24 november 2017

EMA naar Amsterdam maar Nederland verliest van België


Het felbegeerde Europees Medicijnagentschap EMA verhuist dan wel van Londen naar Amsterdam. Maar in de vierde editie van de lijst staat België op de derde plaats en haalt Nederland de zesde plaats.


In de IMD World Talent Ranking staat welke economieën het beste zijn in het aantrekken, ontwikkelen en behouden van talent. Nederland scoort vooral goed op het gebied van gezondheidszorg, universitaire en management opleidingen, talenkennis en scholing van arbeidskrachten. Zwakke punten zijn: de verhouding leerling-leraar, levenskosten en –kwaliteit, en groei van de beroepsbevolking. België is derde.


Andere landen die het beter doen zijn: Zwitserland (1), Denemarken (2), Oostenrijk (4) en Finland (5). De toplanden investeren veel in hun educatie, bieden een buitengewoon hoge levenskwaliteit en enorm veel carrièremogelijkheden. Het eerste niet-Europese land in de ranking is Canada op plek 11. De lijst wordt gesloten door Roemenië, Mongolië en Venezuela. IMD is een business school met vestigingen in Lausanne en Singapore.

 

europees medicijnagentschap,imd world talent ranking,ema

 

https://www.imd.org/globalassets/wcc/docs/talent-ranking/Talent_Ranking_2017_web.pdf

Marc van Impe

 


Bron: MediQuality

07:43 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

23 november 2017

Zorg is zieker dan u denkt


Ons systeem zet de dokters aan om veel en hard te werken. Het verplegend personeel is op. Uit de enquêtes van Deloittes Centre For Health Solutions blijkt dat de werkdruk op ziekenhuispersoneel de voorbije vijf jaren hoger is geworden en dat weegt vaker fysiek en mentaal zwaar door. Het personeel in de zorgsector is door de hoge werkdruk vatbaarder voor burn-outs. Dat kan een impact hebben op de kwaliteit van de zorg.


Vandaag stellen de hoofdeconoom Bart Van Craeynest van vermogensbeheerder Econopolis en Anne Massij van de consultant Deloitte, een belangrijke studie voor aan de ziekenhuisdirecteurs. De Tijd bracht een voorgesprek met beide auteurs. De teneur is ontnuchterend: Onze gezondheidszorg behoort minder dan we denken tot de wereldtop. Alleen merkt de patiënt het nog niet echt. En doen sommige partners alsof hun neus bloedt, is de conclusie.


Wie naar een ziekenhuis gaat, komt in de meeste gevallen als een tevreden ex-patiënt buiten. Maar het is de vraag of het zo verder kan. Niet echt, is de conclusie van een studie die de vermogensbeheerder Econopolis en de consultant Deloitte vandaag voorstellen aan ziekenhuisdirecteurs. "Gezondheidszorg moet behalve patiënten tevreden houden ook drie andere doelen hebben: voor verplegers en dokters moet het werk doenbaar blijven, de belastingbetalers moeten waar voor hun geld krijgen en de gezondheid van de bevolking moet goed zijn. Maar daarbij loopt het mis."


"De Belgische gezondheidszorg is eigenlijk een ziektezorg", legt Econopolis-hoofdeconoom Bart Van Craeynest in De Tijd uit. "We zijn heel goed in zieke mensen genezen. Maar we zijn veel minder goed in het gezond houden van wie al gezond is."


Vooral de betaalbaarheid van de gezondheidszorg baart zorgen. Die komt almaar meer onder druk. In België gaat gemiddeld 41 procent van de uitgaven in de ziektezorg naar 3 procent van de bevolking, vooral de alleroudsten.

Tegen 2050 zullen er nog 1 miljoen 60-plussers meer zijn dan nu en dubbel zoveel 80-plussers.
"Zelfs in de voorzichtige scenario's stijgen de uitgaven voor gezondheidszorg in België tegen 2040 van 8 procent van het bruto binnenlands product (bbp) naar 10 procent", zegt Van Craeynest. Maar er is ook positief nieuws: "Het goede nieuws is dat met het huidige budget meer mogelijk moet zijn", leert de Econopolis-Deloitte-studie.


Wat dat betreft kunnen we nog wat leren van een landje als Luxemburg waar de burger veel meer terug krijgt voor elke euro die uitgegeven wordt. Wij geven ons geld misschien verkeerd uit. België scoort heel goed voor investeringen in medische apparatuur en ziekenhuisbedden.


Op de VS, Frankrijk, Japan en Luxemburg na heeft geen enkel land meer CT- en MRI-scanners per inwoner dan België. Alleen Japan, Oostenrijk en Duitsland hebben meer bedden. Maar tegelijk is onze zorg veel te versnipperd, waardoor elk ziekenhuis nog altijd elke ingreep kan uitvoeren.


Het zou efficiënter zijn én kwaliteitsvollere zorg opleveren als gespecialiseerde zorg wordt geconcentreerd. Ook scoort België heel slecht voor personeel. Er zijn minder dan 0,2 dokters per bed in de ziekenhuizen. Dat is het laagste aantal in de West- en Noord-Europese landen. En op Finland, Duitsland, Nederland en Spanje na hebben ze allemaal meer verpleegkundigen per bed. De lage bestaffing bij artsen is een gevolg van ons systeem, dat dokters aanzet om veel en hard te werken. Bij het verplegend personeel is dat gelinkt aan het beleid, dat de voorbije jaren te weinig heeft geïnvesteerd in het verplegend personeel waardoor ziekenhuizen erop beknibbelen.


Tenslotte nog dit: De beide auteurs hebben woorden van lof voor de inspanningen van de federale en Vlaamse regering op het gebied van reorganisatie van het ziekenhuisnetwerk en de verloning van artsen. Over de Franstalige zorg geen woord.

Marc van Impe


Bron: MediQuality

19:05 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Kans op zwangerschap vergroten voor meisjes met Turner


Het Radboudumc en het MUMC+ starten een langdurig onderzoek naar het bewaren van de vruchtbaarheid voor meisjes met het syndroom van Turner. Centraal staat de vraag of het afnemen van eierstokweefsel op jonge leeftijd de kans op zwangerschap en geboorte van een kind op latere leeftijd kan vergroten. Het onderzoek start in januari 2018.


Vrouwen met het syndroom van Turner hebben één in plaats van twee X-chromosomen en hebben meestal geen eicellen meer op het moment dat zij graag kinderen willen. Voor deze vrouwen is biologisch moederschap dan niet meer mogelijk. Toch zijn er veel vrouwen met het syndroom van Turner die graag een biologisch kind willen krijgen. Een manier om de vruchtbaarheid te bewaren is om rijpe eicellen af te nemen. Veel meisjes met het syndroom van Turner hebben een vervroegde afbraak van eicellen en komen dus niet in aanmerking voor deze behandeling. Een alternatief is het afnemen en invriezen van eierstokweefsel met onrijpe eicellen. Dit kan al op jonge leeftijd gebeuren. Deze behandeling is alleen nog niet beschikbaar voor meisjes met het syndroom van Turner.


Onderzoekers van het Radboudumc en het MUMC+ willen nu uitzoeken of het invriezen van eierstokweefsel ook bij meisjes met het syndroom van Turner leidt tot meer zwangerschappen en geboren kinderen. Meisjes van 2 tot 18 jaar kunnen in aanmerking komen voor deelname aan het onderzoek. In de eerste fase van het onderzoek wordt één eierstok afgenomen en ingevroren voor later gebruik. In de latere fase van het onderzoek worden de vrouwen tot en met het vervullen van hun kinderwens gevolgd.


Gynaecoloog Kathrin Fleischer van het Radboudumc leidt het onderzoek: "Er zijn zo veel onopgeloste vragen over vruchtbaarheid bij patiënten met het syndroom van Turner. Onze onderzoeksgroep heeft na een intensief traject van toetsing besloten om voor dit project te gaan, en een aanvraag in te dienen bij de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek. Nu wij de goedkeuring hebben, zijn wij blij te mogen starten."


Het Radboudumc heeft inmiddels ruime ervaring met het invriezen van eierstokweefsel, bijvoorbeeld om vruchtbaarheid te sparen bij een behandeling tegen kanker. Wereldwijd zijn er 130 kinderen geboren uit eicellen afkomstig van ingevroren eierstokweefsel. Het nieuwe onderzoek moet uitwijzen in welke mate deze procedure succesvol is bij vrouwen met het syndroom van Turner.

Meer informatie over het onderzoek is te vinden op www.radboudumc.nl/trials/turner

Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:20 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende