09 juni 2012

Thuis

In onze tijden, gekenmerkt door zelfzucht gevolgd door inlevering, gebroken beloftes en dwarse weerstand, overheerst één idee : we hebben er recht op. We hebben onbetwistbaar verworven recht op allerlei materiële en immateriële zaken en er zal niemand zijn die ons dat ontzegt. Ik ben al lang die illusie kwijt maar heb er niets op tegen dat burgers blijven geloven dat ze recht hebben op een overheid en het daaraan verbonden goed werkend apparaat dat er voor zorgt dat ze niet onnodig gaan lijden, dat ze niet vervallen in armoe –alhoewel met een pensioen van 500 €-  en op een betaalbare gezondheidszorg. Dat zijn materiële zaken. Zoals de geleerde vrouw het zegt, tegenover rechten staan plichten, of prestaties indien u wil. Niet alleen de vuilbak buiten zetten, maar ook immateriële zaken. Het fijne aan onze liberaal-joods-christelijke beschaving is dat we daar nog zoiets als solidariteit hebben gekoppeld. Dus ook wie te zwak of te moe of te dom is moet kunnen rekenen op die basisprestaties. Dat maakt deel uit van ons gemeenschapsgevoel. Mensen die deel uitmaken van onze gemeenschap hebben recht op de weldaden van die gemeenschap. Die mensen voelen zich thuis. Wie zich thuis voelt gedraagt zich naar de regels van het huis. Dat is een plicht en dus geen recht. Je thuis voelen kan dus ook geen recht worden.
In ons land geldt het beginsel van gezinshereniging. Oude Turken, Noord Afrikanen, Kosovaren, hebben het recht om hier zonder hier ooit een dag gewerkt te hebben, zonder enige taalkennis en zonder ooit te zullen moeten werken verenigd te worden met hun liefdevolle familie. Dat leidt tot blijkbaar tot toestanden, zo schrijven ons een aantal dokters die in hun ziekenhuis geconfronteerd worden met herenigde gezinnen die volgens hen op gratuite manier profiteren van onze gezondheidszorg. “Terwijl ik dit schrijf, heb ik een Russisch-Kazaks kindje laten opnemen op pediatrie met acute mastoïditis,” schrijft ons een dokter. “’Ze’ liggen op een éénpersoonskamer - er is HEEL beperkte kennis van het Nederlands. De ouders kunnen er altijd bij blijven want ze werken toch niet. Grootvader en grootmoeder Kazak zijn er ook bij. Ze hebben mij al dadelijk verteld dat bij invullen van papieren voor 'dringende opname', zij helemaal niets moeten betalen. Mijn bloedeigen kleindochter heeft hier ook op pediatrie gelegen op een éénpersoonskamer. Mijn zoon heeft véél opleg betaald. Het was ook dringend. Lijdzaam moeten wij toezien hoe ons land op elk gebied leeggeplunderd wordt.” Het verhaal hoor je telkens opnieuw. “Enfin, als ik deze onterende situatie vol hou en tot mijn 65ste werk, zal ik 35/45 van mijn wettelijk pensioen trekken. Dat zal toch al gauw 500 euro zijn... Uiteraard zal ik moeten blijven verder betalen voor mijn kleine risico's.” De dokter dwaalt en heeft ook gelijk.   Het is een schande dat wie zo hard en zo lang heeft moeten studeren als een beetje arts gedaan heeft, het moet doen met een pensioen dat nog niet de helft bedraagt van dat dat een laag opgeleide plantsoenarbeider aan de gemeente zal krijgen. Dat is niet de schuld van de arbeider maar van de overheid en met name van de politici en de ambtenaren die wél ruimschoots kunnen rekenen op een welvaartvast pensioen, en niet meer dan minachting en afgunst kunnen opbrengen voor de liberale micro entrepreneur die een arts tenslotte is. Het is ook niet de schuld van Kazak die hier aankomt en zijn ziek kind in het ziekenhuis laat opnemen. De wet voorziet dit en hij kan daar dus gebruik van maken.  Dankzij die wet voelt die Kazak zich snel thuis hier . De woede van de arts gaat dus de verkeerde kant uit.  De wet schiet wat de arts betreft, én zijn familie, tekort, en zorgt ervoor dat deze zich in zijn eigen land niet meer thuis voelt. En dat is erg. Hij is lang niet de enige. Dat is onaanvaardbaar. Want wie zich niet thuis voelt, gaat zich ook niet naar de regels van het huis gedragen. En zoals de wijze Johan zegt: als niemand zich meer thuis voelt, moet je dan niet van huis veranderen?
Marc van Impe

10:23 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.