07 september 2012

Drie tweets voor de maaltijd

We weten nu waar het beleid zijn wijsheid haalt.  Ik zat deze zomer in een dispuut waar ik te horen kreeg dat bijwerkingen van medicijnen vaak niet het gevolg zijn van het middel zelf, maar van de schrik die de bijsluiter teweegbrengt. Medisch psychologen kunnen zulke effecten verzachten, vertelde  mijn opponente. Tenminste, als artsen hen raadplegen, voegde ze daaraan toe. Er is veel te weinig  patient-centered care en de artsen beseffen onvoldoende dat je je therapieën bij complexe patiënten veel effectiever kunt maken door beter te kijken naar wat de patiënt nodig heeft. Patient-centered care is er echt niet alleen maar om patiënten tevreden te stellen . En er volgden de nodige cijfers: bij de huisarts is 25 tot 50 procent van de klachten niet verklaarbaar vanuit een pathofysiologisch model. De prevalentie van chronische lichamelijke klachten, zoals chronische pijn, wordt geschat op 2 tot 40 procent van de bevolking. Een derde van de chronisch zieke patiënten heeft in meer of mindere mate last van emotionele problemen of problematisch ziektegedrag. Slechts in een kleine minderheid van die gevallen roept de arts een medisch psycholoog erbij.  Die interventie aanvraag gaat dus niet vanzelf.  In Nijmegen doen ze dat anders. Daar zoeken de medisch psychologen de artsen actief op. ‘We stimuleren het detecteren van patiënten die baat kunnen hebben bij medisch psychologische hulp met een korte vragenlijst voor of tijdens het spreekuur van de arts. De medisch psycholoog beoordeelt vervolgens of de patiënt zo adequaat als mogelijk met zijn aandoening lijkt om te gaan of dat er psychosociale problemen spelen, wat vaak zo is. We kijken dan of de patiënt daar zelf mee aan de slag kan of ondersteuning nodig heeft van ons of van andere disciplines.’ De aandoeningen waarbij medisch psychologen in consult komen, zijn heel divers. ‘Ik heb zelf veel ervaring met chronische pijn door bijvoorbeeld reumatoïde artritis en chronische jeuk bij huidaandoeningen. Maar ook patiënten met andere chronische lichamelijke aandoeningen zoals diabetes, multipele sclerose, nieraandoeningen en hartfalen kunnen baat hebben bij psychobiologische behandeling.’ En natuurlijk zijn er de nieuwe media.  Nijmegen heeft internettherapieën ontwikkeld die voor veel chronische lichamelijke aandoeningen relevant zijn, met modules voor pijn, vermoeidheid, jeuk en stemmings-, acceptatie- en relationele problemen. Momenteel worden die modules in onderzoeksverband geëvalueerd.   ‘E-coaching kost weinig tijd, is zelf in te delen en geeft mensen minder het idee dat ze patiënt zijn. Bij geselecteerde patiënten is internetcontact even effectief als face-to-facecontact. Met e-health komen personalized medicine en patient-centered care binnen handbereik. Er zijn talrijke nieuwe toepassingsmogelijkheden voor sociale media, zoals een feedbackmeter op de mobiele telefoon, tweets van lotgenoten of tips van Facebook-vrienden met hetzelfde probleem.’ Ik zie het voorschrift al voor mij: drie tweets voor de maaltijd, een bezoek aan Facebook en bij jeuk een SMS of vier. Het werd me week in de onderbuik.
Meer informatie

Marc van Impe

14:10 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.