09 januari 2018

Speciaal voor AIO’s: #Youtoo?


Laten we het voor de verandering eens hebben over misbruik. Niet over de zeer ernstige kwestie van grensoverschrijdend gedrag, seksueel geweld of huiselijk misbruik. Maar over het misbruik waarmee zowat alle artsen op een of ander moment en plaats van hun opleiding mee geconfronteerd werden: het academisch misbruik. Ik kom hierbij door de voorbije feestdagen. Opnieuw heb ik een paar jonge mensen moeten missen. Ze hadden de hele kerstvakantie “wacht”. Terwijl hun opleider in familiekring, slempend of skiënd de gezelligste periode van het jaar doorbracht, proosten zij op het nieuwe jaar met een lasagne uit de nachtkeuken en een cola light.

De arts-in-opleiding heeft tenminste één zekerheid: ooit komt er een einde aan zijn status als AIO. Het kan drie jaar duren, het kan uitlopen tot negen jaar. Maar hij weet zeker, ooit ontsnapt hij aan zijn subalterniteit. Al is ook dat een illusie. Alvast deze gedachte: alleen al het zelfbeperkte karakter van deze ervaring vermindert de prikkel bij hen die ze ondergaan om later voor veranderingen te pleiten. De houding van de macho artsen die afgestudeerd zijn komt immers neer op de stelling: "Ik heb er in mijn tijd onder geleden, dus nu is het jouw beurt". Van de AIO wordt verwacht dat hij/zij de misstanden doorslikt omwille van de zekerheid dat hij/zij van zodra hij/zij hogere machtsposities innemen dezelfde misbruiken bij hun stagiairs kunnen toepassen. De analogie met kindermisbruik is snel gemaakt: wie als kind zwaar misbruikt werd loopt buitenmatig veel kans zelf een volwassen misbruiker te worden, leert ons de huis-tuin-en-keuken-psycholoog.

Het eerste slachtoffer daarvan is niet de arts zelf maar de patiënt. Maar daarover later. Toch zijn er enkele simpele veranderingen die we nu kunnen doorvoeren en die zullen leiden tot grote verbeteringen in het zorgstelsel, waaronder beter verzorgde patiënten, en betere, gelukkiger artsen.

Om te beginnen moeten we komaf maken met de extreem lange tijden dat AIO's "van wacht zijn". Stagiairs met slaapachterstand zouden niet mogen optreden als primaire verzorgers in een ziekenhuis. Er zijn aanwijzingen genoeg om die stelling te onderbouwen: onderzoek heeft aangetoond dat de cognitieve functie van artsen na slaaptekort slechter is. In één voorbeeld, Effects of Acute Sleep Deprivation Resulting from Night Shift Work on Young Doctors (https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pubmed/26574980) uit 2015, werd aangetoond dat wie minimaal 12 uur nachtarbeid per week had verricht, vergeleken met een groep die geen nachtdiensten werkte, een slechtere concentratie vertoonde, een langere reactietijd voor eenvoudige prikkels nodig had en, zoals te verwachten valt, een hogere slaperigheid overdag vertoonde. Maken alle slaaparme stagiairs als gevolg van hun vermoeidheid fouten die ernstige morbiditeit of mortaliteit veroorzaken? Absoluut niet.

Maar waarom accepteren we het risico? Vrachtwagenchauffeurs worden verplicht om kortere ploegendiensten en meer rustpauzes in te bouwen. Hun opdrachtgevers krijgen eventueel zware boetes. Waarom worden professoren, diensthoofden en artsen die AIO's begeleiden dan niet aangepakt?

Toegegeven, er zijn bepaalde specialiteiten of subspecialismen waar dergelijke beperkingen van de diensturen niet de realiteit van die specialiteit weerspiegelen. Bepaalde chirurgische specialismen, met name neurochirurgen, kunnen in sommige gevallen werkdagen hebben die langer dan 16 uur duren. In dergelijke omstandigheden is het zinvol dat deze stagiairs leren om langere casussen te voltooien en te leren werken ook wanneer ze vermoeid zijn. Uiteraard zou ik liever een goed uitgeslapen neurochirurg aan mijn operatietafel hebben dan een vermoeide neurochirurg, maar dat eerste nog liever dan helemaal geen neurochirurg. Ik zou dus vrijstellingen te vragen voor bepaalde opleidingsprogramma's. Mits er achteraf voldoende recuperatietijd voorzien is.

De klassieke opwerping tegen mijn betoog is dat door het beperken van de arbeidsduur de stagiairs noodzakelijkerwijs minder patiënten zullen zien en minder training krijgen. Op die manier zouden pas afgestudeerde stagiairs minder bekwaam zijn dan hun voorgangers, die tijdens hun opleiding meer uren klopten. Ik zal dit argument niet ontkennen. Maar het antwoord is de overstap van het hedendaagse naar een competentiegericht onderwijssysteem. In een competentiegericht systeem komen degenen die de vereiste vaardigheden onder de knie hebben, in aanmerking voor vervroegd afstuderen en degenen die meer oefening nodig hebben, blijven langer als stagiairs. Een verandering in een op competenties gebaseerd systeem voor alle stagiairs zou de opleidingsnormen universeler maken.

Het project, Education in Pediatrics Across the Continuum (EPAC), staat nog in de kinderschoenen, maar het bestaat en stelt de AIO's in staat om in een tempo verder te gaan dat het best aansluit bij hun onderwijsbehoeften. Wat meteen ook betekent dat opleidingsprogramma's flexibeler worden wat betreft de verblijfsduur.

Een ander mogelijk negatief neveneffect is dat een competentiegericht medisch onderwijsstelsel met verschillende kwaliteiten van AIOs , een personeelstekort in de ziekenhuizen zal creëren. Maar de kans is groot dat zelfs met het competentiegebaseerde systeem de gemiddelde verblijfsduur niet zou veranderen (zij die meer tijd nodig hebben om hun opleiding te voltooien, zouden degenen die deze in minder tijd afronden, compenseren). En zelfs als de gemiddelde AIO minder tijd nodig heeft om zijn competenties te verwerven dan verwacht, is er een andere oplossing: meer AIOs.

Door het verhogen van het aantal AIOs in opleiding, kunnen we de werktijden beperken en overstappen naar een competentiegerichte opleiding zonder nadelige gevolgen voor de opleidingskwaliteit of de patiëntenzorg.

We kunnen ook wachten tot er meer patiënten schade oplopen, meer AIOs worstelen met burnout en een verergerend tekort aan artsen.

Marc van Impe

 

Bron:MediQuality

07:21 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar