28 januari 2013

De gang naar de hel

De verhuis naar de nieuwe woonst komt naderbij en dat betekent dat er belangrijke beslissingen moeten genomen worden. Het is duidelijk dat de inhoud van het oude huis niet in de ruimte van het nieuwe appartement gaat passen. Er moeten dus dingen weg. Objectief gezien zou dit de gelegenheid zijn om tabula rasa met een stuk van het verleden te maken. Ik heb daar vroeger niet zo’n moeite mee gehad. De nodige relatiebreuken, daarbij gepaard gaande verhuizingen en nieuwe inrichtingen, het heen en weer reizen tussen twee hoofdsteden en het van nature rusteloze bestaan van een journalist hebben gemaakt dat ik in zo’n situatie naar een soort travel well, travel light modus overschakel. De zigeuner in mij wordt dan wakker. Bij de geleerde vrouw is dat iets anders. Zij spreekt nu al over de mogelijkheid om ergens in een industriepark zo’n box te huren bij dat bedrijf dat een vuurtoren als logo heeft. Waarom, vraag ik, zouden we dingen bewaren die we nooit meer gaan gebruiken? Of zullen we dan op zondagmiddag zeggen: laten we eens een bezoekje brengen aan die stapel oude cursussen, een nooit gebruikt trouwservies  en kerstversiering in Nossegem. God beware me, we raken nu al met moeite tot bij onze familie.
Maar er is geen houden aan. Bijkomend probleem is dat onze ingebouwde kasten niet mee kunnen verhuizen. Dus moeten er nieuwe dressings en pantries en bergruimtes ingericht worden. Dat betekent de ronde doen van meubelbedrijven, Ikea- en Gammaparadijzen waar je geconfronteerd wordt met het universele beeld van één enthousiaste partner die met een lijstje en plan in de hand, de andere partner-die-er-absoluut-geen-zin-in-heeft achter zich aansleurt. Wanneer gaan we dan, vraagt de geleerde vrouw. De koffie is op, het is drie uur zaterdagmiddag en als we willen kunnen we nog een uur of vier winkelen. Ik krijg een mailtje van een verre vriendin: I may be going to hell but at least all my friends will be there. Er bestaat dus geen toeval. De hel is de uitvinding van een Zweedse knutselmeubelaar.
Marc van Impe

10:31 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

22 januari 2013

Broodfonds

 

Als iemand die dagelijks te maken heeft met chronisch zieken  en dus ervaringsdeskundige weet ik het.  Je komt vaak bedrogen uit. Het zou beter zijn als ik me zou verzekeren bij een broodfonds in plaats van bij een verzekeringsmaatschappij. Ik haal het idee over de grens;
Zelfstandige ondernemers zoals u en ik zijn krekels. Ze denken liever niet aan de winter. Hun pensioen is vaak karig en ze hebben meestal niks geregeld als ze door ziekte niet kunnen werken. Of misschien denken ze wel eens aan de winter, maar lukt het ze niet om zich daarop voor te bereiden. Dat geldt ook voor mij. Ik ben ook een zogenaamde zzp'er, een zelfstandige zonder personeel. Ik maak mezelf graag wijs dat ik onkwetsbaar ben en mijn hele leven lekker kan blijven werken. Maar ik weet ondertussen natuurlijk wel beter.
Natuurlijk kan je je  verzekeren tegen allerlei risico's. Zo heb ik ooit een arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV) afgesloten bij een verzekering die zich specifiek op Journalisten richt. Tenminste dat zei zij. Sinds de crash weet ik dat ze deel uitmaakt van de Axa-groep, als dat al een geruststelling mag wezen. Maar dat is duur en het biedt schijnzekerheid. Uit onderzoek blijkt bovendien dat dit soort verzekeringen vol staan met kleine lettertjes en uitsluitingsbepalingen. Zo komt een zieke zzp'er vaak bedrogen uit. Zo moet ik telkens opnieuw aanduiden wanneer de eerste symptomen zich hebben voorgedaan. Met de huidige stand der wetenschap blijkt dat een heel stuk eerder te zijn dan toen ik de polis 15 jaar geleden afsloot. Ik ruik dan gelijk de kwalijke adem van de puntenslijper die me gaat beschuldigen van voorkennis. Natuurlijk overdrijf ik. Niet!
Voor hen die jonger zijn, u dus, is het tijd om het anders te doen. Ik haak hierbij in op een idee dat Dirk Broeckx enige tijd geleden lanceerde op de Zevende. Wij krekels moeten zich gaan voorbereiden op de winter zonder ons uit te leveren aan de woekerpraktijken van de verzekeraars. Dat kan door zich aan te sluiten bij een Broodfonds. Een Broodfonds is een coöperatie van minimaal twintig en maximaal vijftig zelfstandigen. Ze vormen elkaars verzekering voor het geval ze door ziekte niet meer kunnen werken.
De deelnemers zetten elke maand een vast bedrag op een aparte rekening. Voor een uitkering van 1500 euro netto per maand is dat 67,50 euro plus 10 euro administratiekosten. De beheerder van het Broodfonds is bevoegd om van die rekening geld over te schrijven naar een zieke deelnemer. Dat geld is een schenking en dus vrij van belastingen. Als iemand een beroep moet doen op het Broodfonds krijgt hij van alle deelnemers een klein bedrag overgemaakt. Niet alleen is dit zuiver op de graat, maar geef toe dat het bijzonder ontroerend is als bijvoorbeeld vanwege een burn-out geld krijgt uit het Broodfonds, via een afschrift met de namen van de veertig mensen die jou geld schenken om de maand door te komen. De deelnemers hebben er ook belang bij om elkaar te helpen er snel weer bovenop te komen.
De verschillen tussen een reguliere verzekering en het Broodfonds zijn groot. Bij een verzekering ben je de betaalde premie kwijt, bij het Broodfonds blijft het geld van jou. Het kost de deelnemers, naast de administratiekosten, alleen de uitgekeerde salarissen bij ziekte. Als je uit het Broodfonds stapt en weer in aan het werk gaat, krijg je het gespaarde geld terug. Bovendien sparen deelnemers maar tot een bepaald maximum. Als de buffer van 2340 euro is bereikt, hoef je pas weer te betalen als er geld wordt uitgekeerd. Het Broodfonds kent ook geen kleine lettertjes met uitsluitingsgronden en je hoeft geen doktersverklaringen te overleggen om te bewijzen dat je echt ziek bent als je niet kunt werken.
Omdat de deelnemers elkaar kennen werkt het Broodfonds op basis van vertrouwen. De bureaucratische controle wordt ingeruild voor sociale controle. Het Broodfonds keert maximaal twee jaar geld uit. Als je langer dan twee jaar ziek blijft, is de kans klein dat het bedrijf nog kan worden voortgezet. Voor de verzekering op de lange termijn blijft dus een reguliere verzekering nodig. Maar die is dan goedkoper, omdat die  pas na twee jaar ziekte hoeft te worden uitgekeerd.
Het eerste Broodfonds in Nederland bestaat nu zo'n zeven jaar en heeft zichzelf bewezen. Er zijn diverse nieuwe fondsen in oprichting. Het is ,maar een idee, maar ik wil hier echt mee beginnen. Zijn er geïnteresseerden?  Daarom zeg ik: krekels aller landen, verenigt u en sluit u aan bij een Broodfonds.

Marc van Impe

17:42 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (1)

15 januari 2013

Obsessie

 

Uit alle statistieken blijkt dat we nog nooit in het menselijk bestaan zo gezond en zo lang leefden als tegenwoordig.  Op reis in het vliegtuig las ik een al lang vergeten boekje over de geschiedenis van onze gezondheidszorg. Ik ben de hele vlucht – en het was een lange afstandsvlucht-  wakker gebleven. Zelfs in de zogenaamd gezonde oertijden leefden we ellendiger dan we ons kunnen voorstellen. Het heeft tot enkele tientallen jaren geleden geduurd voor ik statistisch leerde dat ik de kans maak 75 te worden. En toch krijgen steeds meer mensen het label ongezond opgeplakt. In ons land leven volgens diezelfde statistieken 11 miljoen mensen  met een ziekte of aandoening. En dat zijn niet enkel oudere chronische zieken. Onze kinderen worden ongezond geboren.  Ik geloof dus echt dat onze obsessie met gezondheid op een epidemie begint te lijken. De gezondheidsrisico’s beloeren ons en we vinden dat iemand die moet uitsluiten. In de eerste plaats is dat een taak voor de overheid. Er zijn genoeg politici die graag meesurfen op de golf van de idiotie van de dag en die daarover een vraag willen stellen. De overheid die leeft bij de gratie van de angst en het gebrek aan kennis van de gewone man doet daar graag aan mee. In plaats van echte beleidsmaatregelen te nemen is het makkelijker om sancties en regeltjes uit te vaardigen. Wat dan het perverse effect heeft dat we wel alles willen doen voor onze gezondheid, maar ook de betutteling door diezelfde overheid overheid. Want onze leefstijl is privé. Een interessant boek in dat verband is De gezondheidsepidemie dat pleit voor een omslag in ons denken over ziekte en gezondheid en daarbij de rol van burger en overheid onder de loep neemt. Harde onderzoeksresultaten zijn daarbij het uitgangspunt. De auteurs schetsen op die manier een verrassend en helder perspectief op het begrip gezondheid.  De gezondheidsepidemie is geschreven door onderzoekers van het Nederlandse Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) en het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Iets voor Valentijn.
Marc van Impe
De gezondheidsepidemie, Auteur: J. Polder, S. Kooiker, F. van der Lucht, ISBN: 9789035233355

10:03 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)