06 oktober 2016

Wil minister De Block staatswetenschap?

Minister Maggie De Block heeft de krijtlijnen van haar nieuwe wet op de gezondheidszorg getrokken. Een ervan stelt dat wie de wetenschappelijke voorschriften niet volgt, daar in de toekomst vaker voor bestraft moet worden. Uiteraard heeft de minister gelijk dat ze een fossiel als het kb 78, de wet die in ons land de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen regelt, en die ondertussen bijna vijftig jaar oud is, in het museum van de wettelijke rariteiten bijzet. De regelgeving rond gezondheidszorg is dringend aan herziening toe. Maar ik heb daar toch enige bedenkingen bij.

Een eerste overweging betreft de inhoud van de wetenschappelijke voorschriften. Wie gaat die voorschriften vastleggen? Ik mag hopen dat men hiervoor geen uitsluitend beroep gaat doen op de Hoge Gezondheidsraad. Met alle respect, maar dit eerbiedwaardige organisme dat in België het wetenschappelijk adviesorgaan is van de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu en in 1849 werd opgericht, heeft zich de voorbije decennia niet laten opmerken door zijn bij de tijdse adviezen.

Het KCE dan? Dit Kenniscentrum dateert van het begin van deze eeuw en heeft zich de voorbije jaren erin gespecialiseerd om een "maakbare" geneeskunde te propageren, aangestuurd door de ziekenfondsen en vaak –niet altijd- politiek aangestuurd. Blijft het Riziv, dat eigenlijk een verzekeringsmaatschappij is en dus liever rekening houdt met financiële dan met wetenschappelijke normen.

Het initiatief van de minister biedt een unieke kans om de echte actoren binnen het medisch veld weer rond de tafel te brengen: de huisartsen, de specialisten en de academie. Zij staan in de dagelijkse praktijk en kunnen beter dan wie ook oordelen of bepaalde guidelines zinvol dan wel zinloos zijn. Dit veronderstelt dan wel dat men een nieuw overlegplatform creëert waar op gelijke basis – en dit zal het moeilijkste zijn- meningen, ideeën en ervaringen worden uitgewisseld en in beleidsadviezen worden omgezet.

Dat ik het niet zo heb voor overheden die gaan bepalen wat al dan niet wetenschappelijk is, zal de lezer wel al duidelijk zijn. Het doet me allemaal teveel denken aan Трофим Денисович Лысенко, de Oekraïense bioloog uit de Stalintijd wiens combinatie van vastgeroeste wetenschappelijke ideeën en het marxistische gedachtegoed, hem na 1945 een zeer grote politieke invloed bezorgden.

Trofim Denisovitsj bleek fout. Maar wie afweek van Lysenko's "officiële" leer, kreeg een enkele rit richting Goelag, als hij al niet met een nekschot beloond werd. Lysenko heeft het onderzoek naar genetica in de Sovjet-Unie grote schade berokkend. Het zal zeker niet Maggie De Blocks bedoeling zijn om een stalinistisch geïnspireerde medisch-wetenschappelijke politie op te zetten.

Dat brengt me bij de volgende bedenking: uiteraard wil een minister het menselijk gedrag bijsturen, dat ligt in de aard van het beestje, maar waarom weer bestraffen en sanctioneren? De ervaringen met de Dienst Geneeskundige Evaluatie en Controle hebben bewezen dat afgezien van het feit dat een aantal ambtenaren terug kunnen kijken op straks een halve carrière in de ambtenarij, het gedrag van de medewerkers in de gezondheidszorg niet op die manier bij te sturen valt.

Daarin faalt de DGEC voortdurend omdat het psychologische uitgangspunt niet klopt. De minister kan het slimmer aanpakken. Ik haal een voorbeeld uit het buitenland: ook in Groot-Brittannië zat de regering met zo'n probleem. Om tot een echte gedragswijziging te komen, zette ze een aantal psychologen in, het zogenaamde Behavioural Insights Team (BIT), dat in opdracht van de Britse regering een slim en kostenbesparend plan maakte.

Het BIT analyseerde het gedrag van fiscale weigeraars, parkeerdelinquenten, maar ook van patiënten en hun dokters en onderzocht hoe de burger informatie van de overheid verwerkt en welke keuzes hij vervolgens maakt. De maatregelen die daaruit resulteerden, genereerden niet alleen enorme besparingen maar zorgden ook voor een positieve relatie met de overheid.

Een van de resultaten was dat patiënten trouwer hun afspraken nakwamen en dat de dokters beter rapporteerden. Het voorbeeld werd ondertussen in Australië en Canada opgepikt. In Nederland is professor Harald Merckelbach, rechtspsycholoog aan de Universiteit van Maastricht, een promotor van dit idee. Om het met een boutade te zeggen: dit idee is zo gek nog niet, ook al komt het van een psycholoog. En de kleine minderheid van beroepsweigeraars die niet willen weten van bij- en nascholen, die geef je strafstudie. Daar heb je geen staatswetenschap voor nodig.

Marc van Impe

Bron: MediQuality

12:05 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

Post een commentaar