26 mei 2016

De vergrijzing slaat toe

In de bus zat een brief met een uitnodiging om deel te nemen aan een werkvergadering van ooit de grootste volkspartij van het land was. ze schrijven dat ze van mijn ervaring gebruik willen maken, dat de partij ons engagement nodig heeft, dat wij, de mensen, belangrijk zijn. Ik weet het niet. Ik las in de krant dat de partij haar jaarlijkse massameeting in Plopsaland gehouden heeft. Dat zegt voor mij genoeg.

Uit een onderzoek van de Gentse politicoloog Bram Wouters bleek vorig jaar dat de politieke partijen in ons het steeds moeilijker krijgen om beloftevolle kandidaten te vinden. De vergrijzing slaat onverbiddelijk toe. Vooral de linkse partijen hebben een ledenbestand van vijftigplussers, maar zelfs nieuwe partijen zoals de N-VA die in 2009 de ‘jongste' partij van het land was, vindt met moeite jonge kaderleden in eigen rangen.


Wie van mijn generatie is sloot zich vroeger aan bij een partij om de wereld te veranderen, engageerde zich in een actiegroep, richtte die desnoods zelf op maar deed iets concreets. Nu is het niet zo dat jongeren niet langer geïnteresseerd zijn in participatie, maar er zijn steeds meer makkelijk toegankelijke alternatieven om een mening te uiten. Facebook is er maar een van. De politieke partijen zijn niet de enige die aan veroudering lijden. Ik herinner me ook dr. Reinier Heuting, voorzitter van de ASGB die vorig jaar een bijna dramatische oproep voor kandidaten deed die de vele werkgroepen van het Riziv hebben opgezet, moeten bevolken.


"Als ik om me heen kijk … zie ik steeds dezelfde mensen, voornamelijk mannen. En als ze nog haar hebben, is het meestal grijs of wit. Kortom, een generatie die gaat uitsterven en aan vervanging toe is," aldus een allesbehalve vrolijke dokter Heuting. Hij is niet de enige die zich zorgen maakt.


Ik denk dat er meer aan de hand is. Zelf ettelijke avonden doorgebracht in raden van bestuur, van advies, in werkgroepen, studiesyndicaten, partijbesturen op lokaal en nationaal vlak, heb ik geleerd dat drie kwart van de tijd die men in dit land vergadert, verloren tijd is. Efficiënt vergaderen is geen verplicht vak, niet in de middelbare school noch aan de universiteit.


Daar komt bij dat ik me niet van de indruk kan ontdoen dat de huidige bestuurders die hun lange mars door de instellingen gemaakt hebben, maar al te goed weten hoe ze initiatieven, goede ideeën of doodgewoon veranderingen kunnen doen verzanden door het toepassen van de fijne techniek van de mierenneukerij of door de oprichting van nog maar… een nieuwe werkgroep. Gebeurt dit op het hoogste niveau, dan is dit niet anders op lager echelon. Op die manier verdampt het enthousiasme veel sneller dan men denkt.


En dan is er ook de factor van de partner die wel iets anders wil dan nog maar eens een avond eenzaam voor het treurvlak of met de laptop op de knieën. En tenslotte is er ook zoveel te doen en zijn er zoveel evenementen die je niet mag missen: concerten, lezingen, ballet, theater, de sportclub en een avondje uit eten. En dan zijn er de vrienden die op bezoek moeten komen. En als er kinderen zijn, de obligate naschoolse activiteiten die door opa én oma logistiek verzorgd moeten worden.


Het wordt tijd dat ik hier een punt achter zet. De toekomst is –vrees ik- aan de professionalisering toe. Deze vergadertijger heeft nog een meeting voor de eindexamens van het academiejaar beginnen en waar hij absoluut nodig aanwezig moet zijn. De geleerde vrouw fronst nu al de wenkbrauwen. De kleine volkspartij zal het zonder mij moeten doen.

Marc van Impe


Bron: MediQuality

16:48 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.