27 maart 2018

IT te complex voor huisartsen?



​In de gedigitaliseerde gezondheidszorg staat de positie van de huisarts op het spel. Er is sprake is van een digitaliserings-paradox: de huisarts is tevreden over het dagelijks gebruik van IT, terwijl in de nabije toekomst een digitale transformatie noodzakelijk is om zijn sleutelrol in de eerstelijnszorg te waarborgen. Om het tij te keren moet de beroepsgroep nu op basis van een heldere toekomstvisie op regionaal niveau aan de slag met landelijke support. Dit concludeert Nictiz naar aanleiding van een onderzoek in deze whitepaper ‘Toekomst digitalisering eerstelijnszorg Huisartsen’.

Er is echter in de sector (huisartsen en IT-leveranciers) iets bijzonders aan de hand. Om te willen en te kunnen veranderen moet het "probleem" duidelijk zijn en de last worden ervaren. Geconcludeerd wordt dat de "pijn" op het gebied van digitalisering op dit moment (nog) onvoldoende wordt gevoeld. Zicht op het probleem en een breed gevoel van urgentie "sense of urgency" ontbreekt. De huisarts is dagelijks druk om de zorg voor de patiënten goed uit te voeren. De afzonderlijke systemen die daarbij worden gebruikt, beschikken over voldoende functionaliteit om de dagelijkse werkzaamheden te ondersteunen.

Daarbij wordt er door huisartsen veel waarde gehecht aan routine en vasthouden van het goede en het bekende. In een interview werd aangegeven dat ‘'je raakt gewend aan het ongemak dat je met IT hebt''. Huisartsen zijn niet per definitie IT-minded. IT en de visie daarop zit niet in de opleiding en de dagelijkse routine. Ook is de "winst" om op het gebied van IT te veranderen onvoldoende aanwezig en niet duidelijk. Een huisarts, HA-praktijk, zorggroep en gezondheidscentrum die van IT-leverancier verandert, haalt extra werk, kosten en risico's binnen de muren van zijn/haar onderneming. Hij/zij wordt, zoals een van de geïnterviewden aangaf, gevraagd om anders te leren zwemmen zonder dat duidelijk is of de overkant met de andere "slag" wordt gehaald. Je weet wat je hebt en niet wat je krijgt. Inzicht ontbreekt in alternatieven, niet duidelijk is de continuïteit en strategie van IT-leveranciers en onbekend is waar "digitalisering" zich de komende jaren naartoe ontwikkeld.

De sector (eerste lijn en IT-markt) lijkt door de ontstane situatie een richting te zijn ingeslagen, waarbij de focus primair op de korte in plaats van de lange termijn wordt gelegd. Wet- en regelgeving, integratie en het oplossen van speerpunten (o.a. verhuisberichten-problematiek) zijn de belangrijkste prioriteiten. Vernieuwing vindt ongericht plaats en wordt beperkt door de kaders waarbinnen huisartsen en IT-leveranciers acteren (o.a. visie, structuur, cultuur, mensen en middelen).

Geconcludeerd wordt dat er ten aanzien van de eerstelijnszorg IT sprake is van de zo genaamde "digitaliserings-paradox":

‘' …….een paradoxale situatie is ontstaan: er is tevredenheid over het dagelijks gebruik van IT en gewenning is ontstaan aan "ongemak" versus in de nabije toekomst is een ‘'digitale transformatie'' noodzakelijk zodat de eerste lijn de sleutelrol waar kan maken die zij strategisch en maatschappelijk in de zorg krijgt toegedicht."

Uit het rapport komen vijf (IT-)problemen in de huisartsenzorg naar voren.

Allereerst is er een beperkte ontwikkelcapaciteit voor vernieuwing bij IT-leveranciers. Daarnaast moeten huisartsen volgens het Nictix meer investeren in IT en in ‘organisatorische veranderingen die voor innovatie nodig zijn'.

Ook ontbreekt het aan een ‘landelijk gedragen digitale toekomstvisie en meerjarige roadmap voor de eerste lijn' en organiseren huisartsen zich onvoldoende eenduidig als klant richting IT-leveranciers. Tot slot is de marktwerking beperkt, slechts 3 tot 5 procent van de huisartsen verandert jaarlijks van IT-leverancier.

De onderzoekers stellen twee opties voor om een en ander aan te pakken: Of investeren in ontwikkeling van eerstelijnssystemen om tot goede regionale oplossingen te komen, of juist door samen te werken met krachtige partijen met wortels in tweede of derdelijnszorg (zoals epd's). Nictiz roept de verschillende eerstelijnspartijen op om positie te nemen en snelheid te maken met het in discussie gaan met politici, verzekeraars en ketenpartners over een concrete aanpak van de digitalisering van de eerstelijnszorg.

Wat betreft IT, liepen huisartsen volgens de onderzoekers altijd voorop. ‘In 2017 zijn het de huisartsen die digitaal het grootste aantal en de meest complete dossiers bijhouden van patiënten in Nederland in de huisartsinformatiesystemen (his). Voor huisartsen is het IT-landschap door de jaren heen echter steeds complexer geworden. Inmiddels hebben huisartsen (inclusief andere eerstelijnsprofessionals) te maken met een breed scala aan losstaande IT-systemen en leveranciers. Ondanks de complexiteit is de huisarts tevreden en ontbreekt op dit moment het gevoel van urgentie om te willen en te kunnen veranderen. De focus ligt primair op de korte in plaats van de lange termijn', aldus de rapporteurs.

De onderzoekers stellen verder dat vernieuwing beperkt blijft tot de dokterspraktijk en dat een heldere visie ontbreekt. DIT, terwijl er buiten de praktijk een digitale transformatie plaatsvindt op zowel internationaal, nationaal als regionaal niveau. Vernieuwing is volgens de rapporteurs nodig om te kunnen voldoen aan de Europese Verordening Gegevensbescherming (AVG/GDRP), borging van betrouwbaarheid, volledigheid en integriteit van data conform ISO27001 en NEN7510 en aan wettelijke veranderingen rondom het beschikbaar stellen van zorggegevens aan de patiënt. ‘Juist de huisartsenpraktijk zou hier onderdeel van moeten zijn, want alleen al op regionaal niveau werkt de huisarts samen met verschillende actoren, waaronder patiënt, ziekenhuis, verpleeg-, verzorgingshuizen en thuiszorgorganisaties, apotheek, GGZ, fysiotherapeut en gemeente', besluiten ze.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

13:05 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar