10 februari 2018

Artsen vragen zelf om referentiecentra


Acht gynaecologen vragen minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Maggie De Block in een open brief om de behandeling van baarmoeder­(hals)­kanker alleen in die ziekenhuizen toe te staan, waar dat via een kijkoperatie gebeurt.

Nu gebeurt 52 procent van de chirurgische ingrepen bij baarmoederkanker via zo'n kijkoperatie . Bij baarmoederhalskanker gaat het om 57 procent. ‘Internationaal is de standaard voor eierstokkanker dat je minstens 20 operaties per jaar moet uitvoeren om voldoende ervaring te kunnen opdoen', zegt Ignace Vergote, gynaecoloog in het UZ Leuven en één van de ondertekenaars van de brief. ‘Als je minstens 20 behandelingen per jaar uitvoert, dan stijgt de overlevingskans met 10 tot 15 procent.'

De gynaecologen wijzen op de voordelen: minder bloedverlies en dus minder zware gevolgen voor de patiënt. En de kosten voor de sociale zekerheid zijn veel lager dan bij een klassieke buikoperatie.

De gynaecologen baseren zich op de resultaten van de Effect-studie die werd uitgevoerd door de Belgische Stichting Kankerregister (http://www.kankerregister.org/media/docs/Projecten/Effect... ), die verschillende kwaliteitsindicatoren analyseerde voor de behandeling van baarmoederkanker tussen 2012 en 2015. Het blijkt ook uit de gegevens die door het Riziv in 2015 werden verzameld.

In de grootste ziekenhuizen gebeurt 90 à 95 procent van de ingrepen via een kijkoperatie. Gynaecologen schreven daarom de brief met de vraag om de behandeling van patiënten met baarmoeder(hals)kanker te centraliseren in referentiecentra. Dat ligt in de lijn van het beleid van de minister. In 2014 kregen 1.500 dames de diagnose van baarmoederkanker. Baarmoederhalskanker komt minder vaak voor: 630 vrouwen in 2015.

Een ander probleem is de behandeling van eierstokkanker: slechts 3 van de 113 ziekenhuizen halen de norm. In ons land krijgen zo'n 800 vrouwen te maken met eierstokkanker. Uit cijfers van het Riziv blijkt dat 113 ziekenhuizen dergelijke patiënten behandelen. Maar er zijn slechts drie centra die meer dan 20 patiënten per jaar hebben, wat de internationale norm is opdat je als ziekenhuis voldoende ervaring kan opdoen om maximale overlevingskansen te kunnen bieden. In ziekenhuizen die meer dan 20 patiënten behandelen, stijgt de overlevingskans met 10 tot 15 procent. Professor Vergote vraagt ook hier dwingend wordt opgetreden..

Zeldzame kankers kunnen beter in een beperkt aantal ziekenhuizen behandeld worden, zoals het KCE dat in 2014 al aantoonde.

In juni vorig jaar lijstte het KCE op in hoeveel ziekenhuizen long-, pancreas- en slokdarmkanker behandeld worden en hoeveel ziekenhuizen genoeg patiënten behandelen om de maximale overlevingskans te garanderen. Zo voeren 68 ziekenhuizen de complexe chirurgie voor pancreaskanker uit, terwijl de helft van die ziekenhuizen maar vier patiënten per jaar zien. Volgens het KCE zou de behandeling tot 2 of maximum 13 ziekenhuizen beperkt moeten worden.

Minister De Block werkt aan een hervorming maar wordt op het terrein niet geholpen door de perifere ziekenhuizen. Er zijn ook praktische problemen. De referentiecentra hebben niet altijd voldoende capaciteit om de behandelingen van de kleinere ziekenhuizen over te nemen, wat tot wachtlijsten kan leiden. De eerste referentiecentra die Volksgezondheid zal invoeren, zijn die voor pancreas- en slokdarmkanker. Daarna komt longkanker aan de beurt.

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

10:14 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar