11 februari 2018

Kanker niet langer hinderpaal voor gezonde zwangerschap

Zwanger zijn en kanker krijgen, het gebeurt maar het hoeft niet langer een onmogelijke strijd te worden tussen leven en dood. blijkt uit internationaal onderzoek in The Lancet Oncology van de Vlaamse hoogleraar gynaecologische oncologie Frédéric Amant aan het Antoni van Leeuwenhoek ziekenhuis en het AMC in Nederland.

Amant verzamelde gedurende 10 jaar data uit zestien landen over zwangere kankerpatiënten en hun kinderen. Het resultaat zorgt voor schok in de oncologie: 'We zijn blijven aantonen dat de kinderen niet lijden, door erover te publiceren, door lezingen te geven.' Maar het beste resuyltaat is dat ‘we nu zien dat artsen onze boodschap oppakken, er ontstaat een mentaliteitsverandering.' arts .

Jaarlijks wordt bij een op de duizend zwangere vrouwen kanker vastgesteld. Behandeling betekende vroeger onherroepelijk schade aan het ongeboren kind. Niet behandelen leidde vaak tot de dood van de moeder. Nu blijkt dat de behandeling niet noodzakelijk schade toebrengt en dat de kinderen niet vaker afwijkingen hebben en zich in de eerste jaren na de geboorte net als andere kinderen ontwikkelen. De moeders overleven bovendien net zo vaak als kankerpatiënten die niet zwanger zijn.

De nieuwste studie in dit groots opgezette onderzoek is het promotieonderzoek van arts-onderzoeker Jorine de Haan (VUmc) die 1.170 zwangere vrouwen die tussen 1996 en 2016 de diagnose kanker kregen, volgde en wat de gevolgen waren voor moeder en kind. Onder hen 278 Nederlandse vrouwen. Het aantal vrouwen dat een kankerbehandeling kreeg, steeg elke vijf jaar met 10 procent. Vooral het aantal chemo's nam toe: tussen 2010 en 2016, de laatste onderzochte periode, kreeg 44 procent van de vrouwen een chemo en werd 36 procent geopereerd.

Het aantal levend geboren kinderen nam in twintig jaar tijd tot 90 procent toe. Het aantal te vroeg geboren kinderen nam af. 'Vroeger haalde de arts een kind vaak eerder, zodat de moeder na de bevalling meteen met de chemo kon beginnen', verduidelijkt Amant. 'Nu begint de arts al tijdens de zwangerschap met chemo en is er minder reden om het kind eerder te laten komen.'

Hoewel het aantal vroeggeboortes afneemt, zijn kinderen van kankerpatiënten bij de geboorte wel vaker te licht en hebben ze een grotere kans op opname op de neonatale intensive care. Ruim 40 procent van de pasgeborenen komt op die afdeling terecht. De onderzoekers zien een verband met de toename aan chemokuren. Bepaalde chemo's beschadigen het dna van cellen en dat kan de ontwikkeling van de placenta beïnvloeden. Maar ook andere zaken kunnen bij dat lage geboortegewicht een rol spelen, benadrukt Amant, zoals stress bij de moeder.

Tot nu toe laat onderzoek zien dat het lage geboortegewicht geen nadelige gevolgen heeft, aldus Amant. De kinderen hebben na een paar maanden een normaal gewicht, en een reguliere lengte en hoofdomtrek. Kankerpatiënten, zo blijkt ook uit deze studie, krijgen niet vaker dan gemiddeld een kind met een ernstige afwijking. Chemokuren worden niet voor de twaalfde week van de zwangerschap gegeven omdat in die periode de organen van het kind worden aangelegd, wat de kans op misvormingen vergroot. Na de twaalfde week, als de organen alleen nog maar groeien, is die kans uiterst klein. Toch is het belangrijk, zegt Amant in De Volkskrant, om zwangere kankerpatiënten heel goed in het oog te houden. 'De groei van de baby mag wat afvlakken maar als de achterstand te groot wordt, moeten we ingrijpen.'

http://www.thelancet.com/journals/lanonc/article/PIIS1470...

Marc van Impe



Bron: MediQuality

09:19 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar