29 september 2011

Commissaris D.

Eerst beroven ze de patiëntenverenigingen van hun schamele subsidies. Vervolgens gaan ze de gezondheidszorg naar hun hand zetten. Zo ontwikkelt zich bij de CD&V en de zuil die ze vertegenwoordigt sinds enige tijd een gevaarlijke gedachtepiste. Wouter Beke lanceerde het idee van een diabetescommissaris. Op zich is daar niets op tegen. Zorgwekkender is de idee dat zo’n commissaris prima werkt, aldus Beke, op voorwaarde dat de regering beschikt over de nodige volmachten. Beke stelt dat de regering goed omgaat met die volmachten. De vraag rijst daarbij wie het gezondheidsbeleid moet voeren in ons land: de minister, zijn administratie, de ziekenfondsen al dan niet samen met de belangengroepen? Zonder volmachten wordt de minister gecontroleerd door het parlement. Mét volmachten is die controle gelijk heel wat minder efficiënt. Wij zijn dus geen voorstander van volmachten als het niet om een noodsituatie gaat. En dat is diabetes niet. Ook al sterven jaarlijks maar liefst 6.200 mensen aan deze chronische ziekte. Een regeringscommissaris komt nooit zomaar uit de lucht vallen. Die wordt gestuurd door de sterkste belangengroepen. En dat zijn niet de artsen noch de apothekers.

 
Een paar jaar geleden bedacht een van die belangengroepen dat de terugbetaling van traag werkende insuline voor patiënten die lijden aan diabetes type 2 te schorsen. Op die manier wou men een behoorlijke bersparing doorvoeren. Een ander idee was het weigeren van terugbetaling van Herceptine, een probaat middel tegen bepaalde borstkankers. Het is dankzij de democratische controlemechanismen die ons overheidsbeleid bijsturen dat het voorstel nooit de goedkeuring van het Comité Terugbetaling Geneesmiddelen gehaald heeft. Met volmachten was dat wel het geval geweest en de gevolgen laten zich raden. De nieuwe minister moet zich niet op dit pad begeven maar daarentegen meer en beter investeren in het RIZIV dat onder zijn nieuwe tweekoppige directie stilaan een modern werkende machine begint te worden. Er is nog veel werk aan de winkel. De zorgtrajecten diabetes komen niet echt van de grond. De depistage en de follow up lopen niet zoals het hoort. Beke heeft uitgerekend dat mits een goede aanpak er jaarlijks 1,2 miljard € bespaard kan worden. Daar ligt een belangrijke taak voor de overheid, de ziekenfondsen en alle zorgenverstrekkers. De artsen, apothekers,de thuisverplegers en de patiënten zijn in deze vragende partij.

 
Misschien is het een idee om een comité H op te richten dat telkens een actieprogramma vastloopt kan nagaan waar en waarom het fout gaat. Want anders komen we in een straatje zonder eind terecht. Met een commissaris voor griep, voor diabetes, voor cardiovasculaire aandoeningen, voor kanker en voor Aids. Een hoge commissaris boven alle commissarissen.


Marc van Impe

11:38 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

26 september 2011

Kwakzalverprijs voor mindfulness

Niets is passender en billijker dan het aanklagen van nepgeneeskunde. In België hebben we daar Skepp voor, in Nederland is er de VtdK die de jaarlijkse Meester Kackadorisprijs uitreikt. Het concept Planetree komt twee keer voor op de longlist voor de jaarlijkse Meester Kackadorisprijs 2011. Deze Nederlandse prijs, uitgeloofd door de Vereniging tegen de Kwakzalverij (VtdK), is dus bestemd voor ‘instellingen, personen of ondernemingen die in belangrijke mate hebben bijgedragen aan de verspreiding in daad, woord of geschrift van de kwakzalverij in Nederland’. Planetree, overgewaaid uit de Verenigde Staten, is een zorgconcept dat beoogt ‘hartelijke zorg’ te leveren aan cliënten: planetree omvat zogenaamd betere zorg zoals acupunctuur, aromazorg, Chanoeka en mindfulness en medewerkers zouden in werktijd mogen mediteren. In een ander Planetree-concept’ voor huisartsen komt ook acupunctuur, homeopathie, cranio-sacraaltherapie en manuele therapie.

Eigenaardig toch dat al deze niet-evidence based therapieën in ons land zonder veel discussie terugbetaald worden door de grote ziekenfondsen zoals de CM, terwijl echte therapieën zonder meer geweigerd worden. Een groot voorstander van al die alterneuterij is dokter Michel Callens van de CM, auteur van het bij Lannoo uitgegeven meesterwerk ‘Zal ik de dokter bellen? Medisch ABC voor het hele gezin’. Zoals de meeste andere ziekenfondsen betaalt de CM - en wel sinds 1 januari van dit jaar - een (beperkt) bedrag terug voor homeopathische geneesmiddelen en voor behandelingen door een osteopaat of een chiropractor. De tussenkomst wordt wel beperkt tot die producten en hulpverleners die door de CM zelf aanvaard zijn. Een absoluut wetenschappelijk criterium dus. Uit een studie van de CM blijkt dat twee derden van de alterneutenklanten vrouwen zijn. Op de vijf vrouwelijke CM-leden met klachten ging er één alternatief. Volgens dr. Michiel Callens, de adviserende geneesheer van de CM, komt dat "omdat vrouwen traditioneel een eerder holistische aanpak voorstaan, niet louter een biochemische behandeling". Dezelfde arts weet ook nog te vertellen dat alternatieve geneeskunde "het geloof in de eigen verdedigingsmechanismen van het lichaam ondersteunt". Eigenlijk verdient deze arts een skeptische decoratie met eikenloof. Als vertegenwoordiger van een miljardenorganisatie die er moet over waken dat de centjes voor gezondheid zo goed mogelijk besteed worden prijst hij een systeem aan omdat het "het geloof" versterkt. Moet de keizer nog kleren hebben?

Volgens CM-voorzitter Marc Justaert voldoet de CM met zijn terugbetalingspolitiek aan een maatschappelijke behoefte. “Want er zijn nogal wat kinderen bij, “dixit Justaert, “Deze geneeswijzen hebben dus een toekomst.”  Zo'n redenering verdient een moment van bezinning, schrijft professor dokter Willem Betz, voorzitter van Skepp. “Gelooft Justaert echt dat die kinderen spontaan naar alterneuterij verlangen, en dat ze dat ook voor de rest van hun leven zullen blijven doen? Misschien kan men eerst pogen hen beter voor te lichten dan hun goedbedoelende mama's, iets wat de mutualiteiten blijkbaar vertikken. De voorzitter van de Landsbond meent met dezelfde ijzersterke logica ook dat deze geneeswijzen in aanmerking zouden komen voor de verplichte ziekteverzekering "mocht er wetenschappelijk bewijs komen voor hun therapeutisch effect" (ah, toch!) en pleit intussen voor een "dialoog" tussen klassieke en alternatieve genezers. Ook hier weer even nadenken: hij zegt dus duidelijk dat er geen bewijs voor werking is, maar toch moeten de ernstige artsen de Kafka-dialoog aangaan met de illusionisten. Om te leren hoe je de patiënten om de tuin moet leiden? Begrijpe wie het kan.  

Men kan zich afvragen of zulke ambigue houding de patiënt niet alleen maar aanzet om alternatief te gaan. Of is dat misschien de bedoeling? Is een studie met dergelijk zeemzoeterig commentaar niet vooral bedoeld als reclame voor het ziekenfonds zelf? De meeste kranten gaven allerlei naïeve toelichting op dit bericht, tot en met de vermelding van de website (www.cm.be) die "de weg naar de alternatieve geneeswijzen" wijst (de CM wijst dus de weg naar iets waarvan ze zelf zegt dat er geen bewijs voor is).”

Nu hoort u het eens van een ander.  

Het wordt hoog tijd dat de terugbetalingsregels van onze ziekenfondsen eens onder de wetenschappelijke loep gelegd worden.

De winnaar zal op zaterdag 8 oktober voorafgaand aan het middagsymposium worden bekend gemaakt, waarna deze - mits aanwezig - in de gelegenheid zal worden gesteld een korte apologie uit te spreken. http://www.kwakzalverij.nl/1356/Longlist_Meester_Kackador...

Marc van Impe

12:24 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)

24 september 2011

Een maritiem humeur

Ik moest de voorbije maanden noodgedwongen mijn mond houden, dus het nadenken ging me beter af. En omdat ik vandaag een maritiem humeur heb en er van tijdelijke opklaringen geen sprake zal zijn, laat ik me drijven op de stroom van mijn gedachten. Zo kwam het dat de voorbije maanden duidelijk werd dat de twee grote ziekenfondsen besloten hebben om de patiëntenbewegingen van hun middelen te bevrijden. Voor de grote patiëntenbelangengroepen zoals in de geestelijke gezondheidszorg, diabetes, kanker , HIV of cardio-vasculaire problematiek is dat nauwelijks een probleem. Hun marketing en PR wordt op de meest professionele manier gevoerd. Voor kleinere belangengroepen als pijnbestrijding en andere wordt dit een echt probleem: want geen geld betekent geen campagnes. Voor sommige micro-bewegingen is dit een ramp. De eerste patiëntenbewegingen, ook nu nog, overleven dank zij de overheidssubsidies. En het is de valse hoop van nieuwe actiegroepen om nieuwe financiële middelen aan te boren.

Met hun tactische move hebben de twee grote ziekenfondsen gedacht dat ze het steeds sterker wordende protest van de patiënten tegen biopsychosocialisering –lees: het de-medicaliseren - van hun problematiek het zwijgen kunnen opleggen. De ziekenfondsen hebben in feite een hekel aan medische innovatie. Want die kost geld. Dus gebruiken ze brute kracht en stoten de patiënt uit de zorg.

Ze vergissen zich want de patiënt wordt weerbaarder en neemt die belangenpolitiek van gepolitiseerde ziekenfondsen niet. Hij reageert zoals hij kan: hij neemt ontslag als lid en stapt over. Belangrijk is dat hij daarbij gedwongen wordt nauwlettend in het oog te houden of zijn nieuwe ziekenfonds wel even patiëntvriendelijk blijft.

De ziekenfondsen weten zich gesteund door de bureaucratie. De bureaucratie nekt de zorginnovatie.  Innovatieve oplossingen kosten op korte termijn veel geld en worden om die reden vaak genegeerd.  Terwijl op de langere termijn het juist besparingen kan opleveren, bijvoorbeeld op personeelskosten. Neem bijvoorbeeld een nieuwe MRI-scan die eenvoudiger te bedienen is en waardoor er minder gespecialiseerd, en dus kostbaar, personeel nodig is.  Door de manier waarop onze zorg is gefinancierd ontbreken prikkels om in nieuwe technologie te investeren.  Waar managers de plaats in nemen van klassieke zorgondernemers gaan de cijfers primeren en niets dan de cijfers. Daar weten de ziekenhuisartsen alles van.

Marc van Impe

10:28 Gepost door Marc van Impe | Permalink | Commentaren (0)