20 juli 2015

"Geen geld voor de dokter? Daar twijfel ik aan."

Belgen zijn geboren boekhouders. Ze maken graag de rekening van een ander. Blijkbaar vormen de huisartsen geen uitzondering op deze regel. Ik hoor op een persconferentie tegen de derdebetalersregeling dat niemand beter geschikt is om in te schatten of iemand echt behoeftig is, dan de huisarts. Geen geld om de dokter te betalen, zegt een ervaren gezondheidscoach zoals de huisarts van de toekomst genoemd wordt, maar wel een groot plasmascherm aan de muur in de woonkamer. Ik heb daar mijn bedenkingen bij.

Om te beginnen zijn plasmaschermen uit de tijd, de dokter die dat als symbool van uiterste luxe of verspilling aanhaalt, is dus ook niet bij de tijd. Een beetje vierde-wereld-Belg koopt nu een ultra HD of 4K in de solden. En welke wet van Meden en Perzen zegt dat minder vermogenden niet boven de 32 inch mogen kijken?

Het doet me denken aan de opmerkingen die ik nu en dan te verduren krijg op de parking van de Lidl als ik mijn Engelse mobiel op een mindervalidenplaats parkeer. Toevallig val ik binnen die categorie van weggebruikers. Maar volgens de klanten van deze zuinige supermarktketen mag een mindervalide hoogstens een Skoda bezitten. Het zijn rare tijden. Mensen maken graag elkaars rekening. En ze kunnen steeds minder tegen kritiek op dat aanstellerige gedrag. Gelukkig ben ik een journalist en kan ik van kritiek mijn vak maken.

Ik meen dat het Churchill was die, gevraagd waarom hij de bijtende kritiek van de journalisten zo stoïcijns verdroeg, antwoordde dat de journalist een doorn in het oog van de democratie is, maar die maakt dat de democratie daardoor beter ziet en functioneert.

Net zoals een arts is een journalist is geen wetenschapper maar maakt hij wel gebruik van de informatie en technieken die de wetenschap hem aanreikt. Belangrijk daarbij is zijn ervaring, of hij openstaat voor vernieuwing, empathie heeft met het onderwerp dat zijn aandacht vraagt, en natuurlijk de mentale en fysieke staat waarin hij zich bevindt.

De journalist is ook geen politicus die pretendeert zich te engageren voor de verdediging van de belangen van de ene of andere sociale klasse of het belang van het algemeen. Hij volgt wel de politiek op de meest kritische wijze, stelt vragen en eist antwoorden, zal doorvragen en leugens of platvloerse banaliteiten onthullen, maar altijd met het nodige respect voor de persoon.

Dat betekent dus ook dat de journalist in zijn professionele leven politici niet verafschuwt of bewondert, en zeker geen richtlijnen van hen accepteert. Niet voor niets is de pers de vierde macht in een democratie. Wat geen garantie biedt op wederkerig respect van de eerste, de tweede en de derde macht, zijnde volksvertegenwoordiging, regering en justitie.

De journalist is evenmin een acteur die een rol speelt. Ik kan me dood ergeren aan die televisieseries en films waar een journalist de hoofdrol in speelt. Of hij is een zuipende persmuskiet, een idealistische onthuller, een malafide intrigant of een oude wijze man die vanuit zijn glazen hok de redactie overschouwt en af en toe in de clinch gaat met de huisjurist die stokken in de wielen wil steken. In de ingebeelde wereld weet Dokter House daar alles van.

De journalist is al evenmin een promotor, een PR-kanaal dat naar believen gebruikt kan worden door ijverige marketeers. Uiteraard houdt de journalist rekening met de belangen van het medium waarvoor hij werkt, maar hij weet zich beschermd door het journalistenstatuut dat hem niet alleen rechten maar ook plichten geeft. 

Dat alles maakt dat vriend zijn met een journalist een heikele situatie schept. Voor je het weet, haalt hij je persoonlijk over de hekel.

Wat me weer bij mijn uitgangsonderwerp brengt. De derdebetalersregeling had een stuk eleganter aan de man gebracht kunnen worden. Een en ander is een erfenis van la pasionaria die nu in de oppositie en de weekendedities van de zomerkranten het mooi weer maakt.

De DBR is er en zal niet geschrapt worden. Men kan zich beter op een rationele manier buigen over de wijze waarop ze zal ingevoerd worden. De ervaring heeft geleerd dat deze minister een totaal andere aanpak heeft dan haar voorgangster die vooral mikte op electoraal succes en minder op efficiëntie. Maggie De Block weet dat efficiëntie automatisch leidt tot electoraal succes. Als dat al haar doelstelling is.

De huisartsen hebben gelijk dat ze zich roeren en ongerust zijn. Maar ze moeten in het debat echte argumenten gebruiken, en zich niet laten verleiden tot toogpraat. Laat de vierde-wereld-Belg ondertussen zijn grootbeeldscherm aan de muur hangen. Een uitgewerkte tattoo boven de bilspleet kost overigens zoveel als een weekendtrip naar pakweg Budapest. Maar blijkbaar niemand die daarover valt. 

Marc van Impe

 

Bron: MediQuality

20:23 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.