ook de organen die in de database terechtkomen, zijn dus ouder. Artsen kunnen dan wel het hart weigeren, de nieren van diezelfde persoon zijn vaak wel nog bruikbaar.


"Tegenwoordig kunnen we organen die vroeger afgekeurd zouden worden op basis van leeftijd, toch nog transplanteren", zegt Colenbie. "Dat zorgt voor een belangrijke shift. We selecteren nu op basis van de kwaliteit van het orgaan, ook al was de persoon al wat ouder. De oudste donor in 2015 was 90 jaar." De technische vooruitgang zal de verliespercentages doen zakken, maar alle organen recupereren lukt nooit.


"Momenteel gebruiken we de perfusietechniek enkel voor nieren. In de toekomst moet dat ook mogelijk zijn voor de andere organen", zegt Colenbie. Dat zal de verliespercentages volgens de expert doen zakken, maar alle organen recupereren zal volgens de expert nooit lukken.


België behoort op vlak van orgaandonatie bij de top van Europa. We bevinden ons op de tweede plaats, na een verrassende winnaar: Kroatië. Het succes van België is grotendeels te verklaren omdat we een zeer hoog aantal donoren hebben per miljoen inwoners. Dat komt door onze vooruitstrevende wetgeving, die voorschrijft dat iedereen in principe donor is, tenzij iemand expliciet laat registreren geen donor te willen zijn. Toch kan het nog beter. "We kunnen het tekort aan donors nog meer terugdringen door te sensibiliseren", weet Lauwereys. "Veel geschikte donoren komen niet in de database terecht omdat familieleden weigeren om de organen van hun geliefde af te staan." Dat gebeurt in 12% van de gevallen.Vaak omwille van religieuze overtuigingen. Ze gaan er volgens Lauwereys van uit dat het wel niet zal mogen, terwijl dat vaak niet klopt.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

10:00 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)