14 december 2016

Annemans’ fuga

UGent-gezondheidseconoom Lieven Annemans stelt een plan en methode voor om de artsenhonoraria te hervormen. Het nieuwe stappenplan vertrekt van een tabula rasa en betrekt de artsen van zeer nabij bij de hervormingen. Dat eerste statement geloof ik niet en het tweede valt te bezien. Professor Lieven Annemans heeft met zijn rapport de fuga van de Hohe Messe van de nomenclatuur ingezet.


Ik gebruik bewust die vergelijking: in een fuga wordt een stuk muziek met één stem ingezet, waarna de andere stemmen op andere toonhoogten, de melodie overnemen. Daarop ontstaat een vlechtwerk van stemmen die elkaar imiteren, ogenschijnlijk tegen-zingen om tot een prachtig slotakkoord te komen. Het Gloria uit de Hohe Messe van Johan Sebastian Bach uit 1750 is een hoogtepunt van die kunst die de meester uit Leipzig als geen ander beheerste. Ik vraag me af of de professor uit Wemmel even sterk is? Voor Bach was die hoogmis zijn muzikaal testament, wordt het dat ook –figuurlijk- voor de gezondheidseconoom? In elk geval, het is een nieuw begin. Een deur kan maar open of dicht zijn. Annemans heeft ze open gezet. Dicht gaat ze niet meer.


UGent-gezondheidseconoom Lieven Annemans maakt komaf met enkele hardnekkige kenmerken van de huidige manier waarop artsen betaald worden. Consultatie-activiteiten worden veel beter gewaardeerd, een deel van de vergoeding van de artsen wordt forfaitair, overconsumptie wordt ontmoedigd én de patiënten krijgt tariefzekerheid. Mooie beloften, maar zeer de vraag of het garanties kunnen worden. De voorstellen beantwoorden alleszins aan de ambities die ook in het regeerakkoord hierover waren geformuleerd.


Dat de inkomens van de artsen onder druk staan mag ons niet verwonderen. Sinds het begin van deze eeuw is de wijze waarop leidinggevenden en vrije beroepen gehonoreerd worden danig veranderd. Er werden normen gesteld: het begrip governance werd ingevoerd, de automatische indexering is geen weerkerend natuurverschijnsel meer. Dat het zo lang geduurd heeft bij de artsen hebben die voor een groot stuk aan zichzelf te danken. Artsen zijn niet economisch opgeleid en denken nog altijd vanuit het principe uit de middeleeuwen: meer is beter.


De informatie over de wijze waarop een artseninkomen tot stand komt, in stand wordt gehouden is het domein van boekhouders, loensende accountants en uitgevers van nieuwsbrieven die tegen veel geld het Staatsblad overschrijven en daar niet altijd de juiste conclusies aan vastknopen. De onschuldige adolescent die de (goed) verdienende arts is, wordt niet zelden getild. Komt daarbij een chronisch gebrek aan transparantie van de stilaan antieke nomenclatuur, onduidelijkheid over de werkelijke inkomens van specialisten na afdrachten aan het ziekenhuis, in combinatie met de Belgische eigenschap om het eigen inkomen zo goed mogelijk geheim te houden en de absolute slordigheid van een overheidsapparaat dat er nog altijd niet in slaagt de meest basale statistieken bij te houden, zodat er niet eens een schatting kan opgemaakt worden waarmee een instelling als de OESO aan de slag kan. In een land dat niet eens weet hoeveel artsen er in werkelijkheid actief zijn mag niets ons verbazen.


Wat vast staat is dat zogenaamde echte medische activiteiten waarbij veel tijd van de arts wordt gevraagd vandaag ondergewaardeerd zijn. Alleen al daarom was het logisch dat de huidige regering een hervorming van de honoraria had ingeschreven in het regeerakkoord. Eén van de artsensyndicaten, ASGB, heeft niet op de regering gewacht en gaf aan de UGent de opdracht een plan van aanpak en methodiek uit te werken. Prof. Jeroen Trybou en Prof. Annemans hebben een plan van aanpak op dat beantwoordt aan enkele essentiële principes, zoals tariefzekerheid voor de patiënten, het ontmoedigen van overconsumptie en het herwaarderen van de consultatie-activiteit.


De basisprincipes zijn bekend: een herwaardering van consultatieactiviteit, een correctie van de onevenwichtige verhouding tussen ‘technische en niet-technische activiteiten', een herwaardering van de niet-technische specialismen en afstemming van de honoraria op een ‘billijk inkomen' voor de gemiddelde arts, gebaseerd op het huidige gemiddelde inkomensniveau. Een transparante financiering van de geneeskunde door het opsplitsen van de vergoeding voor de arts in drie componenten.


Eén ter compensatie van de inspanningen van de arts. Een tweede component ter compensatie van de geassocieerde kosten en tenslotte een forfaitaire vergoeding voor taken inzake coördinatie en communicatie.


Komt de fameuze tabula rasa: er wordt een volledig nieuwe lijst van prestaties opgesteld per discipline. Deze prestaties worden dan gewaardeerd met een puntensysteem. Elk punt krijgt een waarde in €, waarbij de totale inkomensmassa van de artsen nog steeds kan groeien met 1,5% (groeinorm van de regering). Het forfaitaire gedeelte dient om niet factureerbare tijd te vergoeden en zal ongeveer 20% van de inkomens innemen. Kosten kunnen ingebracht worden aan de reële kostprijs. Als kers op de taart houdt het plan ook een bonus voor kwaliteitsvolle praktijken in.


Trybou en Annemans gingen daarvoor onder andere te rade in Nederland en Zwitserland waar in dat laatste land reeds zo'n systeem van korte, middellange en lange consultaties bestaat die elk hun eigen tarifering hebben. De Zwitsers zijn er gelukkig mee. Waarom zou dat in ons land niet kunnen? Tot je natuurlijk slimmeriken gaat krijgen die uitsluitend nog lange consultaties gaan aanrekenen.


Wat me bij de grap brengt waarmee mijn advocaat niet kan lachen. Die gaat als volgt: een advocaat valt op zijn 44ste steendood van zijn fiets. Gehuld in zijn lycra condoom staat hij voor Sintepieter. "t is niet eerlijk" klaagt hij, hij had op zijn minst 76 moeten worden. Hij dreigt met een proces. Waarop de heilige portier er het Grootboek bij haalt. Komt het verdict: "Volgens uw prestatiestaten bent u 104." Zaak gesloten.


De fuga is ingezet. Wie niet meezingt moet alleen maar luisteren.


Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

08:21 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

13 december 2016

Een verjaardag

Ik ben altijd jarig in die rare periode dat zowat elk medium begint met voor- en achteruit te kijken. Wat zal mij bijblijven ? Eigenlijk is het beste bericht van het jaar het idee om oudere patiënten die een chirurgische ingreep moeten ondergaan, vooraf mentaal te testen. Want een ingreep is niet niets en anesthesie doet met een mens dingen die hij nooit vermoed kan hebben, vaak weken, nee, maanden later.

Ik verjaar niet. Ik ben jarig. Een contract verjaart. Een journalist niet. Die krijgt er een jaar bij. Afgezien daarvan, ik ben altijd jarig in die rare periode dat zowat elk medium begint met voor- en achteruit te kijken.

Ik kan er gif op innemen, maar mijn collega's zijn nu al bezig met lijstjes van alles wat fout ging terwijl hun collega's aan de andere kant van de koffiemok zich onledig houden met wensvol luchtig bedenksel waar je met een beetje vol verstand vanuit kunt gaan of het wel of niet waar zal worden.

De Nostradamussen en Savonarola's van de krantenredacties zijn volop aan de slag. Ik krijg er het heen en weer van. Niets wordt beter in 2017 dan in 2016. Zo, dat is gezegd. Het is maar wat je ervan maakt.

Ik heb het voorbije jaar mijn portie gehad: van oude steden waar ik ooit gepasseerd ben en die nu half in puin liggen, restaurantjes waar ik ooit humus at en shishlak, waar we wijn dronken uit Tabriz die eigenlijk niet te drinken was, waar we naar het stoombad gingen, cafés waar we opgelicht werden.

Een luchthaven die nu een ruïne is. Maar ook een nieuw Latijns Miami, een gerestaureerd Berlijn. Een bijna eeuwenoud conflict met een ijzeren autoriteit dat door het gespierd verstand werd opgelost, de prijs van antibiotica die duurder wordt, neussprays voor snotneuzers die niet langer en toch wel terugbetaald worden, steeds meer ouderen om mij heen die ophouden met werken en zowat alles, dus ook nadenken opgeven, en het wil maar niet regenen en het vriest niet hard genoeg.

Twee aanslagen overleefd en daar geen enkele vriend verloren, maar wel oude maten die boos zijn om wat ik schreef en nu geen mail meer beantwoorden. Maar ter compensatie: al mijn kinderen praten weer met ons en dat is me dierbaarder dan het bericht dat we met z'n allen vergrijzen.

Eigenlijk is het beste bericht van het jaar het idee om oudere patiënten die een chirurgische ingreep moeten ondergaan, vooraf mentaal te testen. Ik denk dat dit echt het meest hoopvolle bericht is van het voorbije jaar. Want een ingreep is niet niets en anesthesie doet met een mens dingen die hij nooit vermoed kan hebben, vaak weken, nee, maanden later. De American College of Surgeons en de American Geriatrics Society willen iedereen boven de 65 preoperatief mentaal screenen voor hij of zij onder het mes gaat. Het zou de regel moeten worden.

Mag ik de minister dit advies geven: screen iedereen boven de 65 en beslis dan of er een nieuwe heup in mag. En of hij of zij nog op de kieslijst mag. Het zal een boel geld besparen en een hoop mensen gelukkiger maken.

Want dat beetje verstand verliezen dat je nog had voor je weer kan fietsen, is rampzaliger dan dat geklungel op een elektrische fiets van de Aldi waarmee je sowieso in het decor rijdt. Dat geldt ook voor kandidaat parlementsleden.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

17:16 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

11 december 2016

Burn-out patiënten slachtoffer van gaslighting

 

Ik heb het stilaan gehad met gehandicapten die om de haverklap in de krant komen omdat ze stoer zijn. Ze doen een triatlon uit. Ze racen sneller dan hun gehandicapte concurrenten. Ze verrekken van de rugpijn maar rijden een jumping uit. Rijden blind de Mont Ventoux op.
En zwemmen het Kanaal over. De inspirerende geïnvalideerde persoon is een terreur voor wie chronisch ziek is en niet meer kan wat hij vroeger kon. En altijd is er wel een psy die klaar staat om te vertellen dat als je wil, je ook kan. Het is een kwestie van karakter. En wie niet mee wil, is ergens gestoord. Van kwade wil. Lijdt aan renteneurose misschien. Of erger nog: is depressief. Je moest maar eens echt depressief zijn.
Ik vind het choquerend dat een paralympische atlete na een zoveelste gereden rit in de krant mag aankondigen dat ze haar euthanasie nog even uitstelt. Dit soort 'inspiratieporno' wordt graag breed uitgesmeerd door de media . Ik zal wel aangevallen worden maar in deze wil ik de lezer graag tegen de haren in strijken.
Vanwaar deze uitval? De Olympische Spelen zijn al een zomer voorbij. Het is de tijd van veldrijden, crossen en zesdaagse. Aanleiding is de zoveelste keer dat een zelf uitgeroepen goeroe zich in het debat moest mengen over burn-out. Ik vrees dat het begrip burn-out van een legitieme medische aandoening aan het verworden is tot een pseudo psychiatrisch label zoals 'hysterie'.
Ik lees dat militairen na hun 56ste onvermijdelijk naar een burn-out toe gaan. Idem dito voor onderwijzers, politieagenten, treinbestuurders, lijnpiloten, brandweerlui, verplegers, facteurs en onderwaterlassers. Als ze het niet al hebben, dan zullen ze het krijgen. Burn-out.
Het doet me denken aan 'gaslighting' of mindfucking naar de film Gaslight uit 1944 waarin Ingrid Bergman de hoofdrol speelt. Het verhaal is niet simpel: een man doet er alles aan om zijn vrouw ervan te overtuigen dat ze psychologisch niet in orde is. De brave vrouw gaat twijfelen aan haar eigen inzichten, ze verliest de greep op haar eigen realiteit. De manipulatie is subtiel, haar hele omgeving wordt gecontroleerd.
De parallel met chronisch zieken is snel getrokken. De patiënt is het slachtoffer van een narcistische zorgverstrekker, die hem het gevoel wil geven dat hij psychologisch in de war raakt , zijn eigen geheugen niet meer kan vertrouwen, door dingen te doen en te zeggen die hem laten twijfelen aan zijn herinneringen, zijn kennis en zijn eigen grenzen, normen en waarden en overtuigingen.
Een chronisch zieke persoon zit in een bijzonder kwetsbare positie. Dokters hebben buitensporig veel macht over iemand met een chronische ziekte, en er is niet veel voor nodig om dat evenwicht nog meer in hun richting te doen kantelen.
Vertel iemand zo lang dat hij een burn-out heeft en hij zal er een krijgen.
Patiënten die aan myalgische encefalomyelitis/chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/CVS) lijden hebben aan den lijve ervaren wat gaslighting betekent. Hen werd jarenlang, ook door het Riziv, aangepraat dat ze aan een psychosomatische aandoening lijden en hen werd een combinatie van graduele oefentherapie (GET) en cognitieve gedragstherapie (CGT) voorgeschreven.
De therapieën werden populair door de PACE-studie, een uitgebreide, door de Britse overheid gesubsidieerde studie die GET en CGT als behandelingen voor ME/CVS bestudeerde. De PACE-studie bevestigde wat zo vele dokters al geloofden: dat ME/CVS niks meer was dan een psychische stoornis, een combinatie van geestelijke en fysieke deconditionering die eenvoudigweg opgelost kon worden met een beetje sporten en anders gaan denken.
De idee van ME/CVS als psychosomatische aandoening was zo ingebakken, dat het vijf jaar heeft geduurd vooraleer hun onderzoeksmethoden in vraag werden gesteld. Intussen heeft dit onderzoek werkelijke gevolgen gehad voor ME/CVS-patiënten. Nu blijkt dat de hele PACE-studie een stuk wetenschappelijke fraude was.
Maar dat behandelingen zoals GET werkelijke schade aanricht bij mensen met ME/CVS, ontkent onze overheid nog altijd. het Riziv gaat de proefopstelling die ze met de KU-Leuven heeft opgezet tot het einde doorvoeren.
Ondertussen worden talloze zeer ernstig zieke ME/CVS-patiënten een diagnose of echte behandeling geweigerd. Hun eigen perceptie wordt bovendien zo verdraaid dat ze beginnen te twijfelen aan hun eigen geestelijke gezondheid. Ze zijn gaan geloven in therapieën die gericht zijn op het overtuigen van de zieke dat ze helemaal niet ziek zijn, en dat ze de ziekte kunnen overwinnen door anders te gaan denken. Door gaslighting dus.
Dertig jaar al houdt men ME/CVS patiënten voor de gek. Nu dreigt men hetzelfde met burn-out patiënten te doen. Het is een kwestie van willen.


Marc van Impe


Bron: MediQuality

 

10:42 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)