20 februari 2018

150% in de Academische Club


We waren vorige zaterdag bij een gelegenheid uitgenodigd die voor het grootste deel bevolkt werd door topdokters en hier en daar een aangetrouwde advocaat of ingenieur. De gemiddelde leeftijd had ruim de tweede pensioenpijler bereikt, ware het niet dat het niet dat het meestal academici waren, die al dan niet de emeritaatleeftijd bereikt hadden en zeg maar genoten van een stevig aangevuld pensioen, waar de doorsnee zelfstandige zorgkundige enkel maar kan van dromen.

Wat me opviel was de academische uniformiteit, om niet te zeggen de saaiheid die de kledij van het mannelijke gezelschap kenmerkte. Veel zwart en grijs, het zou net zo goed een glas na een begrafenis kunnen geweest zijn, ware er niet één vrolijke zwarte medemens die in ultramarijn blauw jasje het centrum van een stukje academisch dispuut was en de happening opfleurde. De dresscode voor de dames viel al even hard tegen. Maar wat bij hen opviel was dat ze stuk voor stuk hun massieve handtas zichtbaar voor zich uit droegen. De geleerde vrouw citeerde de namen als een mantra: Delvaux, Longchamps, Dior, Vuitton, Prada en dat ging maar door. Er was ook een Nederlandse dame met een mauve hoedje die door de menigte en de gesprekken heen banjerde op die zelfverzekerde wijze die boven de Moerdijk reeds in de lagere school –groep 1 heet dat daar- aangeleerd wordt.

Ik bleek haar port off call te zijn. Toevallig droeg ik die middag ook een hoed. Vandaar dus. Helaas zal ook dit gesprek de academische analen niet halen. Het merendeel van de conversaties bleek over de honorering van de artsen te gaan. Iedereen was het erover eens dat die moest opgetrokken worden. Maar niet noodzakelijk tot op academisch niveau. Het is leuk dat er bij zo'n gelegenheid geen meningsverschillen ontstaan die onder invloed van enige Cava al snel ontaarden tot luide twistgesprekken. Niets van dat alles. Het bleef uitermate beschaafd.

De middag trok zich verder en het personeel van de Academische Club begon discrete signalen te geven dat de receptie tegen zijn einde liep. Er werd met stoelen gesleurd, tafels werden afgeruimd. We namen een laatste glas wijn. De gastheer, een gewaardeerde vriend die professioneel geleerd heeft door alle schone schijn heen te kijken en enkel de ware essentie der dingen te onderscheiden, stelde ons in de gauwte nog voor aan een ietwat jonger ogende academicus. Hij bleek de voorzitter van de medische raad te zijn.

Hij had het stukje gelezen. Het woord simonie had hij moeten opzoeken. Maar de term klopte. Hij gaf ons groot gelijk. 150% dat kan niet zomaar! Volgt er een vrije tribune? Ik kijk er naar uit. De mauve gecoiffeerde dame werd met een traan in het oog zachtjes buiten geleid. Er zijn nog zekerheden.

Het is toch erg, zeg ik tegen de geleerde vrouw, dat een professor van de oudste katholieke alma mater van het land, zo'n oud kerkelijke term moest opzoeken? Kijk uit, zegt ze, die man voor jou wijkt uit.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

08:44 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar