30 juni 2017

Betere opsporing en behandeling sikkelcelziekte


De Nederlandse onderzoeker Marein Schimmel aan de Universiteit van Amsterdam heeft een doorbraak bereikt in de diagnose van sikkelcelanemie.


In twee klinische studies zag Schimmel dat de hoogte van de nucleosoomwaarden in het bloed van patiënten met sikkelcelziekte mogelijk goed kan voorspellen welke patiënten met een crise risico lopen op een ernstige long-complicatie, acute chest syndroom. Deze veelbelovende klinische biomarker kan de opsporing van patiënten met het risico op complicaties van sikkelcelziekte mogelijk verbeteren. Daarnaast heeft ze waarschijnlijk een nieuwe speler gevonden in de complexe ontstaanswijze van crisen, de frequente pijnaanvallen waaronder sikkelcelpatiënten lijden. Ook vond ze een mogelijk therapeutisch aanknopingspunt voor patiënten met een crise. In een experimentele patiëntenstudie ontdekte zij dat ijzerbindende middelen een potentieel therapeutisch middel zijn voor patiënten met sikkelcelziekte in crise.


Patiënten met sikkelcelziekte lijden aan chronische bloedarmoede, frequente pijnaanvallen (crisen), orgaanschade en vervroegde sterfte. Met behulp van biomarkers kunnen patiënten met risico op complicaties van de ziekte vroegtijdig opgespoord en eventueel behandeld worden. Op dit moment zijn er geen goede biomarkers beschikbaar.


https://www.sanquin.nl/en/research/theses/theses-2017/the...

Marc van Impe

Bron: MediQuality

19:53 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Borstkankerpatiënten hebben niet altijd chemotherapie nodig


Al in 2013 stelde professor dr. René Bernards, moleculair bioloog van het kankerinstituut Antoni van Leeuwenhoek (AVL) in Amsterdam dat driekwart van alle chemomiddelen niet werkt. Er is dus dringend meer wetenschappelijk onderzoek nodig om kankerpatiënten de chemokuur te geven die het beste bij hun ziekte past.


Dat onderzoek werd op de voorbije ASCO Annual Meeting bekend gemaakt. "Chemotherapie is nog te vaak een black box", stelt de toponderzoeker vandaag. "We zouden beter moeten kunnen voorspellen welke soort chemo het beste werkt voor de individuele patiënt. Dat inzicht ontbreekt nog altijd voor heel veel vormen van kanker. We weten al dat geen twee tumoren gelijk zijn en daarom reageren patiënten vaak ook verschillend op chemotherapie", zegt Bernards. „Maar hoe moet je dan de meest werkzame chemotherapie kiezen voor elke individuele patiënt? Helaas ontbreekt dat inzicht nog vaak. Vooraf zou eigenlijk al duidelijk moeten zijn dat een chemobehandeling wel, niet of onvoldoende effect zal hebben in het bestrijden van de individuele kanker."


De 'MammaPrint', een moleculaire diagnostische test, heeft duidelijk gemaakt dat 46 procent van de vrouwen van de vrouwen met hormoongevoelige borstkanker die na hun operatie in aanmerking komt voor chemotherapie, deze zware aanvullende therapie niet nodig heeft. Dat blijkt uit de follow up van de Europese MINDACT studie naar de MammaPrint. Deze test voorspelt met hoge nauwkeurigheid het risico op uitzaaiingen en daarmee de mogelijke winst van chemotherapie. In april 2016 zijn de uitkomsten van de MammaPrint gepresenteerd op het jaarcongres van de American Association for Cancer Research.


Nu hebben drie nieuwe studies die op de ASCO Annual Meeting gepubliceerd werden die resultaten bevestigd. „Chemotherapie kan hen worden onthouden, hun kanker zal niet uitzaaien" stelt prof. Bernards. Dit beeld kwam naar voren in een studie met een groep van 1550 vrouwen. Met deze specifieke test kan voor iedere patiënt het persoonlijk risico worden bepaald of de tumor zal uitzaaien.


Voorheen hadden al deze vrouwen – onnodig en standaard - een chemobehandeling gekregen, met alle belastende en ongunstige bijwerkingen van de chemotherapie van dien. Maar liefst 6.693 borstkankerpatiënten uit heel Europa deden mee aan de MINDACT studie, wat staat voor Microarray In Node-negative and 1 to 3 positive lymph node Disease may Avoid ChemoTherapy. MINDACT is een samenwerkingsverband tussen Agendia, de European Organization for Research and Treatment of Cancer (EORTC) en de Breast International Group (BIG).


Het doel van deze phase III prospective, randomized, controlled study was om te kijken of het veilig is om af te zien van chemotherapie als vrouwen volgens de MammaPrint een laag risico op uitzaaiingen hebben. Dat blijkt inderdaad het geval: 94,7% van de vrouwen die volgens de MammaPrint een laag risico op uitzaaiingen hebben, waren na vijf jaar nog altijd ziektevrij, met of zonder chemotherapie.


De MINDACT studie werd gecoördineerd door prof. dr. Emiel Rutgers van het Antoni van Leeuwenhoek. Rutgers: "Wat deze studie in feite laat zien, is dat veel vrouwen met borstkanker nu worden overbehandeld. Al deze vrouwen krijgen binnen de huidige richtlijnen chemotherapie, terwijl deze therapie hen geen significante overlevingswinst biedt. Maar zij hebben wel last van de belasting en de ongunstige bijwerkingen van de chemotherapie."


Nu de resultaten van MINDACT studie officieel gepubliceerd zijn, kunnen alle zorgprofessionals de details ervan inzien. Inclusief details die nog niet eerder zijn gepresenteerd. Zoals het feit dat 75% van de vrouwen met de meest voorkomende vorm van borstkanker (hormoon positief, HER2 negatief en geen positieve lymfeklieren) volgens de MammaPrint een laag risico op uitzaaiingen heeft. Rutgers: "Ik verwacht dat, nu dit definitieve bewijs van de betrouwbaarheid van de Mammaprint is geleverd, deze test practice changing zal zijn. Er valt veel overbehandeling mee te voorkomen, en daarmee gezondheidswinst te behalen. Bovendien werkt de test kostenbesparend."


Anders dan klassieke testen kijkt de MammaPrint niet naar pathologische kenmerken van de tumor, maar analyseert de test de activiteit van 70 genen in het tumorweefsel. Internationaal wordt de Mammaprint daarom ook wel de '70 gene signature' test genoemd. Op dit moment wordt de test al wel toegepast, maar met name bij vrouwen met kleine tumoren (max 2 centimeter) zonder aangetaste lymfeklieren. De MINDACT studie heeft laten zien dat de MammaPrint ook betrouwbaar is bij hormoongevoelige tumoren tot 5 centimeter en bij maximaal 3 positieve lymfeklieren.

Een vergelijkbare test voor andere vormen van kanker, die de reactie van tumoren op chemotherapie voorspelt, zou een enorme verbetering in de behandeling kunnen brengen. Daar wordt inmiddels aan gewerkt.


Meer info: http://www.agendia.com/three-new-studies-presented-at-asc...

Marc van Impe


Bron: MediQuality

09:21 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

29 juni 2017

Burn-out: een markt voor charlatans?

 

Ik kreeg het voorbije jaar een coaching tegen burn-out aangeboden door een gewezen televisieomroepster, een godsdienstleraar die zich therapeut noemt en op een Grieks eiland praktiseert, een gewezen binnenhuisarchitect, een therapeut die werkt met “galvanisme”, noem maar op!


Ook een huisarts die zich in de Kuipergordel van de geneeskunde beweegt en tal van beoefenaars van de edele kunst van de mindfulness probeerden me wijs te maken dat ik me vooral op het hier en nu moet concentreren of dat ik anders ga doorbranden.


Geen enkele van de aanbiedende coaches maakten gewag van enige wetenschappelijke aanpak. Hun mails hadden dezelfde teneur als die van alternatieve energieleveranciers, grossiers in smartphones en budgetreizen naar exotische bestemmingen. Eén aspirant coach bood me zelfs een cursus aan via Groupon, tegen een supergunstig tarief, maar ik moest daarvoor wel naar het oosten van Limburg en dat was me een inspanning teveel.


Ze zouden met zijn 133.760 zijn, de patiënten die aan een psychische stoornis lijden. Dat zijn er 80.5% meer dan in 2006. Burn-out zou de belangrijkste oorzaak zijn. Is hier sprake van een virale uitbraak? Zijn onze levensomstandigheden zo verslechterd? Wordt de werkdruk zo zwaar? Ik vroeg gisteren aan de diensten van het Riziv waarop hun burn-outcijfers gebaseerd zijn en hoe dat zit met de ratio's in de verschillende gewesten van het land.


De edelgestrenge geneeskundige directie van dat instituut heeft zorgpaden uitgetekend voor ongeveer elke aandoening, van de behandeling van een ingegroeide teennagel tot een hersenstamtumor, waarbij telkens nauwkeurig omschreven wordt welke specialist in welk stadium geconsulteerd mag en moet worden.


Maar inzake burn-out mag om het even welke charlatan zijn diensten voor duur geld verkopen. De Orde is er gewoonlijk als de kippen bij als iemand onwettig de geneeskunde uitoefent maar zwijgt als het om burn-out gaat in alle talen. Waarom eist men niet dat de diagnose, ook als ze gesteld wordt door een huisarts, bevestigd wordt door een geneesheer-specialist of een specifiek daartoe opgeleid psycholoog? Ik ben ervan overtuigd dat om te beginnen de werkgevers zeer gelukkig zouden zijn met zo'n drempel.


Ik geloof niet dat het vroeger allemaal zoveel beter en onschuldiger was. Om te beginnen is onze persoonlijke hygiëne er met reuzenschreden op vooruit gegaan. Mindervaliden zijn andersvaliden geworden en gaan niet langer op bedevaart naar Oostakker. We eten beter, evenwichtiger, goedkoper en diverser… als we dat willen.


In de jaren zestig had ik penvrienden met wie ik correspondeerde over alles en niets. Het duurde soms weken voor er een antwoord kwam. Nu heb ik Facebook, Whatsapp en andere apps ter beschikking die me in een paar seconden laten communiceren met mijn vrienden in Washington of Helsinki.


Alleen met Pyongyang verloopt de communicatie wat stroefjes. We spreken elkaar als dat zo uitkomt, maar gaan niet appen voor en wissewasje. Weer een kwestie van vrije keuze, toch? Ik zie de doorsnee van de bevolking voor mij aan de kassa van de supermarkt.


Allemaal staren ze naar hun smartphone, ze tokkelen of bellen. Wat hebben die mensen te vertellen. "Ik sta nu in de rij voor de kassa en ben pompelmoezen vergeten. Nee ik ga niet terug de winkel in." Ik hoor Arabische conversaties, discussies in het Lingala en Swahili op hoge toon gevoerd, dronken Pools gezever en een plat Vilvoordse die vraagt of paardenbiefstuk vanavond OK is.


We rijden nu in comfortabele en betrouwbare automobielen, hoeven niet meer op de kaart te kijken en zweten ons niet meer kapot als het wat warmer wordt. We roken (bijna) niet meer als we dat zelf willen. De geneeskunde staat mijlen verder, we krijgen een stent bij het hart via onze lies, anesthesie is veiliger dan ooit en zelfs een bezoek aan de tandarts levert geen stress meer op.


In de jaren zestig werkte mijn vader nog echt acht uur per dag én op zaterdagochtend. Nu leggen de vakbonden een fabriek stil als er een half uur extra moet gewerkt worden, wegens verkoopsucces van het product. Mijn vader had drie carrières in zijn leven. Mijn moeder voedde zeven kinderen op. Hij nam op zijn 63ste zijn pensioen op.


Ik heb zowat overal gewerkt en gecommuniceerd en zal dat wellicht blijven doen tot ik lam en seniel ben. Onze zomers barsten van de festivals, optredens, shows, evenementen en films en televisieseries bekijken we als het ons uitkomt. Voor wie lui is, is dit een luilekker leven.


Ook voor LGBT- medeburgers is het leven levenswaardig geworden: zij mogen uit de kast, organiseren Worldpride days en mogen in een lederen string paraderen. Daar moest je zelfs in de jaren zestig niet aan denken. Ik kan zo bladzijden doorgaan.
Uiteraard is er meer stress, elke generatie kent zijn keuzestress. Toen was het de Kust of de Ardennen, nu wordt het Thailand of Zuid-Afrika. De wereld is kleiner geworden.


En tenslotte, we kennen –hier tenminste- al 72 jaar vrede.


Objectief bekeken kennen we nu minder stressfactoren dan vijftig jaar geleden. En toch lijdt ruim 1 % van de bevolking aan uitputtende stress.


Met permissie, maar ik geloof dit niet. Het doet me denken aan de jaren voor 1914, toen brak er een epidemie van neurasthenie uit. Uit een onderzoek van Inge Neyens, arbeidspsychologe aan de KU Leuven, blijkt dat slaapproblemen, mentale uitputting en stress de belangrijkste klachten zijn waarmee patiënten bij hun huisarts komen aanzetten.


Ik stel me de vraag of de huisarts wel opgeleid is om met die klachten om te gaan. Weten zij hoe ze met de Maslach Inventory-test moeten omgaan? Deze kwestie stresseert mij. Maar ik wordt gelukkig aangedreven door stress. Ik zie uw antwoorden en reacties met belangstelling tegemoet.


Marc van Impe

Bron: MediQuality

08:11 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)