24 september 2016

Waarom staat de samenleving niet toe dat artsen ook mens zijn?

Het is zondagochtend, halfnegen en mijn smartphone dreint. De geleerde vrouw is net de deur uit voor een hele dag bijscholing. Ik ben aan mijn ochtendkoffie en mijn stapel weekendkranten toe. Op mijn schoot een nieuwsmagazine dat de artsen in een paar headlines neerzet als fraudeurs en manipulators. Een shot adrenaline raast door mijn brein. Er moet wat gebeurd zijn.

Met vier kinderen, een pleegzoon, negen kleinkinderen, nog vijf broers en zussen en een moeder van negentig is er altijd wat. Of de dokter direct aan de telefoon kan komen. De stem aan de andere kant heeft de voorbije nacht geen oog toegedaan, zegt ze. Ze had gisteren op het internet wat gelezen in verband met haar ziekte wat haar helemaal van streek heeft gebracht en daar wil ze het nu absoluut over hebben. Niet dus. Mijn zondagochtendhumeur heeft ondertussen de kleur van het weer genomen.

Ik vraag me soms eerlijk gezegd af of deze samenleving haar artsen nog toelaat om mens te zijn. En onmiddellijk schiet me het beeld te binnen van de spoedarts die op een bureaustoel een powernap neemt. De snapshot is u bekend. Het is het resultaat van de frustratie van een boze, verwende en ongeduldige patiënt die dacht zo zijn ultieme gelijk te halen op Facebook.

Deze mentaliteit is giftig voor de gezondheidszorg. En we hebben ze zelf in de hand gewerkt. Realityprogramma's rond superdokters verspreiden de mythe van de hoog bekwame, über sympathieke, altijd klaarstaande arts die op afroep de meest ingewikkelde problemen oplost, zich bij nacht en ontij uit bed laat bellen en nooit burpst. Dat schept een totaal verkeerd beeld.

De arts is een mens en dat betekent dat hij alle menselijke eigenschappen heeft. Ook hij kan moe zijn, geïrriteerd, gefrustreerd of gewoon onmachtig. Geen enkele arts beschikt over alle kennis en eindeloos geduld. En elke arts maakt wel eens een fout. Een ombudsman van een Brussels ziekenhuis vertelde me dat hoe lager het opleidingsniveau en de sociale klasse van de patiënt, des te vaker er klachten tegen de artsen worden ingediend. Gezondheid wordt als een absoluut verworven recht beschouwd.

Met de vooruitgang in de geneeskunde, wetenschap en technologie accepteren sommigen onder ons niet langer dat slechte dingen kunnen gebeuren. En als slechte dingen gebeuren, dan vinden wij dat we iemand moeten kunnen beschuldigen. Sterker nog, die attitude wordt gestimuleerd door de media en de ziekenfondsen. Ik hoor een voorzitter van een groot ziekenfonds nog declameren dat artsen moeten beantwoorden aan bepaalde "normen en waarden", dat dit hun roeping en plicht is. Hij bedoelde waarschijnlijk dat hun maatschappelijke keuze op zijn keuze moest lijken. Als ik hem op zijn ziekenfonds bel, krijg ik een telefoniste aan de lijn en na vijven een antwoordapparaat.

De patiënte aan de telefoon is boos. Voor die ene keer dat ze belt, krijgt ze haar dokter niet aan de lijn. Ik probeer haar uit te leggen dat het hier niet gaat om een noodgeval, dat het zondagochtend is en dat de dokter in feite aan het werk is. Wanneer ze kan terugbellen, of nee, dat ze vanavond zal terugbellen. Dag mevrouw!

Voor het grootste deel zijn de mensen die ik aan beide kanten van de zorg ontmoet prachtig en verrijken ze mijn leven. Maar op zondagochtend kies ik mijn gezelschap graag zelf. En sommigen die mijn privacy proberen binnen te dringen wens ik naar de hel. Waar ze lang mogen wachten. En zoveel snapshots maken als ze willen.

De mooiste aspecten van de geneeskunde zijn te vinden in de menselijkheid. Dit betekent ook dat hoe hard de dokter ook probeert, er altijd onvolkomenheden zullen zijn. Het zou wel eens mooi zijn dat de media en zij die de media voeren met sensationele berichten hoe vals de dokters wel zijn, dat onderstrepen. Elke generatie worden onze artsen beter.

Ik kan alleen maar hopen dat onze maatschappij respect heeft voor hun kwaliteiten als voor hun gebreken. We moeten leren leven met onzekerheden, en eerder dan onze normen en waarden aan een ander op te leggen, zouden we elkaar met vriendelijk respect moeten bejegenen. Dit is zowel belangrijk voor de arts als voor de patiënt. Ik vraag me overigens af hoe de belster van zondagochtend aan mijn gsm-nummer kwam.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

 

 

13:02 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Helpt 'jong bloed' tegen Alzheimer?

Volgens Stanford-onderzoeker Tony Wyss-Coray zou bloed van jonge donoren wel eens de oplossing kunnen bieden voor de ziekte van Alzheimer. In de JAMA Neurology publiceerde hij een artikel waarin hij meldt dat muizen met Alzheimer lijken op te knappen van het bloed van jonge soortgenoten. Hun herseneiwitten waren weer op een gezonder niveau, het geheugen van de muizen verbeterde.

De muizen in de studie hadden een genetische vorm van Alzheimer, veroorzaakt door mutaties die ook voorkomen bij de erfelijke vorm van de ziekte. Door die mutaties hoopt het eiwit amyloïd op in de hersenen, waardoor typische Alzheimer-klachten als vergeetachtigheid en ontremd gedrag kunnen ontstaan. Een menselijke studie bij 18 proefpersonen loopt, al waarschuwt hij ook voor vroegtijdig optimisme. Het lijkt wel een verhaal uit Transsylvanië: dien een oudere bloed toe van een jonge donor, en de ontvanger knapt niet alleen zienderogen op, maar wordt ook aantoonbaar gezonder.

De onderzoekers van Stanford University schrijven in JAMA Neurology dat hun methode gebaseerd is op het idee dat bloed van jonge mensen allerlei eiwitten bevat die schade in ouder weefsel kan herstellen, terwijl die eiwitten in oud bloed door diezelfde veroudering lang niet zo goed meer werken. Het verhaal begint grafische vormen aan te nemen als je leest dat de onderzoekers in het eerste experiment de bloedsomloop van Alzheimer-muizen verbonden met die van jonge, gezonde muizen. Hierdoor kregen de oude muizen langdurig en voortdurend vers bloed.

Omdat het niet mogelijk is om de bloedsomloop van mensen aan elkaar te koppelen, dienden de onderzoekers in het tweede experiment herhaaldelijk bloedplasma - bloedvloeistof zonder rode en witte bloedcellen - van jonge gezonde muizen aan oude Alzheimer-muizen toe. Zo'n behandeling met menselijk plasma is bij Alzheimer-patiënten wel haalbaar. In beide situaties knapten de muizen op. Verschillende herseneiwitten waren weer op een gezonder niveau. Ook verbeterde hun werkgeheugen en ruimtelijk geheugen: ze waren in staat om zich een omgeving te herinneren waar ze een onprettige ervaring hadden gehad - in dit geval een klein schokje.

Opvallend genoeg ruimde het jonge bloed het opgehoopte amyloïd-eiwit zelf niet op. Bij deze genetische vorm van Alzheimer is het amyloïd-eiwit de enige oorzaak. De andere oorzaak van Alzheimer-symptomen, de vorming van eiwitkluwen in de hersenen, treedt bij deze muizen niet op, en kan dus ook niet hersteld worden. De onderzoekers hebben geen controle met oude donormuizen uitgevoerd. Dus misschien werkt oud bloed ook wel, of treedt het effect op doordat de doorbloeding van de hersenen wordt verbeterd.

De hoofdonderzoeker, Tony Wyss-Coray, is geen onbeschreven blad. Eerder al had hij eens aangekondigd een bloedtest te hebben uitgevonden om Alzheimer aan te tonen. Geen enkele groep bleek in staat die resultaten te reproduceren. Die studie is een stille dood gestorven. Wyss-Coray gaf later toe dat die studie inderdaad te mooi was om waar te zijn. In het jonge bloed heeft hij wel alle vertrouwen: hij richtte een bedrijf op dat een studie uitvoert met achttien Alzheimer-patiënten. Uit die studie zal moeten blijken of zijn optimisme terecht is.

Meer info:

http://archneur.jamanetwork.com/article.aspx?articleid=25...

http://archneur.jamanetwork.com/article.aspx?articleid=79...

 

Marc van Impe

Bron: MediQuality

 

08:20 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

23 september 2016

Turkse kliniek komt naar Benelux

Het Turkse ziekenhuisconcern Acıbadem wil eind dit jaar een vestiging openen in Amsterdam. Het concern mikt op Turken binnen de Benelux die “aangepaste zorg” willen. De directeur verwacht dat ook patiënten uit omringende landen, die nu nog voor een second opinion of een behandeling naar Turkije moeten, ‘graag’ naar Amsterdam zullen komen.

Acıbadem is onderdeel van de beursgenoteerde zorggigant IHH, die 21 ziekenhuizen bezit. De Acıbadem Hospitals Group werd opgericht in 1991 en is een belangrijke speler op de ziekenhuismarkt, niet alleen in Turkije, maar ook in landen als Bulgarije en Macedonië. Het bedrijf is voor 60 procent in handen van het beursgenoteerde Integrated Healthcare Holdings Berhad (IHH), gevestigd in Kuala Lumpur (Maleisië). IHH noemt zich de één na grootste leverancier van particuliere zorg ter wereld en is actief in negen Aziatische landen, waaronder China en India.

In juni kocht Acıbadem 3600 vierkante meter kantoorruimte in een nieuw kantoorpand in Amsterdam-West, met een optie op nog eens 1700 vierkante meter extra. Het bedrijf heeft inmiddels een toelating op grond van de Wet toelating zorginstellingen en hoopt op 1 december te kunnen beginnen , ook als op dat moment de contracten met zorgverzekeraars nog niet rond zijn. Er zal vooral diagnostisch onderzoek worden gedaan, naast poliklinische behandeling en kleine operaties in dagbehandeling, zoals cosmetische ingrepen en behandeling van spataderen. De initiatiefnemers werven artsen uit twaalf medisch specialismen.

Het nieuwe centrum richt zich op ‘iedereen'. De meeste Turkse Nederlanders kennen volgens directeur Koray Yuruk de naam Acıbadem al. Hij verwacht dat ook patiënten uit omringende landen, die nu nog voor een second opinion of een behandeling naar Turkije moeten, ‘graag' naar Amsterdam zullen komen.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

 

08:13 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)