08 maart 2018

Vrouwendag, geen lullendag


Vandaag is het de Internationale Vrouwendag. Ik heb daar een speciale band mee. Dat komt zo: op 8 maart 1908 gingen in New York voor het eerst in de geschiedenis vrouwen in staking tegen de erbarmelijke omstandigheden waarin ze moesten werken. Drie jaar later riep de Duitse socialiste Clara Zetkin op om 8 maart uit te roepen tot internationale vrouwendag.

In 1917 brak in Sint-Petersburg een vrouwenstaking uit op 8 maart toen Russische textielarbeidsters hun arbeidsomstandigheden wilden aanklagen. In 1921 riep het Internationale Vrouwensecretariaat van de Communistische of Derde Internationale 8 maart definitief uit tot Internationale Vrouwendag. Dat vieren we dus vandaag.

Ik ben niet zo van de rode kerk en al zeker niet van haar tradities. Maar ik sluit me wel aan bij de VN die in 1978 voor het eerst de internationale vrouwendag erkende, bedoeld om aandacht te vragen voor de gelijke rechten en met name het kiesrecht voor vrouwen. Maar anderzijds denk ik gelijk dat dit onzin is: vrouwen net als mannen ervaren discriminatie, onrecht en onderdrukking. Vrouwen, omdat ze vrouw zijn, alleen een beetje meer en een beetje vaker.

Dat geldt ook voor de westerse mens voor wie als je vrouw bent het leven vaak onevenredig lastiger is. Neem nu de medische wetenschap. Die heeft tot voor kort altijd het mannenlichaam als uitgangspunt genomen voor studie van de mens. Die mannen, niet gehinderd door het beperkte denkraam dat hen kenmerkt, gingen er van uit dat een vrouwenlichaam en -ziel, op enkele punten na, het zelfde was en reageerde als een mannenlichaam.

Emoties en lichamelijke vrouwelijke ervaringen waren daarbij ondergeschikt. Het is ongelooflijk hoe dom en beperkt mannelijke artsen kunnen zijn, maar pas sinds kort zijn ze er achter gekomen dat bij een naderende hartaanval, vrouwen heel andere lichamelijke waarschuwingen krijgen als mannen.

Neem een ander typisch vrouwelijk evenement als de menopauze die lange tijd alleen gezien werd als iets waaraan je kon merken dat de vrouw niet meer vruchtbaar was en oud werd. Al de rest was grote onzin en niet meer dan een hysterische reactie. Ik citeer een nog levende mannelijke psychiater die pretendeert psychoanalyse te doceren in een katholieke universitaire kliniek en die het presteert om in een niet-rokers huis een sigaar op te steken. Wie is hier de lul?

Ik sla de krant open en lees verhalen over verkrachtingen, BDSM, en ander gefilmd geweld. Dat blijkt alledaags te zijn maar nooit lees ik dat een man slachtoffer is van dit geweld. Ik schreef vorige week over vrouwenbesnijdenissen, opgelegd door mannen en dus enkel bedoeld om vrouwen te verhinderen dat ze genieten van seks, want dan zouden ze wegens onvoldoende of tekort –en heel terecht- wel eens dreigen weg te lopen.

Een vrouw mag ook in onze post katholieke maatschappij nog steeds niet genieten van seks. Laat staan een vrij seksleven hebben. Een paar honderd jaar geleden werd ze daarom gestenigd, verbrand of op z'n minst verstoten. Nu wordt ze op sociale media gestigmatiseerd als loops, hoerig, beschikbaar. Ook als ze arts, verpleegster, psychologe of therapeut is.

De Orde der Artsen is als de Sacra Rota die geheel los staat van het burgerlijk fatsoen. Haar subjecten onder het zogenaamde privilegium fori maar ik moet de eerste mannelijke arts nog zien die wegens het maltraiteren van zijn vrouwelijke collega veroordeeld wordt.

Ik ben geen feminist. Maar ik was wel de eerste journalist die op 11 december in de Ancienne Belgique de eerste Belgische Internationale Vrouwendag versloeg. Het feit dat Lilly Boeykens, echtgenote van een emininent arts en stadsgenote daar prominent aanwezig was, zal daar toen toe bijgedragen hebben. Ik ben dus geen feminist. Ik ben voor gelijkwaardigheid. Ik ben ook tegen positieve discriminatie. Het kan me niet schelen of iemand man of vrouw is, als het maar goed is.

Ik ben een man, chauvinistisch dus. Ik mag graag de nadruk op de vrouw leggen. Maar word in de positieve zin even graag onderdrukt. Als het moet, in de gang der dingen in negatieve zin, omdat niemand een slechte positie moet volhouden en we dat zonder veel woorden kunnen oplossen. Ik hou niet van het tuinbroeken feminisme met vrouwen met hoog opgeschoren kort haar zonder BH en make-up.

Ik vind dat we mensen moeten beoordelen op wat ze kunnen, niet op andere kenmerken. Wie zijn werk goed doet moet daar voor worden betaald. Wie met zwangerschapsverlof gaat, moet worden doorbetaald. Ik ben tegen onvrouwelijkheid. Tegen vrouwen dus ook, die willen vermannelijken en die denken dat ze op dezelfde egotische manier een mentale onflatteuze tuinbroek aantrekken en denken dat ze daardoor gelijk zijn aan de man. Zij vergissen zich en verwarren gelijkheid met gelijkwaardigheid. Niemand verdient het gelijk behandeld te worden. iedereen heeft het recht om gelijkwaardig behandeld te worden. Dames hoeven niet onvrouwelijk te zijn om gelijkwaardig te zijn.

Een vriend, professor aan een vrije universiteit, zegt me in de lift dat de vrouwendag een doekje voor het bloeden is. Hij vindt zichzelf ontzettend gevat. Hij is ook de man die niet begreep waarom een geëmiriteerde collega gedefenestreerd werd nadat hij zich smalend uitliet over gefrustreerde vrouwelijke collega's in de zaak van de suïcide van Steve Stevaert. Hij maakt ook grapjes over gendergelijkheid.

Zijn geest vertoont die krappe ruimte die een sereen debat ten gronde over de voedingsbodem voor geweld en grensoverschrijdend gedrag ten aanzien van vrouwen verhindert. Een man als hij, een hoogleraar ligt aan de basis van ongelijkheid tussen de seksen, wanneer het gaat over beeldvorming rond gender. Door zo'n mannen raken de gemoederen steevast verhit en haast men zich in het defensief. Dat iemand die aan een vrije universiteit doceert en zichzelf humanistisch en sociaal noemt daar niet ongehinderd mee wegkomt, begrijp ik niet.

Evenmin begrijp ik de katholieke hoogleraar die in de club een zwarte vrouwelijke collega aanwijst en zegt dat hij haar zo bewondert. Als je het normaal zou vinden dat mensen gelijk behandeld worden ongeacht hun afkomst, huidskleur of fysieke kenmerken, dan zou het ook normaal en aanvaard moeten zijn dat die mensen ook behandeld als individuen, ongeacht hun sekse, hun kleur, hun afkomst.

Ik las bij collega Bieke Purnelle dat vrouwendag niet gaat over quota of glazen plafonds, over gelijke verloning of objectivering, over geweld en verkrachting. Vrouwendag gaat over het respect dat ieder individu verdient in een samenleving die zich verlicht en beschaafd noemt. En dat is helaas nog steeds heel erg relevant. Ze heeft, zoals dat vaak is bij de jongere generatie, overschot van gelijk. Het is maar dat de lullen ons het ook eens lezen.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

09:19 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar